Antwoord op vragen van het lid Teunissen over het bericht dat Curaçao wordt gebruikt als doorvoerhaven voor Venezolaanse olie
Antwoord schriftelijke vragen
Nummer: 2026D16159, datum: 2026-04-07, bijgewerkt: 2026-04-07 14:50, versie: 2 (versie 1)
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: S. van Veldhoven-van der Meer, minister van Klimaat en Groene Groei (Ooit D66 kamerlid)
- Mede namens: T.B.W. Berendsen, minister van Buitenlandse Zaken
Onderdeel van zaak 2026Z00791:
- Gericht aan: A. de Vries, staatssecretaris van Buitenlandse Zaken
- Gericht aan: D.M. van Weel, minister van Buitenlandse Zaken
- Gericht aan: S.T.M. Hermans, minister van Klimaat en Groene Groei
- Voortouwcommissie: TK
Preview document (🔗 origineel)
AH 1543
Antwoord van minister Van Veldhoven-van der Meer (Klimaat en Groene Groei), mede namens de minister van Buitenlandse Zaken (ontvangen 7 april 2026)
Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2025-2026, nr. 1184
1
Klopt het dat een tanker met Venezolaanse olie recent is aangemeerd bij Curaçao voor tijdelijke opslag, en zo ja, welke hoeveelheden zijn betrokken en in wiens opdracht gebeurt dit?
Antwoord
Ja. Nadere details over hoeveelheden en commerciële afspraken vallen onder de verantwoordelijkheid van Curaçao en betrokken marktpartijen.
2
Hoe beoordeelt u de uitspraak van premier Pisas dat deze ontwikkeling een 'buitenkansje' is voor Curaçao?
Antwoord
De uitspraak van de premier van Curaçao is een eigen beoordeling van de regering van Curaçao. Het kabinet laat die beoordeling aan Curaçao zelf.
3
Bent u vooraf geïnformeerd over de aankomst en opslag van Venezolaanse olie op Curaçao? Zo ja, wanneer en door wie?
Antwoord
Nee. Besluiten over aankomst en opslag van olie vallen onder de autonome verantwoordelijkheid van Curaçao. Nederland of het Koninkrijk hebben hierin geen besluitvormende rol.
4
Deelt u de mening dat de oliehandel via Curaçao het signaal afgeeft dat schendingen van internationaal recht door de illegale acties van de VS geen gevolgen hoeven te hebben zolang economische belangen spelen?
Antwoord
Het gaat om economische activiteiten die plaatsvinden binnen de verantwoordelijkheid van Curaçao. Het kabinet ziet geen aanleiding om hieraan een nadere politieke betekenis te verbinden.
5
Hoe voorkomt u dat Nederlandse bedrijven economisch profiteren van een situatie die is ontstaan door illegale interventie van de VS in Venezuela?
Antwoord
Nederlandse bedrijven dienen te voldoen aan voor hen geldende internationale wetten en regels. Op basis van de nu bekende informatie is er geen indicatie dat internationale verplichtingen niet zijn nageleefd.
6
Hoe beoordeelt u het risico dat Curaçao structureel wordt gepositioneerd als fossiele doorvoerhub? Acht het kabinet dit in lijn met het Klimaatakkoord van Parijs en de EU-klimaatdoelstellingen? Zo nee, wat doet het kabinet om het structureel inbedden van een fossiele doorvoerhaven te voorkomen?
Antwoord
De huidige activiteiten hebben een tijdelijk karakter en er zijn geen aanwijzingen dat Curaçao structureel wordt ontwikkeld tot fossiele doorvoerhaven. Structurele economische keuzes liggen bovendien bij Curaçao en niet bij het kabinet. Nederland blijft zich inzetten voor klimaatdoelstellingen en energietransitie.
7
Bent u bereid om met Curaçao in gesprek te gaan over alternatieven voor economische ontwikkeling die niet leunen op fossiele doorvoer en opslag, en die niet het gevolg zijn van een illegale interventie door de VS? Zo ja, welke concrete stappen zijn daarvoor voorzien?
Antwoord
Ja, de gesprekken over alternatieven voor economische ontwikkeling die niet leunen op fossiele doorvoer en opslag voert het kabinet al. Binnen bestaande overlegstructuren wordt met Curaçao gesproken over duurzame economische ontwikkeling en energietransitie met respect voor de autonome positie van Curaçao. In dat kader zijn er SDE++-middelen beschikbaar gesteld voor het versterken van de energie-infrastructuur in de komende jaren.
8
Acht u het wenselijk dat Curaçao zich profileert als doorvoerhaven voor fossiele olie, terwijl Nederland zich internationaal uitspreekt voor klimaatdoelen, afbouw van fossiele afhankelijkheid en het beperken van de macht van olie-exporterende staten?
Antwoord
De economische positionering van Curaçao, al dan niet als doorvoerhaven voor fossiele olie, is een autonome keuze. Op dit moment zijn er echter geen aanwijzingen dat Curaçao structureel wordt ontwikkeld tot fossiele doorvoerhaven. Nederland blijft zich bovendien internationaal inzetten voor de afbouw van fossiele afhankelijkheid en het behalen van klimaatdoelstellingen.
9
Hoe verhoudt het faciliteren van de doorvoer en opslag van Venezolaanse olie via Curaçao zich tot het Nederlandse beleid om de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen en olie-exporterende staten te verminderen, en tot de inzet op strategische energie-onafhankelijkheid?
Antwoord
De tijdelijke opslag van olie op Curaçao maakt geen onderdeel uit van het Nederlandse energie- of klimaatbeleid en staat los van de inzet op vermindering van fossiele afhankelijkheid en versterking van energieonafhankelijkheid.