Geannoteerde agenda extra informele videoconferentie van EU-transportministers van 21 april 2026
Raad voor Vervoer, Telecommunicatie en Energie
Brief regering
Nummer: 2026D18759, datum: 2026-04-20, bijgewerkt: 2026-04-21 13:38, versie: 2 (versie 1)
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: V.P.G. Karremans, minister van Infrastructuur en Waterstaat
Onderdeel van kamerstukdossier 21501 33-1194 Raad voor Vervoer, Telecommunicatie en Energie.
Onderdeel van zaak 2026Z08360:
- Volgcommissie: vaste commissie voor Europese Zaken
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat
- Stemmingen en besluiten:
- 2026-04-22 10:15 ⇒ Reeds geagendeerd voor de inbreng schriftelijk overleg extra ingelaste informele videoconferentie van EU-transportministers van 21 april, op maandag 20 april 2026. (Besluit)
- 2026-04-21 16:16 ⇒ Rondgezonden en gepubliceerd. (Besluit)
- 2026-04-20 16:00 ⇒ Inbreng geleverd. (Besluit)
- 2026-04-20 16:00: Extra ingelaste informele videoconferentie van EU-transportministers op 21 april 2026 (Inbreng schriftelijk overleg), vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat
- 2026-04-21 16:16: Regeling van werkzaamheden (Regeling van werkzaamheden), TK
- 2026-04-22 10:15: Procedurevergadering Infrastructuur en Waterstaat (Procedurevergadering), vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat
Preview document (🔗 origineel)
21 501-33 Raad voor Vervoer, Telecommunicatie en Energie
Nr. 1194 Brief van de minister van Infrastructuur en Waterstaat
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 20 april 2026
Hierbij ontvangt u de geannoteerde agenda van de extra informele bijeenkomst van EU-transportministers d.d. 21 april. De bijeenkomst zal plaatsvinden in de vorm van een videoconferentie.
De minister van Infrastructuur en Waterstaat,
V.P.G. Karremans
Geannoteerde agenda
De energiecrisis in relatie tot transport
Op 21 april zal een extra informele besloten videoconferentie van de ministers van vervoer plaatsvinden over de crisis in het Midden-Oosten. Het betreft een uitwisseling van ideeën over de coördinatie en mogelijke maatregelen in de transportsector als reactie op de energiecrisis. Er staat geen besluitvorming op de agenda.
Met name luchtvaart, scheepvaart en wegvervoer hebben in Nederland te maken met forse prijsstijgingen voor brandstoffen. Voor Nederland is het belangrijk om voorbereid te zijn op verschillende scenario’s en een gezamenlijke aanpak te hanteren om brandstoftekorten te voorkomen. Daarbij is het van belang dat het gelijke speelveld gewaarborgd blijft binnen de EU, en dat opgepast moet worden voor het hamsteren van brandstof en nemen van protectionistische maatregelen. Daarbij zal Nederland benadrukken dat belangrijk is om als EU in deze discussie gezamenlijk en als één coherent blok op te stellen. Ten aanzien van luchtvaart vindt Nederland het wenselijk dat luchtvaartmaatschappijen flexibeler kunnen zijn om brandstof te besparen. Daardoor gaan geen historische slots verloren. Nederland vraagt in Brussel aandacht voor coulante regelgeving die geharmoniseerd wordt toegepast. Tot slot zal Nederland ook aandacht vragen voor de positie en het welzijn van de zeevarenden in de Perzische Golf. Nederland heeft hier samen met de Europese lidstaten ook aandacht voor gevraagd binnen de Internationale Maritieme Organisatie.