Reactie op het SEO-onderzoeksrapport 'Slimme Investeringen'
Brief regering
Nummer: 2026D15106, datum: 2026-03-31, bijgewerkt: 2026-03-31 17:59, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: R.M. Letschert, minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
- Mede ondertekenaar: J.Z.C.M. Tielen, staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (Ooit VVD kamerlid)
Onderdeel van zaak 2026Z06689:
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
- Stemmingen en besluiten:
- 2026-04-16 10:15 ⇒ (Concept voorstel)
- 2026-04-16 10:15: Procedurevergadering Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (Procedurevergadering), vaste commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
Preview document (🔗 origineel)
De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG |
|---|
| Datum | 31 maart 2026 |
|---|---|
| Betreft | Reactie op SEO-onderzoeksrapport "Slimme Investeringen" |
Kennis en Strategie Rijnstraat 50 Den Haag Postbus 16375 2500 BJ Den Haag www.rijksoverheid.nl Contactpersoon |
Onze referentie 63127448 |
Uw brief 05 maart 2026 |
Uw referentie Bijlagen 0 |
Op 16 februari 2026 heeft uw Kamer het rapport “Slimme investeringen. Naar een kwantificering van de BBP-effecten van investeringen in onderwijs en onderzoek en ontwikkeling” van Stichting Economisch Onderzoek (SEO) ontvangen.1 Op 5 maart 2026 vroeg uw vaste commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap om een reactie op dit rapport voorafgaand aan het debat over het onderzoeks- en wetenschapsbeleid d.d. 2 april 2026.2 Met deze brief gaan wij in op dit verzoek. Naast een appreciatie van het SEO-rapport, waarin we de uitkomsten van het onderzoek onderschrijven en kort schetsen hoe we met de aanbevelingen verder gaan, nemen we in deze brief ook de toezegging mee van de vorige minister van OCW tijdens het tweeminutendebat ‘Kabinetsreactie advies Onderwijsraad "Onderwijs als investering"’.3
Belang en context van het onderzoek
Een goed inzicht in de mate waarin investeringen en maatregelen in het onderwijs en Research and Development (R&D) effectief zijn, is van belang voor zorgvuldig beleid. Het geeft politici, bestuurders en onderwijs- en onderzoeksinstellingen een instrument in handen om met de beschikbare middelen zoveel mogelijk kwaliteit te leveren. Het gaat daarbij om effecten op arbeidsproductiviteit en verdienvermogen, maar ook de bredere maatschappelijke baten en doelstellingen van onderwijs- en R&D-investeringen, zoals ontplooiingskansen, burgerschap, een betere ervaren gezondheid en meer bestaanszekerheid. Het gebruik van modellen helpt om deze effecten inzichtelijk te maken. Op dit moment worden onderwijs- en R&D-uitgaven in doorrekeningen en besluitvorming namelijk veelal als kostenpost meegewogen, niet als investeringen in toekomstig verdienvermogen.
Het onderwerp uit het SEO-rapport sluit aan bij diverse verzoeken om de effecten van investeringen in onderwijs en R&D op de economische groei (BBP) kwantitatief onderbouwd inzichtelijk te maken en om effectiever onderscheid te kunnen maken tussen consumptieve en investeringsuitgaven, zoals onder meer verwoord in de motie Paternotte-Bruins uit 2020, de motie Vijlbrief c.s., het Onderwijsraadadvies “Onderwijs als Investering” en in recente onderzoekspapers.4
In het licht van deze verzoeken heeft het ministerie van OCW, in samenwerking met de ministeries van Economische Zaken en Klimaat, Financiën en Sociale Zaken en Werkgelegenheid, opdracht gegeven aan SEO om de wetenschappelijke evidentie op een rij te zetten over hoe investeringen in onderwijs en private en publieke R&D effect hebben op productiviteit en economische groei. Daarnaast verkent dit rapport de mogelijkheden om op basis van de beschikbare evidentie over de effecten een economisch model te ontwikkelen en schetst het een route naar een beter onderbouwde doorrekening van BBP-effecten. Met het laten ontwikkelen van een model zouden onderwijs- en R&D-investeringen meer in lijn kunnen worden gebracht met andere publieke investeringen die nu al wel in bestaande modellen worden doorgerekend, zoals op het terrein van sociale zekerheid, arbeidsmarkt en infrastructuur.
Samenvatting SEO onderzoek
Er bestaat brede wetenschappelijke consensus dat onderwijsinvesteringen leiden tot hogere inkomens, betere arbeidsmarktkansen en een aantal bredere maatschappelijke baten. Een extra jaar onderwijs verhoogt het levensinkomen met vijf tot tien procent. Naast inkomenseffecten hebben onderwijsinvesteringen bredere baten, zoals lagere criminaliteit en grotere maatschappelijke participatie.5
De economische effecten van R&D zijn eveneens positief. Publieke en private investeringen in R&D zijn doorgaans complementair: publieke uitgaven stimuleren private investeringen en innovatie. Meta-analyses laten zien dat één euro aan private R&D tussen de twee en drie euro aan BBP oplevert. Daarbij is de onzekerheid over de effecten wel groter dan in geval van investeringen in onderwijs.
Het SEO-rapport heeft ook de mogelijkheden verkend om effecten te modelleren voor beleidsanalyses. Voor investeringen in onderwijs is het volgens SEO mogelijk om op een termijn van circa 2 jaar een economisch model te ontwikkelen en BBP-effecten te kunnen berekenen met een doorontwikkeling naar een structureel model op een termijn van 5 jaar, als gelijktijdig een kenniscatalogus van bewezen effectieve maatregelen wordt opgebouwd.
Voor investeringen in private R&D is er momenteel minder evidentie beschikbaar dan voor onderwijs en zijn de effectschattingen onzekerder, maar een vergelijkbaar traject als voor onderwijs is mogelijk.
Voor publieke R&D ligt dit gecompliceerder. Volgens SEO is er nauwelijks tot geen causaal bewijs beschikbaar om een economisch model van beleidsmaatregelen te kunnen ontwikkelen om de kwantitatieve effecten van beleid gericht op publieke R&D op het BBP in kaart te brengen. Dit is wel van belang omdat investeringen in publieke R&D een belangrijke voorwaarde zijn voor investeringen in private R&D. Voor publieke R&D is het opbouwen van een kennisbasis volgens SEO dan ook prioriteit. Daarmee kan publieke R&D op termijn worden meegenomen in een structureel model voor investeringen in onderwijs en R&D.
SEO stelt dat een vergelijkbaar model zich in beginsel ook leent voor het doorrekenen van effecten van investeringen in scholing. Ook hiervoor is een kenniscatalogus van bewezen effectieve maatregelen nodig.
Relatie met brede baten
Het SEO-rapport richt zich primair op de BBP-effecten van onderwijs- en R&D-investeringen, maar de onderzoekers geven ook aan dat er vaak sprake kan zijn van belangrijke effecten op de brede welvaart, zoals op gezondheid of criminaliteit. De onderzoekers stellen dat het daarom ook verstandig is om deze baten een plek te geven in een modelmatige doorrekening van onderwijsuitkomsten.
De vorige minister van OCW heeft tijdens het tweeminutendebat van 11 februari jl. de toezegging gedaan om de Kamer schriftelijk te informeren over hoe het begrip "brede welvaart" rond de onderwijsbegroting meegenomen wordt en hoe dat gemonitord wordt.
In deze brief komen we deze toezegging na. Monitoring van brede welvaart geeft inzicht in de kwaliteit van leven in de volle breedte, verder kijkend dan alleen economische groei. Het gaat om een balans tussen materiële welvaart en het welzijn van mensen, nu en in de toekomst, hier en elders en hoe deze verdeeld is tussen groepen en regio’s. De inzichten uit de initiatieven rondom monitoring en evaluatie worden door een breed aantal groepen gebruikt, waaronder beleidsmakers, wetenschap en samenleving.
De hieronder genoemde initiatieven bevestigen het belang van investeringen in het onderwijs en maken inzichtelijk op welke manier investeringen in de onderwijsparagraaf zijn te volgen ten behoeve van brede welvaart:
Het CBS stelt sinds 2023 jaarlijks een Factsheet Brede Welvaart op met een overzicht van CBS-indicatoren rondom brede welvaart en duurzame ontwikkelingsdoelen (SDG’s) op het terrein van het ministerie van OCW. Deze geeft op basis van CBS-informatie de staat van brede welvaart weer binnen het OCW werkveld. Net als voor andere departementen wordt deze factsheet vergezeld van een samenvatting bij de onderwijsbegroting (Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap | CBS). De factsheets en samenvatting verschijnen met ingang van 2026 op de jaarlijkse Verantwoordingsdag (20 mei 2026).
Het ministerie van OCW gaat daarnaast in kaart brengen welke eigen indicatoren gebruikt kunnen worden bij het monitoren van duurzame ontwikkelingsdoelen. Deze indicatoren zullen worden ontsloten in het nieuwe dossier ‘Brede Welvaart’ op www.ocwincijfers.nl in het voorjaar van 2026. Vanaf jaarverslag 2025 (in mei 2026) is er voor het thema brede welvaart ook een monitoringsmatrix beschikbaar. Vanaf de begroting 2027 (september 2026) worden de indicatoren voor brede welvaart, waar van toepassing, gekoppeld aan de beleidsprioriteiten van de OCW.
De planbureaus maken jaarlijks een reflectie op de gehele rijksbegroting vanuit brede welvaartperspectief, die op Prinsjesdag verschijnt. Zie: Reflectie brede welvaart: Prinsjesdag 2024 | CPB Website, met daarin ter illustratie in paragraaf 2.4 aparte aandacht voor het thema onderwijs en opleiding.6
In de eerder in deze brief genoemde doorrekeningen van het coalitieakkoord 2026-2030 besteedt het CPB onder andere aandacht aan de gevolgen van de onderwijsmaatregelen uit het coalitieakkoord voor de brede welvaartsindicator menselijk kapitaal. Het CPB concludeert dat het Coalitieakkoord leidt tot een toename van het menselijk kapitaal op de lange termijn.
Appreciatie van het SEO-onderzoek en vervolg
Wij onderschrijven het gedegen onderzoek en advies van SEO en de noodzaak van het geven van een vervolg hieraan. Meer inzicht in hoe onderwijs- en R&D investeringen het verdienvermogen en de brede welvaart van Nederland kunnen versterken kan in onze overtuiging ook helpen bij het verder ontwikkelen van een talentstrategie om de toekomst van onze economie vorm te geven.
Als eerste stap zullen we uitwerken hoe we de benodigde kenniscatalogi met micro-evidentie over de effecten van onderwijs, scholing en publieke en private R&D kunnen vormgeven. Hierbij nemen we ook de brede baten zoveel mogelijk mee. Ook werken we de mogelijkheden voor modelontwikkeling verder uit. De kenniscatalogi verrijken onze kennisbasis verder en zijn noodzakelijk als input bij de modellen.
Daarbij kijken we ook naar recente initiatieven om effecten in kaart te brengen die nu nog niet in modellen zijn te vatten. Een waardevolle vernieuwing in dit kader is dat het CPB vorig jaar in de doorrekening van verkiezingsprogramma’s voor het eerst de verwachte langetermijneffecten van beleidsmaatregelen op de hoeveelheid menselijk kapitaal inzichtelijk heeft gemaakt.7 Hetzelfde heeft het CPB gedaan in zijn analyse van het Coalitieakkoord.8 Ook de inzet rond het investeringsmodel preventief gezondheidsbeleid is hierbij een goed voorbeeld9.
De komende periode benutten we om samen met verschillende experts en het CPB en ook met de ministeries van Economische Zaken en Klimaat, Financiën en Sociale Zaken en Werkgelegenheid de inzichten en aanbevelingen uit het SEO-rapport uit te werken in concrete vervolgstappen. Daarbij nemen we de kennis en expertise van een breed aantal stakeholders mee, waaronder het onderwijs- en onderzoeksveld en andere deskundigen. In september 2026 zullen we uw Kamer over de te nemen vervolgstappen en verdere uitwerking informeren.
De minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,
Rianne Letschert
De staatssecretaris van Onderwijs en Emancipatie,
Judith Zs.C.M. Tielen
Zie Slimme investeringen - Naar een kwantificering van de BBP-effecten van investeringen in onderwijs en onderzoek en ontwikkelin | Rapport | Rijksoverheid.nl↩︎
Aan bewindspersoon kabinetsreactie vragen op het SEO onderzoeksrapport Slimme Investeringen (1).pdf↩︎
Kamerstukken II, 2025/26, nr. 36800-VIII, nr. 21. Zie https://www.tweedekamer.nl/debat_en_vergadering/plenaire_vergaderingen/details/activiteit?id=2025A08332↩︎
Kamerstuk 36 410 VIII, nr. 136; Kamerstuk 35 570 VIII, nr. 89; Kamerstuk 36800-IX-24; Kamerstuk 2022D22486 en bijvoorbeeld Baarsma, B. en F. d’Orey Neves (2024), ESB, 109 (4837S).↩︎
CPB, 19 oktober 2023, Bredewelvaartseffecten van onderwijs | CPB Website↩︎
Door de demissionaire status van het vorige kabinet, publiceerden het SCP, PBL en CPB in 2025 geen volledige, nieuwe reflectie op brede welvaart specifiek voor de rijksbegroting van 2026.↩︎
https://www.cpb.nl/publicatie/analyse-coalitieakkoord-2026-2030.↩︎
Kamerstuk 2024/2025, nr. 32793, nr. 849↩︎