[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn] [open vragen]
[toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [woo/oo]←NIEUW! [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is opentk.nl?]

Conceptverslag Betaalbare energierekening voor huishoudens

Verslag van een commissiedebat

Nummer: 2026D17934, datum: 2026-04-09, bijgewerkt: 2026-04-15 16:07, versie: 1

Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.

Onderdeel van activiteiten:

Preview document (🔗 origineel)


Tweede Kamer, Betaalbare energierekening voor huishoudens

VERSLAG VAN EEN COMMISSIEDEBAT
Concept

De vaste commissie voor Klimaat en Groene Groei en de vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid hebben op 9 april 2026 overleg gevoerd met mevrouw Van Veldhoven-van der Meer, minister van Klimaat en Groene Groei, over:

  • de brief van de minister van Klimaat en Groene Groei d.d. 30 juni 2025 inzake stand van zaken energiemarkt voor consumenten (27879, nr. 110);

  • de brief van de minister van Klimaat en Groene Groei d.d. 21 augustus 2025 inzake Monitor Energiearmoede 2024 (29023, nr. 593);

  • de brief van de staatssecretaris Participatie en Integratie d.d. 9 september 2025 inzake inzet en proces Sociaal Klimaatfonds (32813, nr. 1533);

  • de brief van de staatssecretaris Participatie en Integratie d.d. 7 november 2025 inzake stand van zaken publiek energiefonds en motie van het lid Timmermans c.s. over vaart maken met de inrichting van een publiek energiefonds (29023, nr. 599);

  • de brief van de staatssecretaris Participatie en Integratie d.d. 30 september 2025 inzake reactie op de motie van het lid Timmermans c.s. over het snel inrichten van een publiek energiefonds en het ondersteunen van huishoudens die hun energierekening niet kunnen betalen (Kamerstuk 36800-20) (29023, nr. 595);

  • de brief van de minister van Klimaat en Groene Groei d.d. 18 december 2025 inzake stand van zaken energiemarkt voor consumenten (27879, nr. 113);

  • de brief van de minister van Klimaat en Groene Groei d.d. 18 december 2025 inzake resultaten onderzoek energiearmoede ter opvolging van de motie van het lid Postma (Kamerstuk 32813-1324) (29023, nr. 603);

  • de brief van de staatssecretaris Participatie en Integratie d.d. 6 februari 2026 inzake indiening Sociaal Klimaatplan bij de Europese Commissie (22112, nr. 4258).

Van dit overleg brengen de commissies bijgaand geredigeerd woordelijk verslag uit.

De voorzitter van de vaste commissie voor Klimaat en Groene Groei,
Zwinkels

De voorzitter van de vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
Van der Lee

De griffier van de vaste commissie voor Klimaat en Groene Groei,
Nava

Voorzitter: Zwinkels
Griffier: Teske

Aanwezig zijn vijftien leden der Kamer, te weten: El Abassi, Van den Berg, Jimmy Dijk, Flach, Grinwis, Heutink, Jumelet, Keijzer, Kops, Kröger, Müller, Oosterhuis, Russcher, Vermeer en Zwinkels,

en mevrouw Van Veldhoven-van der Meer, minister van Klimaat en Groene Groei.

Aanvang 14.36 uur.

De voorzitter:
Goedemiddag, allemaal. Welkom bij dit commissiedebat Betaalbare energierekening voor huishoudens. Welkom ook aan de bewindspersoon, de minister van Klimaat en Groene Groei. Welkom aan alle mensen op de tribune, de pers en uiteraard alle Kamerleden. We hebben vandaag een hele mooie opkomst, dus ik ben blij om alle collega's hier te zien. Welkom. Er zijn ook een aantal collega's die geen lid zijn van deze commissie, maar die ik wel de gelegenheid zou willen geven, als de andere leden dat ook zo vinden, om vandaag het woord te nemen. Dat betreft mevrouw Keijzer, de heer Oosterhuis en de heer Russcher. En de heer Heutink, ja. Ik zie dat dat nu al tot wat commotie leidt.

De heer Heutink (Groep Markuszower):
Nou, nee, maar ik dacht … Ik ben woordvoerder Klimaat. Kunnen we hier niet gewoon een generaal pardon van maken, zodat we niet meer telkens die toestemming hoeven te doen?

De voorzitter:
Dank voor uw voorstel. Ik heb begrepen dat het niet binnen het mandaat van deze commissie valt, dus dat wij daar niet verder over in gesprek hoeven en dat we direct door kunnen naar het debat dat vandaag op de agenda staat. Maar ik zie dat u in ieder geval ook de goedkeuring heeft van uw collega's om deel te nemen aan dit debat. Dat is een positief bericht.

Ten aanzien van de werkwijze het volgende. We zijn met veel mensen vandaag. Ik wil met u kijken of we het binnen de geplande tijd kunnen houden, dus ik zou willen voorstellen om drie interrupties per Kamerlid toe te laten en dat u dan per interruptie ook nog één vervolgvraag mag stellen. Dat brengt u dus in totaal op zes interrupties. Oké, ik zie dat dat kan leiden tot instemming, dus dan gaan we wat mij betreft van start. Het woord is aan de heer Heutink.

De heer Heutink (Groep Markuszower):
Voorzitter. Als de laatste weken een aantal dingen hebben aangetoond, dan is het toch vooral dat we binnen de kortste keren in een energiecrisis kunnen zitten. Al weken lang is de prijs aan de pomp absurd hoog. Veel Nederlanders krijgen een zere buik van het opendraaien van de verwarming. Dat zou toch niet moeten kunnen in een land als Nederland. Het is voor mijn fractie erg simpel. Komen er Nederlanders in de knel door een energiecrisis, dan moeten zij geholpen worden. Daar moet dan ook geld voor worden uitgetrokken.

Als er iets is wat helpt in het tegengaan van de energierekening, dan is dat het opwekken van eigen energie, niet vanuit een doorgeslagen klimaatideologie, maar vanuit het perspectief van rust in de portemonnee. Dit was ook de belofte van de VVD tijdens de verkiezingen. Als je iets belooft, dan moet je dat wat ons betreft ook nakomen. Groep Markuszower doet daarom vandaag het voorstel om de salderingsregeling terug in het leven te roepen. Meer dan 3 miljoen huishoudens hebben inmiddels zonnepanelen. Het was de overheid die het aantrekkelijk maakte om ze te plaatsen. Het was de overheid die het mogelijk maakte om binnen no time die zonnepanelen terug te verdienen, zodat er dan echt geld in de portemonnee overbleef, om vervolgens, als een toch onbetrouwbare partner, de stekker uit deze regeling te trekken. Dit jaar hebben we deze regeling nog, maar volgend jaar is het afgelopen. Dan is het klaar. Dat gaat mensen raken, niet alleen financieel, maar het raakt ook het vertrouwen in de politiek.

De voorzitter:
Ik zie dat dat één interruptie oplevert van de heer Oosterhuis.

De heer Oosterhuis (D66):
Ik ben maar te gast in deze commissie, maar ik ben toch echt heel erg verbaasd over dit voorstel van de heer Heutink, want we weten allemaal dat hij tot voor kort lid was van de PVV. De PVV-fractie heeft juist ervoor gekozen om de salderingsregeling in één keer volledig af te schaffen. Er lag een voorstel om de salderingsregeling langzaam en voorspelbaar af te bouwen, zodat mensen makkelijk hun panelen goed konden terugverdienen. Daar was de PVV tegen. Dat voorstel is weggestemd door de PVV. Vervolgens heeft de PVV-fractie, met ook de heer Heutink als lid, de salderingsregeling in één klap afgebouwd. In één klap! Dus waar komt dit nou weer vandaan?

De heer Heutink (Groep Markuszower):
Naar mijn weten ben ik geen onderdeel meer van de PVV en kunnen wij onze eigen koers kiezen. Dat is precies wat we hier doen. We kiezen hier een fundamenteel andere koers. Het zou D66 denk ik sieren en het zou ook goed zijn als we samen deze handschoen oppakken om te kijken wat we samen nog kunnen doen om, voordat het zover is dat die regeling eindigt, daadwerkelijk iets te gaan doen om 'm terug op tafel te leggen. Als daar een meerderheid voor is in deze commissie en in deze Kamer, dan zie ik dat gewoon gebeuren. Ik zou ook die hand dus willen uitsteken richting D66.

De heer Oosterhuis (D66):
Dit vind ik echt veel te gemakkelijk van de heer Heutink. Hij is er als lid van de PVV-fractie zelf verantwoordelijk voor geweest dat deze regeling per direct in één keer wordt gestopt per 2028; per 2027 zelfs. Volgens mij is het grote probleem van het energiebeleid van de afgelopen paar jaar juist geweest dat er continu wordt gewisseld, dat er geen enkel eenduidig beleid wordt gevoerd. Een regeling steeds weer invoeren, schrappen en weer voorstellen: juist daar zijn mensen niet bij gebaat. Mensen zijn gebaat bij voorspelbaarheid. Daar heeft de heer Heutink zelf niet voor gezorgd. Om dat dan op deze manier te gaan doen vind ik schaamteloos opportunistisch. Volgens mij draait de heer Heutink hier ongeveer sneller dan een windmolen bij windkracht 4. Laten we hier toch echt niet aan beginnen.

De voorzitter:
Meneer Heutink, wilt u daar nog op reageren?

De heer Heutink (Groep Markuszower):
Mensen zijn gebaat bij een lagere energierekening. Dát is waar de mensen bij gebaat zijn. Ik had ook niet van D66 verwacht dat ze dit voorstel pertinent zouden verwerpen. Ik kan me ook haast niet voorstellen dat ze dat doen. Kijk, feit is dat er klimaatgeld zit in een Klimaatfonds, waar heel erg veel geld in zit. Daar kunnen we deze maatregel gewoon van betalen. Op het moment dat wij er met die salderingsregeling voor kunnen zorgen dat veel meer mensen veel meer geld overhouden in de portemonnee in tijden waarin de geopolitieke spanningen dusdanig groot zijn, dan vind ik, wat er in het verleden ook is gebeurd, dat we hier vandaag zo mans moeten zijn om te zeggen dat dát is wat nodig is om de mensen te helpen. Dat verwacht ik ook van D66.

De voorzitter:
Ik stel voor dat u verdergaat met uw inbreng.

De heer Heutink (Groep Markuszower):
Daarom mijn oproep vandaag aan het kabinet: houd de salderingsregeling in leven. Trek 700 miljoen euro per jaar uit uit het Klimaatfonds en zorg ervoor dat we mensen opnieuw massaal de kans geven op een lagere energierekening. Dat is het minste wat we kunnen doen in deze grillige geopolitieke tijden. Natuurlijk, netcongestie speelt een grote rol bij deze salderingsregeling, maar staatssecretaris De Bat, hier niet aanwezig maar de minister wel, heeft een aantal goede en toch quick fixes voorhanden om iets te doen aan netcongestie. Dat helpt al een hoop. Daarnaast is ook de thuisbatterij een goede optie om netcongestie tegen te gaan. Ook daar valt nog een wereld te winnen. Zo is er een enorme bureaucratische rompslomp rondom de thuisbatterij ontstaan. Voordat de btw kan worden teruggevraagd, moet je een dynamisch energiecontract hebben. Je moet ondernemer worden en als je de btw over zonnepanelen al hebt teruggevraagd, dan kun je dat niet meer doen voor een thuisbatterij. Wil je iets doen aan netcongestie, dan zou het kabinet dus ook hiernaar kunnen kijken. We moeten het echt een beetje makkelijker met elkaar gaan maken. Ik wil graag een reactie hierop van het kabinet.

Voorzitter. Dan wil ik tot slot het kabinet nog een aantal dingen meegeven over het op te tuigen noodfonds. We zagen het al eens tijdens de coronaperiode en we zien het nu weer: het gaat allemaal veel te langzaam. Het wordt tijd dat we hulp bij energiecrises anders gaan aanpakken. Daarom stelt mijn fractie voor om te onderzoeken, het liefst met heel veel spoed, of niet het Rijk, maar gemeenten het energienoodfonds kunnen gaan beheren. Gemeenten werken sneller, weten veel beter wat er speelt bij bewoners en kunnen veel gemakkelijker de armoede in kaart brengen. Op deze manier kunnen gezinnen en bedrijven die kampen met energiearmoede, daadwerkelijk geholpen worden. We horen graag wat de minister vindt van deze constructie.

De voorzitter:
Dank u wel. Ik zie dat dat een vraag oplevert bij de heer El Abassi.

De heer El Abassi (DENK):
Ik ga een klein stukje terug. Ik probeer hem echt te begrijpen, want ik zie bij de heer Heutink vaker het patroon dat hij bij de PVV een mening had en nu toch van mening verandert. Daar wil ik iets meer duidelijkheid over hebben. Ik zou de heer Heutink namelijk willen vragen of hij, op het moment dat hij Kamerlid was voor de PVV, tegen het afschaffen van de salderingsregeling was. Zo ja, waarom heeft hij daar destijds niks over laten horen?

De heer Heutink (Groep Markuszower):
Meneer El Abassi is, denk ik, gewend om in een fractie met drie alles zelf te bepalen. Op het moment dat je in een fractie zit die heel erg groot is, met 37 mensen, heb je gewoon te maken met een meerderheid in zo'n fractie. Dan is het ook netjes dat je je daaraan houdt. Zo werkt het volgens mij in de politiek met elkaar. Zo ga je ook met elkaar om in de politiek. Feit is dat de politieke realiteit is dat wij onze eigen koers kiezen. Dit is de koers wij kiezen. Wij kiezen niet voor beleid op basis van een klimaatideologie. Wij kiezen voor beleid dat daadwerkelijk iets doet voor de portemonnee van mensen, voor beleid dat daadwerkelijk werkt. Dat is de koers die wij met onze nieuwe groep varen. Ik snap dat dat voor meneer El Abassi wennen is, maar dat is wel de politieke realiteit.

De voorzitter:
Dank. Ik weet niet of de heer El Abassi al binnen was toen ik het heb voorgelegd, maar we hebben drie interrupties met elke keer één vervolgvraag. Ik geef u nu de gelegenheid om uw vervolgvraag te stellen.

De heer El Abassi (DENK):
Ja, voorzitter, die stel ik graag. Ik probeer het echt te begrijpen. De heer Heutink geeft aan: wij kiezen. Ik vraag me oprecht af of hij met "wij" ook "de heer Heutink" bedoelt. Hij zit nu in een fractie van zeven personen en ik vraag mij af van wie deze mening nu is. Is dit de mening van de fractievoorzitter, van de andere zes of alleen van de heer Heutink? Voor hetzelfde geld zit hij straks namelijk weer in een afgesplitste fractie, komt hij weer met een andere mening en geeft hij aan dat dat de mening van zijn fractie was destijds. Hoe kunnen we dus nog geloven wat de heer Heutink zegt?

De voorzitter:
Laten we niet te vaak teruggrijpen op de tijd dat de heer Heutink nog bij de PVV zat. Hij komt hier nu uit voor een andere partij, dus ik hoop dat u na de opheldering door kunt met het inhoudelijke debat. Ik geef de heer Heutink nog de gelegenheid voor een paar laatste woorden hierover.

De heer Heutink (Groep Markuszower):
Ik vind het wel hilarisch dat nota bene een afsplitsing van de Partij van de Arbeid mij wijst op de gevaren van afsplitsen. Dat vind ik wel enigszins komisch. En verder: met alles wat ik hierover nog meer kan zeggen, wordt het een beetje gênant, dus dat ga ik gewoon niet doen. Om nou aan meneer El Abassi te moeten uitleggen hoe politiek werkt en hoe fracties in dit huis werken … Dat ga ik 'm niet aandoen.

De voorzitter:
Ik denk dat we dit inderdaad voldoende met elkaar hebben kunnen bespreken. Ik wil eigenlijk voorstellen dat u doorgaat met uw inbreng, tenzij de heer Van den Berg nog een inhoudelijke vraag heeft.

De heer Van den Berg (JA21):
Ja, zeker. Inhoudelijk staat mij wel. Ik hoorde de heer Heutink spreken over het afschaffen van de salderingsregeling. Tegelijkertijd maakt hij zich ook zorgen over netcongestie. Hoe gaan die twee dingen samen? Want juist door het in stand houden van de salderingsregeling zorg je ervoor dat mensen met zonnepanelen hun verbruik niet aanpassen en dat verergert de netcongestie alleen maar. Volgens mij klopt die stelling dus van geen kant.

De heer Heutink (Groep Markuszower):
Het klopt dat er een relatie is tussen de salderingsregeling en netcongestie. Dat is gewoon zo. Dat is een feit. Feit is ook dat we een staatssecretaris hebben die toch op relatief korte termijn maatregelen heeft aangekondigd om iets te doen aan de netcongestie. Er is straks dus daadwerkelijk ruimte op het net. Dat is één.

Twee is de thuisbatterij. Die heb ik net ook genoemd in mijn bijdrage. De thuisbatterij zorgt ook voor verlichting van de netcongestie. Het is een illusie om te denken dat mensen nu allemaal aan de zonnepanelen gaan. We moeten wel de ruimte bieden om mensen de keuze te geven en het aantrekkelijk te maken voor mensen om de energierekening daadwerkelijk omlaag te brengen. Als we die twee klappen slaan, weet ik zeker dat daardoor ruimte ontstaat.

De heer Van den Berg (JA21):
Oké, maar dat zou impliceren voor mensen die zonnepanelen willen aanschaffen, dat dat niet rendabel is en dat er weer een subsidieregeling over de top overheen moet om het dan maar extra aantrekkelijk te maken. Zo'n beetje alle onderzoeken wijzen uit dat zonnepanelen ook zonder salderingsregeling gewoon terug te verdienen zijn. Het is, denk ik, een eigen keuze van mensen. Ik snap dus niet zo goed waarom Groep Markuszower dat koste wat kost dan toch wil subsidiëren ten koste van de mensen die het uiteindelijk betalen, want het komt van belastinggeld.

De heer Heutink (Groep Markuszower):
Het is een simpele rekensom: het kan je een paar honderd euro per jaar schelen. Dat is een simpele rekensom. Je kunt ervoor kiezen om miljarden uit te geven aan dingen waar de Nederlanders uiteindelijk niets van terugzien in hun portemonnee, maar wij kiezen ervoor om te investeren in de salderingsregeling, wat inderdaad een vorm van een subsidie is en waar de Nederlanders daadwerkelijk iets van gaan merken in hun portemonnee. Wij zullen altijd kiezen voor de Nederlander en zijn portemonnee.

De voorzitter:
U kunt verder met uw inbreng. U heeft nog een halve minuut.

De heer Heutink (Groep Markuszower):
Voorzitter. Toch nog even over het Noodfonds Energie. Dat leerde ons dat het niet altijd even goed gaat met die regelingen. De pot voor huishoudens was binnen no time leeg en mensen bleven uiteindelijk met niets achter. Er waren heel veel aanvragen en er was gewoon niet genoeg geld. De pot voor bedrijven kwam veel te laat. Bedrijven konden er pas aanspraak op maken toen de prijzen voor energie aan het dalen waren, met als resultaat dat bijna niemand een verzoek om geld uit die pot heeft gedaan. Met andere woorden, we moeten een effectieve regeling gaan opzetten en we moeten vooral ook leren van de fouten die we eerder hebben gemaakt.

Dank u wel.

De voorzitter:
Mooi, dank u wel. Dan ga ik door naar de heer Flach.

De heer Flach (SGP):
Dank u wel, voorzitter. De Kamerbrief van eind 2025 schetste nog een rooskleurig beeld van de energieleveringstarieven: die zouden naar verwachting gaan dalen. Niet dus. Het laat zien hoe kwetsbaar de energierekening is. Op langere termijn zal de energierekening fors stijgen door ETS2, de bijmengverplichting, groen gas en de netkosten. Dit kan vermeden worden door te investeren in verduurzaming, maar daar moet je dan wel geld voor hebben. Kortom, er is werk aan de winkel om energie als eerste levensbehoefte betaalbaar te houden.

Ik kijk in mijn bijdrage eerst naar de energierekening in het algemeen en dan naar energiearmoede in het bijzonder.

In opdracht van Netbeheer Nederland is onderzoek gedaan naar de verwachte ontwikkeling van netkosten en energietarieven. Dat liegt er niet om. Zo zullen richting 2040 de netkosten ruimschoots verdubbelen. Het viel me op dat dit ook geldt voor de belastingcomponent, een knop waar we als politiek zelf over gaan. Waar dit jaar ongeveer 13 miljard euro aan energiebelasting en btw wordt opgehaald, zou dat in 2040 kunnen neerkomen op niet minder dan 27 miljard euro. Deelt de minister de mening dat we er met elkaar ten minste voor moeten zorgen dat de Staat niet nog rijker wordt van de energierekening van burgers en bedrijven? Eén aspect is dat als de transporttarieven op de energierekening stijgen, ook de btw-inkomsten toenemen. Dat is belastingtechnisch best begrijpelijk, maar dat is aan de burger toch niet uit te leggen? Gaat het kabinet ervoor zorgen dat dit geld bij de burger blijft?

Voorzitter. De SGP hoort graag hoe de nettarieven beheerst gaan worden. Sowieso zijn slimmere inrichting en gebruik van ons elektriciteitsnet nodig, ook voor het dempen van de netkosten. Maar dat niet alleen. In het coalitieakkoord zijn geen middelen gereserveerd voor het elektriciteitsnet. Als we niks doen, komen de hogere kosten een-op-een bij gezinnen en bedrijven terecht. We doen nu netinvesteringen die decennia meegaan en waarvan ook komende generaties profijt hebben. Wat is de visie van het nieuwe kabinet op het uitsmeren van de rekening over de tijd?

De vermindering van de energiebelasting is nu van toepassing op alle verblijfsobjecten, van een rijtjeshuis tot een hotel. Moet dit niet beperkt worden tot huishoudens, zo vraag ik de minister. De extra belastinginkomsten kunnen dan gebruikt worden voor verhoging van de belastingvermindering voor huishoudens of extra inzet op energiebesparing.

Voorzitter. Dan de aanpak van energiearmoede. TNO is glashelder: er wordt een enorme winst voor huishoudens met energiearmoede en voor het milieu geboekt als de overheid investeert in verduurzaming van de woningen. De investeringskosten zijn hoog, maar het drukt op korte termijn de energierekening en dat betaalt zich vaak over de langere termijn wel terug. Ook is het goed voor het leefklimaat op micro- en macroniveau. Zo is het opvallend dat energiecoaches bij huishoudens met energiearmoede niet alleen zorgen voor gemiddeld bijna 10% minder gebruik, maar ook voor 40% minder gebruik van medicijnen tegen astma en reuma. Een beter klimaat in huis is goed voor de mensen en bespaart ook zorgkosten.

De overheid is goed in het stapelen van regelingen, voorwaarden daarbij en late uitbetaling. Je hebt de ISDE, het Warmtefonds, het Nationaal Isolatieprogramma, de SPUK Kansrijke Wijk, het Volkshuisvestingfonds en diverse specifieke subsidieregelingen. Dat maakt kwetsbare huishoudens heel onzeker. Ze houden de boot af, en zij niet alleen. Het is belangrijk om te ontzorgen, niet alleen via energiecoaches, maar ook via bijvoorbeeld gemeentelijke verduurzamingsregelingen waarin subsidies gebundeld kunnen worden en waarmee huishoudens geen financiële risico's lopen. Hoe wordt dit opgepakt? Hoe wordt gezorgd voor een aanpak op wijkniveau zodat er meters gemaakt kunnen worden? Komt er ruimte voor het uitbetalen van voorschotten, zodat drempels verlaagd worden en bijvoorbeeld de middelen voor de Subsidieregeling Onderhoud en Verduurzaming Huurwoningen niet op de plank blijven liggen?

De SGP waardeert de inzet voor een publiek energiefonds om te voorkomen dat kwetsbare huishoudens verder in de energiearmoede worden gedrukt, maar ik heb daarover wel een paar vragen. Formeel is het fonds bedoeld als een tegemoetkoming in het kader van extra ETS2-kosten. Dat is een andere insteek dan die van het Tijdelijk Noodfonds Energie. Zo vallen huishoudens met een aansluiting op stadswarmte nu buiten de boot. Dat is toch niet wenselijk? Ook is er nu sprake van een vast steunbedrag, terwijl in het noodfonds meer maatwerk zat. Tussen huishoudens met energiearmoede zitten immers grote verschillen. Zien de bewindslieden mogelijkheden om beter aan te sluiten op de werkwijze van het noodfonds? Gaan ook huishoudens met een blokaansluiting en huurders met een energieprestatievergoeding in aanmerking komen?

De voorzitter:
Meneer Flach, mag ik u vragen om tot een afronding te komen?

De heer Flach (SGP):
Dat klopt, ik was bij de laatste zin. De SGP maakt zich verder zorgen over het tijdpad, want Brussel heeft nog vier maanden om dit plan te beoordelen. Kunnen de bewindslieden garanderen dat het fonds voor het komende winterseizoen in de lucht is?

De voorzitter:
Dank u wel. Dan gaan we naar de heer Kops.

De heer Kops (PVV):
Dank u wel, voorzitter. Dit debat heet: betaalbare energierekening voor huishoudens. Dat is eigenlijk nogal cynisch, want als er, naast de brandstofkosten en de onbetaalbare boodschappen, iets juist niet betaalbaar is, dan is dat wel die torenhoge energierekening. En wat doet het kabinet daar op dit moment aan? Niets. Helemaal niets. Er kan geen cent vanaf, nul komma nul. Dat is een grove schande. Het doet ook terugdenken aan het begin van de energiecrisis van 2022. Toen had het kabinet ook een soort houding van: we wachten wel even rustig af; het komt allemaal wel goed. Maar nee, het kwam niet goed, niet vanzelf. Eigenlijk is het sindsdien ook helemaal niet meer goed gekomen.

Voorzitter. Energiearmoede is een probleem. Dat probleem is niet gisteren ontstaan en ook niet de afgelopen weken of de afgelopen maanden. Energiearmoede is een structureel en groeiend probleem. Al jarenlang leven vele honderdduizenden huishoudens in energiearmoede. Dat is een op de twaalf kinderen. Al jarenlang worden diezelfde mensen aan hun lot overgelaten.

Voorzitter. De afgelopen tijd zijn de energieprijzen door het dak gegaan. Volgens Gaslicht.com zijn de kosten van een gemiddeld jaarcontract voor aardgas en elektriciteit de afgelopen maand met bijna €600 gestegen. Maar niet alleen de energieprijzen zijn het probleem. Energie is niet alleen gedurende deze energiecrisis onbetaalbaar geworden. Het is beleid geweest, jarenlang overheidsbeleid van steeds hogere energielasten. Want zeg nou zelf, het is toch niet alleen hier in Nederland ellende en crisis? Die crisis is wereldwijd, Europees, overal. Neem onze buurlanden, België en Duitsland. Je zou zeggen dat die toch in hetzelfde schuitje als wij zitten. Hoe kan het dan dat Nederlanders onderaan de streep bijna het dubbele van de Belgen en bijna €600 meer dan de Duitsers betalen voor exact dezelfde energie? Graag een reactie van de minister.

Voorzitter. Om maar zelf al een antwoord op die vraag te geven, zeg ik het volgende. Het komt natuurlijk door de steeds hogere belastingen op energie in Nederland. De totale energierekening, dus aardgas en elektriciteit, bestaat inmiddels voor meer dan de helft, namelijk 58%, uit belastingen en transportkosten. Wat huishoudens dan specifiek aan aardgas betalen, bestaat inmiddels voor bijna de helft, namelijk 43%, puur uit energiebelasting. De conclusie is: in Nederland betaalt men, op Zweden na, onderaan de streep het meest voor aardgas van heel Europa. En dan wordt er tot slot over de gehele energierekening, dus ook nog over de energiebelasting, het hoge btw-tarief van 21% geheven, terwijl dat bijvoorbeeld in België en Duitsland minder is. Kortom, de gestegen energieprijzen zijn natuurlijk een heel groot probleem, maar tegelijkertijd is het de overheid zelf geweest die de afgelopen jaren bewust energie heel duur heeft gemaakt.

Voorzitter. Die belastingen zijn knoppen waar de overheid aan kan draaien om die energielasten omlaag te krijgen. Hoe treffend! Het is nota bene de Europese Commissie die lidstaten oproept om dat ook te gaan doen. Maar nee, zoals gezegd: het kabinet doet dat niet. Het kabinet doet helemaal niets, omdat, om dan even de premier te citeren: "Ik vind dat we in Europa nu niet te hard van stapel moeten lopen. Dat kan leiden tot maatregelen die slecht kunnen uitpakken voor de Nederlandse energietransitie." Dit zijn totaal verkeerde prioriteiten. Zoals zo vaak door de PVV bepleit, moeten die lasten omlaag. Energie is namelijk geen luxe, maar een basisbehoefte. Energie hoort dan ook principieel helemaal niet thuis onder het hoge btw-tarief van 21%. Kortom, verlaag de btw op energie. Verlaag dan ook meteen de energiebelasting. Het is voor zo veel huishoudens gewoon niet meer te betalen. Mijn oproep aan het kabinet is: wacht vooral niet nog langer af, maar kom nu in actie. Verlaag de energielasten en maak de energierekening echt weer betaalbaar.

Dank u wel.

De voorzitter:
Dank u wel. Dat levert geen interrupties op, dus ik ga door naar de heer Jumelet.

De heer Jumelet (CDA):
Dank u wel, voorzitter. Goedkope energie bestaat niet. Dat brengt het besef dat de beste manier om de energierekening betaalbaar te houden, is door energie zo efficiënt mogelijk te gebruiken. Energiebesparing dus. Dat begint met goede isolatie en innovatie. Wat het CDA betreft zijn maatregelen die het energieverbruik van huishoudens op deze manier verlagen no-regretopties. Ze leveren vrijwel altijd voordeel op en zorgen direct voor een structurele energiebesparing. Ze zijn bovendien van invloed op de piekbelasting van het elektriciteitsnet.

Voorzitter. Toch ervaren veel mensen drempels bij het verduurzamen van hun woning. Het proces kan technisch ingewikkeld zijn en vraagt vaak een flinke investering, die niet altijd mogelijk is. Daarnaast spelen ook praktische factoren en gedragsfactoren een rol. Er mist consistentie in overheidsbeleid, hoorden we gisteren bij het rondetafelgesprek. Mensen twijfelen bijvoorbeeld aan de effectiviteit van maatregelen, weten niet altijd welke ondersteuning er beschikbaar is en missen duidelijke voorbeelden van hoe anderen het hebben aangepakt. Hierdoor kan verduurzaming ook uitgesteld worden, terwijl de voordelen groot kunnen zijn.

Voorzitter. Toch zijn er ook mooie voorbeelden. Fixteams zijn een laagdrempelige manier om huishoudens te helpen met eenvoudige maatregelen die het energieverbruik verlagen. Toch horen we dat veel gemeenten deze aanpak afbouwen, omdat het budget opraakt. Daarmee dreigen ook de energiehulpnetwerken uit elkaar te vallen. Dat zou natuurlijk zonde zijn, want juist deze teams bereiken mensen in de wijk, in de buurt, die anders misschien juist niet die verduurzaming zouden krijgen. Mijn vraag aan de minister is hoe we de aanpak met fixteams kunnen versterken en voortzetten en wat daarvoor nodig is, ook qua financiering.

Voorzitter. Na een aarzelende start komt de uitvoering van de lokale aanpak binnen het Nationaal Isolatieprogramma steeds beter op gang. Inmiddels zijn er 80.000 woningen aangepakt en is er ongeveer 200 miljoen euro besteed. In totaal is er ruim 1,6 miljard euro beschikbaar om 750.000 koopwoningen te isoleren. Er ligt dus nog een flinke opgave om dat doel te halen. Gemeenten kunnen het tempo verhogen als de randvoorwaarden goed zijn geregeld. Zo is het belangrijk om knelpunten weg te nemen, bijvoorbeeld bij natuurvriendelijk isoleren. Mijn vraag aan de minister is welke concrete maatregelen de aanpak kunnen versnellen. Welke knelpunten ziet de minister zelf ook? Hoe kunnen die worden weggenomen?

Voorzitter. Juist huishoudens met een laag inkomen worden onevenredig hard geraakt door de hoge energiekosten. Daarom is het goed vandaag dit debat te hebben. Voor hen is een gerichte aanpak essentieel, met maatregelen die aansluiten bij hun situatie en financiële draagkracht. Recent onderzoek laat de noodzaak voor specifieke aandacht voor de slechtste woningen van kwetsbare huishoudens nog maar eens zien. Dit zijn meestal koopwoningen. Binnen de groep van huishoudens met energiearmoede springen ongeveer, zo lezen we, 23.000 huishoudens eruit met een zeer slecht geïsoleerde woning, energielabels F en G. Juist daar zijn de kosten hoger, maar ook de energiebesparing en -impact het grootst. De woningen met de slechtste energielabels zijn weliswaar het duurst om te verduurzamen, maar verduurzaming levert de hoogste besparing op. Daar is echter wel een gerichte innovatieve aanpak voor nodig. Mijn vraag aan de minister is hoe zij ervoor gaat zorgen dat juist deze kwetsbare groepen als eerste worden bereikt. Welke rol ziet zij daarbij voor nieuwe financieringsvormen, zoals gebouwgebonden leningen of inkomensafhankelijke renovatiesubsidies? Ook een idee: hoe stimuleert zij opschaling en standaardisering, zodat renovaties sneller en goedkoper kunnen worden uitgevoerd? Welke mogelijkheden ziet de minister voor maatwerkafspraken met woningbouwcorporaties en grote particuliere verhuurders om gericht te investeren op die plekken waar zowel de nood als het rendement het hoogst is?

Voorzitter. TNO heeft de opdracht gekregen tot het opstellen van een jaarlijkse prognose van de energierekening voor huishoudens. Hierin wordt voor meerdere jaren en voor diverse warmtetechnieken een prognose getoond. Volgens de brief van 18 december 2025 zou de eerste editie van deze studie dit voorjaar met de Kamer worden gedeeld. Ik kan me voorstellen dat het in de huidige situatie best lastig is om prognoses op te stellen. Toch is het juist nu zaak om inzicht te hebben om de maatregelen te kunnen nemen die de meeste impact hebben. Deskundigen dringen aan op versnelling van de energietransitie, op meebewegen van fossiel naar hernieuwbaar en structureel investeren en structurele maatregelen als een gericht noodfonds. Wanneer kan de Kamer de eerste jaarlijkse prognose van de energierekening van huishoudens verwachten?

Tot slot, voorzitter. We spreken voor de tweede keer in vijf jaar over een energiecrisis als gevolg van geopolitieke ontwikkelingen. Tegelijkertijd spelen er andere factoren die de energierekening beïnvloeden, zoals investeringen in elektriciteitsnetten en de Europese Methaanverordening. Collega Flach sprak daar net ook al over. Hoe zorgt de minister er in deze complexe context voor dat we grip houden op de betaalbaarheid van energie voor huishoudens? Tot slot nog één aanvullende vraag. Kan de minister specifiek ingaan op de zorgen vanuit de energiesector over de gevolgen van de Methaanverordening voor de import van olie en gas en daarmee uiteindelijk voor de energieprijzen voor huishoudens?

Voorzitter, dank u wel.

De voorzitter:
Dank u wel voor uw inbreng. Ik weet dat dat in ieder geval één interruptie oplevert van de heer Heutink. Aan u het woord.

De heer Heutink (Groep Markuszower):
Ik hoorde het CDA spreken over de energierekening en de lasten van burgers. Dat is terecht. Mijn vraag gaat over het voorstel dat ik zojuist heb gedaan, namelijk het in leven houden van de salderingsregeling. Die stopt volgend jaar. Mijn vraag is: is het CDA bereid om samen met ons te kijken of we daar mogelijk verandering in kunnen brengen, om toch te kijken of we die salderingsregeling in leven kunnen houden?

De heer Jumelet (CDA):
Met aandacht luisterde ik naar het debatje van zojuist. Het is namelijk wel bijzonder dat de heer Heutink zijn verleden totaal vergeet. Maar dat mag; dat kan. Tegelijkertijd, als het dan toch over het verleden gaat ... Het CDA heeft toen gezegd dat de salderingsregeling in stappen zou moeten worden afgeschaft. Daar hebben we toen ook een motie voor ingediend. Die heeft het uiteindelijk niet gehaald. Dat brengt ons tot wat we vandaag met elkaar constateren, namelijk dat die regeling afgeschaft wordt. Dat kunt u natuurlijk betreuren vanuit de context zoals ik het net aanvloog en nog even in herinnering bracht, maar het is wat het is. Daar heeft de heer Heutink zelf ook een keuze in gemaakt.

De voorzitter:
Een korte vervolgvraag.

De heer Heutink (Groep Markuszower):
Ik hoor concreet geen keiharde nee van het CDA. Ik hoor alleen maar: het is zoals het is en dat is het dan. Maar volgens mij is het CDA een coalitiepartij, waarvan ministers in het kabinet zitten, en kunnen wij als Kamer aan zet zijn om iets terug te draaien wat eerder is besloten. Volgens mij zijn wij daarvoor allemaal Kamerlid geworden. Mijn vraag is dus: het zou toch fantastisch zijn als wij samen met de heer Jumelet kunnen optrekken om die wens, die het CDA ook had, toch te realiseren?

De heer Jumelet (CDA):
Als de heer Heutink dit zelfs "fantastisch" noemt, dan komen er allerlei beelden bij mij binnen. Het is, denk ik, van belang om te constateren dat het een gepasseerd station is. We hebben met elkaar die afslag genomen. We kunnen met elkaar constateren dat we dat liever anders hadden gezien, maar het is nu zoals het is.

De heer Jimmy Dijk (SP):
In juli 2022 verlaagde het kabinet, waar het CDA toen ook onderdeel van uitmaakte, in ieder geval tijdelijk de btw op energie. Ik vroeg me af, aangezien de energieprijzen weer datzelfde niveau aan het benaderen zijn, of het voor het CDA een optie is om dat weer te gaan doen.

De heer Jumelet (CDA):
Ik denk dat het heel terecht is dat in gedachten wordt gebracht wat er toen is gedaan om die energieprijzen naar beneden te krijgen. Ik denk dat het heel terecht is dat u hoopt en vindt — en u vindt ons dan aan uw zijde — dat er iets gedaan moet worden. Maar ik kijk ook naar het kabinet als het gaat om de maatregelen die genomen gaan worden. Ik denk dat dat een van de opties is, maar ik leg de verantwoordelijkheid om met een voorstel te komen graag bij het kabinet neer. Daar zullen wij dan met elkaar een oordeel over vormen. Ik kan u zeggen dat wij uiteraard ook de verhalen horen en de berichten krijgen. Die zijn soms zeer schrijnend. Tegelijkertijd wordt er nu diep nagedacht over de vraag hoe er gericht, dus niet collectief, maar juist gericht, kan worden geholpen. Daar wordt op dit moment over nagedacht en daar worden plannen voor gemaakt, dus daar wacht ik op.

De heer Jimmy Dijk (SP):
Ik kom zo in mijn eigen woordvoering nog even terug op het woordje "gericht". Zouden er maar gericht maatregelen worden genomen, want dan zaten er nu niet 2 miljoen mensen in energiearmoede thuis. Dat zouden namelijk gerichte maatregelen zijn die nu genomen kunnen worden.

Nog even terug naar de btw-verlaging op energie. Ik zei het niet voor niets. Dat is toentertijd gedaan bij een niveau van energieprijzen waar we nu nog net niet zijn. Dan is mijn vraag: wanneer is het voor het CDA tijd — en wijs niet naar het kabinet, want dat vind ik echt te makkelijk en het gebeurt de hele tijd — om te zeggen dat er een maatregel moet komen en we de btw op energie gaan verlagen? Wanneer is dat moment daar? Want ik vind het te makkelijk om naar het kabinet te wijzen en af te wachten. Ik zit hier ook. Ik kom ook met voorstellen. Ik wil dan ook graag weten wanneer het voor u tijd is om de btw op energie te verlagen.

De heer Jumelet (CDA):
Ik snap het ongeduld. Dat is er bij ons en bij mij persoonlijk ook. Tegelijkertijd moeten we in de rol die we hebben met elkaar nadenken over hoe we dat kunnen doen en over wat er mogelijk is, ook financieel en budgettair. Je kunt ongeduldig zijn; dan vindt u mij aan uw zijde. Tegelijkertijd moeten we het geduld hebben om wel de goede maatregelen te nemen. Daarvoor wachten we echt op het kabinet. Dat is niet makkelijk. Dat suggereert u, dat we dat makkelijk even afschuiven. Het is, denk ik, goed om te constateren dat we op deze manier met elkaar omgaan en de rollen vast te stellen. Ik kan de heer Dijk in ieder geval zeggen dat ook wij erg benieuwd zijn naar de maatregelen, want de verhalen zijn schrijnend. Daarvoor vindt u ons aan uw zijde.

De heer Grinwis (ChristenUnie):
In de naweeën van de energieprijzencrisis van 2022 hebben we als Kamer geconstateerd dat we wat middelen ontberen om snel in te grijpen. Toen kwamen we met een maximumprijs, maar daar waren we niet zo gelukkig mee. Een van de oplossingen die we toen hebben klaargelegd voor een volgende crisis is het onderscheid in de energiebelasting tussen de eerste 1.000 kuub gas en alles daarboven, en de eerste 2.900 kilowattuur en alles daarboven. Die optie hebben we nog nooit gebruikt. Tot nu toe hebben we de energiebelasting gelijk gehouden. Dat amendement hebben we onder andere met het CDA, D66 en VVD ingediend. Hoe zou het CDA ertegen aankijken om die optie nu wel te gebruiken, dus om gericht in te grijpen en de energiebelasting voor de eerste 1.000 kuub gas te gaan verlagen?

De heer Jumelet (CDA):
Het is mooi dat de heer Grinwis dit punt inbrengt. Ik vond het ook heel goed dat dat gisteren aan de orde kwam in het rondetafelgesprek. Ik heb er dus al wat langer over kunnen nadenken. Ik vind het een van de ingrediënten om mee te nemen in het pakket dat uiteindelijk door het kabinet wordt opgepakt en gepresenteerd. Ik denk dat het goed is dat dit op tafel komt. Ik denk ook dat het goed is om daar heel serieus naar te kijken. Dit kan een van de mogelijkheden zijn. Laat ik het zo zeggen: ik geef het graag mee als ingrediënt naast de btw-verlaging. Er zijn nog meer opties om met elkaar de goede stappen te zetten. Ik heb zelf net gevraagd naar de fixteams. Dat betekent isoleren. We kunnen daar dus nog een stap op zetten. Ik heb ook aangeduid — dat vind ik niet onbelangrijk — dat er al 1,6 miljard is bij gemeenten, waarvan 200 miljoen is uitgegeven. Er liggen dus allerlei ingrediënten. Dat hele pakket moet zo snel mogelijk worden ingezet om juist de mensen die het het hardst nodig hebben, te helpen bij het betalen van hun energierekening.

De voorzitter:
Dank u wel. Dan gaan we naar de heer Oosterhuis voor zijn inbreng.

De heer Oosterhuis (D66):
Dank u wel, voorzitter. Mijn collega Felix Klos is vandaag ziek. Ik dank u allen voor de gastvrijheid dat ik hem hier mag vervangen. De heer Jumelet eindigde met: we zitten inderdaad in de tweede energiecrisis binnen vijf jaar. Bij de eerste, die veroorzaakt werd door Vladimir Poetin, was ik vier jaar geleden nauw betrokken als politiek adviseur van minister Jetten. Door snel in te grijpen is het toen gelukt om ervoor te zorgen dat er genoeg gas was, door te zorgen voor een grote lng-terminal. De gasvoorraden werden gevuld. Huishoudens werden beschermd met een prijsplafond. We zijn die crisis toen, met wat kunst- en vliegwerk, goed doorgekomen.

Ook deze energiecrisis is geen natuurfenomeen. Ditmaal zijn Trump en Khamenei de veroorzakers. Waar ik van baal, is dat er in de tussentijd te weinig is gebeurd om ons land minder kwetsbaar te maken. Onder het motto "haalbaar en betaalbaar" is er getreuzeld met energiebesparing en schone, goedkope energie van onze eigen bodem. Wanneer daalt eindelijk het besef in dat juist de afhankelijkheid van olie en gas, en daarmee van dubieuze regimes, onze energierekening kwetsbaar en onbetaalbaar maakt?

De heer Heutink (Groep Markuszower):
Ik hoor D66 zeggen dat er getreuzeld is omdat het kabinet ervoor heeft gekozen om haalbaar en betaalbaar energiebeleid te voeren. Wil D66 nu dan onhaalbaar en onbetaalbaar energiebeleid?

De heer Oosterhuis (D66):
Ik wil heel graag haalbaar en betaalbaar beleid. Ik denk alleen dat dat te vaak als excuus is gebruikt om niets te doen, af te wachten en ervoor te zorgen dat we kwetsbaar blijven voor de situatie waar we nu in zitten. Dat is uiteindelijk onbetaalbaarder.

De heer Heutink (Groep Markuszower):
Het wordt onbetaalbaar als het niet haalbaar is. Dat is wat er gebeurt. D66 heeft er namelijk een handje van om mensen dat klimaatbeleid en energiebeleid door de strot te duwen. Ik zeg u, zeg ik via de voorzitter tegen de collega van D66: dat pikken de mensen niet meer. De mensen zitten daar niet op te wachten. Ik zou D66 dus willen aanmoedigen om te kijken naar maatregelen die daadwerkelijk werken, betaalbaar zijn en waar mensen daadwerkelijk op zitten te wachten, en om te stoppen met doorgeslagen klimaatbeleid.

De voorzitter:
Wilt u daar nog op reageren?

De heer Oosterhuis (D66):
Ik ben zeker voor maatregelen die werken. We doen ook niet anders, zou ik tegen de heer Heutink willen zeggen, juist om mensen te helpen met een betaalbare energierekening, een warm huis en een schoon klimaat — want dat gaat hartstikke goed samen — en juist om onafhankelijk te worden van Poetin, Trump en anderen die zorgen voor alleen maar grotere risico's voor onze energierekening.

De heer Flach (SGP):
Ik moet zeggen dat ik het een beetje dubieus vindt om Trump en Poetin op gelijke hoogte te stellen, maar dat is aan de heer Oosterhuis zelf. De SGP vindt het ook belangrijk dat we onafhankelijker worden van dubieuze en gewelddadige regimes in het Midden-Oosten. Ik heb wel de volgende vraag. Welke vorm van energie maakt Nederland in de ogen van de heer Oosterhuis echt onafhankelijk van andere regimes? Voor wind en zon hebben we namelijk metalen en mineralen nodig die ook van ver weg komen, uit landen waar we liever geen zaken mee doen. Zelfs bij kernenergie ben je afhankelijk van uranium, dat ook niet in Groningen in de bodem zit.

De heer Oosterhuis (D66):
Hiermee snijdt de heer Flach een terecht punt aan. Er is natuurlijk wel een essentieel verschil: voor zon en wind zijn inderdaad veel materialen nodig uit bijvoorbeeld China, maar als het hier eenmaal staat, werkt het wel altijd. Als het hier is, zijn we dus een stuk minder afhankelijk dan in het geval van de olie- en gasstromen, die continu nodig zijn. Daar zit dus wel een groot verschil tussen.

De heer Flach (SGP):
Dat delen we wel; de afhankelijkheid is inderdaad minder. Tegelijkertijd moeten we, denk ik, altijd blijven beseffen dat Nederland maar een klein land is en dat we altijd afhankelijk blijven van het buitenland, want het buitenland is groter dan Nederland, dat daar ook dubieuze regimes bij zitten, en dat wederkerige afhankelijkheid dus ontzettend belangrijk is. Ik noem het toch even: onze agrarische sector is bijvoorbeeld iets waardoor heel veel landen afhankelijk zijn van Nederland. Juist op dat soort zaken moeten we zuinig zijn, ook om onze energie te kunnen garanderen in de toekomst.

De voorzitter:
Ik hoorde daar geen echte vraag in, dus ik wil u eigenlijk vragen om ... O, voordat u verdergaat, is er nog een vraag van de heer Kops.

De heer Kops (PVV):
De heer Oosterhuis zegt, even in mijn eigen woorden, dat we meer moeten inzetten op schone energie van eigen bodem, wind en zon, en dat we, kortgezegd, af moeten van kolen, gas en olie. Echter, Gasunie heeft berekend dat in 2025, dus vorig jaar, de elektriciteitscentrales 17% meer gas hebben verbruikt. Waarom deden ze dat? Om de schommelingen in zon- en windenergie op te vangen. Dat is natuurlijk heel tegenstrijdig. De heer Oosterhuis zegt: we moeten overal windturbines en zonnepanelen neerzetten. Maar we weten allemaal dat die dingen weersafhankelijk zijn. Omdat die dus niet goed genoeg hebben gewerkt — die dingen hebben niet genoeg opgebracht — zijn de elektriciteitscentrales meer gas gaan verbruiken. Dat is toch heel tegenstrijdig? Dan klopt de stelling toch dat we door die energietransitie van de heer Oosterhuis alleen maar meer gas zijn gaan gebruiken, in ieder geval vorig jaar?

De heer Oosterhuis (D66):
De heer Kops kijkt wel echt naar één jaar. We zijn in een paar jaar tijd miljarden kubieke meters minder gas gaan gebruiken. We zijn er bovendien nog lang niet. We zitten middenin de energietransitie. Naast investeren in zon en wind zal dat ook betekenen: investeren in groene waterstof, opslag, batterijen et cetera. De heer Kops heeft absoluut gelijk dat we er nog niet zijn, maar daarom moeten we juist doorpakken.

De heer Kops (PVV):
Dit is toch veel te makkelijk. Het klopt dat we als land in totaliteit minder gas zijn gaan gebruiken. Dat is het geval sinds de energiecrisis van 2022. Dat komt voornamelijk doordat mensen in energiearmoede zitten. Ze durfden van ellende de kachel niet meer aan te zetten. Het was allemaal te duur. Ze konden het niet meer betalen. Daarom is het gasverbruik relatief dus omlaag gegaan. Maar goed, aan de andere kant heeft het CBS berekend dat in de eerste helft van ...

De voorzitter:
Wat is uw vraag? Ik vind deze achtergrond heel interessant, maar ik wil de vervolginterrupties wel wat beknopter houden, want we hebben vanmiddag heel veel sprekers te gaan en ik wil echt op de eindtijd letten. Het woord is aan u, maar wel graag richting uw vraag gaan.

De heer Kops (PVV):
Ook omdat die zonnepanelen en windturbines te weinig hebben opgebracht, zijn er in de eerste helft van 2025 72% meer kolen gebruikt. Nogmaals, door de energietransitie van D66, waardoor we meer inzetten op zon en wind, zijn we dus meer kolen gaan gebruiken. Dat is toch tegenstrijdig? Dat is toch niet uit te leggen?

De heer Oosterhuis (D66):
Ik kan dit gegoochel met cijfers van de heer Kops inderdaad niet volgen. Door naar één jaar te kijken neem je niet de hele energietransitie in ogenschouw. Dat is absoluut niet hoe we ernaar kijken. Het is zo ingewikkeld om deze verschillende jaren met elkaar te vergelijken dat ik daar niet aan ga beginnen.

De voorzitter:
Zo te zien denkt u daar allebei iets anders over. Ik wil door naar mevrouw Keijzer.

Mevrouw Keijzer (Lid Keijzer):
Wil D66 nou toe naar een energievoorziening volledig vanuit hernieuwbare bronnen? Begrijp ik dat nou goed? Met een beetje kernenergie, wordt mij ingefluisterd, maar met twee centraletjes ben je er ook niet.

De heer Oosterhuis (D66):
Het lijkt mij dat we op de lange termijn inderdaad naar een energiemix van zon, wind, groene waterstof en kernenergie toe bewegen.

Mevrouw Keijzer (Lid Keijzer):
Dat is toch dieppopulistisch, om dat scheldwoord dat in D66-kringen richting rechts wordt gebruikt maar eens te gebruiken? Dat bestaat toch helemaal niet? Dan heb je toch een totaal verkracht landschap vol met batterijen, windmolens en zonnepanelen? Overigens is het dan maar afwachten of thuis op dat moment de elektriciteit het doet, omdat het even windstil en een beetje bewolkt was die dag of die week. Is dit niet gewoon de kluit belazeren met een groen sprookje dat niet bewaarheid kan worden?

De voorzitter:
U voegt wel telkens een vraag toe. Wat is op dit moment uw vraag aan D66?

De heer Oosterhuis (D66):
Nou, ik denk dat ik de vraag wel heb.

Mevrouw Keijzer (Lid Keijzer):
Belazeren ze de kluit?

De heer Oosterhuis (D66):
Dit hele pessimistische beeld van mevrouw Keijzer deel ik toch echt niet. Ik heb toch wel iets meer vertrouwen in wat hier mogelijk is. Onderdeel daarvan is ook dat we enorm veel minder energie gaan gebruiken. Dat is een feit, mevrouw Keijzer. We verbruiken langjarig al steeds minder energie. Er vindt bovendien natuurlijk nog steeds waanzinnig veel innovatie plaats op het gebied van zonnepanelen, wind en batterijen, dus het ruimtebeslag zal ook steeds minder worden. Ik deel het zwartgallige wereldbeeld dat mevrouw Keijzer hier schetst dus absoluut niet.

Mevrouw Keijzer (Lid Keijzer):
Een interruptie bestaat uit twee rondes, hè. De heer Oosterhuis gaat niet in op de inhoud van wat ik zeg. Dat is heel jammer. Heren, kan iemand het niet even van me overnemen? Of zijn jullie het er allemaal mee eens?

De voorzitter:
Mevrouw Keijzer, ik weet dat alle collega's zich bewust zijn van hun recht om een interruptie te plegen, dus dat laat ik aan ieder lid voor zich. U zult het met dit antwoord moeten doen. U kunt daar misschien straks in uw eigen inbreng op terugkomen. Ik kijk even rond. Zijn er nu nog interrupties voor de heer Oosterhuis of mag hij door met zijn inbreng? Ik zie dat de heer Van den Berg een vraag heeft.

De heer Van den Berg (JA21):
Dit is een soevereine beslissing, hoor, voorzitter. Wat mij vooral stuitte, is het volgende. De heer Oosterhuis van D66 roept hier dat we de afgelopen jaren niet weerbaar genoeg zijn geweest en dat hij dat spijtig vindt. Dat is ook zo, maar laten we wel even de feiten bekijken. We zijn de afgelopen jaren al zeer gegroeid op het gebied van hernieuwbare energie. De hoeveelheid hernieuwbare energie is met zo'n 70% gegroeid sinds 2021. Dat heeft ons kennelijk niet weerbaar gemaakt. Daar komt bij dat als we al die materialen vanuit China importeren, we daarvan afhankelijk zijn. We zijn voor 90% afhankelijk van omvormers uit China. Als je het hebt over een soort van killswitch van onze economie, dan is dat er wel eentje. Uiteindelijk kunnen al die windparken ook heel makkelijk gesaboteerd worden vanuit Rusland. Hoe maakt dat systeem van de heer Oosterhuis ons weerbaar?

De heer Oosterhuis (D66):
Ik denk dat de heer Van den Berg hier heel terecht een aantal risico's schetst. Dit is natuurlijk niet voor niks ook Europees beleid. We zijn bezig met het Europese industriebeleid om de grondstoffen meer hiernaartoe te krijgen. Een energiesysteem van de toekomst zal ook veel meer decentraal georganiseerd zijn. Dat kan ook met een verduurzaamd energiesysteem, waardoor je minder het centrale risico hebt dat er opeens op afstand iets wordt uitgeschakeld of dat met het opblazen van één pijpleiding de hele energievoorziening en de energierekeningen ontploffen.

De heer Van den Berg (JA21):
Ik ga niet heel flauw doen door al die ideologieën tegenover elkaar te zetten, maar laten we gewoon even realistisch zijn. Twee jaar terug viel in Spanje en Portugal de stroom uit. Nu komt naar buiten dat dat met de omvormers van diezelfde zonnepanelen te maken had. Zoals ik zei, is 90% in handen van China. Als zo'n energiesysteem volgens de heer Oosterhuis decentraal wordt en China de macht heeft om die omvormers uit te zetten, dan kan ons energiesysteem toch helemaal over de kop gaan? Even eerlijk: hoe gaan we daar dan mee om? Dat antwoord heb ik nog nooit gehoord van D66.

De heer Oosterhuis (D66):
Het risico van een uitvallend elektriciteitsnet hebben we natuurlijk ook op dit moment. Dat is in een verder verduurzaamd net volgens mij niet anders dan nu. Ik zie dat risico ook. Volgens mij is het kabinet zich juist terdege bewust van het belang van onafhankelijkheid van China en zien we als Europa de risico's in toenemende mate. Dat vind ik een terecht risico, maar dat vind ik ook in het huidige energiesysteem een risico. Volgens mij moeten we ons daarvan bewust zijn en zo veel mogelijk maatregelen nemen om die risico's te beperken. Dat deel ik met de heer Van den Berg, maar dat is volgens mij ook nu het geval.

De voorzitter:
Dat is het antwoord waar u het mee moet doen. Ik zie nog twee collega's die graag een interruptie willen plaatsen. Ik begin bij de heer Heutink, die voor zijn derde interruptie opgaat.

De heer Heutink (Groep Markuszower):
Ik heb nog een vraag aan D66, maar eerst even een heel korte inleiding. Ik ben opgegroeid in een land waarin ik, op het moment dat ik op het strand liep, de boten achter de horizon zag verdwijnen. Ik ben opgegroeid in een land waarin ik, als ik bij mijn ouders in de auto door het landschap heen reed, prachtige weides en gewoon normale, ouderwetse windmolens zag. Wat zien we nu? Ik zie niet meer de bootjes achter de horizon verdwijnen. Nee; ik zie nu het verschrikkelijk lelijke windpark van D66. Als ik nu kijk naar die prachtige weides, dan zie ik die hele weide vol liggen met zonnepanelen. Ik zie die hele weide vol staan met de verschrikkelijke windmolens van D66. Dat is zo jammer voor onze aarde, zo jammer voor onze planeet. Mijn vraag aan D66 is: vindt u dit nou echt mooi en wilt u nou echt op deze manier ons landschap kapotmaken?

De heer Oosterhuis (D66):
Ik denk dat ik in hetzelfde land ben opgegroeid als de heer Heutink. Ik kan ook ontzettend genieten van de zee, de rivieren, de bossen en de weilanden, maar het is en was ook een land met rokende schoorstenen. Daar wil ik graag vanaf. Ik zal u echt niet zeggen dat duurzame energie geen enkel nadeel heeft en alleen maar hosanna is. Vind ik zonnepanelen mooi? Nee, op dit moment lang niet allemaal. Zie ik daarin ook andere voorbeelden? Ja, die zie ik ook ontstaan, zoals muurpanelen met zonnepanelen erin geïntegreerd en dakpannen als zonnepaneel. Er zijn nog zo veel meer mogelijkheden waarbij we wel de voordelen hebben, maar veel minder de nadelen. Daardoor geloof ik er echt in dat we met z'n allen die kant op kunnen.

De voorzitter:
Dank u wel. Ik wil u er allemaal aan herinneren dat we vandaag een debat hebben over de betaalbare energierekening van huishoudens. Daar mag u uiteraard ook andere zaken bij betrekken, maar laten we het een beetje houden bij deze agenda vandaag. Ik zag de heer Grinwis.

De heer Grinwis (ChristenUnie):
Hier worden rokende schoorstenen gedist, maar als je door Europoort rijdt, rij je toch door 40 kilometer industrieel genot.

(Hilariteit)

De voorzitter:
Vertel me meer, meneer Grinwis!

De heer Grinwis (ChristenUnie):
Maar daar gaat mijn vraag niet over. Mijn vraag gaat over de energiebelasting op de energierekening. D66 is over het algemeen niet de partij die de energiebelasting graag verlaagt. Tegelijkertijd heeft D66 na de energieprijzencrisis van 2022 wel mijn amendement gesteund om van de ene schijf die we nu hebben voor gas en elektriciteit, eigenlijk twee schijfjes te maken. Op dit moment is de energiebelasting op beide schijven voor gas nog altijd €0,60. Met de huidige energieprijs komt daar nog ongeveer €0,25 btw overheen. Dat is een enorm belastingbedrag. Zouden we die optie, die we toen eigenlijk hebben klaargelegd voor een tijd als deze, niet moeten lichten?

De heer Oosterhuis (D66):
Ik ben blij dat we die optie nu hebben, dus dat de mogelijkheid er is om dit te kunnen doen als de nood aan de man is. Tegelijkertijd is het natuurlijk wel een verlaging van de energiebelasting voor iedereen die energie verbruikt, dus voor de lage inkomens, maar ook voor de hoge inkomens. Misschien hebben juist de hogere inkomens al meer verduurzaamd en hebben die er relatief het meest baat bij. Het is ook geen gratis maatregel. De energiebelasting voor iedereen verlagen, ook voor de eerste 1.000 kuub, is niet gratis. Volgens mij zal de vraag dus altijd zijn: is die maatregel op dit moment het geld waard en bereikt die de juiste groep, of kun je voor hetzelfde of een lager bedrag meer of gerichter mensen steunen? Dat is volgens mij altijd de afweging. Maar ik ben blij dat we de knop hebben, zodat die kan worden ingezet als de nood aan de man is.

De voorzitter:
Een korte vervolgvraag.

De heer Grinwis (ChristenUnie):
Helder. Ik ben het met de D66-fractie eens dat de gamechanger isolatie is. De beste energie is bespaarde energie. De tweede inzet is om dat tijdelijk noodfonds zo snel mogelijk weer in te zetten voor de huishoudens die dat echt nodig hebben. Is voor die derde optie, om toch iets te doen aan de energierekening voor inderdaad het eerste deel van je energieverbruik, wat betreft D66 de nood voldoende aan de man? Geeft de D66-fractie aan de minister mee "doe het"?

De heer Oosterhuis (D66):
Zoals ik zei: ik ben blij dat die knop er is en dat die snel kan worden ingezet als dat moet. De prijs is ook substantieel hoger dan een paar weken geleden. Tegelijkertijd is de gasprijs, de groothandelsprijs, nu toch nog echt wel fors lager dan dat hij in heel 2022 is geweest, dus we kijken echt wel naar een andere situatie dan in de energiecrisis van een paar jaar geleden. Wat mij betreft is het dus nu nog te vroeg om "doe dit" tegen het kabinet te zeggen. Sluit ik het uit? Nee.

De voorzitter:
Voordat ik naar de heer Vermeer ga, die ook aanwezig is, aan de andere kant van de zaal, gaan we eerst naar de heer El Abassi.

De heer El Abassi (DENK):
Ik ben opgegroeid in een lawaaierige flat in Kanaleneiland waar je de buren ook hoort als de deuren dicht zijn. Als wij de horizon probeerden te zien, keken we tegen een andere flat aan. D66 heeft een toekomstvisie waarin we energieneutraal willen zijn. Volgens mij vinden de mensen in dat soort wijken dat ook prima. Tegelijkertijd moeten zij op korte termijn hun energierekening betalen. Is D66 ook bereid om op korte termijn — dan heb ik het echt over de korte termijn — die energierekening te verlagen?

De heer Oosterhuis (D66):
Voor de mensen die daar echt problemen mee hebben, is het kabinet nu bezig om het Noodfonds Energie weer in de benen te helpen. Ik denk dat het de grootste prioriteit heeft dat dat er voor deze winter is en dat die mensen daarmee op de korte termijn echt geholpen zijn. Vaak gaat het hier om huurwoningen; ik ben heel blij dat we de afspraak hebben gemaakt dat de woningen van deze mensen door de verhuurder geïsoleerd moeten gaan worden. Dat wordt gewoon een norm en dat vind ik heel verstandig.

De heer Vermeer (BBB):
De heer Oosterhuis reageerde op de interruptie van de heer Grinwis dat het geld verkeerd terecht kan komen als je met die schalen gaat werken. Hij gaf als argument dat mensen met een hoger inkomen hun woning wel verduurzaamd zullen hebben en dan nog een keer geld zouden krijgen. Als ze verduurzaamd hebben, gaan ze minder energie gebruiken. Dan komt het geld toch juist terecht bij de mensen die nog veel energie verbruiken en een lager inkomen hebben? Is de heer Oosterhuis dat met me eens?

De heer Oosterhuis (D66):
Ik zei niet dat het geld bij de verkeerde mensen terechtkomt. Ik denk dat het geld altijd bij goeie mensen terechtkomt. Mijn punt was meer dat als je het geld generiek bij iedereen die gas verbruikt terecht laat komen, het geld echt naar iedereen gaat, naar mensen met een hoog inkomen en mensen met een laag inkomen, terwijl het wel de vraag is of de mensen met het hoge inkomen dat nodig hebben. Het gaat naar de mensen die al verduurzaamd hebben én de mensen die nog niet verduurzaamd hebben, terwijl het misschien wel verstandiger is om de mensen die nog niet hebben verduurzaamd omdat ze het nog niet konden, daar wat extra mee te helpen. Dat is misschien wel een verstandigere inzet van het geld dan het geld aan iedereen geven die gas verbruikt.

De voorzitter:
Een korte vervolgvraag.

De heer Vermeer (BBB):
Maar het kenmerk van mensen die al verduurzaamd hebben, is juist dat ze minder gas gebruiken, dus die krijgen dan ook minder terug als je die energiebelasting gaat verlagen. Dat gaat dus vanzelf goed. Het is zelfs al gebleken dat de ISDE-subsidies voor warmtepompen naar de mensen met een inkomen van boven de €100.000 gingen. Die verbruiken ook geen gas meer, dus de vraag is of het wel zo is dat dit geld bij de verkeerde mensen terechtkomt. Het kabinet gebruikt dat steeds als argument. Daardoor wachten we nu al weken op een brief en van een brief kun je geen rekening betalen. Wil de heer Oosterhuis er dus voor pleiten dat we nu eens kappen met het steeds noemen van al die bezwaren en die energiebelasting omlaag gaan doen?

De heer Oosterhuis (D66):
Ik zal altijd opletten dat we het geld, dat niet ons geld is, maar geld van de belastingbetaler, op een zo goed mogelijke manier gebruiken om de mensen te steunen die dat echt nodig hebben en de mensen te helpen verduurzamen die dat niet zelf kunnen. Ik denk dat het verstandig is om altijd te kijken dat we het geld dát we inzetten, op een zo verstandig en doelmatig mogelijke manier inzetten.

De voorzitter:
Het ziet ernaar uit dat u door kunt met uw inbreng. U heeft daar nog één minuut de tijd voor.

De heer Oosterhuis (D66):
Eén minuut lijkt me wel heel stug.

De voorzitter:
Excuus, ik keek naar de verkeerde tijd. U heeft nog wat langer de tijd, maar misschien dat u het toch ook kunt inkorten, want u heeft ook al veel interrupties mogen beantwoorden.

De heer Oosterhuis (D66):
Ja, alleen weinig over de betaalbaarheid van de energierekening, maar ik zal mijn best doen om het tempo wat te verhogen en mij hier en daar ook aan te sluiten bij voorgangers.

Voorzitter. Volgens mij staan ons voor de winter drie dingen te doen: zorgen dat we niemand laten vallen als de energieprijzen de pan uit rijzen, zo veel mogelijk huizen isoleren om energie te besparen en zo veel mogelijk mensen helpen om over te stappen op energie van eigen bodem. Dit is geen koopkrachtdebat, maar ik wil er wel kort wat over vragen. Misschien moet de minister een aantal vragen doorgeleiden naar de minister van SZW. Mijn eerste vraag is wat nu de stand van zaken rond het noodfonds is en of de minister het tijdpad kan schetsen. De minister zit natuurlijk ook aan tafel met energiebedrijven; die zijn er ook bij gebaat dat mensen hun rekening kunnen betalen. Op welke manier kunnen die energiebedrijven helpen? Wat D66 betreft moet vooropstaan dat dat noodfonds er vóór deze winter komt, want we laten niemand in de kou staan.

Dat brengt mij tot mijn tweede punt, de oplossingen voor de wat langere termijn. Energiebesparing en overstappen op energie van eigen bodem zijn de enige oplossingen om de energierekening immuun te maken voor het buitenland. Gezien de onzekerheid in de wereld is mijn kernvraag wat we vóór de winter nog kunnen doen om zo veel mogelijk mensen extra zekerheid te geven over hun energierekening. Dat is allereerst energiebesparing. TNO zegt dat het isoleren van de slechtst geïsoleerde woningen het meeste loont. Dat drukt het gasverbruik en helpt de meest kwetsbare mensen. Vanuit verschillende organisaties kwam het idee om mensen die van het noodfonds gebruik gaan maken, ook toestemming te vragen hun contactgegevens te delen met FIXbrigades of energiecoaches. Gaat het kabinet dit mogelijk maken?

Ik sluit me omwille van de tijd aan bij de vraag van collega Jumelet wat het kabinet kan doen voor de kleine groep van 23.000 huishoudens die echt een probleem hebben. Zelf heb ik dan nog de volgende vraag. Voor een hele grote groep huishoudens, voor 90%, is het in principe rendabel om te isoleren, maar weet iedereen ook goed de weg te vinden naar subsidies, naar goedkope of gratis leningen uit het Warmtefonds of naar andere regelingen, waar ook collega Flach op wees? Wat gaat de minister doen om deze mensen te helpen deze regelingen te vinden en te benutten? Komt ze bijvoorbeeld op korte termijn met een grootschalige campagne om mensen hier beter over te informeren? Ziet zij nog mogelijkheden om een regeling als de ISDE te verbeteren? Dan gaat het er bijvoorbeeld om dat de subsidie kan worden aangevraagd door de aannemer, wat direct zorgt voor een lagere rekening in plaats van dat mensen het eerst zelf moeten voorschieten, of dat er in de ISDE maximumprijzen worden gesteld aan bepaalde technieken, zoals warmtepompen, zodat fabrikanten en installateurs zich ook op die goedkopere opties gaan richten.

In dit kader heb ik nog twee andere vragen. Ik noemde het net al: verhuurders krijgen de verplichting om slecht geïsoleerde huizen te verduurzamen. Kan er hierbij ook voor worden gezorgd dat zij beginnen met de slechtst geïsoleerde huizen, dus niet zozeer de huizen die al dicht bij de norm zitten net boven de norm helpen, maar beginnen bij de huizen die nu het allerslechtst zijn en waarvan de bewoners het meest bij zijn geholpen als daarmee wordt begonnen?

Tot slot, voorzitter. Ik las in de Voorjaarsnota dat de minister de subsidie voor aardgasvrije huurwoningen doorzet. Op die manier kunnen nog dit jaar huurwoningen van het gas af. Kan de minister toelichten welke concrete resultaten we daar vóór de winter mee gaan halen?

De voorzitter:
Dank u wel. U heeft uw inbreng ook iets ingekort; dank daarvoor. Ik herhaal voor alle collega's nog even de werkwijze, want inmiddels is ook mevrouw Kröger aangeschoven; ik weet dat zij uit een andere verplichting kwam. We hebben in principe drie interrupties voor iedereen en bij elke interruptie mag u ook een korte vervolgvraag stellen. Ik wil u vragen zich daaraan te houden, want het komt het debat ten goede, maar ik wil ook de eindtijd bewaken en ik wil er ook voor zorgen dat u nog met de bewindspersoon in discussie kunt. We gaan dus met gezwinde spoed door naar de volgende spreker, de heer Russcher.

De heer Russcher (FVD):
Dank, voorzitter. Nederlandse huishoudens betalen zich blauw aan hun energierekening. De energieprijzen zijn al jaren veel te hoog, want de overheid stapelde belasting op belasting, heffing op heffing, accijns op accijns, btw op btw. Het is de overheid zelf die energie onbetaalbaar heeft gemaakt voor gewone gezinnen. Neem als voorbeeld de belasting op gas. Deze is sinds het Klimaatakkoord van ongeveer €0,40 per kubieke meter in 2018 gestegen naar ruim €0,73 per kubieke meter nu: een verdubbeling in acht jaar tijd. Nederland heeft de hoogste gasbelasting van Europa, maar ook de btw op energie is, na een korte verlaging, weer verhoogd naar 21% over je hele energierekening, inclusief de energiebelasting zelf. Belasting op belasting. De netbeheerkosten die gestegen zijn, zijn weliswaar geen directe belasting, maar verplichte kosten die de consument betaalt om de energietransitie mogelijk te maken. De uitbreiding van het stroomnet, die alleen maar nodig is voor diezelfde energietransitie, kost van nu tot 2040 ongeveer 220 miljard euro. De CO2-heffing voor de industrie is natuurlijk bedoeld om de industrie te laten betalen voor uitstoot, maar dit werkt indirect ook weer door in prijzen voor consumenten. Dankzij het Europees emissiehandelssysteem moeten bedrijven rechten kopen om CO2 uit te stoten, wat ook weer op het bordje van de consument terechtkomt. In de toekomst wordt dit uitgebreid naar nieuwe sectoren, zoals gebouwverwarming en wegtransport. Ook die kosten worden doorberekend aan de consument.

Voorzitter. Nederland ligt op de grootste gasbel van Europa, met een waarde van honderden miljarden euro's aan gas. En wat doen we? We draaien de gaskraan dicht, we ontmantelen onze eigen infrastructuur en geven het weg aan Oekraïne. Vervolgens kopen we voor veel meer geld vloeibaar gas uit Amerika en andere landen. Dit is waanzin. Het is tijd voor gezond verstand. Forum voor Democratie wil zo snel mogelijk een forse verlaging van de energiebelasting en de ODE-heffing afschaffen, want dit is niets anders dan een verkapte klimaatbelasting. We willen geen Europees sociaal klimaatfonds dat via een omweg opnieuw geld uit de zakken van Nederlandse burgers trekt. We moeten niet nog een Brusselse pot inrichten; we moeten de belastingdruk hier in Nederland verlagen. Dit zijn allemaal concrete voorstellen waarmee wij hier met z'n allen kunnen bewerkstelligen dat de energierekening van Nederlanders betaalbaar gehouden wordt.

Voorzitter. Hoge energierekeningen zijn het directe gevolg van politieke keuzes. Forum voor Democratie wil andere politieke keuzes: lagere lasten, eigen gas, kolencentrales openen, kernenergie en een einde aan de klimaatonzin die onze complete economie vernietigt en die de energierekening door het dak laat gaan.

De voorzitter:
Dank u wel. Dan gaan we door naar de heer Dijk.

De heer Jimmy Dijk (SP):
Dank u wel, voorzitter. Mijn ongeduld is zo groot om in te grijpen als het gaat om de energierekening van mensen thuis, dat ik graag zou willen beginnen met een leus van een schoenenmerk: just do it. 2 miljoen mensen in Nederland kunnen de energierekening op dit moment niet betalen. Meer dan de helft van de Nederlanders draait de verwarming omlaag, omdat de stookkosten en de energiekosten te hoog zijn. In een eerder Kamerdebat met deze minister hebben we haar horen zeggen: "In het Kamerdebat klonken allerlei wensen, tot en met autoloze zondagen. We kijken heel breed, maar we gaan niet alles doen." Niet alles doen is iets heel anders dan nietsdoen. Op dit moment gebeurt er niets. Er komen wel plannen. Als ik coalitiepartijen vraag wat zij vinden dat er moet gebeuren, dan wordt er steeds gezegd: we wachten af wat er vanuit het kabinet gaat gebeuren. Ik heb dit nog nooit meegemaakt, niet in de lokale politiek en ook niet hier. Ik wil ook van partijen zelf horen wat ze vinden en willen. Ik kan me daar amper toe verhouden. Ik kom daar aan het eind van mijn betoog op terug.

Want ik zie wel de urgentie. Ik zie dat oppositiepartijen de urgentie ook zien. Die zien namelijk wel dat mensen onbetaalbare energierekeningen hebben. Dus laten wij ons als oppositie verenigen en iets gaan doen aan die hoge energierekeningen. Ik ben daar zeer toe bereid. Ik hoor meerdere partijen het bijvoorbeeld hebben over het verlagen van de belasting op onze energie. Daar zijn allerlei verschillende vormen voor. Ik hoorde de heer Grinwis daar daarnet over. Ik zou zeggen: schaf die helemaal af. Ik vind namelijk dat energie een basisbehoefte is voor mensen. Het zou ook een nutsvoorziening moeten zijn.

De SP vindt dat we onze energie zouden moeten renationaliseren, zoals het ooit was. Dan hebben we er weer echt grip op in plaats van dat we constant afhankelijk blijven van buitenlandse mogendheden. Of het nou uit Rusland komt, wat niet goed is, uit Iran, wat niet goed is, of uit de VS, wat niet goed is: het zorgt ervoor dat wij strategisch niet onafhankelijk zijn als we niet zelf zeggenschap hebben over onze eigen energie. De vraag aan deze minister is dan ook: hoe erg moet het worden voor dit kabinet gaat ingrijpen? Wanneer is dan precies dat moment?

Ik zei net in een interruptie op het CDA dat we zien dat de energierekeningen weer aan het stijgen zijn. Wanneer is dan het moment waarop het kabinet zegt, net zoals in 2022: we gaan de btw op onze energie fors verlagen? Wanneer is dat moment, vraag ik mij af. Dat vraag ik ook aan het kabinet. We zien namelijk dat mensen in januari 2026 al bijna €2.000 betaalden voor energie op jaarbasis. Dan is het ook de vraag, die ik ook aan andere partijen hier heb gesteld, of het kabinet bereid is om desnoods tijdelijk — wat de SP betreft permanent — nú de belasting op energie te verlagen, zodat mensen niet eerst in de problemen komen, waarna je pleisters moet gaan plakken, met allerlei lapmiddelen, die hier dan vaak "gerichte maatregelen" worden genoemd, maar die achteraf vaak heel inefficiënt blijken. Of er wordt gezegd dat gemeenten ze moeten uitvoeren, maar die hebben daar de capaciteit niet voor, omdat zij door voorgaande kabinetten al 28 taken over de schutting gegooid hebben gekregen.

Voorzitter. Er zijn mensen die nu echt diep in de shit komen te zitten. Dat zijn de mensen die een flexibel of variabel energiecontract hebben. Dat is zo'n 28% van onze huishoudens. Ik krijg mails van mensen die nu al een energierekening krijgen die €200 tot €300 hoger ligt. Dit zijn mensen die dit niet kunnen volhouden tot het einde van het jaar. Wat vindt de minister van deze flexibele, variabele energiecontractvormen? Is zij van mening dat deze flexibele, variabele energiecontracten ervoor zorgen dat mensen geen stabiele energierekeningen hebben? En is zij bereid om daar iets aan te gaan doen en dit te veranderen?

Voorzitter. We zien landen om ons heen, die allemaal ingrijpen, die willen dat er wordt ingegrepen op de overwinsten van energiebedrijven, zoals dat in 2022 ook werd gedaan. De 93 grootste energie- en oliebedrijven maakten 490 miljard euro meer winst dan de 700 miljard euro winst die zij al maakten. Dat zijn dus crisisprofiteurs. Er zijn landen om ons heen — Duitsland, Italië, Spanje, Portugal en Oostenrijk — die ervoor pleiten om deze overwinsten van energiebedrijven te gaan belasten, zodat de lasten van mensen omlaag kunnen. Ik wil graag een reactie van het kabinet of Nederland zich bij deze landen gaat aansluiten.

Mensen die wonen in de slechtst geïsoleerde woningen, huizen met tocht, vocht, schimmel en kou, betalen zich nu blauw, maar dat deden ze al. Er was al een energiecrisis vóór 2022. Er waren al natte muren, schimmelslaapkamers en kinderen met pufjes, omdat de woningen niet warm en niet droog gekregen konden worden. Als iedere keer deze groep mensen de dupe is van een energiecrisis die het hardst op hen neerslaat, dan komt er nooit draagvlak voor verduurzaming of schone energie op het dak. Zonnepanelen op het dak zouden de norm moeten zijn. De SP heeft een onderzoek laten doen door CE Delft, waaruit blijkt dat hiermee de meeste winst te behalen valt en dat 92% van de huishoudens die zonnepanelen zouden krijgen, erop vooruitgaat. Dat betekent wel — ik hoorde dat net ook een andere woordvoerder zeggen — dat we moeten gaan werken met buurt- en huisbatterijen, want we raken het niet allemaal kwijt op het net.

Voorzitter, ik sluit af, want ik zie dat u wilt dat ik ga afronden. Dat zal ik ook zeker doen. Nogmaals, er is urgentie ... Ik kijk naar de oppositie. Er is urgentie dat de oppositie met plannen komt voor betaalbare energie. Laten we met elkaar vandaag de afspraak maken dat we ervoor gaan zorgen dat dit kabinet de belasting, de btw op energie, gaat verlagen. Al zou het maar met 1%, 2% of 3% zijn, het zou een hele vooruitgang zijn voor heel veel huishoudens. Ik kijk alle oppositiepartijen daarvoor aan. Kom naar mij toe, ik kom naar jullie toe, dan kunnen we voorstellen gaan maken.

Dank u wel.

De voorzitter:
Dank u wel. Mijn schijnbeweging had u inderdaad goed geïnterpreteerd. We gaan snel met elkaar door naar de heer Grinwis.

De heer Grinwis (ChristenUnie):
Voorzitter, dank u wel. Of het nou komt door de tweets van Trump, de raketten van Netanyahu of de afsluiting van de Straat van Hormuz door het Iraanse regime, feit is dat de energieprijs de afgelopen maand flink hoger is geworden, tenminste als je de afgelopen maand een nieuw vast contract zou hebben afgesloten. Ten opzichte van afgelopen najaar is de prijs voor elektriciteit met zo'n 5 cent tot bijna 30 cent per kilowattuur opgelopen en de prijs voor gas met 32 cent tot ongeveer €1,57 per kuub, al verschilt dat natuurlijk iets per aanbieder. Dat zijn serieuze verhogingen, maar het valt nog mee ten opzichte van de energieprijzencrisis van 2022. Alhoewel, die gasprijs van €1,57 ligt inmiddels wel boven het toen ingestelde prijsplafond van €1,45. Tegelijk geldt dat veel Nederlanders nu nog niet die gestegen prijs voelen vanwege na-ijleffecten, maar dat een veel hogere energierekening wel als een donderwolk boven hen hangt.

Gisteren zei econoom Peter Mulder het heel helder: "Isolatie is de gamechanger. Isolatie is dé weg naar een betaalbare energierekening en, mits goed uitgevoerd, naar een comfortabel huis." Juist daarom hebben we in 2021 het initiatief genomen tot een Nationaal Isolatieprogramma, met naast de aloude individuele route een collectieve aanpak die primair gericht is op huishoudens met een wat kleinere portemonnee in een slecht geïsoleerd huis. Logisch, maar het bleek weerbarstig om deze collectieve aanpak van straten, buurten en vve's van de grond te krijgen.

Daarom heb ik vanochtend een motie ingediend om deze collectieve route te versterken en te intensiveren, in lijn met het betoog van TNO van gister om in te zetten op standaardiseren, opschalen en industrialiseren en op maatwerkafspraken, convenanten met grote verhuurders. Het debat met de niet zo charmante titel Klimaatakkoord gebouwde omgeving was de facto inderdaad exact hetzelfde debat als dit debat over een betaalbare energierekening.

Kortheidshalve sluit ik me aan bij de vraag over de FIXbrigades.

Voorzitter. Hoezeer bespaarde energie ook de beste energie is, dan nog blijft er voor honderdduizenden huishoudens in ons land een probleem. Daarom moet het Tijdelijk Noodfonds Energie snel een doorstart krijgen. De vorige staatssecretaris van SZW zei: het kan echt niet zonder de één derde private bijdrage van energiebedrijven en de twee derde publiek geld; die verhouding moeten we blijven respecteren, anders lopen we te veel juridische risico's. Dat leidde tot eindeloos getouwtrek tussen Kamer en kabinet. Daardoor viel er een gat tussen het noodfonds en het nieuwe publieke energiefonds, dat pas in januari 2027 van start gaat.

De huidige minister van SZW ziet het zonniger in en wil linksom of rechtsom wel door met het tijdelijk noodfonds, maar daartoe moet het waarschijnlijk worden overgenomen door het Rijk, om de infrastructuur van het fonds effectief te kunnen benutten. Dat moest begin deze maand duidelijk worden, maar de Kamer heeft nog niet gehoord hoe deze gesprekken zijn afgelopen en wanneer het tijdelijk noodfonds weer opengaat, met voldoende budget. Kan de minister van KGG hier klare wijn over schenken? Wanneer kunnen huishoudens met een hoge energiequote weer een aanvraag doen, met terugwerkende kracht, zoals eerder toegezegd, en zonder dat het loket voortijdig dichtgaat?

Voorzitter. Dan het voorstel waar ik al een aantal collega's over interrumpeerde: het verlagen van de in 2022 met een amendement gecreëerde eerste schijf van 1.000 kuub gas en 2.900 kilowattuur aan elektriciteit. Mij bereikte het gerucht dat Financiën zelfs overwoog dat weer terug te draaien. Mijn oproep aan het kabinet is: licht deze optie, die nu al meer dan drie jaar klaarligt voor de volgende energieprijzencrisis, dus voor een situatie als deze, en verlaag de belasting voor het eerste deel van het energieverbruik. Overigens, dat is de komende tijd niet alleen nodig, maar is ook met het oog op de invoering van ETS2 geen gekke optie. Hierdoor worden de lasten voor huishoudens en voor bedrijven, maar ook de inkomsten voor het Rijk significant hoger. Ik zie uit naar een toezegging van de minister.

De voorzitter:
Dank u wel. Ik ga naar de heer Vermeer, want die heeft hier een vraag over.

De heer Vermeer (BBB):
Ja, even voor de duidelijkheid: de heer Grinwis heeft dat amendement ingediend en dat is blijkbaar ook aangenomen, want anders zou hij er niet aan refereren. Kan hij even aangeven welke trigger erin stond voor wanneer dit dan geactiveerd zou worden?

De heer Grinwis (ChristenUnie):
Er stond geen trigger in voor wanneer het precies zou moeten worden ingeroepen. Het is ingediend op 5 oktober 2022, zeg ik uit mijn hoofd. Dat gebeurde in de context van de energieprijzencrisis toen, toen we eigenlijk niet zo veel middelen hadden om huishoudens tegemoet te komen. Toen zijn we uiteindelijk maar voor een maximumprijs gegaan, maar dat had heel veel voeten in de aarde en het heeft ook behoorlijk wat nadelen. Toen ontbrak een optie als deze, om op het eerste deel van het energieverbruik, waar geen enkel huishouden eigenlijk aan ontkomt, de belasting te verlagen. Ik heb dat amendement toen ingediend en dat is breed aangenomen. Het ligt klaar, wat mij betreft voor een situatie als deze. Het is niet met een schaartje te knippen bij welke prijs je dat precies gaat doen. Het had ook gewoon structureel kunnen gebeuren. We hadden structureel kunnen zeggen: over de eerste 1.000 kuub gas gaan we een lagere energiebelasting heffen dan de €0,60 die we nu vragen. Dat is niet gebeurd. Mijn oproep is de volgende. Dit ligt nog klaar en dit kunnen we gewoon doen. In de fiscalesleuteltabel zie je precies hoeveel het kost en hoe de schijven in elkaar zitten. Ik zou zeggen: de bal ligt op de stip, dus kop 'm in.

De heer Vermeer (BBB):
Dat zullen wij dan als Kamer moeten doen als het kabinet het niet doet. Het ligt namelijk gewoon vast in de wet, dus het is gewoon een optie en het is uitvoerbaar, blijkbaar, want anders was het toen ook niet doorgegaan. Wat let de heer Grinwis dan om dit te activeren in de tweede termijn?

De heer Grinwis (ChristenUnie):
Helemaal niets. Dus als er geen ruimhartige toezegging komt en het kabinet de bal niet in het doel schiet, dan zal ik dat in tweede termijn proberen te doen. Hopelijk kan ik dan een meerderheid tegemoetzien. Zoals de heer Dijk al zei: laten we als oppositie linksom of rechtsom met een voorstel komen als het kabinet het niet doet.

De voorzitter:
Helder, mooi. Verenig u, zouden we bijna zeggen. Oké, we gaan snel door met het vervolg van het betoog van de heer Grinwis.

De heer Grinwis (ChristenUnie):
Inderdaad. Dank voor deze aanbeveling als voorzitter. Ik vind het mooi dat een voorzitter van CDA-huize ons zo aanmoedigt.

De voorzitter:
Nee, nee, nee, mijn partijkleur doet er vandaag helemaal niet toe; dat weet u. Ik ga eerst naar de heer Oosterhuis, want die heeft ook nog een vraag aan u.

De heer Oosterhuis (D66):
Ja, nu we het zo over dit concrete voorstel hebben. Ik ken de heer Grinwis ook uit de commissie Financiën en daar is de vraag wel altijd: als we een belastingverlaging voor iedereen voorstellen, hoe gaan we dat dan betalen? Dat zou hier ook mijn vraag aan de heer Grinwis zijn. Voordat hij de hele oppositie verenigt in een voorstel, ben ik ook wel benieuwd of er vereniging is wat betreft de manier waarop dat betaald gaat worden.

De voorzitter:
Helder.

De heer Grinwis (ChristenUnie):
Dat is een terechte vraag van collega Oosterhuis. Ik wil nu eerst van het kabinet horen of het bij het pakket dat wordt voorbereid overweegt om deze optie te lichten. Dat is één. Twee: als daar een negatief antwoord op komt en geen toezegging, wat ik zeer zou betreuren, dan ga ik zeker met een voorstel voor dekking proberen te komen. Ik kan hier wel zeggen "denk hieraan" of "denk daaraan", maar de heer Oosterhuis weet ook: voordat je het weet, speel ik dan de oppositie uit elkaar. Dat risico wil ik vandaag niet lopen, dus ik ga hier niet met allerlei opties strooien en daarmee de meerderheid die net gloorde, de grond in boren. Het is natuurlijk een punt dat het moet worden betaald; dat is duidelijk. Maar ik wil ook wel meegeven aan de heer Oosterhuis dat ik het ongehoord vind dat er bij de vorige formatie, zonder dat er een haan naar kraaide, ruim 4 miljard euro aan ETS2-inkomsten zijn ingeboekt als algemene inkomstenbron voor minister Eelco Heinen. Maar een fractie van dat geld is beschikbaar voor compensatie. Dat is volgens de begrotingsregels weliswaar geen dekking, maar het is wel een megalastenverzwaring die in het vooruitzicht ligt. Ik zou zeggen: kijk daar nog eens kritisch naar.

De voorzitter:
Meneer Grinwis, ik wil u en ook anderen ertoe oproepen om echt tot beknoptere antwoorden te komen, met name als dat antwoord is: daar kom ik nu nog niet mee. Dan kunt u daar op een later moment misschien nog meer inhoud aan geven. Een korte vraag, meneer Oosterhuis, want dan kan ik ook snel door.

De heer Oosterhuis (D66):
Ik wil inderdaad nog even kort reageren, voordat het beeld blijft hangen dat mijn partij medeverantwoordelijk zou zijn voor dat laatste punt. Dit gaat echt over de formatie hiervoor. Ik deel misschien ook wel het ongenoegen van de heer Grinwis daarover, ware het dat dit nu natuurlijk niet meer echt een optie is, omdat dat geld nu voor andere doeleinden wordt gebruikt. Ik dank de heer Grinwis voor de realiteitszin. Zeker als je iedereen gaat compenseren, inclusief mensen die dat misschien niet nodig hebben, dan hoort daar ook wel een dekking bij. Ik zie uit naar de voorstellen die de heer Grinwis daarvoor doet.

De heer Grinwis (ChristenUnie):
Niks let D66 om die ETS2-blunder te herstellen, ook al is D66 daar niet zelf verantwoordelijk voor. Dat is één. Twee: een broedende kip moet je niet storen, dus dank voor dat begrip.

De voorzitter:
Mooi. Dat lijkt me een punt achter deze discussie. U heeft nog één minuut spreektijd, dus u mag vervolgen.

De heer Grinwis (ChristenUnie):
Voorzitter. Ik ben nog benieuwd naar de resultaten van de pilot waarbij gegevens van huishoudens na toestemming door het tijdelijk noodfonds werden gedeeld met gemeenten, juist om te helpen bij de verduurzaming van woningen. Kan de minister misschien al wat delen over de resultaten daarvan?

Verder wordt er dit jaar bezuinigd op bewonersinitiatieven en lokale maatschappelijke organisaties die juist bewoners weten te bereiken die de overheid minder goed kan bereiken. Is dat wel zo slim, juist in deze tijd, waarin het spannend is wat deze crisis gaat betekenen voor de energierekening? Is de minister bereid om deze bezuiniging te heroverwegen?

Tot slot iets over een betaalbare energierekening voor de huishoudens in Caribisch Nederland. Bij de afgelopen KGG-begroting is een amendement aangenomen om voor 2026 subsidie te verlenen om de nutsvoorzieningen voor inwoners van Caribisch Nederland betaalbaar te houden. Structureel hebben we echter nog niks geregeld. Kan de minister toezeggen om vanaf de begroting voor 2027 te zorgen voor een structurele oplossing, zodat de energietarieven in Caribisch Nederland niet nog hoger zijn dan in Europees Nederland?

Tot zover.

De voorzitter:
Dank u wel. Dan komen we bij de heer Van den Berg.

De heer Van den Berg (JA21):
Dank, voorzitter. Een betaalbare energierekening begint niet bij mooie woorden, maar bij de rekening op de mat. Die rekening laat iets ongemakkelijks zien. Bij een gemiddeld huishouden bestond die in januari 2026 uit 42% leveringskosten, 31% netbeheerkosten en 10% energiebelasting, en dan voor 17% btw. Bijna 60% van de rekening zit inmiddels dus in netkosten en belastingen. Dat zijn kosten waar huishoudens nauwelijks grip op hebben. Ze kunnen hun gedrag aanpassen. Ze kunnen een trui aantrekken. Ze kunnen apparaten slimmer gebruiken. Maar ze kunnen hun netbeheerder niet kiezen en ze kunnen de belastingdruk niet wegpoetsen.

Precies daar zit volgens JA21 de kern van dit debat, want het kabinet wijst op stabiliteit op de consumentenmarkt, maar dezelfde stukken zeggen ook dat die rust maar betrekkelijk is. Op de middellange termijn stijgt de energierekening structureel door investeringen in het energiesysteem. De netbeheerders zijn daar glashelder over. De netbeheerkosten kunnen tot 2040 wel verdubbelen. Dan is de vraag dus niet of de rekening opnieuw omhooggaat. De vraag is: wie gaat die rekening betalen? De huishoudens in Nederland voelen die druk nu al. In 2024 leefden ongeveer 510.000 huishoudens in energiearmoede. Dat is ruim 6% van alle huishoudens. TNO zegt vervolgens iets wat dit kabinet niet kan negeren: juist de vaste kosten en vooral de netkosten zijn de zwaarste toekomstige aanjager van energiearmoede. Dan helpt het niet om steeds alleen te praten over overstappen, contractvormen en slimmer gedrag. Dat is nuttig, maar het is niet de kern. De kern is dat we een systeem hebben opgetuigd waarin steeds meer kosten collectief worden doorgeschoven naar de energierekening van huishoudens.

Voorzitter. Dan het publiek energiefonds. Laat ik helder zijn: als noodrem kan gerichte steun nodig zijn, maar laten we niet doen alsof dit een structurele oplossing is. In de stukken staat gewoon dat dit fonds tijdelijk is, als overbrugging, en dat dezelfde verduurzaming waar dit kabinet op wijst, binnen drie jaar wellicht al klaar is. Ook staat er dat de doelgroep kleiner wordt dan bij het Tijdelijk Noodfonds Energie, en dat dekte trouwens ook al niet alle huishoudens. Wie dit fonds dus verkoopt als de oplossing, verkoopt in werkelijkheid een tijdelijke pleister.

Dat brengt me bij een principiëler punt. Het kabinet wil huishoudens straks deels compenseren met geld uit het Social Climate Fund, terwijl datzelfde Europese spoor samenhangt met ETS2 — het werd al even genoemd — en dus ook weer met extra prijsdruk op gasgebruik. Dan krijg je toch een merkwaardige cirkel. Eerst maak je energie duurder via beleid en vervolgens richt je een fonds op om een deel van die pijn weer te verzachten. Dat is geen robuust beleid; dat is gewoon het rondpompen van lasten.

Voorzitter. JA21 kiest een andere lijn, niet ideologisch, niet technocratisch, maar gewoon nuchter. Eén: verlaag de belastingdruk op de energierekening. Ons verkiezingsprogramma is daar helder over. Betaalbaarheid moet weer het uitgangspunt zijn en de btw op energie moet omlaag. Hoe zit het met de motie op stuk nr. 885 (26448) (#1), van Ceulemans en Van den Berg, van deze week? Graag een reactie van de minister daarop. Concreet: de energiebelasting moet niet nog verder stijgen.

Twee: kom met concrete maatregelen om de netkosten te dempen. Als netkosten de grootste toekomstige drijver van energiearmoede zijn, dan moet daar beleid op komen.

Drie: richt hulp veel meer op huishoudens die echt klemzitten, maar koppel die hulp altijd aan een structurele verlaging van de rekening. Denk aan isolatie, woningverbetering en praktische ondersteuning. TNO zegt namelijk terecht dat compensatie zonder woningverbetering de kwetsbaarheid niet oplost.

Vier: kies eindelijk voor een betrouwbaar energiesysteem dat de rekening op termijn juist verlaagt in plaats van nog verder opjaagt. In de lijn van JA21: kernenergie moet de structurele ruggengraat worden van een betrouwbaar en betaalbaar energiesysteem. Zolang volwaardige alternatieven ontbreken, moet ook de leveringszekerheid van gas geen taboe zijn. Daarom vraag ik: hoe zit het met het kussengas en de motie-Van den Berg over een dempend effect op de prijs? Zouden met de inzet van kussengasreserves prijsschokken en paniekreacties vanuit de markt kunnen worden voorkomen?

Vijf: stuur de Kamer jaarlijks een integrale prognose van de huishoudelijke energierekening, uitgesplitst in leverings- en netkosten, belastingen en beleidscomponenten, niet pas achteraf maar vooraf, zodat de Kamer kan toetsen en huishoudens weten wat eraan komt. TNO heeft het al toegezegd, maar die analyse is er nog steeds niet.

Voorzitter. Nederlanders willen geen energierekening die als beleidsinstrument wordt gebruikt. Ze willen een rekening die betaalbaar, voorspelbaar en begrijpelijk is. Dat begint met één politieke keuze: niet de ideologie, maar de portemonnee van gezinnen centraal stellen. Dat is de juiste aanpak.

Ik dank u wel.

De voorzitter:
Dank u wel. Prachtig binnen de tijd. Ik ga naar mevrouw Keijzer.

Mevrouw Keijzer (Lid Keijzer):
Dank, voorzitter. We hebben vandaag … O, er valt bijna een glas om. Het gaat goed, gelukkig. Als moeder van vijf zonen krijg je altijd de zenuwen als er een glas van tafel dreigt te vallen, maar het ging goed hier.

Voorzitter. Daar ging mijn spreektijd. We hebben hier vandaag een commissiedebat Betaalbare energie voor huishoudens, maar het probleem is natuurlijk veel groter dan alleen de energierekening. Die gaat namelijk alleen over die maandelijkse afschrijving, terwijl we het hier eigenlijk moeten hebben over de structurele koopkracht van miljoenen Nederlanders, niet alleen de minima, maar ook over de fundamenten van onze hele economie. Want wanneer energie structureel duurder wordt, verdwijnt er koopkracht. Mensen houden simpelweg minder geld over. Iedere euro die ze uitgeven aan energie, kan niet worden uitgegeven op andere plekken: bij de bakker, bij de slager, bij de lokale winkelier, voor een avondje uit eten of noem het maar op. Ook ondernemers merken dat dus en die kampen ook zelf nog met torenhoge energielasten. Laten we daarom eerlijk zijn. Een aantal sprekers voor mij hebben ook al nadrukkelijk gezegd waar die hoge energierekening nou vandaan komt. Op een kubieke meter aardgas is bijna de helft inmiddels belasting. Denken dat mensen heel snel een andere oplossing hebben dan gas gebruiken: zo werkt het niet.

Voorzitter. Ik zei het net al: de minima. Elke keer weer hebben we het over mensen met lagere inkomens. Inmiddels zijn er zo veel maatregelen voor mensen met lagere inkomens dat het verschil met mensen met net een wat hoger inkomen door toeslagen, extra subsidies en weet ik allemaal wat aan het verdwijnen is, dus dat is niet goed aan deze discussie. Daarnaast ga je dan dus ook voorbij aan het probleem dat inmiddels middeninkomens hebben, dus gewoon de verpleegkundige, de agent, de leraar, de bouwvakker. Dat geldt trouwens ook voor de mkb'er, die soms ook aan het sappelen is om het hoofd boven water te houden. Wat je dus ook doet, zorg dat je uiteindelijk dat ook in ogenschouw neemt.

Ik weet dat er weer nagedacht wordt over een Tijdelijk Noodfonds Energie, maar dat is de vorige keer al heel snel na het openen dichtgegaan omdat het overtekend dreigde de raken. Ook voor gezinnen die drie of vier keer het sociaal minimum verdienen, moet er een oplossing komen. We hebben echt meer nodig dan een incidentele pleister plakken. Welke oplossing je dan ook bedenkt, maakt mij niet uit, maar maak dat die structureel is. En dekking? Laten we eerlijk wezen: elke formatie worden er miljarden gevonden voor de zaken die op dat moment belangrijk worden gevonden aan de formatietafel. Het wordt de hoogste tijd om nu gewoon eens de Nederlander bovenaan te zetten.

Tot slot nog één vraag. Het blijft maar in hoofd rondzingen. Is nou de reden dat we — we, het kabinet aan die kant van de tafel — het hebben over een tijdelijk noodfonds of een tijdelijke oplossing alleen voor minima, dat op het moment dat je het anders doet, dat je het generieker doet, in de Klimaat- en Energieverkenning door het PBL de broeikasgasemissies stijgen, omdat dat binnen het systeem zo werkt, en je dan in de problemen komt met de Klimaatwet? Is dat eigenlijk de reden, dus wederom een zelfgekozen systeem, dat we niet gewoon doen wat we al lang hadden moeten doen in dit land: de belastingen op energie naar beneden brengen, eigenlijk voor iedereen?

De voorzitter:
Dank u wel. Dat levert verder geen interrupties op, dus we gaan door naar de heer El Abassi.

De heer El Abassi (DENK):
Voorzitter. Vandaag debatteren we over een energierekening die voor miljoenen mensen geen nota meer is, maar een vonnis, een vonnis tot niet meer rondkomen. Er is een energiecrisis en er wordt terecht verwezen naar de illegale door Israël en de VS gestarte oorlog in het Midden-Oosten. We zitten echter niet alleen in een energiecrisis, maar ook in een afhankelijkheidscrisis, een crisis die door dit kabinet in stand wordt gehouden door ervoor te kiezen om de burger als pinautomaat te gebruiken. De cijfers liegen daar niet over. Bijna twee derde van de gasprijs bestaat uit belastingen en heffingen. Nederland is daarmee de absolute topkampioen van Europa en dit terwijl in een buurland als België de druk slechts 23% is. De minister maakt hier een bewuste politieke keuze: de staatskas spekken over de rug van mensen die hun kachel niet aan durven te zetten. Waarom kiest dit kabinet voor de hoogste lasten van Europa terwijl onze burgers verzuipen in de kosten?

Voorzitter. De gevolgen zijn schaamteloos. Mensen maken keuzes die niemand in een rijk land als Nederland zou moeten maken. Ze besparen op eten voor hun kinderen om de stroom te kunnen betalen. Dit is niet alleen een financieel probleem. TNO waarschuwt ons en geeft aan dat energiearmoede direct leidt tot hogere gezondheidskosten, mentale problemen en slechtere schoolprestaties bij kinderen. De minister bespaart nu op energiecompensatie, maar we betalen de rekening straks dubbel via de zorg en jeugdhulp. Is de minister bereid deze maatschappelijke kostenposten op de langere termijn mee te wegen?

Voorzitter. Er ontstaat een enorme energiekloof. Waar een huishouden met een warmtepomp maandelijks gemiddeld €135 betaalt, betaalt een gezin in een slecht geïsoleerde huurwoning met gas €240. Dat is een boete van meer dan €100 per maand op armoede. De energietransitie helpt de mensen die het kunnen betalen, maar straft de mensen die het moeilijk hebben. Het kabinet schermt met 550 miljoen euro voor fixteams en energiecoaches, waar niet structureel geld voor wordt uitgetrokken. Dat is sympathiek, maar crisismanagement is geen beleid. Begrijpt de minister dat voor structurele problemen structurele oplossingen nodig zijn?

Voorzitter. Als het gaat om cruciale steunmaatregelen zoals het noodfonds: graag geen "op is op"-principe. Bestaanszekerheid is een recht en geen loterij.

Voorzitter. Ook de agent en de verpleegkundige vallen als middeninkomens nu tussen wal en schip. Ze verdienen ook bescherming. De minister zegt te kijken naar een structurele oplossing voor de zomer, maar mensen zitten nu in de kou. Je kunt geen huur betalen met een onderzoek en je kunt je huis niet verwarmen met een visie. Kan de minister uitleggen waarom ze miljarden laat liggen in het Klimaatfonds door onderuitputting, maar geen geld kan vinden om de energiebelasting te verlagen voor de gewone Nederlander?

Ik sluit af, voorzitter. Mensen kunnen niet langer wachten. Het is tijd dat dit kabinet stopt met kijken en begint met ingrijpen.

Dank u wel, voorzitter.

De voorzitter:
Dank u wel. Mevrouw Müller, aan u het woord.

Mevrouw Müller (VVD):
Dank u wel, voorzitter. Hoewel dit commissiedebat al lang geleden is ingepland, is het enorm actueel. De volatiliteit van de gas- en olieprijzen raakt de Nederlandse huishoudens direct. Mensen maken zich daar terecht zorgen over. Met het nieuws van deze week en de fragiele opening van de Straat van Hormuz leek er gisteren een lichtpuntje te zijn, maar later werd de Straat van Hormuz ook weer gesloten. Experts geven aan dat we de gevolgen van deze situatie hoe dan ook nog lange tijd zullen voelen. Het is dan ook goed dat het kabinet werkt aan verschillende scenario's en verschillende maatregelen om de economische gevolgen van deze crisis op te vangen, juist ook voor huishoudens. Daar heeft de VVD vanaf het begin van de crisis om gevraagd. De Kamer heeft het kabinet twee weken geleden ook per motie verzocht om binnen één maand de Kamer te informeren over een samenhangende aanpak voor de korte, middellange en lange termijn. De VVD kijkt hiernaar uit.

Gezien het feit dat deze discussie binnenkort plenair gevoerd zal worden, ook op basis van de scenario's en de voorgestelde aanpak van het kabinet, wil ik mij nu focussen op de wat langere termijn, buiten deze crisis om. De energierekening van de toekomst wordt namelijk ook bepaald door de keuzes die we hier nu in Den Haag maken. Laat ik starten bij de netwerkkosten. Het baart de VVD zorgen dat de energierekening voor een steeds groter deel wordt bepaald door de kosten van kabels en leidingen.

Ten eerste de kosten van het gasnetwerk voor de langere termijn. Steeds meer huizen gaan van het gas af. Dat is winst voor klimaat, maar een indirect gevolg is dat de kosten voor het onderhoud van het gasnet over steeds minder schouders worden verdeeld. Hoe voorkomen we dat de laatste huishoudens op het gasnet, vaak mensen die niet direct de middelen hebben om over te stappen, worden opgezadeld met een veel hogere rekening?

Ten tweede de elektriciteitskosten. We weten dat de netkosten voor stroom in de toekomst mogelijk verdrievoudigen naar gemiddeld zo'n €1.100 per jaar. Het uitsmeren van de kosten over een langere periode leek een logische noodrem, maar met Prinsjesdag hoorden we dat dit niet mogelijk zou zijn. Niet iedereen binnen de sector deelt dit. Ik vraag de minister: waarom kan dit niet? Zijn er alternatieve oplossingen om deze kostenstijging voor huishoudens te dempen?

Voorzitter. De ACM werkt aan gedifferentieerde nettarieven. Gisteren kwam dit ook in ons rondetafelgesprek aan bod. Een van de sprekers …

De voorzitter:
De heer Grinwis heeft een vraag.

De heer Grinwis (ChristenUnie):
Ik heb een vraag over de netkosten, want zoals mijn collega van de VVD al zei, was dat al een tijdje bekend. In de formatie is er echter vrij weinig gedaan om een financiële voorziening te treffen om die netkosten te dempen. Er zijn wel allemaal inhoudelijke afspraken gemaakt, maar in de budgettaire bijlage staat nul komma nul. Geen kapitaalstorting, maar ook geen subsidie. Niets. Wat moet er dan volgens de VVD-fractie gebeuren?

Mevrouw Müller (VVD):
De investeringen in het net zullen er gewoon moeten komen. We moeten dat net echt verzwaren. Maar om dan meteen naar de algemene middelen te kijken ... Dat is niet altijd de beste oplossing. Ik vraag de minister dus ook of er andere manieren zijn om dat te doen, voor langere termijn, behalve dan nu meteen kijken naar de algemene middelen.

De heer Grinwis (ChristenUnie):
Dat snap ik, maar bij Prinsjesdag is er gecommuniceerd dat die afschrijving over langere termijn niet zou kunnen. Dat is inderdaad buitengewoon frustrerend, want we leggen het gewoon aan voor hele lange termijn, dus dat zou wel logisch zijn; daar ben ik het over eens met mijn VVD-collega. Tegelijkertijd ...

De voorzitter:
Uw vraag, alstublieft.

De heer Grinwis (ChristenUnie):
Ik denk dat het beter was geweest als hiervoor een voorziening was getroffen in het coalitieakkoord, ook budgettair.

Een andere vraag, over het socialiseren van de netkosten voor gas. Dat lijkt me een terechte vraag, maar vindt mijn collega dan niet dat dat ook moet gebeuren voor warmtenetten? Daar is namelijk eigenlijk exact hetzelfde aan de hand. De kosten worden slechts gesocialiseerd over de aangeslotenen en dat is op dit moment een showstopper om warmtenetten aan te leggen.

Mevrouw Müller (VVD):
Deze vraag pass ik even door naar het kabinet; u overvraagt mij daarmee.

De heer Grinwis (ChristenUnie):
Maar het is exact hetzelfde.

Mevrouw Müller (VVD):
Dan kunnen we daarnaar kijken.

De heer Van den Berg (JA21):
Ik ben het niet helemaal eens met de heer Grinwis, want hier staat wel iets over genoemd in dat coalitieakkoord, namelijk dat de ambitie van wind op zee wordt verhoogd van 30 gigawatt naar 40 gigawatt. Vorige week zag ik een heel mooi rapport van de netbeheerders, waarin staat dat door die uitbreiding van wind op zee de netwerkkosten met wel 34 miljard euro kunnen stijgen, voor die 10 gigawatt aan extra ambitie. Kortom, dat drijft de netkosten alleen maar verder op. Hoe wil mevrouw Müller dat dan gaan aanpakken?

Mevrouw Müller (VVD):
Ik maak mij ook zorgen over deze stijging door deze investeringen. Daarom vraag ik ook hoe we dat slimmer over de jaren heen kunnen spreiden. Tegelijkertijd draagt de extra capaciteit van wind op zee natuurlijk bij aan een weerbaar energiesysteem, dus je hebt daarin altijd verschillende belangen te wegen.

De voorzitter:
Kort, meneer Van den Berg.

De heer Van den Berg (JA21):
Zeker. Maar goed, dan kunnen we het over de lange termijn gaan uitspreiden, maar dat lost dit probleem natuurlijk niet op. Ik hoor twee dingen. Enerzijds is het goed voor het klimaat; het is ook goed dat we die windturbines bouwen. Maar dan zou ik het wel fair vinden om dan ook niet te gaan klagen over dat dan de energiekosten en de netwerkkosten stijgen, want dat is natuurlijk gewoon een kip-eiverhaal: bouw je die extra windturbines, dan moet je ook gewoon staan voor die extra kosten die huishoudens en ook bedrijven dan gaan betalen. Ik zou daar graag een reflectie van mevrouw Müller op willen.

Mevrouw Müller (VVD):
Daar zit natuurlijk een kern van waarheid in. Er is namelijk niet zoiets als gratis energie; energie zal altijd een prijs hebben. Maar dat geldt natuurlijk ook voor de fossiele energie die we nu gebruiken. Door meer in te zetten op duurzame energie voorkomen we ook dat door events in de wereld ineens de gas- of olieprijzen heel erg toenemen. Het blijft dus veel stabieler. Maar ook nu is de energie niet gratis.

De voorzitter:
Ik denk dat u het daar even mee moet doen, meneer Van den Berg. We gaan mevrouw Müller vragen om door te gaan met haar inbreng.

Mevrouw Müller (VVD):
Voorzitter. De ACM werkt aan gedifferentieerde nettarieven. Dit kwam gisteren bij het rondetafelgesprek aan bod, zoals ik al had gezegd. Een van de sprekers sprak haar zorgen hierover uit. Mensen die namelijk veel gebruikmaken van het elektriciteitsnet, omdat zij een warmtepomp, zonnepanelen of een elektrische auto hebben, zullen in de toekomst meer geld gaan betalen als we die gedifferentieerde nettarieven gaan gebruiken. Hoewel dit aan de ene kant heel eerlijk voelt, is het aan de andere kant ook een soort boete op verduurzaming. Hoe beoordeelt de minister deze zorg?

Voorzitter. Een goede manier om de energierekening laag te houden, is het isoleren van de eigen woning, maar laten we eerlijk zijn: voor veel mensen is het woud aan subsidies een ondoordringbare jungle. Hoe zorgen we ervoor dat mensen hierin ontzorgd worden, zodat zij zich niet eerst volledig hoeven te verdiepen in de vele subsidies die er zijn? Is het mogelijk om hiervoor rijksbreed één loket te maken, zodat je één plek hebt waar landelijke en lokale initiatieven worden gebundeld en waar mensen, al dan niet met AI, gewezen worden op wat er voor hen mogelijk is?

Gisteren in het rondetafelgesprek bleek ook opnieuw dat ons land mooie lokale initiatieven heeft, zoals de zogenoemde ontzorgers, mensen die anderen helpen bij subsidieaanvragen. Deze lokale krachten betekenen veel, maar ze opereren vaak alleen binnen hun eigen regio of plek. Ziet de minister er toegevoegde waarde in om deze verschillende ontzorgers een keer samen te brengen met vertegenwoordigers van het ministerie, zodat zij met elkaar best practices kunnen delen en kunnen aangeven waar de Rijksoverheid hen eventueel bij zou kunnen ondersteunen? Graag een reactie van de minister: is zij bereid om dit te organiseren?

Voorzitter, ik rond af. Voor de VVD is een betaalbare energierekening belangrijk. Ik vertrouw erop dat de minister daar voortvarend mee aan de slag gaat.

Dank u wel.

De voorzitter:
Dank u wel. We hebben nog twee sprekers te gaan. Ze zitten aan de andere kant van de zaal, maar ze zijn niet onbelangrijker. Ik begin met de heer Vermeer.

De heer Vermeer (BBB):
Dank u wel, voorzitter. De energierekening is voor veel huishoudens een maandelijkse zorg. BBB vindt dat energie voor iedereen betaalbaar moet blijven. Dat vraagt om beleid dat werkt in de praktijk en niet alleen op papier.

Voorzitter. Uit de stukken blijkt dat bijna 60% van de energierekening bestaat uit netbeheerkosten en belastingen. Veel collega's begonnen daar ook al over en als iedereen zich daaraan ergert, dan moet daar wat aan te doen zijn. Dat zijn dus kosten waarop huishoudens geen enkele invloed hebben. Tegelijkertijd zien we dat juist deze vaste lasten de komende jaren fors blijven stijgen, onder meer door investeringen in het elektriciteitsnet. BBB vindt dat dit een fundamentele vraag oproept: hoe eerlijk is het dat mensen die niet kunnen verduurzamen wel steeds meer gaan betalen? Ik vraag dan ook aan de minister: welke concrete maatregelen neemt het kabinet om de stijging van deze vaste lasten voor huishoudens te dempen? Wanneer komt er een invoeringstarief voor commerciële producenten? En wanneer komt er een tarief voor de export van elektriciteit? Afgelopen jaar werd namelijk zo'n 21% van de hier geproduceerde hernieuwbare energie geëxporteerd. Dit is de enige productiesector in Nederland waarvoor de transportkosten betaald worden door burgers en ondernemers. Het is echt een grof schandaal dat het op deze manier werkt in ons systeem.

Voorzitter. Hierin spelen ook regionale verschillen een grote rol. Nieuw TNO-onderzoek laat zien dat hoge prijzen voor benzine en diesel huishoudens in de regio veel harder raken dan huishoudens in de Randstad. In de regio zijn mensen vaker afhankelijk van de auto en stapelen kosten zich dus sneller op. Als TNO in staat is om dit verschil scherp in beeld te brengen, dan moet het kabinet toch ook in staat zijn om gerichte maatregelen te nemen? Hoe gaat de minister regionale effecten structureel meenemen in het energie- en koopkrachtbeleid, zodat de ondersteuning aansluit bij de keukentafel in plaats van bij de tekentafel?

Voorzitter. Volgens recente cijfers leeft ruim 6% van de huishoudens in energiearmoede. Dit zijn vaak mensen met lage inkomens in slecht geïsoleerde woningen. Generieke maatregelen zijn duur en weinig effectief. BBB kiest voor gericht beleid dat daar helpt waar de nood het hoogst is. Het kabinet zet in op een publiek energiefonds vanaf de winter van 2026-2027. Dat is te laat, omdat de onzekerheid nu speelt. Hoe wordt voorkomen dat kwetsbare huishoudens in de komende winters tussen wal en schip vallen, nu het publieke energiefonds nog niet operationeel is, is dan ook mijn vraag.

De voorzitter:
Ik geef u even een adempauze, meneer Vermeer. Er is namelijk een collega die u een vraag wil stellen: de heer Van den Berg.

De heer Van den Berg (JA21):
Ik weet niet of ik ooit zo'n ondoordachte maatregel heb gehoord, in dit geval van de BBB. Volgens mij spreekt de heer Vermeer namelijk over het invoeren van een capaciteitstarief. Oftewel, we gaan producenten dan meer belasten voor het transport van hun elektriciteit, of dat nou voor de export is of niet. Dat kan je invoeren, maar als je dat doet, dan berekenen zij die prijs simpelweg door aan huishoudens. Kortom, iedereen hier gaat daar dan voor betalen. Bovendien gaan die bedrijven dan ook nog eens naar het buitenland, omdat ze dan vanaf daar kunnen exporteren naar Nederland. Oftewel, onze energiezekerheid gaat dan kapot. Waarom wil de BBB dit dus doen?

De heer Vermeer (BBB):
Op het moment dat hier stroom wordt geproduceerd voor export, dan levert dat gewoon extra winst op voor die producerende ondernemingen. Op dit moment liggen de kosten voor het hele transport vanuit de Noordzee naar het Ruhrgebied gewoon bij ons, burgers en bedrijven. Wij betalen ook die transportkosten. Invoerkosten hierbij geven ook een reële prijs weer van hernieuwbare energie ten opzichte van bijvoorbeeld de kernenergie die we op dit moment produceren. Volgens mij moeten we er dus gewoon voor zorgen dat de kosten daar komen te liggen waar ze ook gemaakt en veroorzaakt worden. Die term "socialiseren" kun je namelijk ook uitleggen als "asocialiseren", want de kosten komen dan gewoon bij de verkeerde mensen terecht.

De voorzitter:
Een korte en overigens ook de laatste interruptie van uw kant in dit debat, meneer Van den Berg.

De heer Van den Berg (JA21):
Ja, en ik zal het kort houden, voorzitter.

Dit is heel erg tegenstrijdig. De heer Vermeer zegt: laten we de kosten neerleggen bij de mensen of de bedrijven die ze veroorzaken. Dat kan je natuurlijk net zo goed doortrekken naar huishoudens die belasting op aardgas betalen omdat zij dan de vervuiler zijn. Dit is gewoon een verkapte belastingmaatregel. Als we die producenten extra gaan belasten ... Dit stond laatst ook in De Telegraaf. Brancheorganisaties hebben hiervoor gewaarschuwd — en terecht. Je kan dit dus doen en dan ontvangen wij als Staat meer belastinginkomsten, maar de uiteindelijke personen die hiervoor betalen, zijn gewoon de huishoudens. Ik zou de heer Vermeer dus willen vragen: doe dit alsjeblieft niet, want dit zorgt voor nog meer kosten dan we al hebben.

De voorzitter:
Een laatste reactie daarop van de heer Vermeer.

De heer Vermeer (BBB):
Dit geldt gewoon in het algemeen: als die opbrengsten alleen maar gebruikt worden als extra melkkoe, dan heeft de heer Van den Berg gelijk. Maar ik vind dat dat geld in het totale systeem gestoken moet worden, zodat niet individuele burgers of bedrijven die transport- en netwerkkosten moeten betalen. Wij moeten daar gewoon een slim systeem voor verzinnen. We moeten zorgen dat het geld daar waar het gecreëerd wordt, ook weer wordt ingezet. Dan wordt het veel meer een doelbelasting, als je het al een belasting zou willen noemen, om te zorgen dat die totale kosten verlaagd worden en om te zorgen dat er een eerlijk businessmodel is. En dat dan misschien bepaalde windparken op zee niet door zullen gaan ... Tja, dat klopt. En wind op land kan dan al helemaal niet meer uit. Maar dat zou ik een gewenst neveneffect vinden.

De voorzitter:
We gaan nu vaart maken, want we hebben ook nog een beantwoording en een tweede termijn te gaan. Maar eerst heeft de heer Jumelet ook nog een vraag aan de heer Vermeer.

De heer Jumelet (CDA):
Ik werd even getriggerd door de heer Vermeer toen het ging over gerichte maatregelen. Dat vind ik een goede gedachte: in plaats van collectief heel veel geld uitgeven, het vooral richten op echt resultaat halen. Maar hoorde ik nou goed dat hij zei dat dat ook te maken heeft met waar je woont in Nederland? Dan vraag ik me namelijk in alle gemoede echt af hoe dat er dan uitziet in het kader van de uitvoering. Nogmaals, je kunt bijvoorbeeld kijken naar labels. Denk aan die 23.000 woningen die werden genoemd. Daar kun je heel snel winst halen. Maar u had het ook over de regionale verschillen en gericht daarop dan maatregelen nemen. Ik ben erg benieuwd hoe u dat voor zich ziet.

De heer Vermeer (BBB):
Dat geldt vooral op het gebied van de hoge prijzen voor benzine en diesel. Daarbij speelt het bijvoorbeeld extra. Maar we hebben ook gezien dat energiearmoede in het algemeen ook heel sterk regionaal bepaald is. Dat komt ook doordat bepaalde regio's al jaren achterstand hebben op allerlei gebieden. Ze hebben ook hogere kosten en dus ook minder geld om zelf te verduurzamen.

We hebben gisteren ook een debat gehad over de Groningenwet. Maar waardoor is die discussie over het heropenen van de gaswinning in Groningen nou extra pijnlijk? Omdat dat juist weer die gebieden treft die al jarenlange achterstanden hebben en ook al die jaren minder geld hadden om te investeren in verduurzaming. Zo blijf je achter de feiten aanlopen. Wat ons betreft zouden we dat eerst recht moeten trekken, voordat we hier een goed gesprek over generieke maatregelen kunnen voeren.

De heer Jumelet (CDA):
Ik kan u daarin volgen, maar ik zeg ook maar tegen u: volgens mij gaat het dan echt over de uitvoering en daarin zie ik echt niet hoe we dit dan met elkaar moeten doen. Maar ik ben vooral ook benieuwd naar de reactie van de minister hierop zo meteen, want u heeft hier een vraag over gesteld.

De voorzitter:
Daar zat geen vr...

De heer Vermeer (BBB):
Wij kunnen niet alleen maar ...

De voorzitter:
Sorry, meneer Vermeer, maar daar zat eigenlijk geen vraag in. Misschien kunt u daar dus nog een korte reflectie op geven, maar daarna gaan we door naar de rest van uw inbreng.

De heer Vermeer (BBB):
Nou, wij moeten stoppen met alleen maar problemen benoemen; we moeten zorgen dat we problemen oplossen. Dan moet je ergens beginnen. Dat gebeurt dan desnoods parallel aan noodfondsen en zo, maar je moet iets gaan doen, want anders hebben we hier elk jaar dezelfde discussie.

Voorzitter. BBB is voorstander van verduurzaming, maar alleen als die haalbaar en betaalbaar is. Mensen die niet kunnen investeren in isolatie of warmtepompen, mogen niet worden gestraft met hogere lasten. Daarom vindt BBB dat ondersteuning en woningverbetering hand in hand moeten gaan: één loket, minder bureaucratie en praktische hulp, juist voor mensen die het niet zelf kunnen regelen, zoals eerder ook al door collega's is gemeld. Is het kabinet bereid om de versnippering van regelingen verder terug te dringen en te zorgen voor één duidelijke, toegankelijke route voor huishoudens die willen besparen? Hier roepen we al jaren om. Mensen moeten nu een ingewikkelde route kiezen voor btw-teruggave en dat geld moeten ze dan ook nog eens voorschieten; dat levert dubbele lasten en dus dubbele problemen op. Die mensen komen daar op deze manier dus gewoon niet door.

Voorzitter. Het conflict in het Midden-Oosten laat zien hoe kwetsbaar de energieprijzen zijn. Hoewel de effecten nu kleiner zijn dan in 2022, zullen prijsstijgingen alsnog doorwerken in de energierekening. BBB vindt dat het kabinet voorbereid moet zijn op snelle tijdelijke maatregelen als dat nodig is. Wij wachten al weken met smart op een brief daarover en elke keer wordt er gezegd dat die eraan komt, maar er moet echt wat gebeuren. Wat ons betreft gaat het kabinet ook komen met een voorstel om de kolencentrales ook na 2030 open te houden, want we hebben de afgelopen weken gezien hoe kwetsbaar we zijn en hoe hard we die dus nodig hebben. Gaat het kabinet met dit voorstel komen?

Voorzitter, tot slot. Betaalbaarheid is de sleutel tot draagvlak. BBB wil geen luchtfietserij maar beleid dat mensen zekerheid geeft. Energiebeleid moet mensen helpen en niet in de knel brengen. Daar blijven wij ons voor inzetten.

Dank u wel.

De voorzitter:
Dank u wel. Dan komen we bij mevrouw Kröger.

Mevrouw Kröger (GroenLinks-PvdA):
Dank u wel, voorzitter. Dit is een debat dat al lange tijd gepland stond en het is urgenter dan ooit als je kijkt naar de situatie op dit moment. Hoe snel de blokkade van de Straat van Hormuz ook voorbij zal zijn, de verstoring van de gas- en oliemarkt zal nog lange tijd voelbaar zijn. Gisteren werd het ook heel erg helder door meerdere experts gezegd: "We zitten in een fossiele-afhankelijkheidscrisis. Die fossiele afhankelijkheid zorgt voor gigantische prijsschokken. Daar moet je huishoudens tegen beschermen."

Ruim een jaar geleden adviseerde TNO al dat de overheid huishoudens beter zou moeten beschermen tegen mogelijke prijsschokken, maar helaas is onder het vorige kabinet eigenlijk het omgekeerde gebeurd. De vraag is dan ook: wat is er nou echt geleerd van de lessen van de vorige energiecrisis en de crisis daarvoor? Het zijn namelijk gewoon continu prijsschokken.

Dan het Tijdelijk Noodfonds Energie. Je kan er van alles van vinden qua pleisters plakken, maar het heeft wel echt mensen geholpen. Maar dat werd opgedoekt, waardoor het dit jaar niet beschikbaar was om de meest kwetsbare huishoudens te helpen. Huishoudens zijn eigenlijk willens en wetens langer aan het gas gehouden door zwabberbeleid met betrekking tot bijvoorbeeld de salderingsregeling en de warmtepompen.

Investeren in verduurzaming loont, zeker ten tijde van een energiecrisis. Het is wat ons betreft dus ook echt heel teleurstellend dat deze coalitie geen extra geld reserveert voor de ondersteuning van huishoudens bij deze transitie. Ja, het coalitieakkoord spréékt van een isolatieoffensief en van "vol inzetten op warmtenetten", maar de coalitie maakt daar gewoon geen extra geld voor vrij. Hoe kan dat?

Dan over het Tijdelijk Noodfonds Energie. Daarover is net een motie aangenomen. Ik heb daar een aantal specifieke vragen over. Hoe snel kan dat Tijdelijk Noodfonds Energie open? Is het kabinet van mening dat dat echt open moet als publieke uitvoerder, dus met publieke financiering? Kan het sneller als dat z'n privaatrechtelijke status behoudt? Als dat voor de herfst al open kan, zijn er dan ook kansen om huishoudens met terugwerkende kracht te steunen voor de maanden in 2026 waarin het fonds nog niet open was? Zo nee, waarom niet? En wat betekent dat dan voor mensen thuis?

De afgelopen jaren bleek het budget niet toereikend. Dat werd "het falen van het fonds" genoemd, maar ik zou echt willen zeggen: nee, dat is het falen van een overheid die gewoon te weinig geld daarvoor heeft uitgetrokken. Kunt u toezeggen dat deze keer alle huishoudens die het nodig hebben, ook daadwerkelijk geholpen kunnen gaan worden? Heeft de minister al duidelijk wat de doelgroep wordt? Is ze bereid toe te zeggen dat een aanvraag bij het noodfonds eigenlijk hand in hand gaat met ondersteuning voor verduurzamen en structurele maatregelen nemen om je energierekening te verlagen?

Hoe zit het met de gesprekken met energieleveranciers over het klaarzetten van een energieprijsplafond? Daar hebben we ook meerdere keren om gevraagd. Dat zou een les moeten zijn van de vorige energiecrisis.

Als de minister het heeft over een isolatieoffensief, hoe ziet zij dat dan voor zich, zonder geld? Wat is de minister van plan extra te doen om mensen te helpen om zich voor te bereiden op het komende stookseizoen, zeker nu we weten dat de gevolgen van de oorlog in Iran nog lange tijd kunnen naweeën?

Hoe zit het met de warmtenetten? Er is echt een kans, zeker voor mensen in oude stadswijken, dat het een warmtenet wordt of iets voor de langere termijn om je huis te verwarmen, maar hoe gaan we zorgen dat dat betaalbaar wordt voor mensen? Waarom is daar geen geld voor uitgetrokken door dit kabinet? Er is wat geld bijgekomen voor de SAH, maar dat biedt absoluut geen langetermijnperspectief waarvan bewoners en investeerders op aan kunnen.

Liggen er plannen om in te grijpen op overwinsten van grote bedrijven en om op die manier mensen eigenlijk ook verder te kunnen compenseren?

Tot slot, voorzitter, al weet ik niet hoe ik qua tijd zit. Is deze minister eigenlijk van plan om te zorgen dat mensen ook daadwerkelijk zelf hun energie kunnen gaan opwekken door zonnepanelen op de daken te gaan leggen, zeker mensen in sociale huurwoningen en zeker in de wijken met de meeste energiearmoede? Hoe zorgt deze minister dan dat die zonnepanelen ook daadwerkelijk aantrekkelijk worden? Want dat is nu gewoon niet meer het geval door de abrupte afschaffing van de salderingsregeling. Zonnepanelen lonen nauwelijks meer en een groot deel van de huurders moet er zelfs op toeleggen. Ik krijg mails van mensen … Ik vind het echt zo schandalig. Mensen hebben hun vertrouwen erin gesteld en moeten er nu gewoon geld op toeleggen. Kan de minister toezeggen om voor de zomer opties met de Kamer te delen waarmee zonnepanelen aantrekkelijk gehouden kunnen worden, waaronder bijvoorbeeld toch een gedeeltelijke salderingsregeling voor een aantal panelen of een aanschafsubsidie?

De voorzitter:
Dank u wel voor uw inbreng. Ik zie dat de heer Grinwis nog z'n hand opsteekt, maar hij is door z'n interrupties heen. Daar helpen we u allemaal bij, geef ik u mee. De heer Dijk wil ook nog iets vragen en hij heeft daarvoor nog de ruimte, dus het woord is aan hem.

De heer Jimmy Dijk (SP):
Volgens mij was mevrouw Kröger nog niet in de zaal toen ik mijn inbreng leverde, maar het viel mij op dat bijna alle partijen vinden dat de belasting op energie wel erg hoog is op dit moment. Ik vroeg me af of Partij van de Arbeid-GroenLinks ook vindt dat die energiebelasting omlaag moet, omdat energie een basisbehoefte is die echt voor iedereen betaalbaar zou moeten zijn. Natuurlijk geldt dat voor de lagere inkomens en de middeninkomens, maar als we kijken naar de prijzen en hoe die vergelijkbaar aan 2022 aan het stijgen zijn … Toen werden de belastingen op energie ook verlaagd. Vindt GroenLinks-Partij van de Arbeid dat dat nu ook noodzakelijk is?

Mevrouw Kröger (GroenLinks-PvdA):
Wij vinden zeker dat het leven betaalbaar moet zijn en dat ook energie betaalbaar moet zijn. Daar hebben wij een aantal voorstellen voor gedaan. Volgens mij komt het kabinet ook met voorstellen. Wat ons betreft zijn er daarin geen taboes. Ik hoorde de heer Grinwis spreken over een sociaal tarief. Wij hebben eerder ook gekeken naar een verhoging van de vermindering op de energiebelasting. Dat is natuurlijk een ander instrument hiervoor. Maar ik denk dat het heel belangrijk is om het totaalpakket te wegen. Daarbij zijn voor mij twee dingen echt belangrijk. Er moet een structurele aanpak komen om het energieverbruik te verlagen. Dat gaat over dat isolatieoffensief. En voor mij is het belangrijk bij wie de rekening komt te liggen, want te vaak worden dit soort hele generieke maatregelen uiteindelijk gefinancierd op een manier waarbij uiteindelijk toch de mensen ervoor opdraaien die het minste geld te besteden hebben.

De voorzitter:
Kort nog, meneer Dijk.

De heer Jimmy Dijk (SP):
Terecht. Daar zijn we natuurlijk allemaal bij; dat moet niet gebeuren. Maar het valt op dat daar eigenlijk oppositiebreed een meerderheid voor te vormen is. Het zou dus goed zijn als we dat met elkaar weten te regelen.

Dan een tweede punt, over het energieplafond. Volgens mij zijn we het ook zeer eens over het maximeren van de prijzen. Het nadeel van het vorige energieplafond was wel dat bedrijven daardoor konden weglopen met hoge winsten. Ik ben erg voor een energieplafond en ook erg voor energie als collectieve voorziening met maximumprijzen, maar ik neem toch aan dat we niet net zoals de vorige keer zo'n energieplafond moeten hebben waarop bedrijven winst kunnen maken.

Mevrouw Kröger (GroenLinks-PvdA):
Nou, wij hebben altijd … De drieslag is als volgt. We moeten zorgen dat mensen die het het hardst nodig hebben, geholpen worden. Je moet dus zo gericht mogelijk ingrijpen. Je moet ook zorgen voor structurele oplossingen, bijvoorbeeld een isolatieoffensief. En je moet zorgen dat de rekening komt te liggen waar die moet liggen. Dat is wat mij betreft zeker bij de grote oliebedrijven die hiermee winst kunnen gaan maken. Ik verwacht dat straks eigenlijk terug in het totaalpakket van de minister, maar dat gaan we zien.

De voorzitter:
Dank u wel. Met die woorden komen we aan het einde van deze eerste termijn. Ik kijk eventjes naar de minister. Ik zou het heel erg prettig vinden als we om 17.00 uur door kunnen, maar ik weet dat ik dan ook iets van u vraag. Is dat mogelijk? Graag een reactie.

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Voorzitter. De vragen die gesteld zijn door de leden beslaan zo ongeveer het hele kabinet, maar u ziet dat niet het hele kabinet hier aanwezig is. Dat betekent dat ik voor de eerste beantwoording in ieder geval ook een aantal stukken van andere bewindspersonen moet bekijken. Ik moet ook nog een stukje lopen voordat ik daar ben, dus twintig minuten gaan we niet halen, denk ik. Ik zal m'n best doen om zo snel mogelijk na 17.00 uur hier te zijn, maar ik had gevraagd om een halfuur en ik denk dat ik dat ongeveer toch wel nodig heb, zeg ik in alle eerlijkheid, als ik ook aan eenieder recht wil doen.

De voorzitter:
Daar is begrip voor, zie ik. Dan zou ik willen voorstellen dat iedereen om 17.05 uur terug is, zodat we hopelijk op dat tijdstip kunnen beginnen en anders een paar minuutjes later, zodat de minister ook in de gelegenheid is om goede antwoorden te geven. Dank u wel. Daarmee schors ik de vergadering.

De vergadering wordt van 16.40 uur tot 17.10 uur geschorst.

De voorzitter:
Goedemiddag allemaal. Ik zou willen voorstellen om de vergadering, dit commissiedebat, te hervatten en met elkaar door te gaan naar de beantwoording vanuit het kabinet. Ik weet dat ik daarvoor de minister het woord mag gaan geven. Ik laat haar eventjes toelichten hoe ze de beantwoording wil gaan doen. Ik heb al begrepen dat een aantal blokjes daar onderdeel van gaan uitmaken. Ik zou aan de leden willen meegeven dat het hun uiteraard vrij staat om vragen te stellen aan het kabinet, maar dat we die gaan beperken tot in totaal drie. We stellen dus geen vervolgvragen, zoals we eerder vanmiddag hebben gedaan, maar in totaal drie vragen. Mochten we nog tijd overhebben — het zou zomaar kunnen gebeuren — dan kunnen we dat eventueel nog oprekken naar vier, maar het is in ieder geval mooi als iedereen in de gelegenheid is geweest om zijn vragen te stellen.

Mevrouw Kröger (GroenLinks-PvdA):
Ik kwam iets later bij het debat, dus ik was er niet bij toen de orde werd vastgesteld, maar toen is er vrij ruimhartig de ruimte gegeven voor interrupties onderling. Dat waren er eigenlijk zes, drie keer twee. Ik vind het wel heel erg jammer dat dat nu ten koste gaat van de interrupties op de bewindspersoon. Dat wil ik de voorzitter voor een volgende keer meegeven. Ik vind drie vragen aan een bewindspersoon over zo'n groot onderwerp, waarover zo veel vragen zijn gesteld, echt veel te weinig.

De voorzitter:
Dat staat genoteerd. We zullen daar een volgende keer rekening mee houden. Ik denk wel dat het goed is om te weten dat we hebben bijgehouden hoeveel interrupties geplaatst zijn door iedereen. Ik moet zeggen dat iedereen zich ook wel verantwoordelijk heeft opgesteld. Lang niet iedereen heeft zo veel interrupties geplaatst. Ik neem het mee voor het volgende debat, maar laten we nu geen tijd verliezen en overgaan tot de beantwoording vanuit het kabinet. De minister.

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Dank u wel, voorzitter. Ik zal mijn best doen om snel te antwoorden, zodat er ook nog gelegenheid is voor vragen. Tegelijkertijd probeer ik dat natuurlijk zo goed mogelijk te doen. Ik zal eerst even een korte inleiding geven over de algemene ontwikkelingen en de maatregelencrisis, waar een aantal vragen over zijn gesteld. Dan kom ik bij de energierekening. Er zijn veel vragen gesteld over de opbouw daarvan. Dan zijn er een aantal vragen gesteld over het noodfonds. Dan komen salderen en weerbaarheid, en dan nog een blokje overig. Het zijn dus vijf blokjes in totaal.

De voorzitter:
Dank u wel. Ik wil de leden vragen om even te wachten tot het einde van een blokje om de betreffende vragen te stellen.

Mevrouw Kröger (GroenLinks-PvdA):
Mag ik vragen in welk blokje alles rond het isolatieoffensief en verduurzaming van huizen past?

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Dat zit in het blokje weerbaarheid. Salderen en isoleren zit daarin.

De voorzitter:
Ik kijk even rond. Is het voor alle leden helder? Ja? Oké.

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Het is: weerbaarder door goede isolatie en salderen.

De voorzitter:
Oké. Aan u het woord.

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Dank u wel, voorzitter. Een korte inleiding. Een aantal van uw leden heeft er al aan gerefereerd dat we in deze Kamer de afgelopen weken meermaals hebben stilgestaan bij de zorgelijke situatie in Iran en de impact daarvan op onze economie. Zonder energie staat alles stil. We zien dat het overal ingrijpt in de economie. Daarom is dit debat, ondanks het feit dat het al lang was gepland, zoals mevrouw Müller zei, heel tijdig. Ik zou hier eigenlijk hebben gezeten met een collega die op dit moment in de plenaire zaal staat. Er zijn ook veel vragen gesteld op het terrein van bijvoorbeeld collega Boekholt van VRO. Dat is begrijpelijk. Ik zal mijn best doen om daar waar ik kan te antwoorden. Voor meer details moet ik dan soms toch terugverwijzen naar die collega's, maar we vonden het belangrijk om dit in ieder geval al met u te bespreken vandaag.

Ik begrijp de zorgen en ik snap ook echt de urgentie waar u eigenlijk allemaal aan heeft gerefereerd. Die urgentie ging niet alleen over vandaag. U zei eigenlijk: we zijn structureel in een andere situatie geraakt en we zullen ervoor moeten zorgen dat we structureel weerbaarder worden. Daarom zit er een mapje bij dat "weerbaarheid" heet. Dat gaat natuurlijk in op de vraag hoe we ervoor zorgen dat er weer meer grip komt, ook voor huishoudens op hun energierekening.

Voorzitter. We hadden twee weken geleden een debat over de consequenties van de situatie in Iran. Daarbij heeft de Kamer in de hele breedte het kabinet gevraagd om te kijken naar allerlei maatregelen, zonder taboes, alles in kaart te brengen en ervoor te zorgen dat er gekeken wordt naar verschillende scenario's, naar het onderscheid tussen olie en gas en naar het onderscheid tussen zaken die zijn gericht op koopkracht en op beschikbaarheid. Dat is precies wat het kabinet nu aan het doen is. We zijn niet alleen aan het inventariseren, maar ook echt aan het kijken welke maatregelen op welk moment welke effecten hebben. Over ongeveer twee weken komen we met een brief naar u toe. Die is volgens mij beloofd voor het meireces. Dat is ook echt de planning waar we op zitten. Een aantal van u vroeg naar heel specifieke maatregelen. Daar waar die onderdeel uitmaken van het proces waar het kabinet nu middenin zit, zal ik daarnaar verwijzen.

Voorzitter. De energieprijs zelf — daar hebben we het veel over gehad, ook in dat debat — is slechts één van de drie componenten in de energierekening. De komende jaren zijn de andere twee juist extra belangrijk. Daar heeft een aantal van u ook aan gerefereerd. Ieder huishouden betaalt nettarieven voor de grote investeringen. Belastingen zijn de derde component. Ten slotte is het verbruik natuurlijk heel bepalend voor het bedrag onder de streep. Alle huishoudens samen gebruiken gemiddeld bijna 350 kuub minder gas per jaar dan in het jaar 2022. Dat is al gauw een besparing van bijna €450 op de rekening. Voor Nederland als geheel scheelt dat 3 miljard. Ik zeg dit maar even om aan te geven dat we het soms hebben over de grote bedragen die we moeten investeren, maar dat we nu ook veel geld uitgeven aan energie en dat dat niet alleen het land uitgaat, maar vaak ook het continent. Europa als geheel betaalt zo'n 250 tot 300 miljard euro per jaar voor fossiele energie. Dat is geld dat niet aan een Europees bedrijf besteed kan worden, maar in andere landen terechtkomt. Ik denk dat we daar met z'n allen een verandering in willen meemaken.

Het isoleren en verduurzamen van je woning blijft de beste manier om je energierekening structureel te verlagen. Het kabinet heeft ook echt oog voor de groep huishoudens die het meest kwetsbaar is en dit misschien niet zelfstandig tot stand kan brengen. Velen van u hebben daaraan gerefereerd. Het kabinet heeft ook aandacht voor huishoudens in energiearmoede of huishoudens die wegens een kwetsbare positie moeite hebben om de energierekening te betalen. Ik kom zo nog terug op het noodfonds, maar ik kan u wel alvast zeggen: ons is er natuurlijk ook alles aan gelegen om ervoor te zorgen dat dat er is en dat mensen daar gebruik van kunnen maken vóór het nieuwe stookseizoen.

Voorzitter. Dan de situatie in het Midden-Oosten. Ik gaf net al aan dat er binnen verschillende ministeries echt heel hard wordt gewerkt om te komen tot een lijst met nuttige maatregelen die passen bij wat er geleerd is van de vorige crisis — dat zeg ik daar ook bij, want daar werd ook naar gevraagd. Die maatregelen moeten gericht zijn op mensen die daadwerkelijk geraakt worden en die het niet zelf op kunnen vangen, want die zijn er; dat weten we allemaal, ondanks het feit dat het niet altijd makkelijk is om ze te bereiken. Onze zorg moet specifiek daar liggen. We moeten de juiste balans vinden en op korte termijn hulp bij mensen krijgen. De complete inventarisatie ontvangt u voor het debat over de Voorjaarsnota. Dat is voor het meireces.

Ik kan natuurlijk nog niet ingaan op individuele maatregelen, maar ik kan op een aantal punten wel specifiek toezeggen dat die maatregel wordt meegenomen en dat daarnaar wordt gekeken. Dat zeg ik met een schuin oog naar de heer Grinwis, die vroeg of het idee van de verschillende belastingschijven kon worden meegenomen. Dat zullen we meenemen in de inventarisatie waarin we bekijken welke maatregelen welke effecten hebben tegen welke kosten. Namens de minister van Financiën herhaal ik nog maar een keer: als Rijk, als overheid, hebben wij natuurlijk geen geld; we hebben alleen uw belastinggeld. Daarom moeten we elke keer goed nadenken. Als we ergens extra geld in steken, weten we dat dat ergens vandaan moet komen en dat we ook daar goed over na moeten denken. Anders heeft het weer consequenties die we misschien niet bedoeld hadden. In die balans kijkt het kabinet heel serieus hoe we zo effectief mogelijk kunnen zijn.

Voorzitter. Dat is ook het antwoord op de vraag van de heer Dijk. Hij vroeg met kracht wanneer we met maatregelen komen. Daar heb ik net op geantwoord, maar ik ben het ook hartgrondig met de heer Dijk eens dat we met kracht werk moeten maken van onze strategische autonomie, in Nederland en in Europees verband. Ik noemde net al even de 250 tot 300 miljard die we nu eigenlijk jaarlijks overmaken op de bankrekeningen van andere landen in plaats van dat geld te investeren in onze eigen Europese economie via onder andere nieuwe vormen van energie-infrastructuur, maar ook het isoleren van huizen en ervoor zorgen dat bedrijven op een andere manier aan hun energie kunnen komen. Daar zijn in het coalitieakkoord substantieel extra middelen voor uitgetrokken.

Voorzitter. De heer Grinwis vroeg in het kader van de belastingen naar de eerste schijf en het energieverbruik. De heer Dijk had het over de energiebelasting in z'n algemeenheid. De heer Van den Berg noemde de btw op energie. Mevrouw Keijzer vroeg of de belastingen überhaupt niet naar beneden zouden moeten. De heer El Abassi vroeg of het geld in het Klimaatfonds niet naar de verlaging van de energiebelasting zou moeten, van de btw op energie. Wij nemen al dit soort ideeën mee. Naar alles wordt gekeken. We hebben in principe gezegd: geen taboes. We moeten natuurlijk wel altijd "incidenteel" en "structureel" uit elkaar houden. En wat de opmerking "er zit nog heel veel geld in het Klimaatfonds" betreft: was het maar waar, zou ik zeggen. Het geld dat er nog in zit, is vrijwel in z'n geheel beschikbaar voor kernenergie. Dus als je het daaruit haalt, kun je dat niet meer doen, geef ik ook nog maar eventjes mee.

De heer Flach had nog een specifieke vraag. Hij zei: de vermindering van de energiebelasting is nu van toepassing op álle verblijfsobjecten, van rijtjeshuis tot hotel. Het is inderdaad per 2029 mogelijk om de belastingvermindering die er op dit moment is, te beperken tot huishoudens. Maar dat betekent, in lijn met wat ik net zei, dan wel weer dat de energiebelastingen voor het bedrijfsleven omhooggaan. Dat moeten we continu heel goed met elkaar wegen. Dus wij hebben geen concrete voornemens. Dit was een technisch antwoord, maar mogelijkheden en wenselijkheden moeten we steeds goed uit elkaar houden.

In dat kader had de heer Flach ook vragen over btw-inkomsten.

De voorzitter:
Een moment. Er is behoefte aan interrupties, maar we wachten de beantwoording van het blokje in principe af, zeg ik tegen de leden die later zijn binnengekomen; iedereen heeft drie interrupties in totaal.

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
De heer Flach en ook anderen vroegen ook al in het eerdere plenaire debat hoe we voorkomen dat de Staat rijker wordt van een hoge energierekening door de belastingen op die hogere rekening. Door het kabinet is toegezegd om in het kader van de huidige brandstofprijzen ook in kaart te brengen of er sprake is van hogere btw-inkomsten voor de overheid. Je zou kunnen zeggen: als er meer energie wordt verkocht of als er meer brandstof wordt verkocht, dan krijg je meer btw-inkomsten. Daartegenover staat dan echter dat als je je geld bij de pomp uitgeeft en niet bij de bakker, er via de bakker geen btw-inkomsten binnenkomen bij de Staat. Dus is niet zomaar gezegd dat meer btw vanuit de energie-inkomsten in z'n totaliteit leidt tot meer btw-inkomsten bij de overheid. We brengen dus in kaart of dat zo is, maar die winstwaarschuwing moet ik uw Kamer geven, zoals ook de minister van Financiën die tijdens het plenaire debat heeft gegeven.

Dan de vraag van de heer Dijk of Nederland zich gaat aansluiten bij een groep landen die de overwinsten willen afromen. Ook mevrouw Kröger had het over overwinsten. Ook daarvoor geldt: we brengen in kaart in hoeverre er in Nederland door olie- en gasbedrijven hogere winsten worden gemaakt. Ik kan daar nu niet op vooruitlopen. Daarom hebben we ons ook nog niet aangesloten bij de brief. We kijken eerst goed naar wat er aan de hand is, maar we volgen de ontwikkelingen natuurlijk nauwgezet en brengen dit ook in kaart.

Ik dacht dat mevrouw Kröger een vraag had gesteld over de gesprekken met de energieleveranciers in relatie tot het noodfonds, en dat ze een aparte vraag had gesteld over het prijsplafond. Ook daarvoor geldt dus: we nemen dit mee in alles wat we nu aan het bekijken zijn voor die brief waarmee we voor het meireces nog naar u toe komen. Daar kunt u dus ook dat prijsplafond in meenemen. Ik weet dat u ook een vraag heeft gesteld over de gesprekken met de energieleveranciers, maar daarop kom ik dan terug bij het noodfonds.

Voorzitter. Dat was het eerste blokje over de actuele ontwikkelingen en de maatregelen in de crisisbrief. Er waren een paar interrupties volgens mij.

De voorzitter:
Dat klopt; dat heeft u goed gezien. Ik heb inderdaad een aantal Kamerleden hun hand zien opsteken. Ik begin bij de heer Grinwis.

De heer Grinwis (ChristenUnie):
Dank voor de toezegging om in ieder geval de optie van die splitsing in de eerste schijf van de energiebelasting serieus te overwegen bij het maatregelenpakket. Ik snap natuurlijk dat er een dekking moet zijn. Is de toezegging dan dat het wordt meegenomen en terugkomt in de brief die we als Kamer voor het debat over de Voorjaarsnota, dus voor 22 april, krijgen? De vraag die hieraan gekoppeld is, gaat over de heffingskorting in relatie tot de vermindering van de energiebelasting en de bedrijven. Klopt het dat het hierbij gaat om een bedrag van ongeveer 400 miljoen?

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Over dat laatste durf ik echt niets te zeggen. Wat betreft die splitsing: als je het alleen tot de huishoudens zou beperken, zou het dan 400 miljoen belastingverzwaring voor het bedrijfsleven betekenen? Dat is denk ik de vraag van de heer Grinwis. Daar durf ik vanuit deze portefeuille zo geen antwoord op te geven. Ik kan eventueel kijken of ik daar voor de tweede termijn een antwoord op kan krijgen van de collega's. Anders komen we daar vast op terug. Dit wordt inderdaad meegenomen in de brief waarin we naar alle maatregelen kijken.

De voorzitter:
U gaf al aan dat een aantal antwoorden schriftelijk zullen volgen. Er zijn namelijk vragen gesteld aan meerdere kabinetsleden. De minister doet haar best vanmiddag. Ik was bij de heer Heutink, dacht ik. Daarna de heer Kops.

De heer Heutink (Groep Markuszower):
Ik hoor de minister eigenlijk hetzelfde argument noemen over de extra belastinginkomsten als de minister van Financiën, namelijk: je kunt een euro maar één keer uitgeven en extra btw-inkomsten leiden niet per definitie tot meer geld in de schatkist van de Staat. Ik zou toch heel graag willen dat het kabinet daarvan af gaat stappen. Het zou namelijk betekenen dat het kabinet iedere euro van inmiddels iedere Nederlander afneemt en dat iedere euro wordt uitgegeven, maar dat is gewoon niet waar. Ik zou aan het kabinet willen vragen om in ieder geval te erkennen dat dat soort opmerkingen — ik bedoel de opmerking dat het per saldo niets oplevert voor de schatkist als er meer btw-inkomsten binnenkomen door een bepaalde ontwikkeling — gewoon niet hard te maken vallen.

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Op dit punt ben ik het niet met de heer Heutink eens en wel met de minister van Financiën. Als er geld wordt uitgegeven aan het ene product waar btw op wordt geheven en er daardoor minder geld wordt uitgegeven aan een ander product waarop evenveel btw wordt geheven, hoeft dat per saldo niet te leiden tot extra inkomsten. Er is toegezegd dat wij zullen bekijken of het heeft geleid tot extra btw-inkomsten, maar ik sta achter de lijn van de minister van Financiën.

De heer Kops (PVV):
We hebben het nu, in dit debat, over de energierekening van huishoudens en de betaalbaarheid daarvan. Die betaalbaarheid staat zwaar onder druk; dat kunnen we allemaal wel concluderen. Feitelijk zegt de minister in dit debat: "We werken aan een brief, een inventarisatie, ten behoeve van de Voorjaarsnota; wacht u die maar gewoon af. Er wordt naar alles gekeken. Er zijn geen taboes." Procedureel kan ik dat nog wel begrijpen, maar het is toch wat makkelijk. Het is niet de eerste energiecrisis; in 2022 hebben we die ook gehad. Toen zijn er ook maatregelen genomen. Kan de minister aangeven naar welke maatregelen haar voorkeur nu uitgaat en wanneer die maatregelen volgens haar in zouden moeten of kunnen gaan?

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Nee, dat kan ik helaas niet, omdat daarvoor een goede afweging van de verschillende maatregelen noodzakelijk is. Daarbij bekijken we hoeveel een bepaalde maatregel kost, hoe we de kosten dekken, waar de lasten terechtkomen en hoe je ervoor zorgt dat je echt de mensen bereikt die het het hardst nodig hebben. Dat is overigens waartoe we zijn opgeroepen door de Europese Commissie. Die heeft ons opgeroepen om niet met ongerichte maar met gerichte maatregelen te werken. Daarom loop ik daar niet op vooruit. We kijken eerst goed naar wat verstandig is.

De voorzitter:
Een tweede interruptie voor meneer Kops.

De heer Kops (PVV):
Toch begrijp ik dit niet helemaal. Dat werk, dat onderzoek, is grotendeels natuurlijk al gedaan. Die maatregelen hebben allemaal op tafel gelegen en zijn allemaal onderzocht in 2022. Misschien mag ik een wat principiëlere vraag stellen aan de minister. We heffen 9%, het lage tarief, op bijvoorbeeld water en geneesmiddelen. Vindt de minister niet ook dat energie een basisbehoefte is en dus principieel niet thuishoort onder het hoge maar onder het lage tarief, even afgezien van wat het kost en waar het vandaan moet komen? Vindt de minister niet ook, principieel, dat energie een basisbehoefte is en onder 9% moet vallen?

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Dit maakt echt onderdeel uit van het Belastingplan. Juist omdat de heer Kops die dingen zo nadrukkelijk aan elkaar koppelt, kan ik daar geen bevestigend antwoord op geven, want dan zou ik een groot gat in de begroting van mijn collega slaan. Laat mij dat niet doen. Als het gaat om de energiecrisis wil ik er wel op wijzen dat elke crisis anders is. Toen was gas het belangrijkste onderdeel van de energiecrisis. Nu zien we dat de grootste prijsstijgingen meer zitten in diesel en kerosine. Dat raakt de huishoudens en de economische sectoren weer op een andere manier. Ondanks het gegeven dat er gelukkig veel maatregelen liggen waar we opnieuw naar kunnen kijken, moet de weging van wat nu verstandig is, echt opnieuw gemaakt worden.

De voorzitter:
U heeft drie interrupties in totaal, meneer Kops. We zitten in het eerste blokje, maar het is aan u. Ik wil u dat alleen maar meegeven.

De heer Kops (PVV):
Dat zij dan zo. Ik hoor in ieder geval geen nee van de minister. Ik hoor de minister niet zeggen dat energie onder dat lage tarief thuishoort, maar dat daargelaten.

Ik heb een andere vraag. We hebben hier nota bene van ambtenaren van de ministeries een briefing gehad. Zij gaven zelf aan: de energierekening bestaat voor bijna 60% uit belastingen en netbeheerkosten. Dat is echt veel meer dan de helft. Vindt de minister dat niet veel te veel? Vindt de minister niet dat die verhouding totaal scheef is geraakt en dat het gewoon andersom moet? Vindt de minister niet ook dat de belastingdruk op de energierekening veel en veel te hoog is?

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Ik kom zo meteen op het blokje over de kosten. Ik zou de heer Kops willen voorstellen om de interruptie heel even te bewaren, tot ik daar antwoord op heb gegeven, maar ik kan er ook nu antwoord op geven; wat hij wil. Ik ben in uw handen, voorzitter.

De voorzitter:
Als u zegt dat straks mee te nemen, zou ik willen voorstellen om het dan te doen. Maar dan moet er wel een goed antwoord op komen. De heer Kops is namelijk niet meer in de gelegenheid om extra vragen te stellen.

De heer Kops (PVV):
Prima.

De voorzitter:
Perfect. Ik zag meerdere handen. Ik weet dat ik de heer Dijk eerst heb gezien. Daarna kom ik bij de heer Vermeer.

De heer Jimmy Dijk (SP):
Ik snap iets niet zo goed, eigenlijk al weken niet. Echt iedereen die ik buiten dit gebouw spreek, echt iedereen, heeft het over de stijgende kosten voor brandstof, energie en boodschappen. Dat is echt al tijden zo. Maar de afgelopen weken is het: energie, energie, energie. Ik denk ook aan heel veel mensen die ik bij de pomp spreek die met tranen in de ogen hun tank aan het vullen zijn. Maar ik hoor men vooral over energie. Het kabinet blijft zeggen: wij komen in een brief met een maatregelenpakket. Die brief komt op 22 april, dacht ik. Dat vind ik nog uit te leggen. Maar wat is dan het moment waarop dit kabinet zegt: nu moeten we iets gaan doen aan de belasting op energie? Dat begrijp ik niet. Ik hoor nu alleen maar: we moeten gerichte maatregelen nemen en niet met hagel gaan schieten. Maar nu wordt er niks geraakt. Ik begrijp het gewoon echt niet. Wat is dan het moment waarop dit kabinet zegt: nu loopt het zo erg uit de hand; nu moeten we ingrijpen?

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Ik zou met dezelfde passie waarmee de heer Dijk zijn vraag stelt, kunnen antwoorden dat het kabinet verstandig wil omgaan met het belastinggeld dat we uitdelen. We halen het namelijk ook op bij mensen. Dat draagt ook bij aan hoeveel mensen uiteindelijk te besteden hebben in de supermarkt of aan de pomp. Daar moeten we dus echt zorgvuldig over nadenken. Dat is wat de Kamer ons heeft gevraagd te doen. Dat is dus ook wat we doen, juist omdat we de zorgen heel goed begrijpen. Ik zei het net al: zonder energie staat alles stil. Het raakt ons overal in de economie. We moeten dus goed nadenken over wat we doen, want het gaat snel om heel veel geld, en dat geld moeten we ook weer ophalen. Daarom kijken we daar zorgvuldig naar. Dat is een afspraak die we met uw Kamer hebben gemaakt. Dan kunt u daarna zeggen: ik zou het sneller willen. Dat zouden we allemaal graag willen, maar zorgvuldigheid kost ook tijd.

De voorzitter:
De heer Dijk voor een tweede interruptie.

De heer Jimmy Dijk (SP):
Ik wil best meegaan in het antwoord dat er een plan moet komen en dat het samenhang moet hebben. Maar er zaten al 2 miljoen mensen in een energiecrisis, nog voordat de oorlog door Trump in Iran gestart werd. Wat is dan het moment waarop dit kabinet zegt: nu moeten we ingrijpen? Dat moment is toch wel te bepalen? Dat is toch niet afhankelijk van het pakket waarmee je komt? Ik doel op het moment waarop je bepaalt: nu loopt het zo erg uit de hand; nu moeten we steun verlenen en ingrijpen op de prijzen. Dat gebeurde de vorige keer veel te laat met het energieplafond, maar blijkbaar gebeurde er toen iets. In mijn optiek, in de optiek van de SP, was dat omdat de hogere middenklasse voor het eerst werd geraakt met een hogere energieprijs, terwijl er al heel veel mensen in een energiecrisis zaten. Wat is het moment waarop dit kabinet zegt: nu is de prijs zo hoog dat we moeten ingrijpen?

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Laat ik allereerst constateren — dat zeg ik nadrukkelijk niet om te bagatelliseren — dat de prijs waar we het nu over hebben, gelukkig echt een hele andere is dan de prijspieken voor gas waar we de vorige keer mee te maken hadden. Toen waren er pieken tot €300. Nu zitten we rond de €50. Het tarief dat langer aanhield, was ongeveer €100, dus twee keer zo hoog als nu. Toen moest een aantal maatregelen überhaupt worden bedacht. We kunnen nu sneller, omdat er al verschillende maatregelen zijn. Maar om zorgvuldig te zijn moeten we ook bekijken of die passen bij deze crisis, die anders is dan toen, en hoe we ervoor zorgen dat we leren van de lessen van toen. Dat vraagt uw Kamer ons heel terecht. Die combinatie zal maken dat wij tot die brief komen. Het treffen van een belastingmaatregel is een maatregel. Die hoort in een gebalanceerd pakket, wat de heer Dijk onderschrijft. Ik begrijp uw ongeduld heel goed. Ik zou soms ook graag willen dat we sneller konden, maar de realiteit is ook dat zorgvuldigheid hierin ongelofelijk belangrijk is, want het gaat om veel geld.

De voorzitter:
Dank u wel. Ik kijk even naar de heer Vermeer. Ik weet dat de heer Heutink op ditzelfde punt een vraag had. U ook, meneer Vermeer? Dan gaan we eerst naar u.

De heer Vermeer (BBB):
Na deze inleiding begin ik me echt af te vragen wat we verder nog gaan horen. Ik hoor eigenlijk: als de energiebelasting voor burgers omlaaggaat, moet die voor bedrijven omhoog; extra btw-inkomsten zijn er niet of zijn niet te gebruiken. Er wordt eigenlijk gezegd: we komen met een pakket maatregelen die je zelf gaat betalen. Er is altijd gezegd: we hebben veel geld nodig, we hebben diepe zakken nodig om crisissen te kunnen bestrijden; daarom moeten we een lage staatsschuld hebben en doen we zo voorzichtig. Dan wordt het gebagatelliseerd door een minder extra hoge rekening voor energie in je huis dan vier jaar geleden. Maar het is nu ook voor de auto en voor de boodschappen. We hebben hier dus gewoon te maken met een crisis. Het kabinet zegt: alles wat we voor gaan stellen, gaan we dekken door het bij dezelfde mensen, de Nederlander, op te halen. Ik snap het gewoon niet. Begrijp ik het totaal verkeerd? Of zegt de minister eigenlijk: we zitten zo vast in onze begrotingsregels dat we geen geld hebben om met maatregelen te komen?

De voorzitter:
U gaat over uw eigen vraagstelling, maar probeer de vragen gericht te stellen, zodat we daar een goed antwoord op kunnen krijgen.

De heer Vermeer (BBB):
Ik vond het vrij gericht.

De voorzitter:
Prima.

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
De financiële situatie is complex; dat is absoluut waar. Bij de vorige crisis stond de Nederlandse overheid er financieel gezien anders voor. Ik ga op niks vooruitlopen. Alleen, ik zeg dat wij goed over het maatregelenpakket nadenken, omdat maatregelen veel geld kosten en de Nederlandse overheid uiteindelijk alleen belastinggeld heeft. Ook geld dat eventueel in een reserve zit, is uiteindelijk belastinggeld. Dat is het enige wat ik zeg.

Verder vraagt de heer Vermeer er terecht aandacht voor dat deze crisis anders is dan de vorige crisis, toen het voornamelijk om gas ging. Ik heb net gezegd dat het nu anders is. Ook de prijs voor gas is verhoogd, maar het gaat nu met name om diesel. Het raakt dus ook andere mensen en plekken in de economie. Ik deel dat met de heer Vermeer. Ik heb net nadrukkelijk het prijsverschil benoemd. Dat deed ik niet om het te bagatelliseren. We zien namelijk dat mensen en sectoren geraakt worden. Maar het is een ander beeld dan de vorige keer. Het vraagt om een zorgvuldige weging.

De voorzitter:
U krijgt nog een vervolgvraag. Ik verzoek u om de beantwoording iets beknopter te houden.

De heer Vermeer (BBB):
De overheid staat er inderdaad anders voor, want we hebben nu een lagere staatsschuld dan indertijd. We hebben in theorie dus meer ruimte. We hebben ook een wat lager begrotingstekort. Maar ik vind het echt heel ingewikkeld. We moeten ons wel realiseren dat we te maken hebben met een minderheidskabinet, dat samen met de Kamer tot oplossingen zal moeten komen. Maar ik voel dat we eigenlijk steeds voor een dichte deur staan. Ik voel geen enkele ruimte. Kan de minister die ongerustheid bij mij wegnemen? Of gaan we dit gewoon in de Voorjaarsnotabehandeling allemaal herhalen, met aan het eind van de dag allemaal gefrustreerde Kamerleden en, erger nog, mensen die niet geholpen worden?

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Toen ik naar dit debat toe ging, dacht ik: ik kan me ook voorstellen dat het, als we niet oppassen, een tweede ronde wordt van het debat dat we twee weken geleden hadden. Toen heeft het kabinet afgesproken — er zaten toen wat meer bewindspersonen — om in gezamenlijkheid met een brief naar de Kamer te komen, zodat we het er in gezamenlijkheid over kunnen hebben. Het kabinet is zich zeer bewust van het feit dat het een minderheidskabinet is. Ik hoop dat u er begrip voor heeft dat ik, als een van de leden van het kabinet, vandaag in dit overleg niet vooruit kan lopen op een brief waarvan we als kabinet als geheel met uw Kamer hebben afgesproken ermee te komen. Het vraagt namelijk echt een zorgvuldige weging over verschillende portefeuilles. Ik doe mijn best om vandaag recht te doen aan uw inbreng, maar daarmee kan ik nog niet alles beantwoorden. Ik hoop dat u daar van uw kant begrip voor heeft. Dank.

De voorzitter:
Ik heb het antwoord gehoord. Ik wil de minister de gelegenheid geven om straks in de andere blokjes nog op inhoudelijke vragen in te gaan. Daarom wil ik even kijken … Met uw goedvinden wil ik de heer Heutink in dit blokje tot slot nog de gelegenheid geven voor een vraag. Daarna gaan we echt naar het volgende blokje toe. Meneer Grinwis, heeft u een punt van orde?

De heer Grinwis (ChristenUnie):
Nee, ik was als eerste. Ik stak mijn hand op. Ik heb nog één vraag, omdat we nu in de uitzoekfase van dingen zijn. Ik dacht dus: ik wil er nog eentje meegeven aan de minister.

De voorzitter:
Dat begrijp ik. Misschien bent u het vergeten, omdat we al zo lang over het eerste blokje doen, maar u heeft al een eerste vraag gesteld in het blokje. Ik wil nu dus eerst even naar de heer Heutink. Dan krijgt u daarna ook nog de gelegenheid van mij, maar weet dat ik ook heel graag naar het volgende blokje toe wil.

De heer Heutink (Groep Markuszower):
Het moet me toch wel van het hart dat de minister zich redelijk goed weet te beheersen. Ze had nog een paar mooie inkoppertjes kunnen maken richting collega Vermeer, maar dat heeft ze niet gedaan. Dat siert de minister dus. Ik wil het even met de minister hebben over haar opmerking dat er verstandig moet worden omgegaan met belastinggeld inzake het terugdringen van de prijzen. Ik deel de mening dat we verstandig moeten omgaan met belastinggeld. Stel dat de minister het zou vragen aan de mensen die zich nu blauw betalen aan de pomp, aan de mensen die zich nu scheel betalen aan de kassa op het moment dat ze boodschappen moeten doen, of aan de mensen die zich zorgen maken over de energierekening. Denkt de minister niet dat die mensen het heel erg verstandig zouden vinden dat hun zuurverdiende belastinggeld wordt uitgegeven om hun peperdure rekening wat naar beneden te brengen? Zou de minister niet denken dat die mensen dat vinden?

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Ik kan de heer Heutink verzekeren dat we ook die mening meewegen in het geheel.

De voorzitter:
Kijk, zo kort kan het ook.

De heer Grinwis (ChristenUnie):
Eerst het goede nieuws, voorzitter. Ik moet hierna het pand verlaten, dus u hebt zo meteen geen last meer van mij.

De voorzitter:
Dat vind ik juist helemaal geen goed nieuws, maar goed, gaat u verder.

De heer Grinwis (ChristenUnie):
Dan het slechte nieuws: ik heb ook nog een vraag aan de minister. Het goede nieuws over het noodfonds ga ik later terugluisteren. Mijn vraag is de volgende. Als er voor 22 april dan toch een uitzoekbrief komt met alle ins en outs en opties, wil ik nog één vraag meegeven voor die brief. Die is dat hogere energieprijzen ook betekenen dat onrendabele toppen bij verschillende subsidies kleiner worden. Anderzijds neemt de vraag naar warmtepompen toe, dus dat vergroot weer de hoeveelheid aanvragen van subsidies. Kan de minister in de brief ook inzicht geven, misschien in verschillende scenario's, in de hoeveelheid subsidie die vrijvalt als dit zo doorgaat? Dan hebben we weer een eventuele dekkingsbron, alhoewel ik liever niet aan SDE-potjes kom. Maar het is wel een reëel punt dat onrendabele toppen gewoon kleiner worden bij hogere prijzen.

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Ja, dat is zo. Bij onrendabele toppen wordt dat anders. Het hangt er natuurlijk wel van af hoe de subsidie is ingericht. Bovendien hangt het af van de hoeveelheid aanvragen die er worden gedaan of er uiteindelijk iets vrijvalt. Ik hoor ook steeds breed in uw Kamer: laten we ervoor zorgen dat alle aanvragen gedekt kunnen worden. In die zin zien we nu vooral dat de aanvragen flink oplopen, misschien nog wel wat harder dan dat de onrendabele toppen verminderen. Ik ben er dus eerlijk gezegd niet hoopvol over dat er veel geld vrijvalt.

De heer Grinwis (ChristenUnie):
Maar mijn vraag was: kan de minister daarin inzicht geven in de toegezegde brief? Hoe gaat dat? Hoe verhouden die twee zich tot elkaar? En inderdaad: vergt het extra subsidie aan het einde van het jaar of valt er wat vrij? Het is fijn om dat inzicht te hebben.

De voorzitter:
U vraagt naar een toezegging op dat punt.

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Ik zal even kijken. U hoort in de tweede termijn waarin we op welk moment inzicht kunnen geven. Er zijn, denk ik, bepaalde momenten in het jaar waarop we naar het verloop van de uitputting van budgetten kijken. Ik weet niet of de brief zo gedetailleerd is dat hij over al die subsidieregelingen gaat, en of dat allemaal in één brief zit, maar we kijken even wat we kunnen doen.

De voorzitter:
Ik wilde doorgaan naar het volgende blokje, maar ik zie toch nog een vinger van mevrouw Kröger. Haar wil ik uiteraard ook de kans geven.

Mevrouw Kröger (GroenLinks-PvdA):
Ik vind het lastig dat het een beetje voelt alsof we dit debat kennelijk twee weken te vroeg hebben, maar ondertussen hebben we het eigenlijk veel te laat. Aangezien het nu een inventarisering betreft van wat er allemaal wel of niet in de brief komt, heb ik een punt over het serieus kijken naar de overwinsten van oliebedrijven. De minister zei namelijk dat we naar de winsten van energiebedrijven kijken, maar dat zijn veelal bedrijven in Nederland die energie leveren aan consumenten. Mij gaat het om de oliebedrijven. Dat moet je Europees doen. Wordt er dus echt een inventarisatie gemaakt van de overwinsten die nu al gemaakt worden? Nieuwsberichten laten zien dat die aanzienlijk zijn. Ik zag net iets voorbijkomen over vele tientallen miljoenen per dag.

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
In het debat van twee weken geleden is er een motie aangenomen en die motie wordt uitgevoerd in de context van de brief. Dat kan ik daarover zeggen tegen mevrouw Kröger. Ik weet niet waar zij anders precies op doelt en dan weet ik niet wat ik precies toezeg. Maar die motie wordt uitgevoerd; dat kan ik haar toezeggen.

De voorzitter:
Ik snap dat het lastig is om daar nog … Als dit is wat u daarover kunt zeggen, moeten we het daar voor nu even bij laten. U kunt doorgaan met het volgende blokje.

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Dank u wel, voorzitter. Het volgende blokje gaat over de energierekening. De heer Jumelet vroeg wanneer de Kamer de jaarlijkse prognose van de energierekening voor huishoudens kan verwachten. De energierekening is inderdaad sterk veranderd, dus ik begrijp de vraag heel goed. Naar verwachting wordt de eerste prognose van de energierekening tijdens Prinsjesdag gepubliceerd. Dan kunnen we namelijk ook de laatste inzichten uit studies zoals de KEV meenemen.

De VVD, de SGP en andere fracties vroegen naar de netkosten. Er werd gesteld dat die mogelijk omhooggaan. De vraag was of die kunnen worden uitgesmeerd om de kostenstijgingen te dempen. De heer Flach vroeg daarnaar vanuit het idee dat je op enig moment investeert voor meerdere generaties; kun je de kosten dan ook niet uitsmeren? We rijden allemaal over wegen die ooit zijn aangelegd en we maken gebruik van het spoor dat ooit is aangelegd. Het is dus logisch dat we daarover nadenken. De investeringen die we nu doen, gaan decennia mee. De komende generaties hebben daar profijt van. Dat is hoe het huidige systeem werkt. De investeringen in het net worden al uitgesmeerd over de afschrijvingstermijn. Voor het net op land betreft die ongeveer 40 jaar. De investeringen van vandaag landen in de nettarieven tot 2066, zodat die geleidelijk worden gespreid. Het idee van amortisatie — dat is de term die hierbij genoemd is door de leden — is om de investeringen nog verder in de tijd te spreiden. Dat kan als je een duidelijke piek hebt op het ene moment en een duidelijk dal op het andere moment. Dan kun je zeggen: dat gaan we een beetje gelijktrekken over de jaren heen.

We zien dat dat bijvoorbeeld bij waterstof gebeurt. We noemen het daarbij de "intertemporele kostentoerekening", geloof ik, of een ander bijna onuitspreekbaar woord. Maar helaas zien we dit patroon niet terug bij het elektriciteitsnet. Het is niet waarschijnlijk dat er daar in de komende decennia een dal komt en dan is dit dus geen effectief instrument. We zetten wel in op maatregelen om flexibel gebruik van het net te stimuleren. Dat leidt namelijk tot twee dingen: het leidt tot een kostenbesparing, dus dat maakt de rekening voor ons allemaal goedkoper, maar het geeft ook meer handelingsperspectief ten aanzien van de netkosten. Nu kun je alleen nog besparen op het volume, maar dan kun je ook besparen door op een ander moment in de tijd energie te gebruiken. Daarmee wordt dat ook een flexibeler onderdeel van de energierekening dan het nu is.

Mevrouw Müller vroeg ook nog naar de gedifferentieerde tarieven uit de verkenning van de ACM. Gedifferentieerde tarieven voor kleinverbruikers zorgen ervoor dat de netcongestie wordt verlicht en dat huishoudens dus meer naar gebruik betalen. Het merendeel van de huishoudens gaat er volgens de schatting op vooruit. Dat gaat om zo'n 60%. Het is wel zo dat je meer betaalt als je een groter verbruik hebt. Dat is dan weer gunstiger voor huishoudens met een kleiner verbruik, maar juist door de mogelijkheden van slim netgebruik hebben ook deze huishoudens wel perspectief. Als je meer verbruikt, heb je ook meer baat bij het feit dat er een daltarief is, zou je kunnen zeggen. Zo wordt dat dus bij elkaar gebracht. Er wordt ook nog verkend of er flankerend beleid nodig is om tariefstijgingen voor specifieke groepen wat te dempen. Ik verwacht de Kamer voor het einde van het jaar te kunnen informeren over de financiële effecten van het nieuwe gedifferentieerde tariefstelsel.

De heer Vermeer vroeg hoe eerlijk het is dat mensen die niet verduurzamen wel steeds meer betalen. Dat ging volgens mij over het gasnet; o nee, die vraag komt zo meteen nog. Voor belastingen worden alle bekende mogelijkheden om de energierekening te verlagen meegenomen in de inventarisatie van de maatregelen die nu loopt. Om tariefstijgingen zo veel mogelijk te dempen zetten we dus in op flexibel netgebruik, locatiekeuzes in het elektriciteitsnet — dat maakt ook nog uit — het aansluitoffensief voor de inzet op flexibiliteit en de tijdgebonden tarieven voor kleinverbruikers. Dat flexibel netgebruik zou volgens de laatste cijfers van de netbeheerders een kostenbesparing van 24 miljard kunnen opleveren. Bij netten gaat het om grote tarieven, maar ook bij efficiënt omgaan met de netcapaciteit gaat het om grote tarieven.

Nu komt dan de vraag over het gas. Mevrouw Müller heeft die gesteld, maar ik dacht dat de heer Vermeer die ook had gesteld. Steeds meer huizen gaan van het gas af, maar wordt het onderhoud van dat netwerk dan uiteindelijk maar over een klein clubje verdeeld, dan wordt het daar eigenlijk wel heel erg duur voor. Die mensen hebben misschien nog niet altijd de mogelijkheid, bijvoorbeeld als ze op het platteland wonen of er geen andere mogelijkheid is. Hoe zorgen we daar dan voor? Dat is een risico. Daarom heeft de ACM het mogelijk gemaakt om bij de gastarieven een reservering te maken voor de toekomstige afbouw. Met een kleine jaarlijkse bijdrage kan dus er een grote reservering ontstaan, omdat er nu nog een grote groep gasgebruikers is. Op het moment dat er dan nog maar een kleine groep is, kan die reservering ervoor zorgen dat de kosten dan niet onredelijk stijgen voor de laatste groep gasgebruikers.

Dan had de heer Jumelet nog een vraag over hoe we grip houden op de betaalbaarheid van energie voor huishoudens. Dat vroeg hij ook in de context van het Midden-Oosten. Er was ook een vraag van de heer Dijk over het variabele energiecontract, die een beetje in dezelfde context valt. De gemiddelde energietarieven zijn gelukkig weer iets gedaald ten opzichte van vorige week, maar we weten dat dit een zeer onvoorspelbaar conflict is, dus ik zeg dat met enige voorzichtigheid.

Voor huishoudens met een variabel of dynamisch contract heb ik al aan het begin van de crisis gezegd: wanneer je voor zo'n vernieuwing staat, kijk dan goed of het ook bij jou past. Als je een dynamisch contract hebt, moet je er gewoon rekening mee houden dat het soms geld oplevert of je heel weinig kwijt bent, maar dat je daarmee bewust ook een groter risico neemt. Kijk goed of je dat in je buffers aankunt als huishouden. Kijk goed wat bij jou past.

Voorzitter. Gelukkig zijn er weer vaste contracten, zodat mensen die zeggen "ik heb die zekerheid nodig" daar ook voor kunnen kiezen. Dat was een les van de vorige keer, toen was dat niet allemaal zo geregeld. Inmiddels is in de nieuwe Energiewet opgenomen dat vergunninghoudende energieleveranciers altijd ten minste twee soorten energiecontracten moeten aanbieden: het modelcontract met variabele tarieven voor onbepaalde tijd en het modelcontract met vaste tarieven voor bepaalde tijd, in ieder geval voor een jaar. Zo hebben huishoudens ook een keuze.

De heer Kops had nog een vraag over het verschil tussen de prijzen in Nederland en die in de landen om ons heen. Dat ging over Gaslicht.com. Ik heb dat signaal ook gezien. Daarover kan ik zeggen dat het bij de prijzen die Gaslicht.com schetst, over de nieuwe contracten gaat; dat weet de heer Kops ook. In onze buurlanden voeren energiemaatschappijen trager prijsverhogingen door dan Nederlandse energiemaatschappijen, dus daar krijgen ze ook later te maken met de prijsverhogingen.

De Europese Commissie heeft in 2025 voor de laatste keer een uitgebreide vergelijking tussen landen onderling gedeeld. De zorg zit natuurlijk vooral bij de laagste inkomens, maar die studie laat zien dat de groep huishoudens met een laag inkomen in Nederland ongeveer dezelfde uitgaven heeft aan energie als een vergelijkbare groep in Frankrijk en Duitsland. In Spanje lag de rekening voor de groep huishoudens met een laag inkomen lager dan in Nederland, maar in België juist weer hoger. Het is dus ook goed om goed te kijken hoe die kosten per groep huishoudens verdeeld zijn.

Dan een vraag van de heer Heutink; ook anderen hebben hieraan gerefereerd. Kan het simpeler, kunnen we de bureaucratie verminderen? Ik kom daar zo meteen nog op terug bij het blokje over isoleren en hoe we zorgen dat we de juiste mensen goed bereiken. De heer Heutink had een specifieke vraag over de thuisbatterij. Ik moet zeggen dat ik het antwoord ook echt even moest lezen, want ik wist het ook allemaal niet precies. Als je de stroom van je thuisbatterij zelf gebruikt, hoef je je niet in te schrijven als ondernemer. Ik dacht: dat zal toch niet waar zijn? Dat is gelukkig ook niet zo. Gebruik je je thuisbatterij thuis om de stroom van je zonnepanelen op te slaan, dan hoef je je niet bij de Belastingdienst te registreren als ondernemer. Als je stroom wil gaan delen, wordt het anders. Dan word je een ondernemer, maar dan kun je wel btw terugvragen. Daar zit dan dus ook nog wel weer een voordeel aan. Je kunt dan btw terugvragen bij de Belastingdienst voor het deel dat is verhandeld op de energiemarkt.

In de beleidsagenda voor energieopslag, die wordt uitgewerkt, kan ook nader worden gekeken in hoeverre we bureaucratie bij gebruik verder terug kunnen brengen. De vraag is namelijk of we energie delen niet ongelofelijk ingewikkeld maken. Hier wordt dus nog nader naar gekeken. Ik begrijp de vraag, maar voor thuisbatterijen geldt dit dus niet.

De voorzitter:
Minister, bent u bijna aan het einde van dit blokje? Er zijn namelijk wat vragen.

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Ja, bijna. Ik heb er nog eentje, en dan zijn we bij het noodfonds en komen we bij salderen en isoleren. Er was een specifieke vraag over de betaalbare energierekening voor huishoudens in Caribisch Nederland. In navolging van het amendement van de ChristenUnie zijn voor 2026 middelen vrijgemaakt, 2,2 miljoen euro, om de netkosten in Caribisch Nederland terug te brengen naar het niveau van Europees Nederland. Daarnaast is er 2,2 miljoen euro beschikbaar voor duurzaamheidsprojecten op de eilanden. Dat is wat er op dit moment is. In navolging van het coalitieakkoord zijn middelen ter beschikking gesteld om de betaalbaarheid in Caribisch Nederland te verbeteren, namelijk 30 miljoen, want er zijn niet voor de lange termijn middelen gereserveerd om de tarieven terug te brengen naar het niveau van Europees Nederland. Over de inzet van die 30 miljoen zal de Kamer met Prinsjesdag nader worden geïnformeerd.

Dat was het laatste in de context van energierekening, voorzitter.

De voorzitter:
Dank u wel en ook dank voor het tempo dat u erin heeft. Ik hoorde nog wel een paar dubbelingen, maar verder complimenten daarvoor. Ik ga snel naar de heer Heutink.

De heer Heutink (Groep Markuszower):
Ik heb de site van de Belastingdienst er even bij gepakt. Daarop staan de voorwaarden om btw te kunnen terugvragen over de aanschaf en de installatie van een thuisbatterij. Je moet de thuisbatterij gebruiken voor de in- en verkoop van stroom bij je energiemaatschappij. Je moet een energiemanagementsysteem hebben. Je moet een dynamisch energiecontract hebben — wie wil dat nou nog in deze tijd? Als je 'm privé gebruikt, dan kun je inderdaad de btw over het verkochte niet terugvragen, maar dan voldoe je dus niet aan alle eisen om dat ding überhaupt te kunnen kopen, want je kunt dan de btw over het aangeschafte niet terugvragen. Daar ziet mijn vraag op. Op het moment dat je het aantrekkelijk wil maken en mensen aan zo'n lijst van voorwaarden moeten voldoen om überhaupt de btw over de aanschaf van een thuisbatterij te kunnen terughalen, dan gaat er toch wat mis in die bureaucratie?

De voorzitter:
Ik kijk ook even naar mevrouw Kröger. Had zij ook op dit punt een vraag? Dan kunnen we die misschien gelijk meenemen.

Mevrouw Kröger (GroenLinks-PvdA):
Ik wil graag eerst het antwoord horen.

De voorzitter:
Oké, dan gaan we eerst naar het antwoord.

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Ik hoor dat de heer Heutink nu eigenlijk verzoekt om een btw-vrijstelling op de aanschaf van een thuisbatterij.

De heer Heutink (Groep Markuszower):
Die is er al.

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Nee, die is er dus niet, behalve als je energieondernemer wordt, want dan kun je de btw terugvragen. Maar je hoeft dus geen energieondernemer te worden om een thuisbatterij te kunnen installeren. Daarin zit dus het verschil in behandeling. Als de thuisbatterij alleen voor jezelf is, dan kun je, zoals met alles als je ondernemer bent, btw terugvragen. Als je geen ondernemer bent, kan het niet. Er zijn een paar hele specifieke uitzonderingen, maar daar zit de thuisbatterij niet bij op dit moment.

Mevrouw Kröger (GroenLinks-PvdA):
Hier wreekt zich nu een beetje dat we maar drie interrupties hebben, want ik was geheel niet van plan om over dit onderwerp een vraag te stellen, maar wat de minister net zei … Ik heb het amendement gemaakt over energie delen en over energiegemeenschappen. Het idee daarbij was dat mensen energie met elkaar kunnen delen. Je wekt heel veel op, met zonnepanelen, je slaat het op en je kan het delen. Het is een vorm die in Europa ook wordt gestimuleerd in allemaal richtlijnen. Nu heeft de minister het opeens over een energieondernemer en zegt dat je je moet registreren bij de Kamer van Koophandel, of bij de Belastingdienst. Er moet van alles. Maar dat is toch echt nooit het idee geweest van energie kunnen delen op het moment dat jij te veel energie hebt, die je niet zelf kan gebruiken. De wetgeving daarvoor hebben we overigens als Kamer hier nog niet gehad, maar in de uitwerking van het amendement, in hoe het in de wet staat, zit dat hier allemaal niet bij, hoor.

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Ik gaf het net ook aan: ik moest deze vraag echt even goed lezen, want toen dit amendement werd ingediend, was ik daar helaas niet bij, zeg ik even tegen mevrouw Kröger, dus dank voor de kleine coulance. De vraag van de heer Heutink was eigenlijk: is het niet onnodig complex als je een thuisbatterij wil aanschaffen? Het enige wat ik heb willen aangeven, is dat als je een thuisbatterij aanschaft en je die stroom alleen zelf gebruikt, dan een aantal van de voorwaarden waar hij aan refereerde, namelijk dat je je zou moeten inschrijven als ondernemer — zo was het geïnterpreteerd — niet van toepassing zijn. Ik hoorde mevrouw Kröger zeggen, en ik ben dat met haar eens, dat we eigenlijk op zo veel mogelijk manieren willen stimuleren dat stroom kan worden opgewekt, opgeslagen en gedeeld. Ik weet dat er inderdaad een wetsvoorstel aan komt hiervoor. Volgens mij ligt dat zelfs nog bij mij.

Laat ik aan mevrouw Kröger zeggen dat we gaan kijken of we dat zo simpel mogelijk kunnen maken. Dat pakken we samen met de vraag van de heer Heutink op. Ik kan er verder geen concrete toezeggingen over doen, want ik heb dat wetsvoorstel zelf nog niet kunnen bekijken in de afgelopen vier, vijf weken waarin deze energiecrisis is losgebarsten. De vraag of we bureaucratie ook in die context zo veel mogelijk kunnen verminderen, neem ik dan mee als een warme oproep van zowel mevrouw Kröger als de heer Heutink.

De voorzitter:
Dank u wel. Het maakt wel wat los, want ik zie nog een aantal interrupties. Ik kijk even naar de heer Henk. O sorry, naar de heer Jumelet. De casus-Henk hadden we al tijdens de rondetafel.

De heer Jumelet (CDA):
Ik hoor de minister inderdaad even ingaan op mijn vraag naar de jaarlijkse prognose van de energierekening voor huishoudens. Ik hoorde haar ook zeggen dat de KEV daarin wordt meegenomen. Rond Prinsjesdag komt dat dan ook allemaal in een brief. Dat is belangrijk, maar we horen ook vandaag, ook buiten dit gebouw elke keer weer, verschillende ideeën over wat er nou goedkoper kan, wat er duur is enzovoort. Mijn vraag is dus: kunt u daarin ook mee laten nemen dat er een duidelijk inzicht komt in wat nou werkelijk rendeert en wat nou werkelijk helpt in het verlagen van de energierekening van huishoudens?

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Ik moest even overleggen. Soms moet ik even kijken of ik iets kan toezeggen en of dat dan ook haalbaar is. De inschatting is dat we er wel iets van in zullen kunnen meenemen. Ik weet niet of we alle mogelijke gewenste variaties kunnen meenemen, maar we zullen ons best doen om daarin zo veel mogelijk tegemoet te komen aan de wens van de heer Jumelet.

De voorzitter:
Dan staat deze toezegging genoteerd; helemaal goed.

Mevrouw Müller (VVD):
Dank aan de minister voor de antwoorden over de nettarieven. Ik begrijp dat het kabinet echt inzet op flexibilisering en dat dat tegelijkertijd ook best wel moeilijk is, maar dat het wel een goede kan zijn om uiteindelijk netcongestie te voorkomen. Naast dat het kabinet aangeeft dit te stimuleren, ben ik wel op zoek naar wat het dan precies aan het doen is om dit verder te stimuleren. Misschien heeft u daar nu nog niet meteen een antwoord op, maar het lijkt me wel fijn om daar in de aanpak netcongestie meer over te horen te krijgen.

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
We zullen zorgen dat we de volgende keer dat het gaat over netcongestie, misschien iets meer in detail het effect van verschillende maatregelen zullen meenemen. Dat lijkt me een goede toezegging aan mevrouw Müller.

De voorzitter:
Wanneer zal de volgende keer zijn dat we het over netcongestie hebben?

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Dat valt in de portefeuille van de staatssecretaris. Ik weet niet precies uit mijn hoofd wanneer zijn volgende debat is, maar dat komt er volgens mij snel aan.

De voorzitter:
We noteren het voor 22 april.

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Kijk! Heel fijn.

De voorzitter:
Meneer Vermeer, heeft u nog een vraag?

De heer Vermeer (BBB):
Ja, voorzitter. Het is echt lastig, want het is allemaal complexe materie en we hebben heel weinig interrupties. Ik heb een vraag over de thuisbatterij. Omdat dat via dat btw-spoor loopt, maken we het ons gigantisch ingewikkeld, want dat betekent ook dat we btw moeten gaan betalen voor stroom die we terugleveren. Dan moeten we straks weer gaan afdragen aan de overheid. Maar het is veel problematischer dat juist de mensen waar dit voor bedoeld is, de mensen zijn die zonnepanelen hebben. Die hebben al een keer aan de btw-teruggaveregeling meegedaan, dus die mogen niet eens meedoen. Het is dus een hele interessante actie voor mensen die nog nooit zonnepanelen gekocht hebben, maar daar is het niet voor bedoeld. Het enige wat de overheid dan doet, is handelen in elektriciteit stimuleren in plaats van mensen met zonnepanelen helpen en netcongestie bestrijden. Dit kan niet waar zijn, dus ik hoop dat de minister dit allemaal nog eens even heel goed doorneemt. We hebben die hele ingewikkelde btw-route gekozen, maar we moeten gewoon subsidie geven aan de installateur en dan zijn we klaar. Dan hoeven we niet het hele fiscale systeem te belasten. Maar dat is maar een idee.

De voorzitter:
En uw vraag aan de minister?

De heer Vermeer (BBB):
Ik heb niet eens meer een vraag. Het is meer om mee te geven.

De voorzitter:
Ik kijk even naar de minister, want er zijn wel een aantal ...

De heer Vermeer (BBB):
Laat ik dan vragen: wil de minister dit meenemen?

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Ik heb het goed gehoord. Wanneer we met elkaar over het wetsvoorstel komen te spreken, zal ik zorgen dat we ook goed hebben nagedacht over de aspecten die hier genoemd zijn. Ik kan er nog niet op vooruitlopen, maar ik snap de vraag wel. We willen de dingen met elkaar zo simpel mogelijk organiseren en willen dat het bij de juiste mensen terechtkomt. Dat waren twee aspecten waar de heer Vermeer aan refereerde. We komen daar nog nader met elkaar over te spreken.

De voorzitter:
Dan gaan we door naar het volgende blokje.

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Dat gaat over het noodfonds. Dat valt onder de verantwoordelijkheid van mijn collega van SZW, maar ik ben daar natuurlijk wel bij betrokken.

De heren Flach, Grinwis en Oosterhuis en mevrouw Kröger hebben vragen gesteld over de stand van zaken rond het opnieuw openstellen van het noodfonds; ook JA21 heeft daarnaar gevraagd. Volgens mij bent u allemaal heel geïnteresseerd in het noodfonds. De minister van SZW heeft kort na de aanvang van het conflict duidelijk aangegeven dat het kabinet met spoed kijkt naar het opnieuw openstellen van het noodfonds. Ik begrijp de urgentie en die deelt het kabinet. Vandaag, voor dit debat, zat ik nog met de minister van SZW en de elektriciteitsbedrijven hierover om de tafel. Er wordt dus echt hard aan gewerkt.

Bij forse prijsstijgingen ligt het voor de hand de groep die het meeste risico op energiearmoede loopt zo snel en direct mogelijk een extra steuntje in de rug te geven. Sommigen van u refereerden ook aan de andere effecten van wonen in een slecht geïsoleerde woning. Ik ben zelf ook een keer op werkbezoek geweest bij een woning waarbij je tussen het kozijn en de muur naar binnen kon kijken. Dan denk je ook: hoe ziet de rest van je leven eruit met zo'n woning? Dat punt van energiearmoede is dus reëel. De vraag is hoe het snel kan en hoe het bij de juiste groep terechtkomt. We kijken hier samen met vertegenwoordigers van energiebedrijven naar. Zij denken mee over hoe het bij de juiste mensen terechtkomt. In de brief die voor het meireces komt en die al genoemd is, wordt ook beschreven hoe we dit met het noodfonds willen aanpakken. We zijn er echt volop mee bezig.

Het punt dat door bijna iedereen werd gemaakt, was: hiermee kunnen we deze mensen nu helpen, maar hoe kunnen we ze structureel helpen? Ik kom straks nog terug op isolatie, maar een concrete vraag betrof het volgende. Gegevens van huishoudens worden door het Noodfonds Energie gedeeld met gemeenten. Het huidige TNE deelt de contactgegevens van huishoudens die hier toestemming voor hebben gegeven — ik vind het heel belangrijk dat hier te benadrukken — met gemeenten, zodat zij hen kunnen helpen met het verlagen van hun energierekening. Hier hebben de gemeenten extra middelen voor gekregen. 125 gemeenten nemen deel aan die gegevensdeling. De verwachting is dat de huishoudens hierdoor geholpen kunnen worden bij het drukken van de kosten. Onderzoek van TNO — een aantal van u heeft daar ook aan gerefereerd — laat zien dat energiehulp een meetbaar effect heeft op het gas- en elektriciteitsverbruik, met name bij mensen in energiearmoede. Gemiddeld leidt dit tot een besparing van €215 per jaar op de energierekening. Dat zijn dus heel goede uitkomsten van de pilot. Het is goed dat al zo veel mensen daarmee bezig zijn.

Dan heb ik de vraag van mevrouw Kröger over hoe we ervoor zorgen dat warmtenetten betaalbaar worden voor mensen. De betaalbaarheid van collectieve warmte is inderdaad een punt van aandacht. Tijdens de behandeling van de Wet collectieve warmte is hier ook veel aandacht voor geweest. Consumenten zijn nu beschermd via het niet-meer-dan-anderstarief, dat de ACM jaarlijks vaststelt. Dit blijft zo in fase 1 van de tariefregulering, maar in fase 2 stappen we over op kostengebaseerde tarieven. Dit kan alleen als collectieve warmte niet meer kost dan het gangbare alternatief. Het doel is om de eindgebruikerskosten van collectieve warmte meer in lijn te brengen met de nationale kosten. De minister van Ruimtelijke Ordening en ik zullen voor de zomer een brief aan de Kamer sturen waarin we hier dieper op ingaan.

Dan heb ik nog een vraag van de heer El Abassi. Hij stelde dat energiearmoede tot hogere zorgkosten leidt. Dat heb ik net ook beoogd te betrekken bij mijn opmerking over het Noodfonds Energie. We realiseren ons dat het vaak om gecombineerde problematiek gaat.

Voorzitter. Dat was mijn beantwoording over het noodfonds. Het korte antwoord is: we zijn er echt heel hard mee aan de slag; we snappen dat het belangrijk is en we komen daar in de brief ook op terug.

De voorzitter:
Dank u wel. Wat betreft de beantwoording van de vragen: als u ergens in de brief op terugkomt, kunt u daar misschien ook iets beknopter over terugkoppelen aan de commissie. Ik kijk naar de heer Oosterhuis.

De heer Oosterhuis (D66):
Wat betreft het noodfonds had ik nog de vraag gesteld of de contactgegevens van mensen die aankloppen bij het noodfonds en behoefte hebben aan isolatie gedeeld kunnen worden met fixteams, energiecoaches et cetera. Kan het kabinet dat verzorgen?

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Ik heb net al aangegeven dat er nu een pilot loopt over het delen van gegevens met energiecoaches. Ik hoor in de oproep van de heer Oosterhuis dat hij zegt: als het fonds deze keer opengaat, zorg er dan voor dat deze worden gelinkt aan de instrumenten die er nu zijn, om zo voor die structurele relatie te zorgen. Gegevens delen kan natuurlijk alleen met toestemming van de mensen zelf, maar het lijkt me een heel goede suggestie om dit mee te nemen in de uitwerking waar we nu mee bezig zijn, waarbij we bekijken of we dit meteen mee kunnen nemen in de opzet van dit jaar. Want je wilt uiteindelijk mensen bereiken en de mensen die het niet zelf kunnen, helpen om tot isolerende maatregelen te komen. Dus ik zeg toe dat we het mee zullen nemen in de gesprekken die we nu hebben.

De voorzitter:
Oké, dank u wel. Dan kunnen we door naar het volgende blokje.

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Ja, voorzitter. Dat gaat over structurele maatregelen. Er is gevraagd of salderen kan terugkomen. Ik kan daar, op uw verzoek, wel kort over zijn. Dat kan ik nu natuurlijk niet toezeggen. Daar hangen grote financiële consequenties aan. Maar ik wil wel zeggen dat zonnepanelen nog steeds, ook nu, een rendabele investering zijn. Milieu Centraal becijferde dat je al ongeveer €50 per jaar extra kunt betalen … Sorry, naast zonnepanelen is er ook een … Excuus, voorzitter, ik probeer kort te zijn, maar dan ben ik in de war. Zonnepanelen lonen ook als de salderingsregeling is beëindigd. Als je minder elektriciteit afneemt van het net en je eigen stroom gebruikt, levert dat al extra geld op. Milieu Centraal becijfert dat je al ongeveer €50 per jaar extra kunt bezuinigen door je vaatwasser aan te zetten op het moment dat je eigen zonnepanelen stroom realiseren. Dat is dan alleen je vaatwasser.

Mevrouw Kröger vroeg: hoe zorgen we ervoor dat zonnepanelen aantrekkelijk blijven voor mensen in een sociale huurwoning, ook na deze afschaffing? De minister van VRO heeft dit onderzocht en haar bevindingen gedeeld in de brief van 6 januari. Dus daar moet ik het even bij laten.

De heer Oosterhuis, mevrouw Kröger en anderen vroegen mij of iedereen wel de weg vindt naar de subsidies. Isoleren rendeert eigenlijk voor heel veel mensen, maar om allerlei redenen lukt het misschien niet, vinden zij het niet, durven zij het niet of is het te complex. De minister van VRO is bezig met de uitwerking van de invulling van het energiehuis. Dit gaat over de ondersteuning van alle doelgroepen bij hun verduurzamingsproces en het stroomlijnen van al die instrumenten die hier nu al voor bestaan op gemeentelijk niveau. Voor de zomer stuurt de minister van VRO een Kamerbrief met een uitgebreidere toelichting. De landelijke communicatiecampagne, ook om duidelijk te maken hoe dat ene loket heet waar je naartoe kunt, is onderdeel van de inventarisatie van maatregelen waar het kabinet nu naar kijkt. Daarnaast is er natuurlijk ook veel beschikbaar via Milieu Centraal. Maar ik heb de oproep duidelijk gehoord. De minister van VRO is ermee bezig.

Wat kunnen we nog meer doen om isolatie te versnellen? Wat zijn de knelpunten? De heer Jumelet heeft daarnaar gevraagd, maar ook anderen. In het debat met VRO vanmorgen heeft de PVV een motie ingediend om te komen met een landelijke oplossing voor de haperende spouwmuurisolatie. De minister van VRO zal dit betrekken bij het isolatieoffensief. Sowieso informeert zij de Tweede Kamer voor de zomer over het isolatieoffensief, waar ook velen van u aan hebben gerefereerd. Specifiek de spouwmuren zullen daarin worden meegenomen.

Verhuurders krijgen de verplichting om slecht geïsoleerde huizen te verduurzamen. De heer Oosterhuis vroeg of ervoor kan worden gezorgd dat zij beginnen met de slechtst geïsoleerde huizen. Sowieso vroeg een aantal van u daarnaar. Het gaat om een groep van, geloof ik, 23.000 huishoudens. Ook hiervoor geldt: zelfs de laaghangende appels plukken zichzelf niet. Soms is daar echt hulp bij nodig. Verhuurders gaan als eerste aan de slag met het verduurzamen van de slechtste energielabels, E, F en G. De woningcorporaties doen dat al volop op basis van de Nationale Prestatieafspraken. Het aantal slechte energielabels is sinds 2022 ook gehalveerd. Dus het werkt dat we daarmee aan de slag gaan. Het doel is dat in 2028 ook de rest van de EFG-labels van corporaties is weggewerkt. Maar dan zit je wel nog steeds met de groep die daarbuiten zit, woningeigenaren met woningen die slecht geïsoleerd zijn. Volgens mij was dat die groep van 23.000 waar u ook aan refereerde en die ook aandacht behoeft. Met de normering per 1 januari 2029 zorgen we ervoor dat alle huurwoningen van private verhuurders ten minste label D hebben.

De heer Jumelet vroeg hoe we de kwetsbare groepen als eerste bereiken. We ondersteunen ook gemeenten en bewoners om ermee aan de slag te gaan. De minister van VRO informeert hierover.

De heer Jumelet vroeg naar nieuwe financieringsvormen, zoals de gebouwgebonden leningen of inkomensafhankelijke renovatiesubsidies. Bij het voorbereiden hiervan bedacht ik: o ja, toen ik Tweede Kamerlid was, heb ik ooit iets gedaan met de gebouwgebonden financiering. Dat is vaak onderzocht, maar bleek toch bijzonder complex. Er loopt nog wel een onderzoek bij de minister van VRO op dit onderwerp.

Inkomensafhankelijke verduurzamingsregelingen. De landelijke ISDE-subsidies zijn voor iedereen beschikbaar, maar juist voor de lage inkomens kan de gemeente via de lokale isolatieaanpak extra ondersteuning bieden bovenop de landelijke ISDE-regeling. Daarnaast is voor inkomens tot €60.000 financiering met 0% rente mogelijk bij het Warmtefonds. Als je de eigenaar bent van een beter geïsoleerde woning, rendeert dat natuurlijk ook weer op het moment dat je verkoopt. Het Warmtefonds is daarin dus ook een belangrijk instrument.

Welke maatregelen kunnen bereikt worden met de Stimuleringsregeling Aardgasvrije Huurwoningen? De SAH wordt in het najaar van 2026 opengesteld voor nieuwe aanvragen en draagt bij aan de versnelling van de uitrol van warmtenetten. Dat is hoe dit doorwerkt.

Zien we mogelijkheden om de ISDE te verbeteren? Dat vroeg de heer Oosterhuis ook. Die wordt regelmatig geëvalueerd, waaronder nog vorig jaar. We blijven kijken naar verbeteringen bij elke jaarlijkse openstelling. De afgelopen jaren is bijvoorbeeld naar een aantal zaken gekeken. De gemeente kan subsidie aanvragen en voorfinancieren voor mensen. De gemeente kan dat doen voor mensen die misschien moeite hebben om het geld al op tafel te leggen. Het aanvragen van ISDE voor dubbelglas is makkelijker gemaakt. Denk ook aan ventilatie. Als je isoleert, moet je het niet alleen dik plakken, maar ook zorgen voor voldoende ventilatie. Dat is toegevoegd. De ISDE werkt met vaste bedragen per apparaat.

Hoe zorgen we ervoor dat mensen ontzorgd worden? Een aantal dingen heb ik net al genoemd. Dat energiehuis komt er nog bij. Er werd nog wel een interessante suggestie gedaan, vind ik. Ik weet uit mijn hoofd even niet meer wie die deed, maar volgens mij heeft een aantal van u daaraan gerefereerd. In allerlei gemeenten zijn er hele goede ideeën over wat er werkt in hun gemeente. Hoe zorgen we ervoor dat die coaches van elkaar leren? Een voorbeeld dat bij mij altijd is blijven hangen is dat van de ambassadeurs in Den Haag. Den Haag heeft subsidie gegeven aan een aantal huishoudens. Een voorwaarde daarvan was dat je één keer per jaar je huis moet openstellen voor je buren, zodat zij kunnen zien hoe het bij jou heeft gewerkt. Mensen zien dan dat het werkt bij iemand die in dezelfde situatie zit als zij en dat dat huishouden ook de stappen heeft kunnen doorlopen. Dat gaf heel veel vertrouwen.

Er zijn waarschijnlijk dingen die misschien nog veel beter werken dan de dingen waar wij nu aan denken. Hoe kunnen we het delen van dit soort best practices, die gewoon bottom-up ontstaan, versterken? Laten we kijken hoe we dat leereffect kunnen versterken. Het lijkt me goed om dat bijvoorbeeld eens te bespreken met de VNG, want veel van die ideeën en initiatieven zitten natuurlijk bij hen. Misschien kan het al ergens in worden meegenomen waar ik nu nog geen weet van heb. Ik vind in ieder geval dat we dit soort creativiteit maximaal moeten benutten.

Voorzitter, dat was het blokje over isoleren en salderen.

De voorzitter:
Het laatste punt klonk een beetje als een toezegging. Kan u ook een termijn koppelen aan wanneer de Kamer wordt geïnformeerd over het delen van die best practices?

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Ik moet het even met de VNG bespreken. Het kwam op en ik vond het een spontaan idee. Ik zeg graag toe dat ik daarover met de VNG in gesprek ga, maar een termijn kan ik er niet aan koppelen. Misschien zeggen zij tegen mij dat ze dit al doen, of misschien zeggen ze: dit kunnen we doen op x-termijn. We komen er natuurlijk op terug.

De voorzitter:
Prima, dank u wel voor de inspanningsverplichting die u aangaat.

De heer Jimmy Dijk (SP):
Het is misschien een beetje gek om als Groninger te zeggen, maar op dit soort momenten verbaast het mij heel erg dat er moet worden gezocht naar best practices. Het isoleren van woningen en het plaatsen van zonnepanelen op daken moet je collectief doen. Toen de gasaansluitingen bij woningen werden aangebracht, werd dat niet individu voor individu gedaan. Toen er rioleringen werden geplaatst bij mensen, werd er niet aan mensen gevraagd: wilt u riolering aanleggen of niet? Dat werd collectief georganiseerd. Dat gaf mensen vertrouwen. Er kwam iemand langs die zei: we gaan een gasleiding plaatsen; dat betekent dat u een gasfornuis in huis krijgt. Je kon nog kiezen welk gasfornuis en welke pannen. Dat zorgt ervoor dat mensen daar vertrouwen in krijgen. Ik begrijp daadwerkelijk niet, als het gaat over het isoleren van woningen of het plaatsen van zonnepanelen op alle geschikte daken die we hebben, wat vooruitgang kan gaan bieden, dat mensen op een gegeven moment ondernemer moeten worden omdat ze hun energie moeten gaan delen met hun buurt. De best practices zijn er. Daarbij gaat het om een collectieve aanpak van een overheid die naar mensen toe gaat en niet aan komt zetten met radiatorfolie of tochtstrips.

De voorzitter:
Meneer Dijk …

De heer Jimmy Dijk (SP):
Dat werkt nogal vervreemdend in een totaal beschimmeld huis.

De voorzitter:
Meneer Dijk, ik ga u heel even onderbreken. Ik begrijp uw pleidooi, maar het klinkt ook wel als een tweede termijn.

De heer Jimmy Dijk (SP):
Er komt een vraag achteraan.

De voorzitter:
Dat zou ik fijn vinden.

De heer Jimmy Dijk (SP):
Ik heb dit debat nu een aantal jaren zitten volgen en ik begrijp echt niet waarom er nog steeds naar individuele oplossingen wordt gezocht, waarom mensen met startkapitaal moeten komen aanzetten. Dat is waarom het niet werkt. Bij alle best practices, ook in andere landen, met betrekking tot zonne-energie op daken, is het de overheid die het voor je regelt, terwijl jij je dak ter beschikking stelt. Dát werkt. Als we dat niet doen, zijn we hier over twintig jaar nog steeds mee bezig. Het verleden wijst dat uit. Riolering is collectief aangelegd. Gas is collectief aangelegd bij mensen thuis. Dat was een dienst van de overheid, in plaats van dat het individu er zelf in moest investeren om mee te kunnen profiteren. Daar komen al die bureaucratie en al die rompslomp vandaan.

De voorzitter:
Meneer Dijk, wat wilt u op dit moment weten van de minister?

De heer Jimmy Dijk (SP):
Is dit kabinet van mening dat er inderdaad een volledig collectieve aanpak moet komen van een overheid die zich dienstbaar opstelt in plaats van het aan het individu over te laten of het kapitaalkrachtig genoeg is om een zonnepaneel op zijn dak te plaatsen of een isolatiemaatregel te nemen? De mening van de SP is: als we dat niet doen, gaat het nooit lukken.

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Wat de heer Dijk voorstelt, is een heel andere aanpak. Dat is niet wat het kabinet op dit moment voor ogen heeft.

De voorzitter:
De heer Dijk kan erover nadenken wat hij met dit antwoord wil doen, zou ik hem willen meegeven.

Mevrouw Kröger (GroenLinks-PvdA):
Ik heb het gevoel dat de antwoorden van de minister toch wat karig zijn. Ik hoor "dit is niet de aanpak van het kabinet", maar het is wel uit te leggen waarom. We hebben bijvoorbeeld in verschillende vormen gevraagd: ga voor een isolatieoffensief, doe de wijken met de grootste energiearmoede eerst, rol dan ook zonnepanelen en een warmtenet uit en pak het wijk voor wijk aan.

Maar mijn vraag gaat over salderen. Ik kreeg als antwoord van de minister dat ik een brief moet opzoeken, de brief van de minister van VRO van 16 januari. Mijn vraag was echt wel wat breder. Die was namelijk: is deze minister voornemens om ervoor te zorgen dat er op zo veel mogelijk daken panelen komen? En wat gaan we dan doen? Op dit moment is het voor heel veel mensen namelijk niet aantrekkelijk door de terugleverboetes. Dat geldt zeker voor mensen in een huurwoning. Zij worden gewoon geconfronteerd met hele hoge terugleverboetes. Mijn eerste vraag is dus: voelt de minister zich verantwoordelijk voor dit probleem? En zo ja, hoe gaan we dit dan oplossen? Want op dit moment is het zo ongelofelijk draagvlakondermijnend en zo schrijnend, zeker voor mensen in een huurwoning met een hele hoge energierekening. Een zonnepaneel zou ze kunnen helpen, maar eigenlijk heeft de overheid het nu zo georganiseerd dat dat tegen mensen werkt.

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Ik heb in het begin al aangegeven dat er vragen zijn gesteld op een heel breed terrein. Ik doe ook mijn best om, met het oog op de tijd, snel te antwoorden. Sorry als ik op dit punt te kort door de bocht was. Ik snap wel wat mevrouw Kröger schetst, maar volgens mij hebben we binnenkort ook een debat over hernieuwbare energie. Ik zou haar willen vragen of ik er in die context even op mag terugkomen. Zij schetst namelijk een situatie die vele componenten heeft. Ik kan ook kijken of ik in tweede termijn nog terug kan komen op die bredere vraag.

De voorzitter:
Laten we even kijken. Ik wil u nu de gelegenheid geven om te antwoorden, maar we kunnen ook zeggen dat het antwoord in de tweede termijn of bij een volgend debat komt. Laten we daar even een keuze in maken. Mevrouw Kröger, ik zie u schudden en knikken. Welke vorm heeft uw voorkeur?

Mevrouw Kröger (GroenLinks-PvdA):
Ik knikte bij "tweede termijn" en ik schudde bij "ander debat", want hernieuwbare energie is echt veel breder. Het gaat nu over betaalbare energie en over huishoudens. Dit is dus wel het debat om het te hebben over zonnepanelen bij mensen thuis.

De voorzitter:
Prima. Helder.

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Dat kan ik me ook voorstellen. Ik kan het zelfs nog beter maken, want ik krijg hier al een antwoord. Dan geef ik dat nu, en als er nog meer te vertellen is, doe ik dat in tweede termijn.

De voorzitter:
Dan doen we het meteen.

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Dit ligt namelijk echt bij mijn collega van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening. Dat heb ik u ook aangegeven. Daar moet ik soms ook wat aan doen. De regels voor huurders liggen niet bij mij, maar op het beleidsterrein van de minister van VRO. Het eigen gebruik van opgewekte energie zorgt er wel voor dat zonnepanelen aantrekkelijk blijven. In een ander debat, met de minister van VRO, is dit blijkbaar kort geleden aan de orde gekomen. Daar was ik niet bij, dus veel meer kan ik daar ook niet over zeggen. Ik zie aan mevrouw Kröger dat dat niet geheel aan de verwachtingen voldoet, maar veel meer kan ik er op dit moment niet voor u van maken.

De voorzitter:
Kunt u nog een toezegging doen ten aanzien van een schriftelijke reactie die later nog wordt nagestuurd op dit punt, of wilt u het hier gewoon bij laten?

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Ik kan aan mijn collega van VRO vragen of zij nog een nadere toelichting heeft op dit punt van mevrouw Kröger. Dat doe ik uiteraard graag.

De voorzitter:
Dan noteren we dat. Ik moet mevrouw Kröger teleurstellen, omdat de interrupties voor nu op zijn. Ik heb mijn best gedaan om met u te bekijken wat het kabinet u wil bieden. Hier moeten we het even mee doen. Ik kijk naar de heer Oosterhuis.

De heer Oosterhuis (D66):
Het is goed om te horen dat het kabinet, ook richting volgende week, kijkt of er al wat sneller dan wanneer het energiehuis er is, informatie kan komen. Misschien kan het wat massaler, om mensen ook richting deze winter te helpen met alle instrumenten die er al zijn. Voor veel mensen is isoleren rendabel. Daar zijn ook instrumenten voor. Er is ook een groep mensen — dat vind ikzelf een hele lastige groep — voor wie het niet rendabel is, maar die wel in een groot en slecht geïsoleerd huis wonen en die een laag inkomen hebben. Ik denk dat dat vooral in Groningen en Friesland het geval is. Die groep is ook weer niet zo groot dat die niet te overzien is. Kan het kabinet toch eens bekijken welke instrumenten er mogelijk zijn boven op alles wat er nu al is, om ervoor te zorgen dat ook die groep bereikt kan worden en kan isoleren? Want die bereiken we tot nu toe nog niet met de goede instrumenten. Er zijn misschien echt wat onorthodoxe maatregelen nodig. Is het kabinet bereid om eens te kijken naar wat daar zou kunnen?

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Dan zou het wel goed zijn om eerst wat nadere informatie te krijgen over welke groep dat precies is, zodat we heel gericht weten waar we naar moeten kijken. Want ook dit ligt bij mijn collega van VRO. Wat betreft die optelsom ben ik ook graag bereid, zoals ik net ook aan mevrouw Kröger toe heb gezegd, om een reactie te vragen van mijn collega. Het zou fijn zijn als de heer Oosterhuis nog even kan aangeven over welke groep hij het dan heeft. Is dat die 23.000 waar we het eerder over hadden, of is dat een andere groep? Ik vraag dat zodat we het, als er gericht wordt gekeken naar de problematiek en wat er eventueel mogelijk is, wel over dezelfde groep hebben. Anders sturen we straks informatie die u al kende of waar u niet op zat te wachten. Ik zeg tegen mevrouw Kröger nog: ik zal zo meteen goed proberen te begrijpen wat de essentie was van de informatie waar zij nog naar op zoek was, zodat we er ook wat dat betreft voor kunnen zorgen dat aanvullende informatie ook tegemoetkomt aan de vraag. Want dit is complexe problematiek. Ik wil dan ook wel zeker weten dat we naar het juiste punt kijken om u te kunnen antwoorden.

De voorzitter:
Ik kijk heel kort naar de heer Oosterhuis. Gaat het om die 23.000 of is dat een andere groep? Als het een langer antwoord behoeft, kunt u dat misschien achter de schermen doorgeven.

De heer Oosterhuis (D66):
Ik zal dat doen, omwille van de tijd.

De voorzitter:
Dank u wel. Dan ga ik naar de heer Jumelet.

De heer Jumelet (CDA):
Het is wat specifiek, maar ik noem het hier wel: spouwmuren en vleermuizen. Het kwam gisteren allemaal voorbij, ook in het rondetafelgesprek. Er wordt wel €4.000 uitgegeven aan een ecologische toets enzovoort, maar het is hinderlijk als het gaat om het bereiken van die isolatieopgave. Ik zeg "hinderlijk" omdat er nog geen overeenstemming lijkt te zijn tussen gemeenten en provincies over de aanpak die uiteindelijk gekozen moet worden. Ik wil de minister vragen om het heft in handen te nemen en de regie te nemen wat dat betreft, omdat uiteindelijk het doel is om zo veel mogelijk te isoleren op een zo kort mogelijke termijn. Ik weet dat er allerlei haken en ogen aan zitten, maar ik wil dit toch noemen vanwege het uiteindelijke doel.

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Ik begreep dat er op het punt van vleermuizen en spouwmuren een oplossing was gevonden, maar ik begrijp van de heer Jumelet dat er misschien nog geen overeenstemming is bereikt met provincies en gemeenten over de implementatie. Ik zal meegeven aan mijn collega van VRO, die hier verantwoordelijk voor is, dat het verzoek is om met aandacht te proberen daar zo snel mogelijk de boel los te trekken. Absoluut.

De voorzitter:
Oké. Wij gaan aan deze kant even de vragen richting VRO bundelen, zodat we die ook kunnen noteren aan het einde van deze vergadering. Dan zijn we volgens mij klaar met dit blokje. Ik wil doorgaan met het volgende. Hoeveel heeft u er nog te gaan?

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Eentje, voorzitter.

De voorzitter:
De laatste. Ik stel voor dat we de beantwoording van het laatste blokje doen en dat we daarna met elkaar kijken naar de orde en hoe we deze vergadering tot een afronding willen brengen.

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
De heer Van den Berg had nog een vraag over kussengas. Zoals gevraagd in de motie-Grinwis c.s., maar ook in de motie van de heer Van den Berg, kijken we naar strategisch gasbeleid en nemen we daarin ook kussengas mee. In dit traject nemen we ook de externe adviezen mee, zoals uitgebracht door CE Delft, Energie-Nederland et cetera.

De heer Vermeer vroeg naar regionale effecten en of we regionale effecten structureel mee kunnen nemen in het energie- en koopkrachtbeleid. Ik begrijp de zorgen van de heer Vermeer. De situatie is gewoon anders. Het kabinet vindt het ook belangrijk dat iedereen een betaalbare energierekening heeft. We willen zo veel mogelijk mensen uit de armoede halen of voorkomen dat ze erin komen. Het is aan mijn collega van Financiën om de koopkracht van burgers te wegen en die verschillen per regio mee te wegen. Ik zal het signaal van de heer Vermeer over die regionale verschillen doorgeleiden naar hem.

Dan vroeg de heer Jumelet naar de Methaanverordening. Dat methaanprobleem hebben we in Brussel aangekaart, evenals andere landen. Wij zien dat er net wat is binnengekomen. Dat is echt letterlijk een verbeterd antwoord geweest, want het is dus net binnengekomen. Blijkbaar ziet de Europese Commissie de zorgen en kondigt die aan met een voorstel te komen om de Methaanverordening op pragmatische wijze toe te passen, om te voorkomen dat er problemen ontstaan. We verwelkomen het voorstel van de Commissie. Ik zie dan ook graag het precieze voorstel tegemoet. Het is heel goed dat daarnaar wordt gekeken en dat er naar oplossingen wordt gezocht.

Voorzitter. Dan de vraag of we de sluiting van kolen- en biomassacentrales terugdraaien. Het is hier ook een aantal keer gewisseld, maar de onderliggende context van de vraag is dat zon en wind alleen niet genoeg zijn om Nederland op dit moment altijd van energie te voorzien. Volgens mij heet dat in vakjargon de dunkelflaute. Het is natuurlijk belangrijk dat er altijd voldoende elektriciteit is. Totdat we ergens zijn waar we dat helemaal vanzelf kunnen, zetten we in op een capaciteitsmechanisme waarmee we een vergoeding bieden voor elektriciteitsproductie, opslag en vraagrespons. Zo kunnen we er toch voor zorgen dat er voldoende elektriciteitsproductie is wanneer het inderdaad windstil is en de zon niet schijnt. Ik heb al toegezegd uw Kamer hier rond de zomer een brief over te sturen. Richting de heer Bontenbal heb ik ook gezegd dat ik zijn vraag over de kolen- en biomassacentrales, die hij eerder had gesteld, in die context zal meenemen.

Dan had de heer Vermeer nog een vraag over de export van elektriciteit. Het klopt inderdaad. Een deel van de extra CO2-uitstoot dit jaar kwam door elektriciteit die naar het buitenland werd geëxporteerd. Het zit zelfs in nog meer dan in alleen de tarieven die wij betalen. Een handelstarief kan niet, want de EU is een interne markt. Ik was niet de enige die daarover begon, want ook Oostenrijk en Zweden zijn erover begonnen. Ik pleit er in de EU wel voor dat we aan kostendeling doen. Als Nederland wind op zee bouwt waar ook andere landen voordeel van hebben, dan zou het logisch zijn dat die andere landen ook meebetalen. Daar spreken we in Europa over. Er zijn natuurlijk ook landen die daar heel erg tegen zijn, omdat dat voor hen betekent dat zij dan meer moeten gaan betalen. Het is nog geen gelopen race, zeg ik als waarschuwing, maar het is wel terecht en fair dat we dit gesprek in Europa voeren.

Dat waren volgens mij de vragen die hierover zijn gesteld, voorzitter.

De voorzitter:
Dan kijk ik ook voor dit blokje nog één keer rond. Zijn er nog interrupties? Nee. Dan kijk ik ook even rond of er nog gemiste vragen zijn in deze beantwoording. Nee. Dan wil ik even met u overleggen over de orde. O, mevrouw Kröger heeft nog een vraag. Excuus.

Mevrouw Kröger (GroenLinks-PvdA):
Het ging over gemiste vragen. Ik heb heel specifieke vragen gesteld over het noodfonds. Ik begreep dat er in de procedurevergadering is gezegd dat de minister van Sociale Zaken er niet bij kon zijn en dat die vragen dan schriftelijk beantwoord konden worden. Dat zou ik heel graag willen, want dat waren specifieke vragen.

De voorzitter:
Dat kan wat mij betreft en ik zie de minister ook knikken. Oké, heel goed. Meneer Jumelet, heeft u een gemiste vraag?

De heer Jumelet (CDA):
Ja.

De voorzitter:
Gaat uw gang.

De heer Jumelet (CDA):
Ik heb ook iets gevraagd over de fixteams. Dat is toch wel een heel mooi fenomeen. Ik heb gehoord dat gemeenten uit de middelen lopen als het gaat om de mogelijkheden om dat het komende jaar te blijven doen. Die vraag had ik gesteld.

De voorzitter:
Oké. Dan gaan we even kijken naar de minister. Kan daar nu een antwoord op komen of kan dat schriftelijk?

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Ik weet ervan, inderdaad. Het is een mooi initiatief. Er is volgens mij inderdaad een aflopend budget. Op de vraag of daar nog iets aan te doen is, kom ik in de tweede termijn of anders schriftelijk nog even terug.

De voorzitter:
Dat was volgens mij de laatste gemiste vraag. Ik wil dan namelijk ook met de collega's hier overleggen hoe we het gaan aanpakken met die tweede termijn. Het is inmiddels half zeven. Dat was eigenlijk de eindtijd van deze vergadering. Ik wil ook nog de toezeggingen met u doornemen en ik wil van u weten of u er een vervolg aan wilt geven. Ik kijk dus even rond om te zien of er behoefte aan is om nu nog een tweede termijn met elkaar te hebben.

De heer Heutink (Groep Markuszower):
Ik wil een tweeminutendebat aanvragen.

De voorzitter:
Dat mag. Is er nog wel behoefte aan een tweede termijn? Dat is het geval. Dan open ik toch even de vloer voor iedereen om nog kort aan te geven wat ze in de tweede termijn willen meegeven, inclusief het eventueel aanvragen van een debat. De heer Heutink.

De heer Heutink (Groep Markuszower):
Ja, voorzitter. Ik wil de minister danken voor de antwoorden. Ik zou bij dezen heel graag een tweeminutendebat willen aan vragen.

De voorzitter:
Ik ga gewoon even het rijtje af. Meneer Kops, wilt u nog iets toevoegen?

De heer Kops (PVV):
Voorzitter. Ik zit een beetje na te denken van: wat moet je nou nog zeggen in zo'n tweede termijn? Eigenlijk, als ik heel eerlijk ben en terugdenk, valt dit debat wel in de categorie zinloze debatten. We hebben het concreet over de betaalbaarheid van de energierekening. Zo'n beetje de hele Kamer komt met concrete maatregelen die mogelijk zouden kunnen zijn om de lasten van de mensen thuis te dempen. Op alles wordt door de minister gezegd: er komt een brief, we gaan alles onderzoeken, alles is mogelijk, er zijn geen taboes, maar ik ga nergens op vooruitlopen. Dat terwijl die energiearmoede al jarenlang een feit is, net als die enorme belastingdruk op de energierekening. De minister zegt dan, nota bene: we moeten verstandig omgaan met belastinggeld. Touché. Daar ben ik het helemaal met eens, maar misschien moeten we dan ook eens wat verstandiger worden in het heffen van belasting en moeten we wat doen aan de hoge btw op energie. Het is gewoon een basisbehoefte, dus die btw moet omlaag. Zo'n beetje de helft van wat mensen voor aardgas betalen, is energiebelasting. Dat is gewoon niet meer houdbaar en daar moet wat aan gebeuren.

Dank u wel, voorzitter.

De voorzitter:
Ja, dank u wel, meneer Kops. Wat mij betreft was het geen zinloos debat, maar het is aan u om daar een appreciatie van te geven. Meneer Jumelet.

De heer Jumelet (CDA):
Voorzitter, dank u wel. Ik wilde juist zeggen dat het voor mij geen zinloos debat is. Ik denk namelijk dat het goed is om hier juist wel met elkaar over te spreken, zeker op dit moment. Dat het kabinet nog veel te doen staat en dat we met veel verlangen uitkijken naar de brief die komt, moge ook duidelijk zijn, zeker vanuit het urgentiebesef. Dus dank voor alle antwoorden. Ik betuig ook hier mijn respect voor de minister, want de collega's zijn er niet en u zit hier. Ik vind het dus wel heel belangrijk om de waardering daarvoor te benadrukken. Ik zie ook uit naar het vervolg hiervan.

De voorzitter:
Dank u wel. De heer Oosterhuis. U schudde net van nee, maar u wilt nu toch even kort iets zeggen.

De heer Oosterhuis (D66):
Ja, toch kort even, inderdaad. Sowieso dank aan de minister voor de antwoorden. Veel wijsheid gewenst in het uitwerken van de maatregelen richting volgende week en later. Ik denk dat het verstandig is als het kabinet dat goed weegt. Ik denk namelijk dat we niet alleen over de energierekening en de brandstofprijzen een debat gaan hebben, maar nog veel breder over de doorwerking van die prijzen in de rest van de economie. Dat zeg ik opdat het kabinet daar ook rekening mee houdt.

Ik denk wel nog steeds dat de best betaalbare energierekening er een is waarvoor weinig energie is gebruikt. Ik hoop dus dat het kabinet zich ook realiseert dat het niet alleen gaat over belasting. Ja, mensen betalen belasting, maar als je minder voor je energie hoeft te betalen, levert dat je ook geld op in je portemonnee. Ik zou het kabinet dus wel willen verzoeken om naar het bredere plaatje te kijken en niet alleen naar de overheidsfinanciën.

Dank u wel.

De voorzitter:
Dank u wel. De heer Dijk.

De heer Jimmy Dijk (SP):
Dank u wel, voorzitter. 2 miljoen mensen kunnen de energierekening niet betalen en de helft zet de kachel niet aan. Een op de vier huurwoningen zit met schimmel, vocht, tocht en kou. Een op de vijf woningen, als je koopwoningen erbij optelt, zit met vocht, tocht, schimmel en kou. Dat betekent dat er al heel erg lang een energiecrisis is bij mensen. Ik hoor steeds dezelfde antwoorden, jaar na jaar na jaar: een individuele aanpak, de FIXbrigades. Er is niets mis mee om mensen erop te wijzen dat ze een tochtstrip kunnen aanleggen; dat is geen enkel probleem. Maar als er kieren in je huis zitten en daar werd de afgelopen jaren niets aan gedaan, zou ik zeggen: bouw die FIXbrigades om tot echte isolatie- en "zon op dak"-brigades, zodat de overheid bij je langskomt, zoals ik net aangaf.

De minister zei naar de overwinsten te gaan kijken, maar het is nu al zichtbaar dat de beurskoersen daar door het dak heen gaan, dus waarom kijken? Ik wil een principiële uitspraak van de minister horen, zo van: goed, dat gaan we doen, want er worden overwinsten gemaakt. Ik zou daar dus graag een reactie op willen.

Over variabele en dynamische tarieven en contracten zei ze: kijk goed of het bij je past. Het past niet bij mensen, want het is gewoon hartstikke duur. Ze komen daardoor in de problemen. Het vergt dus ook een overheid die mensen in bescherming neemt om dat niet te gaan doen.

Tot slot. Er heerst een diepe betaalbaarheidscrisis bij mensen, al lang. Ik heb gelukkig gezien dat alle oppositiepartijen hebben aangegeven dat ze de belasting op energie willen gaan verlagen. Wij zijn met meer. Laten we ons verenigen. Laten we met een voorstel komen om de belasting op energie te gaan verlagen, want we moeten blijkbaar veel te lang op dit kabinet wachten, terwijl alle landen om ons heen wel maatregelen nemen, of het nou gaat om het verlagen van de btw op boodschappen, het verlagen van de huren in Spanje, het verlagen van de energierekening in welk ons omringend land dan ook of het verlagen van de accijnzen. De Kamer is aan zet en die kan dit gaan afdwingen.

De voorzitter:
Dank u wel. Mevrouw Müller.

Mevrouw Müller (VVD):
Ik wil de minister bedanken voor haar antwoorden op al onze vragen. Er ligt ook een behoorlijke opdracht voor u om gezamenlijk met het kabinet te kijken wat we op de korte termijn kunnen doen om de koopkracht van mensen goed te houden, op de iets langere termijn om te zorgen dat er leveringszekerheid is, en op de nog langere termijn om te zorgen dat we een weerbaar energiesysteem hebben, waarbij er ook nog een betaalbare energierekening is. Er liggen dus vele opdrachten voor u klaar. Ik denk dat het goed is dat het kabinet nu met de brief met alle maatregelen komt en dat daarna plenair het debat daarover verder gevoerd wordt, en dat wij de komende jaren verdergaan met de uitwerking van al die andere dingen die nog op uitvoering wachten.

De voorzitter:
Dank u wel. De heer Vermeer.

De heer Vermeer (BBB):
Voorzitter. Ik wil de minister en haar team bedanken voor de antwoorden die we gekregen hebben, ook al geven die toch wat onrust. We hebben 22 en 23 april belangrijke plenaire debatten, die volgens mij allemaal over hetzelfde gaan. We hebben nog heel veel antwoorden nodig. Het complexe is dat dit gaat over VRO, over volkshuisvesting, over KGG, over Financiën en over EZ. Ik vind het echt te ingewikkeld worden, want we debatteren en debatteren, en ik zie hier nog geen oplossing uit komen, terwijl die wel keihard nodig is. Ik heb daar echt zorgen over. Dit duurt al veel te lang.

De voorzitter:
Dank aan de heer Vermeer. Procedureel gezien begrijp ik uw punt, dus laten we de minister vragen om in de beantwoording even terug te komen op wanneer we welke antwoorden nog kunnen krijgen, ook vooruitlopend op de geplande debatten. Mevrouw Kröger.

Mevrouw Kröger (GroenLinks-PvdA):
Dank, voorzitter. We zitten gewoon in een fossieleafhankelijkheidscrisis. Zolang we afhankelijk zijn van fossiel, blijven we in deze prijsschokken zitten. Dan moet je dingen doen aan betaalbaarheid, structureel, verduurzaming en nieuwe duurzame energie opwekken. Ik hoor een heleboel dingen die in het vooruitzicht worden gesteld, terwijl dit allemaal niet nieuw is. Dit hebben we na de Oekraïnecrisis ook allemaal al besproken. Ik ben dus verbaasd dat het zo lang duurt om tot concrete maatregelen te komen.

Ik had concrete vragen gesteld over het isolatieoffensief. Het kabinet heeft het erover, maar er wordt geen extra geld voor uitgetrokken. Wat doe je dan eigenlijk? Hetzelfde geldt voor warmte. De minister zei dat ze voor de zomer nog met een brief komt, maar er is gewoon geen geld uitgetrokken. Dat is natuurlijk het probleem: de financiële plaat matcht helemaal niet met de ambities en de beloftes in het coalitieakkoord. Daar zou ik graag nog een reactie op willen.

Dan over zonnepanelen. Ik begrijp het eigenlijk niet. Ik heb volgens mij twee jaar lang debatten gevoerd over de salderingsregeling en over zonnepanelen bij mensen thuis met de minister van KGG. Nu wordt het helemaal naar VRO geduwd, maar volgens mij gaat deze minister over zonnepanelen en de vraag: hoe hou je die aantrekkelijk en wat is het plan daarvoor? Het is nu een heel groot probleem voor huurders. Als jij in een tochtig huis woont en zonnepanelen op je dak hebt gekregen van je verhuurder, dan ben je nu gewoon ongelofelijk de sjaak. Dat kunnen we toch niet laten gebeuren? Ik vind dat deze minister daar wél verantwoordelijk voor is. Ik wil heel erg graag toch horen of ze dat erkent, of ze de ambitie heeft dat er zonnepanelen op alle daken komen en wat ze daaraan gaat doen.

De voorzitter:
Dank u wel. Dank aan alle leden voor deze tweede termijn. Dan ga ik naar de minister kijken om te zien of zij in staat is om meteen de laatste vragen en oproepen te beantwoorden. Volgens mij waren er ook nog een paar punten uit de eerste termijn toegezegd voor de tweede termijn. Misschien kunnen die ook meteen worden meegenomen. Ik kijk naar de minister. Gaat dat lukken? Nogmaals, we kunnen ook dingen schriftelijk doen; dan horen we ook graag wanneer die onze kant op kunnen komen.

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Voorzitter. Ik ga mijn best doen. Als ik iets mis, dan zorgen we ervoor dat dat nog schriftelijk wordt aangeleverd.

Voorzitter. Allereerst, ik begrijp ook voor een deel de complexiteit … Laat ik het anders zeggen. Ik begrijp ook dat uw Kamer graag had gezien dat er op sommige punten nu al duidelijker antwoorden te geven waren. Ik kan u vertellen dat als u in deze stoel zit en moet zeggen "u moet nog even wachten", dat niet per se het meest bevredigende antwoord is om te geven, want je hebt natuurlijk graag het debat over de concrete maatregelen. Daar zullen we ook echt met elkaar toe komen, maar het is dan mijn lot dat ik hier vandaag tegen u moet zeggen dat het toch nog even duurt, omdat we die weging aan het maken zijn.

Los daarvan was het voor mij het eerste debat hierover. De huidige energiecrisis en de manier waarop we ons energiesysteem aan het veranderen zijn, zeker waar het gaat over de huishoudens, zorgen voor een steeds sterkere verwevenheid van de gebouwde omgeving en wat dat betekent voor huishoudens. Daarom zou ik me kunnen voorstellen dat het de volgende keer een debat is samen met de minister van VRO, omdat ik u nu moet verwijzen naar dingen die misschien bij haar liggen, waarvan u dan misschien terecht zegt: ja, maar ligt dit dan toch niet bij u? De enige informatie die ik heb, zeg ik tegen mevrouw Kröger, is dat het vraagstuk van huurders in relatie tot zonnepanelen en saldering bij de minister van VRO ligt. Meer informatie heb ik daar nu niet over, maar ik kan me voorstellen dat mevrouw Kröger zegt: ja, dan zitten we hier met de ene minister en niet met de andere. Ik heb daarover gezegd wat ik al gezegd heb. Ik zou me dus kunnen voorstellen dat we dat de volgende keer samen doen.

De voorzitter:
Eén moment, minister. Ik kijk even of mevrouw Kröger een punt van orde heeft.

Mevrouw Kröger (GroenLinks-PvdA):
Maar is dat dan veranderd? Dat was echt niet zo voordat dit kabinet aantrad. Hebben jullie dat in het constituerend beraad herverdeeld? Of er zonnepanelen op daken komen, of op schuren of waar dan ook, en of het dan te doen is voor mensen, is in mijn beleving altijd de verantwoordelijkheid geweest van de minister van Klimaat en Energie.

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Volgens mij is het vooral van belang hoe het nu is, want er verandert bij elk kabinet iets. Er liggen ook weleens onderwerpen precies tussen twee departementen in of ze overlappen elkaar. Daarom zeg ik tegen mevrouw Kröger en de rest van u: ik kan me voorstellen dat we een bevredigender debat hebben als we het gezamenlijk met de minister van VRO over dit soort onderwerpen hebben. We moeten namelijk voorkomen dat onderwerpen ergens tussenin vallen of dat het onduidelijk is. In ieder geval wilt u gewoon graag een antwoord hierop. Ik kan me dat goed voorstellen. Ik kan u dat vandaag helaas niet geven, maar we zullen er wel voor moeten zorgen dat we hierover in gesprek komen. Daarom vroeg ik u ook om een en ander nog even aan mij aan te geven, zodat ik heel goed begrijp waar het over gaat. Dan zal ik, nogmaals, met de minister van VRO kijken bij wie het ligt, zodat het niet nergens ligt en we niet volgende keer in het debat de discussie krijgen: nee, het ligt bij de minister van KGG. We zoeken dit even uit en we zorgen ervoor dat we in ieder geval op de inhoud, wat de reactie dan ook is, nog met een reactie terugkomen op de vraag die u heeft gesteld.

Ik vond het heel belangrijk om van u de aandachtspunten te horen, kan ik zeggen, ondanks dat we niet op alle punten tot concrete keuzes kunnen komen in dit debat. Wat wel heel duidelijk is, is dat velen van u zeggen: structurele maatregelen helpen ook bij de koopkracht. Dat werd nog even samengevat door meneer Oosterhuis, maar dat hebben eigenlijk velen van u gezegd: zorg nou dat we structurele maatregelen nemen om de energierekening van huishoudens omlaag te brengen.

De urgentie van de heer Dijk … Ik werd net gevraagd om korter te antwoorden, maar ik snap zijn urgentie: kunnen we naar collectievere aanpakken waarmee we meer snelheid kunnen maken? Het isolatieoffensief heeft natuurlijk ook de ambitie om meer snelheid te maken. Ook dat ligt bij mijn collega, maar ik ga wel samen met haar kijken — want netcongestie is daar natuurlijk ook weer een vraagstuk bij — hoe we kunnen samenwerken, ook als kabinet, om die versnelling in te zetten, want dat is het beste voor iedereen. Het is beter voor de huishoudens als we meer snelheid kunnen maken. Het is beter voor de netcongestie als we meer kunnen isoleren. Dat is voor iedereen beter, dus dat gaan we zeker proberen. Dat draagt inderdaad ook bij aan de koopkracht van mensen en daar hebben we ook allemaal weer baat bij.

Dat was ook waar mevrouw Müller het over had: koopkracht in het oog houden, energiebesparing, leveringszekerheid in de ultieme fase daarvan, weerbaarheid. Mevrouw Kröger zei ook: zolang we afhankelijk blijven van de import van fossiele brandstoffen, blijft daar een grote kwetsbaarheid. We hebben veel discussies over de vraag of het snel genoeg gaat en welke maatregelen nodig zijn, maar ik zie er ook een grote convergentie in: aan de slag, isoleren, meer onafhankelijkheid, meer weerbaarheid. Daar gaan we mee aan de slag.

Voorzitter. Dat waren de specifieke vragen over warmte: de vraag over het isolatieoffensief is voor de minister van VRO en de vraag over warmte is complex, omdat er geen extra middelen zijn vrijgemaakt. Dat er voor de zomer een brief komt, betekent dat we er nu naar aan het kijken zijn. Het is ook voor mij als minister natuurlijk een gegeven welke opdrachten je meekrijgt en om heel goed te kijken wat er wel kan. Dat zullen we ook voor warmte doen. Daarom komt er voor de zomer een brief. Het is complex, omdat er geen aparte middelen voor zijn; dat is een realiteit. Maar we hebben niet altijd alleen maar een pot met geld, want er zijn ook andere instrumenten waar een overheid gebruik van kan maken in het geheel. Ik ga kijken wat we met warmte kunnen doen, want die netten spelen ook in het hele energiesysteem, in het aanpakken van netcongestie en in zo veel mogelijk mensen van fossiel af krijgen een hele belangrijke rol. Dat deel ik met mevrouw Kröger. We komen daar dus op terug.

Dan was er nog een specifieke vraag van de heer Grinwis over de belastingvermindering, namelijk wat daar het budget voor is. Als je dat alleen voor huishoudens doet, levert dat circa 400 miljoen euro op. Het bedrag dat hij daarbij noemde, klopte dus. Ik had dat natuurlijk kunnen inschatten bij de heer Grinwis, want hij kent de financiële tabellen meestal goed, maar ik vond het toch belangrijk om het even na te kijken.

Ik kijk even of er nog andere punten waren. Ja. De heer Jumelet had een vraag over de fixteams. Veel gemeenten kunnen nog tot 2027 gebruikmaken van reeds uitgekeerde middelen. We zien ook dat het geld bij sommige gemeenten op is, terwijl er nog bewoners met energiearmoede geholpen kunnen worden. We willen hier onder meer via het Sociaal Klimaatplan financiering voor regelen. Dit is allemaal onderdeel van de besluitvorming waar we het nog over gaan hebben, maar we kijken wat dat betreft dus naar het Sociaal Klimaatplan.

Dan was er nog een vraag over de onrendabele top die kleiner is geworden. Ik heb nog geen inzicht in de gevolgen van de gestegen prijzen op de SDE++. De eerstvolgende update kan bij Prinsjesdag gegeven worden. Dat is het eerste moment waarop we dat kunnen geven.

Dat waren volgens mij de opmerkingen en vragen van de leden in de tweede termijn. Dank u wel.

De voorzitter:
Dank u wel. Dan wil ik graag richting een afronding van deze vergadering. Als u het goedvindt, gaan we richting de toezeggingen. Allereerst is er een tweeminutendebat aangevraagd, onder anderen door de heer Heutink. Dat gaat er dus komen. Dat zal, zoals u weet, nader worden ingepland.

Er is reeds een brief toegezegd over mogelijke maatregelen. De Kamer zal die voor het meireces ontvangen. Daarin worden ook de verschillende door de leden genoemde maatregelen meegenomen. Ik denk dus dat u allen uitkijkt naar die brief.

Dan heb ik twee concrete toezeggingen van deze minister gehoord richting deze commissie:

  • Voor het einde van het jaar wordt de Kamer geïnformeerd over het financiële gedifferentieerde tariefstelsel, ten aanzien van de nettarieven;

  • Voor de zomer informeert de minister de Kamer over de tarieven voor collectieve warmte. Dat is een toezegging aan mevrouw Kröger.

Klopt dat, minister?

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
De eerste toezegging klopt. De tweede toezegging betreft niet alleen een brief over de tarieven voor warmte, maar een brief over de aanpak van warmtenetten en collectieve warmte. Dat is misschien iets breder dan alleen de tarieven, want die ziet ook op hoe we dat willen aanpakken. Dat was volgens mij ook waar de vraag van mevrouw Kröger over ging.

De voorzitter:
Prima. De heer Vermeer wil daar kort nog iets over vragen.

De heer Vermeer (BBB):
Ik wil met name vragen hoe we dit in de agenda gaan regelen. We hebben op 22 april een plenair debat over energiekosten. Op 23 april behandelen we de Voorjaarsnota. Bij allebei die debatten komen er ook gewoon weer allemaal moties aan de orde. Dan hebben we dit verhaal nog. Gaan we dit dan ook nog voor het meireces doen of moeten we daarin alles repareren wat in die andere debatten niet gelukt is?

De voorzitter:
Ik denk dat het niet gaat lukken om die vraag nu te beantwoorden, meneer Vermeer. Er is een tweeminutendebat aangevraagd. Laten we hier eventueel in een eerstvolgende procedurevergadering nog op terugkomen als u dat wenst. Ik ben natuurlijk ook benieuwd wat de rest van de commissie daarvan vindt.

Ik was bij de toezeggingen. Er zijn dus twee toezeggingen gedaan. Daarnaast zijn er ook nog een aantal andere dingen aan de minister meegegeven, ook richting de minister van VRO. Zij zal nader ingaan op het punt van mevrouw Kröger wat betreft de zonnepanelen voor huurders, het punt van de heer Oosterhuis en het punt van de heer Jumelet over de spouwmuren en vleermuizen.

Daarmee denken wij rond te zijn wat betreft de toezeggingen. Klopt dat?

Mevrouw Kröger (GroenLinks-PvdA):
Misschien komt hier het hele misverstand vandaan. Mijn vragen gingen over zonnepanelen voor huishoudens.

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Dan is het inderdaad een misverstand.

Mevrouw Kröger (GroenLinks-PvdA):
Maar als er vanuit VRO een antwoord kan komen voor de huurders en vanuit KGG voor de andere mensen, vind ik dat ook goed. Het lijkt mij handig als zonnepanelen onder één bewindspersoon vallen, maar goed, wie ben ik?

De voorzitter:
Er is sowieso toegezegd u wat helderheid te geven, want ik zag de verbazing bij meer collega's. Ik geef de minister toch nog even het woord om te beantwoorden of dit misschien een oplossing kan zijn.

Minister Van Veldhoven-van der Meer:
Dan is het lek boven; we weten nu waarom mevrouw Kröger zo verbaasd was over de zonnepanelen. De huurders vallen dus onder VRO. Laten we samen met een antwoord komen op de door u geschetste problematiek. Dan heb ik meteen voldaan aan mijn belofte om ervoor te zorgen dat we goed samenwerken vanwege de nauwe verwevenheid.

De voorzitter:
Mooi. Met zo'n opheldering wil ik deze vergadering graag afronden. Ik wil iedereen heel erg bedanken. Dank aan de minister voor haar aanwezigheid en alle antwoorden. Dank aan alle leden voor hun aandacht en inbreng. We zijn een klein beetje uitgelopen in de tijd, maar er waren ook veel sprekers vandaag. Ik ben toch blij dat het gelukt is om dit vandaag te doen. Heel erg bedankt allemaal en een heel fijne avond toegewenst.

Sluiting 18.56 uur.

ONGECORRIGEERD STENOGRAM
Verslag CD van 9 april 2026

Aan ongecorrigeerde verslagen kan geen enkel recht worden ontleend. Uit ongecorrigeerde verslagen mag niet letterlijk worden geciteerd. Inlichtingen: verslagdienst@tweedekamer.nl