Reactie op de vragen van het lid Bikker, gesteld tijdens de begrotingsbehandeling het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport op 3 en 5 maart 2026 over palliatieve zorg
Palliatieve zorg
Brief regering
Nummer: 2026D11972, datum: 2026-03-16, bijgewerkt: 2026-03-18 13:18, versie: 2 (versie 1)
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: W.R.C. Sterk, minister van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport (Ooit CDA kamerlid)
Onderdeel van kamerstukdossier 29509 -99 Palliatieve zorg.
Onderdeel van zaak 2026Z05232:
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport
- 2026-03-19 14:05: Aanvang middagvergadering: Regeling van werkzaamheden (Regeling van werkzaamheden), TK
- 2026-03-25 10:15: Procedurevergadering Volksgezondheid, Welzijn en Sport (Procedurevergadering), vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport
Preview document (🔗 origineel)
29509 Palliatieve zorg
Nr. 99 Brief van de minister van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 16 maart 2026
Tijdens de behandeling van de begroting van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport op 3 en 5 maart jl. heb ik toegezegd, naar aanleiding van vragen van kamerlid Bikker (CU), de Kamer nader te informeren over de palliatieve zorg. En in het bijzonder het vervolg op het Nationaal Programma Palliatieve Zorg II (NPPZ II) en de rol van het kabinet bij het capaciteitsvraagstuk van hospices. Met deze brief doe ik deze toezegging gestand.
Vervolg op Nationaal Programma Palliatieve Zorg II (NPPZ II)
Het NPPZ II is een implementatieprogramma waarmee de afgelopen jaren een waardevolle bijdrage is geleverd aan samenwerking, kwaliteit en maatschappelijke bewustwording. Het NPPZ II loopt eind 2026 af. Dit jaar wordt nog gebruikt voor afronding en borging van de resultaten van het programma, zodat de resultaten structureel verankerd worden in beleid en uitvoering. Verder zijn over proactieve zorgplanning in de palliatieve fase afspraken gemaakt in het Aanvullend Zorg en Welzijnsakkoord (AZWA), dat nog loopt tot en met 2027. Daarnaast werkt het kabinet op dit moment samen met alle bij de palliatieve zorg betrokken partijen (specialistische -, generalistische -, systeempartijen en beroepsorganisaties) aan een Toekomstvisie palliatieve zorg en ondersteuning en een concrete Toekomst-agenda palliatieve zorg en ondersteuning 2027 - 2031. Hiervoor is in de komende jaren in totaal 6,7 miljoen euro aan middelen beschikbaar. De Toekomstvisie en Toekomstagenda zullen vóór de zomer aan de Tweede Kamer worden aangeboden.
Capaciteitsvraagstuk van hospices
In 2024 is binnen het NPPZ II-project Versterken Hospicezorg een gestructureerd overzicht gemaakt van alle hospices in Nederland.1 Voor het eerst zaten alle hospices gezamenlijk aan tafel om te kijken naar wat er nodig is in de toekomst. Niet alleen voor hun eigen hospice of binnen hun eigen gemeente, maar om de hospicezorg regionaal te verbeteren. In korte tijd zijn aanzienlijke resultaten behaald, waaronder de totstandkoming van structurele samenwerking tussen hospices en andere zorgaanbieders. Deze samenwerking is van groot belang voor het inbedden van hospicezorg binnen het landschap van de palliatieve zorg en ondersteuning. Zowel landelijk als regionaal is de huidige en toekomstige capaciteitsbehoefte inzichtelijk gemaakt. Daarnaast zijn concrete producten ontwikkeld om de kwaliteit van zorg te verbeteren voor zowel zorgvragers als zorgverleners.
Het overzicht gaf een beeld van het landschap en de toekomstig benodigde capaciteit (landelijk en regionaal), maar liet de variatie in organisatie- en bekostigingsvormen en de gevolgen voor de toekomstbestendigheid onbelicht.
Gezien de toenemende druk op formele en informele zorg en de beschikbare budgetten was ook dit inzicht noodzakelijk. Voortbouwend op Versterken Hospicezorg is de variatie in organisatievormen in het hospicelandschap in kaart gebracht in het rapport Hospices in Nederland. Het rapport laat zien dat de huidige variëteit aan organisatievormen en bekostigingsstructuren knelpunten oplevert op het gebied van beschikbaarheid, kwaliteit en betaalbaarheid van hospicezorg.2
Op dit moment voert het ministerie gesprekken met koepelorganisaties voor hospicezorg en andere betrokken partijen om gezamenlijk te bezien hoe de regionale capaciteitstrajecten verder versterkt kunnen worden, zonder onnodige administratieve lasten voor individuele hospices. Daarbij komen onder andere het opzetten van structurele monitoring van vraag en aanbod per regio en het aanwijzen van een vaste regisseur per regio aan de orde. Daarbij worden ook mogelijkheden betrokken als aanpassingen in de Subsidieregeling Palliatieve terminale zorg en het versterken van samenwerking in de regio. De gesprekken moeten leiden tot activiteiten die worden opgenomen in de Toekomstagenda palliatieve zorg en ondersteuning 2027 – 2031 die nu in de maak is. Hiernaast wordt er bezien wat nog binnen de resterende looptijd van NPPZ II kan worden opgepakt.
Tot slot
De komende maanden wordt samen met alle betrokken partijen verder gewerkt aan de afronding van het Nationaal Programma Palliatieve Zorg II (NPPZ II) en de Toekomstvisie en Toekomstagenda palliatieve zorg en ondersteuning 2027 - 2031. Voor wat betreft het capaciteitsvraagstuk van hospices wordt de komende periode samen met alle betrokken partijen gewerkt aan voorstellen om de hospicezorg duurzaam te ondersteunen. Ik zal uw Kamer vóór de zomer nader informeren.
De minister van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport,
W.R.C. Sterk