Toezegging gedaan tijdens het commissiedebat pensioenonderwerpen van 29 januari 2026, over het belasten van persoonlijke pensioenadvies
Toekomst pensioenstelsel
Brief regering
Nummer: 2026D15299, datum: 2026-04-01, bijgewerkt: 2026-04-01 16:25, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: E. Eerenberg, staatssecretaris van Financiën
Onderdeel van kamerstukdossier 32043 -707 Toekomst pensioenstelsel.
Onderdeel van zaak 2026Z06790:
- Volgcommissie: vaste commissie voor Financiën
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid
- 2026-04-02 12:50: Aanvang middagvergadering: Regeling van werkzaamheden (Regeling van werkzaamheden), TK
- 2026-04-07 16:30: Procedurevergadering Sociale Zaken en Werkgelegenheid (Procedurevergadering), vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Preview document (🔗 origineel)
Geachte voorzitter,
Tijdens het commissiedebat pensioenonderwerpen van 29 januari jl. van de vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid is door de toenmalige minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan het lid Vermeer (BBB) de toezegging gedaan in overleg te gaan met de staatssecretaris van Financiën over het belasten van persoonlijk pensioenadvies.
Met deze brief geef ik, mede namens de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, uitvoering aan die toezegging.
Hierna ga ik eerst kort in op de fiscale behandeling bij de werknemer van verplichte keuzebegeleiding binnen de pensioenregeling (onbelast) en aanvullend persoonlijk pensioenadvies (belast). Dit is eerder reeds uitvoeriger aan de orde geweest in antwoorden op Kamervragen van het toenmalig lid Joseph (BBB).1 Vervolgens ga ik in op het onbelast laten van persoonlijk pensioenadvies.
Fiscale behandeling bij de werknemer van verplichte keuzebegeleiding en persoonlijk pensioenadvies
De Wet toekomst pensioenen (Wtp) verplicht tot keuzebegeleiding bij keuzes gericht op de pensioenregeling. Pensioenuitvoerders zijn verplicht om onder andere deelnemers en gewezen deelnemers adequaat te begeleiden bij het maken van keuzes binnen de pensioenregeling, een (digitale) keuzeomgeving in te richten en daarmee de deelnemer en gewezen deelnemer in staat te stellen om een passende keuze te maken. Pensioenuitvoerders kunnen hierin bijvoorbeeld informatie verstrekken die werknemers enerzijds activeert, maar anderzijds ook keuze-ondersteunend is. Deze verplichte keuzebegeleiding is onbelast (wordt niet tot het loon van de werknemer gerekend), omdat het niet leidt tot een privévoordeel voor de werknemer.
Wanneer de werkgever een financieel adviseur in aanvulling op de verplichte keuzebegeleiding vraagt om de werknemer persoonlijk te adviseren, is sprake van een persoonlijk pensioenadvies. Met een persoonlijk individueel advies doel ik dan op advies waar informatie voor nodig is naast de pensioenregeling, zoals persoonlijke informatie over de hypotheek of aangifte inkomstenbelasting. Dit persoonlijk pensioenadvies levert werknemers een ‘voordeel’ op. De werkgever neemt immers in deze situatie privéuitgaven voor financiële advisering van de werknemer voor zijn rekening. Fiscaal gezien kwalificeert dit persoonlijke advies als belast loon (in natura), omdat dit voordeel voortvloeit uit de dienstbetrekking. Overigens kan een werkgever onder voorwaarden wel de vrije ruimte binnen de werkkostenregeling benutten, mits die voldoende is, om een persoonlijk pensioenadvies zonder loonheffingen te verstrekken.
Het onbelast laten van persoonlijk pensioenadvies
Een persoonlijk pensioenadvies door een financieel adviseur draagt bij aan een beter financieel inzicht. Afhankelijk van de persoonlijke situatie kan een dergelijk financieel inzicht, bovenop de verplichte keuzebegeleiding, van belang zijn. De vraag is vervolgens of dit belang van een beter financieel inzicht – bovenop de onbelaste verplichte keuzebegeleiding gericht op de pensioenregeling – ertoe moet leiden dat de kosten van een persoonlijk pensioenadvies niet tot het loon van de werknemer gerekend moeten worden. Het onbelast laten van persoonlijk pensioenadvies vraagt een wetswijziging en vraagt bredere doordenking.
Het alleen onbelast laten van persoonlijk pensioenadvies voor werknemers van wie de kosten van het persoonlijk pensioenadvies worden betaald of vergoed door de werkgever, leidt tot een onevenwichtigheid in de fiscale behandeling. Werknemers van wie de kosten van het persoonlijk pensioenadvies niet door de werkgever worden betaald of vergoed ontvangen dit fiscale voordeel dan niet. Dit geldt ook voor belastingplichtigen zonder werkgever zoals IB-ondernemers en resultaatgenieters. Voor een gelijke fiscale behandeling van deze groepen zou het mogelijk gemaakt moeten worden dat de kosten van een persoonlijk pensioenadvies in mindering gebracht kunnen worden op het belastbare inkomen. Dit zou resulteren in een extra aftrekpost in de aangifte inkomstenbelasting.
Het onbelast laten (niet tot het loon rekenen) en aftrekbaar maken (in mindering brengen op het belastbaar inkomen) van de kosten van persoonlijk pensioenadvies heeft budgettaire- en uitvoeringstechnische consequenties. Een eerste inschatting van de budgettaire consequenties leidt tot een verwachte derving van miljoenen tot tientallen miljoenen euro’s. Dit is onder andere afhankelijk van de vraag of werknemers van wie de kosten van een persoonlijk pensioenadvies niet worden betaald of vergoed door de werkgever of de kosten van persoonlijk pensioenadvies voor belastingplichtigen zonder werkgever, deze kosten in mindering mogen brengen op het belastbare inkomen. De budgettaire effecten zijn inkomstenkaderrelevant. Dat betekent dat ze gedekt moeten worden. De uitvoeringstechnische consequenties vragen nadere uitwerking en onderzoek. Zeker het opnemen van een extra aftrekpost in de inkomstenbelasting zal naar verwachting uitvoeringstechnisch het nodige vragen.
Zoals hiervoor aangegeven is het de vraag of het belang van een persoonlijk pensioenadvies ertoe moet leiden dat de kosten van een persoonlijk pensioenadvies niet tot het loon worden gerekend. Het is belangrijk dat werknemers goed geïnformeerd keuzes kunnen maken gericht op de pensioenregeling. Deze verplichte keuzebegeleiding bij keuzes gericht op de pensioenregeling is onbelast. Het alleen onbelast laten van persoonlijk pensioenadvies bij werknemers waarvan de kosten voor het persoonlijk pensioenadvies worden betaald of vergoed door de werkgever, leidt tot een onevenwichtigheid in de fiscale behandeling ten opzichte van werknemers van wie deze kosten niet worden betaald of vergoed door de werkgever en belastingplichtigen zonder werkgever. Dat zou onwenselijk zijn.
Het onbelast laten van een persoonlijk pensioenadvies is ook niet in lijn met het coalitieakkoord. Daar wordt de ambitie uitgesproken om wetten en regels eenvoudig te houden, minder complex te maken en de administratieve last te verminderen. Het onbelast laten van een persoonlijk pensioenadvies zou weer een nieuwe uitzondering introduceren, die de regels juist complexer maken en zorgen voor een aanvullende administratieve last.
Alles overziende – waarbij verplichte keuzebegeleiding gericht op de pensioenregeling reeds onbelast is – zie ik geen aanleiding om met een voorstel te komen om aanvullend financieel advies zoals een persoonlijk pensioenadvies onbelast te laten en de wet hierop aan te passen.
Hoogachtend,
De staatssecretaris van Financiën,
Eelco Eerenberg
Aanhangsel Handelingen II 2025/26, nr. 306.↩︎