Beleidsreactie op de brief van de Inspectie Justitie en Veiligheid over haar toezicht in 2025 op de opvanglocatie Ter Apel
Brief regering
Nummer: 2026D17975, datum: 2026-04-15, bijgewerkt: 2026-04-15 17:03, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: G. van den Brink, minister van Asiel en Migratie (Ooit CDA kamerlid)
- Brief 'Toezicht Inspectie Justitie en Veiligheid opvanglocaties Ter Apel 2025
- Beslisnota bij Kamerbrief Beleidsreactie op de brief van de Inspectie Justitie en Veiligheid over haar toezicht in 2025 op de opvanglocatie Ter Apel
Onderdeel van zaak 2026Z07971:
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Asiel en Migratie
Preview document (🔗 origineel)
Hierbij stuur ik u de beleidsreactie op de brief van de Inspectie JenV over haar toezicht in 2025 op de opvanglocatie Ter Apel. Ik dank de Inspectie voor haar voortdurende betrokkenheid bij de opvanglocatie Ter Apel.
De Inspectie JenV concludeert in haar brief onder andere dat de doorgevoerde verbetermaatregelen op de opvanglocatie Ter Apel hebben geleid tot meer beheersbaarheid van de risico’s en een verbeterd zicht op de veiligheid van medewerkers en bewoners. Daarnaast geeft de Inspectie JenV aan dat begeleiding van bewoners op de opvanglocatie Ter Apel is aangepast aan de feitelijk langere verblijfsduur waarmee bewoners beter in beeld zijn. Deze positieve ontwikkelingen op de locatie stemmen mij positief en zijn gerealiseerd dankzij de inzet van de vele partijen die in Ter Apel werkzaam zijn. Tegelijkertijd worden in de brief ook knelpunten beschreven die door de acute tekorten in de asielopvang ook nu zeer relevant zijn. Hierop ga ik in deze brief graag in.
Bezetting in Ter Apel en doorstroom uit Ter Apel
De Inspectie JenV signaleert dat knelpunten in de doorstroom vanuit Ter Apel naar andere locaties ervoor zorgen dat de situatie kwetsbaar blijft. Terecht wordt beschreven dat het opvangen en doorplaatsen van bewoners als gevolg van het structurele capaciteitstekort een probleem is. Het capaciteitstekort zorgt ervoor dat de bezetting in Ter Apel te vaak boven de afgesproken 2.000 personen komt. Dit komt de leefbaarheid en veiligheid op de locatie niet ten goede. De druk op Ter Apel is al lang hoog. De inzet van zowel het COA als het departement is erop gericht de bezetting in Ter Apel structureel onder de 2.000 personen te houden.
Er wordt hard gewerkt om voldoende opvang te realiseren. De realiteit is echter dat het COA kampt met een groot tekort aan opvangplekken. De oproep van de Inspectie JenV aan het Rijk en lokale overheden om voldoende opvangplekken beschikbaar te stellen, zodat doorstroom mogelijk blijft en overbelasting van de opvanglocatie Ter Apel wordt voorkomen, ondersteun ik dan ook van harte. Voor de korte termijn heb ik hiertoe een aantal maatregelen genomen om het tekort aan opvangplekken tegen te gaan. Hierover heb ik uw Kamer op 26 maart jl. geïnformeerd.1 Op de lange termijn zet het kabinet in op een stabiel opvanglandschap. Daarom stuur ik op de uitvoering van de Spreidingswet en het bijbehorende interbestuurlijk toezicht en heeft het kabinet stabiele financiering voor het COA gerealiseerd. Ook zet het kabinet in op een snellere doorstroom van statushouders naar alternatieve huisvesting in gemeenten. Te veel statushouders verblijven in de asielopvang, de achterstand op de taakstelling is ongeveer 9.700 personen (d.d. 3 april). Het kabinet zet onder andere in op opschaling van verschillende vormen van alternatieve huisvesting zoals flexwoningen en woningdelen met als doel het verkorten van wachtlijsten voor alle woningzoekenden, waaronder statushouders. Daarnaast zijn er diverse financiële regelingen vanuit het Rijk beschikbaar om gemeenten te helpen in de huisvesting van statushouders (denk onder andere aan de HAR+, de SPUK doorstroomlocaties en stimuleringsregeling Flex- en Transformatiewoningen (SFT+)).
De situatie in de asielopvang is momenteel echter dusdanig dat de resultaten uit 2025, waarin geen overnachtingen zijn geconstateerd in alternatieve overnachtingsruimten zoals wachtruimtes of portocabins, in 2026 niet konden worden voortgezet. Afgelopen weken hebben op sommige dagen mensen die ’s nachts aankwamen in Ter Apel moeten overnachten op plekken die daartoe niet bestemd waren. De aanbeveling van de Inspectie JenV om indien er onverhoopt toch meer dan de afgesproken 2.000 bewoners in de opvanglocatie in Ter Apel verblijven, de door het COA gestelde waarborgen voor veiligheid en kwaliteit van de voorzieningen in acht te nemen, neem ik ter harte. De veiligheid van bewoners en COA-medewerkers mag niet in het geding komen.
Het tekort aan opvangplekken in Nederland maakt het doorplaatsen van de groep bewoners die overlast veroorzaakt nog eens extra uitdagend. Vanwege de veiligheid in Ter Apel heeft het departement aan de keten de opdracht verstrekt om de doelgroep kansarme aanvragers, waarvan uit ervaringscijfers bekend is dat door hen relatief vaak overlast wordt veroorzaakt, zoveel mogelijk door te plaatsen en te verspreiden over het land. Als gevolg van de relatief hoge instroom van de doelgroep bleef de bezetting, ondanks toenemende doorplaatsing, lange tijd relatief stabiel. De laatste weken is een daling zichtbaar in de cijfers.
Veiligheid
In haar brief benadrukt de Inspectie JenV het belang van doorontwikkeling van een integraal veiligheidsbeleid en het evalueren van incidenten om zo te kunnen werken aan passende maatregelen. Dit belang onderschrijf ik. Alle middelgrote incidenten worden geëvalueerd door het COA en leiden tot aanpassing indien dit bijdraagt aan veiligheid en leefbaarheid. Daarnaast kent het veiligheidsplan deelprojecten die hieraan ook zeker een bijdrage (gaan) leveren
Met de nationale aanpak overlast wordt langs vier pijlers ingezet op een effectieve aanpak van overlastgevende asielzoekers. Er is een divers pakket aan maatregelen beschikbaar voor de inzet op overlast door asielzoekers in een gemeente. In aanvulling daarop wordt nu toegewerkt naar een doorontwikkeling van een landelijke, persoonsgerichte aanpak van overlastgevende en criminele vreemdelingen om casusregie te voeren op de mobiele groep overlastgevers. Hierbij kan vanuit een landelijke tafel een samenhangend pakket aan interventies worden ingezet zowel vreemdelingrechtelijk, zorg als handhaving. Met een Decentrale Uitkering komt het Rijk gemeenten tegemoet in de aanpak van overlastgevende asielzoekers om lokale maatregelen te financieren, zoals extra inzet van BOA’s, cameratoezicht of straattoezichtteams.
De Inspectie JenV wijst in deze brief en eerdere publicaties op knelpunten waar het gaat om de zorg voor en aanpak van vreemdelingen met psychische problematiek. Op dit moment is het ministerie samen met andere betrokken ministeries verschillende oplossingsrichtingen aan het onderzoeken om deze knelpunten te mitigeren. U wordt hier op een later moment over geïnformeerd, waarbij breder wordt ingegaan op alle verschillende aanbevelingen van de inspecties rondom deze complexe groep. Indien sprake is van overlastgevend en crimineel gedrag door deze groep in gemeenten, kunnen ook interventies worden uitgezet via de landelijke, persoonsgerichte aanpak.
Procesbeschikbaarheidslocatie (pbl)
Ook gaat de Inspectie JenV in haar brief in op de pbl. De opdrachtbrief, waarin de keten wordt verzocht de pbl toe te voegen aan de pilot pba, is op 11 juni 2025 verzonden. De ketenbrede werkinstructie is enkele weken later op 15 juli openbaar gemaakt. Vanzelfsprekend is aan deze publicatie een uitgebreid afstemmingsproces met de ketenpartners voorafgegaan. Hierbij is door de keten aangegeven op welke manier en binnen welke kaders de procesbeschikbaarheidslocatie zou kunnen worden opgestart. Ik ben en blijf in gesprek met de uitvoeringorganisaties om hun signalen en ervaringen een plek te geven in de verdere doorontwikkeling.
Verder schrijft de Inspectie JenV dat er geen heldere afspraken zijn
gemaakt ten aanzien van de handhaving van het gebiedsgebod indien
opgelegd in het kader van de pbl. Bij brief is de Tweede Kamer op 30 mei
2025 geïnformeerd over de wijze waarop de handhaving vorm wordt
gegeven.2 Daarnaast is dit onderwerp besproken
met de lokale driehoek van Westerwolde waarna operationele afspraken
zijn gemaakt.
De conclusie dat de pilot weinig toegevoegde waarde heeft, vind ik
voorbarig. De effectiviteit van de aanpak wordt op dit moment onderzocht
middels een evaluatie. Daaropvolgend zal worden bezien of aanpassingen
noodzakelijk zijn. De aanbeveling ten aanzien van de wijze van
opdrachtverstrekking vanuit het departement neem ik mee in de evaluatie
van de pba in brede zin.
De Minister van Asiel en Migratie,
Bart van den Brink
Kamerstukken II, 2026/3, 19637-3523↩︎
Kamerstukken II, 2025/5, 19637-3431↩︎