Motie van het lid Koorevaar over de vrijwillige beëindigingsregeling zodanig vormgeven dat bij de toekenning van middelen nadrukkelijk wordt gestuurd op maximale stikstofreductie en natuurwinst
Toekomst veehouderij
Motie (kabinetsappreciatie: Ontraden, tenzij gewijzigd)
Nummer: 2026D12177, datum: 2026-03-17, bijgewerkt: 2026-03-18 12:22, versie: 3 (versie 1, versie 2)
Directe link naar document (.pdf), link naar pagina op de Tweede Kamer site, officiële HTML versie (kst-28973-295).
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: J.C. Koorevaar, Tweede Kamerlid (CDA)
Onderdeel van kamerstukdossier 28973 -295 Toekomst veehouderij.
Onderdeel van zaak 2026Z05317:
- Voortouwcommissie: TK
- Stemmingen en besluiten:
-
2026-03-24 15:00 ⇒ Aangenomen. (Besluit)
- Voor 114: 50PLUS | CDA | ChristenUnie | D66 | DENK | GroenLinks-PvdA | JA21 | Keijzer | PvdD | SGP | SP | VVD | Volt
- Tegen 36: BBB | FVD | Groep Markuszower | PVV
-
2026-03-24 15:00 ⇒ Aangenomen. (Besluit)
- 2026-03-17 16:35: Tweeminutendebat Internetconsultatie Landelijke vrijwillige beëindigingsregeling veehouderijlocaties (28973-288) (Plenair debat (tweeminutendebat)), TK
- 2026-03-24 15:00: Stemmingen (Stemmingen), TK
Preview document (🔗 origineel)
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2 |
| Vergaderjaar 2025-2026 |
28 973 Toekomst veehouderij
Nr. 295 MOTIE VAN HET LID KOOREVAAR
Voorgesteld 17 maart 2026
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat de Landelijke vrijwillige beëindigingsregeling veehouderijlocaties (Vbr) bedoeld is om stikstofreductie te realiseren en bij te dragen aan natuurherstel;
constaterende dat het risico bestaat dat via deze regeling relatief dure en moderne veehouderijbedrijven worden opgekocht die per bestede euro relatief weinig stikstofreductie en natuurwinst opleveren;
overwegende dat publieke middelen doelmatig en effectief moeten worden ingezet, zodat met het beschikbaar gestelde budget de maximaal mogelijke stikstofreductie wordt gerealiseerd;
overwegende dat een groot deel van de bedrijven met hoge emissies die overwegen te stoppen al zijn gestopt middels eerdere beëindigingsregelingen;
overwegende dat juist in gebieden rond zwaar overbelaste Natura 2000- gebieden, zoals de Veluwe en de Peel, substantiële stikstofreductie noodzakelijk is;
verzoekt de regering de Landelijke vrijwillige beëindigingsregeling veehouderijlocaties zodanig vorm te geven dat bij de toekenning van middelen nadrukkelijk wordt gestuurd op maximale stikstofreductie en natuurwinst door prioriteit te geven aan bedrijven die een relatief grote bijdrage leveren aan stikstofdepositie op overbelaste Natura 2000-gebieden,
en gaat over tot de orde van de dag.
Koorevaar