Behandelvoorstel EU-voorstel tot wijziging besluit Marktstabiliteitsreserve EU ETS
Brief lid / fractie
Nummer: 2026D18257, datum: 2026-04-16, bijgewerkt: 2026-04-16 17:15, versie: 2 (versie 1)
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: F.C.O. Klos, Tweede Kamerlid (D66)
Onderdeel van zaak 2026Z08144:
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Klimaat en Groene Groei
- 2026-04-21 17:00: Procedurevergadering Klimaat en Groene Groei (Procedurevergadering), vaste commissie voor Klimaat en Groene Groei
Preview document (đ origineel)
Aanleiding
Notitie van de EU-rapporteur Klimaat met behandelvoorstel EU-voorstel tot wijziging besluit Marktstabiliteitsreserve EU ETS
aan Leden en plv. leden van de vaste commissie voor K&GG
in afschrift aan Leden en plv. leden van de vaste commissie voor EUZA
van Felix Klos (D66)
datum 16 april 2026
onderwerp behandelvoorstel EU-voorstel tot wijziging besluit Marktstabiliteitsreserve EU ETS
te betrekken bij Procedurevergadering K&GG d.d. 21 april 2026
Op 1 april jl. heeft de Europese Commissie (hierna: Commissie), een voorstel tot (beperkte) wijziging van het besluit inzake de Marktstabiliteitsreserve (MSR) van het EU-emissiehandelssysteem (EU ETS) uitgebracht.
Er wordt concreet één wijziging voorgesteld: het schrappen van (de bepaling over) het maximumaantal rechten dat in de MSR mag zitten.
Het voorstel werd na afloop van de Europese Raad van 19 maart jl. door voorzitter van de Commissie Von der Leyen aangekondigd, naar aanleiding van een discussie over de crisis in het Midden-Oosten en de fors gestegen energieprijzen.
Er bestaat al langer de wens vanuit EU-lidstaten om iets te doen aan de hoge energieprijzen voor de Europese industrie in vergelijking met onder meer de VS en China; een groep EU-lidstaten houdt daarbij het pleidooi ook naar de ETS-heffing/koolstofprijs te kijken, terwijl anderen zich hier juist kritisch over toonden omdat het EU-ETS een belangrijke hoeksteen van het EU-klimaatbeleid is.
Via deze notitie ontvangt u van de EU-rapporteur Klimaat een behandelvoorstel.
Behandelvoorstel
Kabinetsappreciatie na ontvangst agenderen voor een apart schriftelijk overleg.
Inhoudelijke toelichting op het EU-voorstel; Commissie spreekt van maatregel
om âstabiliteit en voorspelbaarheid EU ETS te versterkenâ
Het EU-voorstel komt erop neer dat overtollige CO2-uitstootrechten in de markt-stabiliteitsreserve (MSR) van het EU-emissiehandelssysteem (EU ETS) niet meer mogen worden vernietigd, terwijl dit nu wel nog zo is. Dit zou moeten leiden tot âstabielere en voorspelbaardere ETS-prijzen, zonder daarbij het belangrijke prijssignaal te verliezenâ. Op deze manier zou âde vuurkracht [van de marktstabiliteitsreserve van het EU-ETS] moeten worden vergrootâ om de CO2-marktprijs te kunnen dempen indien nodig. Op dit moment is er een maximum van 400 miljoen uitstootrechten die in de MSR mogen zitten vastgesteld. Vooralsnog is het niet de bedoeling al rechten vrij te geven op de EU ETS markt; daarover moet de Commissie op een later tijdstip besluiten. Volgens Commissaris Hoekstra wordt met het voorstel âde weerbaarheid van het EU-ETS tegen volatiliteit vergroot en blijft het systeem hierdoor bijdragen aan decarbonisatie, ondersteunen van het concurrentievermogen en stimuleren van schone investeringen.â
Voor dit wetgevende voorstel geldt de gewone wetgevingsprocedure, waardoor instemming van zowel het Europees Parlement als de Raad (een gekwalificeerde meerderheid van de EU-lidstaten) nodig is om deze wijziging door te kunnen voeren. In het EU-voorstel zitten verder geen andere voorstellen tot aanpassingen van het MSR.
De MSR is een reservevoorraad aan ETS-rechten, die tot doel heeft de ETS-prijs te stabiliseren. In geval van te veel emissierechten in het EU ETS en een te lage prijs om een stevige verduurzamingsprikkel te geven, dan verdwijnen er rechten uit het EU ETS naar de MSR. In geval er te weinig rechten in omloop zijn of als de ETS-kosten te hoog worden, dan kunnen er rechten uit de MSR op de ETS-markt worden gebracht.
Aanpassing in MSR naar verwachting opmaat naar grotere wijzigingen EU ETS
Het EU ETS bestaat sinds 2005 en is een belangrijke hoeksteun van het EU-klimaatbeleid. Zo bewerkstelligde het systeem sinds 2005 een halvering van de broeikasgasemissies van sectoren die onder het toepassingsbereik van ETS vallen. Ook levert het systeem inkomsten op die kunnen dienen tot financiering van het klimaatbeleid. Het EU ETS heeft als doel in 2030 een 62% reductie te behalen. Indien het huidige traject van afbouw van emissierechten wordt doorgetrokken tot aan 2040, dan zouden er eind 2039 geen uitstootrechten meer in omloop zijn en de industrie in de EU dus geheel moeten zijn gedecarboniseerd. Tot 2034 zou er nog sprake zijn van gratis uitstootrechten, daarna niet meer. Richting 2040 wordt het aanbod van emissierechten in het EU ETS steeds schaarser, met als doel om verduurzaming te stimuleren.
In een brief Von der Leyen aan Europese staatshoofden en regeringsleiders op 16 maart 2026 staat echter vermeld dat de Commissie diens werk aan het versnellen is om te komen tot een ârealistischer traject/pad vanaf 2030â. Naar verwachting in juli 2026 volgt een voorstel van de Commissie tot herziening van het EU ETS. Deze herziening was al gepland omdat het EU ETS in lijn moet worden gebracht met de onlangs vastgestelde EU-klimaatdoelstelling voor 2040. De Commissie merkt op dat in juli mogelijk voorstellen ook zullen volgen die verdere aanpassing van het MSR betekent.
De discussie over het EU ETS in relatie tot de hoge energiekosten waar de Europese industrie mee te maken is al vanaf begin 2026 gaande. In aanloop naar de informele top in Alden Biesen riepen vertegenwoordigers van de industrie op tot het verlagen van de CO2-prijs en dus aanpassen van het EU ETS. De voorzitter van de Europese koepel voor de chemische industrie (cefic) noemde ETS âverouderdâ en dat deze voor een âsignificant concurrentienadeelâ zorgt. Staalproducent Tata ziet âgemorrel aan de CO2-prijsâ echter als een bedreiging, omdat daarmee de verduurzamingsplannen van het staalbedrijf in IJmuiden in het gedrang komen.
Positie kabinet en krachtenveld
In het verslag van de Energieraad van 16 maart jl. valt te lezen dat het kabinet (in algemene zin) geen voorstander is van afzwakking van het EU ETS. Het kabinet ziet ook het belang van structurele maatregelen om energieprijzen te adresseren (energietransitie) en beschouwt een sterk ETS hiervan als een belangrijk onderdeel.
Lidstaten als Spanje en Zweden zien net als Nederland het liefst zo weinig mogelijk wijzigingen aan het EU ETS en wijzen op het belang ervan voor het EU-klimaatbeleid en het behalen van de EU-klimaatdoelstellingen. Volgens Agence Europe zouden Frankrijk en Duitsland voorstander zijn van âtechnische aanpassingen om tot een flexibeler systeem te komenâ. Polen, Slowakije en ItaliĂ« gaan nog verder en dringen aan op het afzwakken of zelfs afschaffen van het EU ETS. Vanuit de Commissie (Hoekstra en Von der Leyen) kwam eerder de reactie dat de koolstofprijs âmaar voor een beperkt gedeelte de kostenbasisâ voor bedrijven is en dat âvoorspelbaarheid van beleid een groot goed is.â
In het verslag van de extra ingelaste informele Energieraad op 31 maart jl., staat ook vermeld dat âeen deel van de lidstaten een gerichte aanpassing van het ETS op korte termijn, bijvoorbeeld via de Market Stability Reserve of aanpassing van benchmarks, voldoende achtte, terwijl anderen pleitten voor meer ingrijpende maatregelen.â
Onderdeel van breder pakket aan maatregelen op energiecrisis te adresseren
Het EU-voorstel inzake wijziging van het MSR-besluit is slechts een van de maatregelen waar de Commissie in navolging van de discussie over hoge energieprijzen tijdens de Europese Raad van 19 maart jl. mee komt.
Op 13 april jl. heeft voorzitter van de Commissie Von der Leyen nader toegelicht wat er nog meer aan EU-voorstellen aan zit te komen:
Ook inzake EU ETS, wil de Commissie op korte termijn geactualiseerde benchmarks voor het EU ETS publiceren. Dat zal de Commissie doen per uitvoeringsverordening die de Commissie zelf mag vaststellen. Een ETS benchmark is een maatstaf hoeveel CO2 er vrij mag komen bij het productieproces. Installaties die op benchmarkniveau produceren krijgen al hun emissierechten gratis; installaties die beter presteren krijgen méér emissierechten dan zij nodig hebben. Indien een installatie ver onder het benchmarkniveau produceert, moeten deze emissierechten aankopen. De huidige benchmarks gelden voor de periode 2021-2025.
De herziening van de EU-wetgeving over het EU ETS zal (conform planning) in juli volgen.
De Commissie gaat verder inzetten op EU-coördinatie bij het vullen van de gasvoorraden en het op de markt brengen van strategische oliereserves.
Er komt op 22 april 2026 een âtoolkitâ in de vorm van een EU-mededeling uit met guidance over hoe lidstaten inkomenssteunmaatregelen vorm kunnen geven ter bescherming van kwetsbare huishoudens en sectoren tegen hoge energieprijzen. Daarnaast zal de Commissie met adviezen komen over hoe de vraag naar energie te beperken.
Ook komt er eind april een tijdelijk staatssteunkader die lidstaten meer ruimte biedt voor tijdelijke staatssteun aan de meest geraakte sectoren.
In mei 2026 volgt ook een wetgevend voorstel over veranderingen m.b.t. elektriciteitsbelastingen en netwerkheffingen.
De Commissie wil ook een EU-breed elektrificatiedoel voorstellen, om zo de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen te verminderen.
Energieprijs opgebouwd uit vier kostenposten, waaronder de koolstofprijs
Energieprijzen in de EU bestaan op hoofdlijnen uit vier kostencomponenten: 1) de energieproductiekosten, 2) netbeheer- en transportkosten, 3) belastingen en heffingen en ten slotte 4) de CO2-kosten/ETS-heffing. De energieproductiekosten zijn (o.a. bij elektriciteit) goed voor iets meer dan de helft van de energieprijs. Het aandeel nationale belastingen en heffingen maakt in de EU gemiddeld 22% van de kosten uit bij elektriciteit. Netwerkheffingen volgen met 18% op het totaal van de kosten bij elektriciteit. Bij industriële gebruikers maken koolstof (ETS)-kosten gemiddeld 11% van de elektriciteitsrekening uit, waarbij de energiemix van landen op lidstaat niveau ook invloed heeft op hoeveel de koolstofkosten precies zijn. Per EU-lidstaat verschilt het aandeel van de kostencomponenten in het totaal van de energieprijs.
Relevante documenten
Behandelmogelijkheden voor de Kamer
De Kamer heeft verschillende mogelijkheden voor de behandeling van een EU-voorstel. Hieronder wordt ingegaan op a) de behandeling van de Nederlandse inzet, b) directe beĂŻnvloeding door de Kamer op EU-niveau en c) het organiseren van kennisactiviteiten.
Behandeling Nederlandse inzet
De Nederlandse inzet bij een EU-voorstel wordt doorgaans beschreven in het BNC-fiche, dat conform de vaste EU-informatieafspraken met het kabinet binnen zes weken na publicatie van het EU-voorstel naar de Kamer wordt gezonden.
Het Ministerie van EZK heeft gemeld dat er bij dit (beknopte) EU-voorstel echter geen apart fiche komt, maar een korte reactie in een andere Kamerbrief zal worden opgenomen. Voor de inhoudelijke behandeling van deze kabinetsappreciatie ligt het voortouw bij de commissie KGG.
Om eerst over de Nederlandse inzet te spreken voordat de minister deelneemt aan Europese onderhandelingen, kan uw commissie besluiten tot het instellen van een behandelvoorbehoud. Dit moet binnen twee maanden nadat een nieuw EU-voorstel uitkomt worden geplaatst, waarna er binnen vier weken een debat met de minister wordt georganiseerd.
U wordt geadviseerd de kabinetsappreciatie na ontvangst te agenderen voor een apart schriftelijk overleg.
Directe beĂŻnvloeding op Europees niveau
Nationale parlementen hebben daarnaast de volgende instrumenten om directe invloed uit te oefenen op Europese besluitvorming:
Subsidiariteitstoets
Nationale parlementen kunnen een gele kaart trekken als ze van mening zijn dat een EU-voorstel ongewenst bevoegdheden overdraagt van het nationale naar het Europees niveau. Dit heet formeel een subsidiariteitsbezwaar.
Politieke dialoog met Europese Commissie
Indien uw commissie haar positie wil delen met de Europese Commissie over het EU-voorstel dan kan dat via de politieke dialoog, een briefwisseling. De Kamer kan ook vragen stellen aan de Commissie.
EU-rapporteur(s)
Uw commissie kan rapporteurs aanstellen voor een specifiek EU-voorstel waarbij deze leden het mandaat krijgen om bijvoorbeeld informatie over het voorstel te verzamelen of het Kamerstandpunt uit te dragen en andere parlementen te beĂŻnvloeden.
Er is op het EU-klimaatbeleid reeds een EU-rapporteur benoemd.
Kennisactiviteiten organiseren
Voor meer kennis over de inhoud van het voorstel en de implicaties ervan in de praktijk kan uw commissie desgewenst een kennisactiviteit organiseren, zoals een rondetafelgesprek of een technische briefing.
EU-wetenschapstoets (pilot)
De EU-wetenschapstoets is net ontwikkeld en bevindt zich in de pilotfase. De EU-wetenschapstoets is deels gebaseerd op de al bestaande wetenschapstoets. De EU-wetenschapstoets komt erop neer dat twee of drie wetenschappers een snelle onafhankelijke toets uitvoeren naar de effecten specifiek voor Nederland van dit EU-voorstel en daar uw commissie kort & bondig over informeren.