[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [consultaties]←NIEUW! [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn]
[open vragen] [toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [woo/oo] [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is opentk.nl?]

Advies van Adviescollege Veiligheid Groningen (AVG) over het onderzoek naar de beoordeling in de versterking

Gaswinning

Brief regering

Nummer: 2026D32145, datum: 2026-06-24, bijgewerkt: 2026-06-29 17:59, versie: 2 (versie 1)

Directe link naar document (.docx), link naar officiele pagina op de Tweede Kamer site.

Gerelateerde personen: Bijlagen:

Onderdeel van kamerstukdossier 33529 -1382 Gaswinning.

Onderdeel van zaak 2026Z14351:

Onderdeel van activiteiten:

Preview document (🔗 origineel)


33 529 Gaswinning

Nr. 1382 Brief van de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 24 juni 2026

Op 15 juni heeft het ACVG het advies ‘Beoordeeld, maar vertrouwen onder druk’ aangeboden. Dit advies heb ik op 15 juni aan uw Kamer aangeboden.1

Afgelopen maandag was ik in Groningen, waar ik heb gesproken met bewoners, maatschappelijke organisaties en regionale bestuurders. Die gesprekken waren indringend. Ik heb daar opnieuw met eigen ogen gezien wat het wachten op duidelijkheid betekent voor het dagelijks leven van bewoners. Tegen die achtergrond lees ik ook het advies: veel bewoners leven al lang in onzekerheid, en dat heeft veel van hen gevraagd en hun vertrouwen zwaar op de proef gesteld.

De eerste bevindingen van het ACVG uit 2025 over de kwaliteit van beoordelingen door NCG hebben al duidelijk gemaakt dat er vragen zijn over de betrouwbaarheid en begrijpelijkheid van beoordelingsrapporten. Voor bewoners gaat een beoordelingsrapport niet alleen over techniek, normen en berekeningen. Het gaat ook over veiligheid van hun thuis, over de vraag of zij kunnen vertrouwen op het oordeel van de overheid en over de zekerheid die zij nodig hebben om verder te kunnen gaan.

Het eindadvies van ACVG maakt duidelijk dat de overheid hierin richting bewoners te kort is geschoten. Bewoners moeten kunnen rekenen op duidelijke, navolgbare en betrouwbare beoordelingen. Waar dat onvoldoende het geval is geweest, vraagt dat om erkenning en om verbetering. Het advies maakt scherper zichtbaar waar de knelpunten zitten en welke verbeteringen nodig zijn. Dat maakt het mogelijk om gerichter te handelen, maar onderstreept ook dat verbetering noodzakelijk is.

ACVG-advies over de kwaliteit van beoordelingsrapporten

Bewoners, de regio en de maatschappelijke organisaties hebben de afgelopen jaren grote twijfels geuit over de kwaliteit en juistheid van de beoordelingsrapporten die gebruikt worden voor het veiligheidsoordeel en de besluitvorming of een gebouw veilig is of versterkt moet worden. Het ACVG is daarom door mijn ambtsvoorganger op 13 maart 2025 gevraagd om onafhankelijk onderzoek te doen naar de kwaliteit van de beoordelingsrapporten en hierover te adviseren.2 Uw Kamer is op 23 juni 2025 geïnformeerd over de eerste bevindingen van dit onderzoek, inclusief de maatregelen die op basis daarvan getroffen worden.3

Uitkomsten van het eindadvies van het ACVG naar de kwaliteit van beoordelingsrapporten

In het onderzoek naar de kwaliteit van beoordelingsrapporten geeft het ACVG antwoord op de hoofdvragen “is het oordeel op norm of niet op norm in de beoordelingsrapporten betrouwbaar?”; en “wat beïnvloedt het vertrouwen van bewoners in het veiligheidsoordeel?”. Deze vragen zijn belangrijk om bewoners zekerheid te bieden op grotere schaal, zoals aangegeven in de Kamerbrief van 13 maart 2025.4

Om deze vragen te beantwoorden heeft het ACVG een onafhankelijk en omvangrijk onderzoek uitgevoerd. Het ACVG heeft ruim 250 versterkingsdossiers technisch geanalyseerd en meer dan 300 beslissingen op bezwaar onderzocht, en heeft daarnaast 42 woningen bezocht. Daarnaast heeft het ACVG gesprekken gevoerd met bewoners, advocaten, maatschappelijke organisaties, gemeenten, de Nationale ombudsman, ingenieursbureaus en de NCG. Het onderzoek richt zich niet op individuele situaties of aantallen woningen, maar op patronen, kwetsbaarheden en verbeterpunten in het proces van opname, beoordeling, besluitvorming en bezwaar op genomen besluiten door NCG.

Betrouwbaarheid van het veiligheidsoordeel

Het ACVG concludeert dat het veiligheidsoordeel over het algemeen is gebaseerd op een uitgebreide technische analyse van ingenieursbureaus die de opnames en de beoordelingen hebben uitgevoerd. Het ACVG vindt echter ook dat het veiligheidsoordeel dat na de beoordeling wordt gegeven in zes specifieke situaties onvoldoende betrouwbaar is. Dit betekent niet dat deze woningen ook onvoldoende veilig zijn. In het advies schrijft het ACVG dat de aanbevolen controle naar verwachting tot een ander veiligheidsoordeel kan leiden voor minder dan 1% tot 1,5% van de woningen bij de eerste vijf van de geconstateerde situaties. Buiten deze specifieke situaties acht het ACVG de kans bijzonder klein dat het veiligheidsoordeel wijzigt.

Vertrouwen van bewoners in het veiligheidsoordeel

Het ACVG concludeert dat het vertrouwen van bewoners in het veiligheidsoordeel op meerdere vlakken onder druk staat. Volgens het ACVG voelen bewoners zich tijdens de opname en beoordeling van hun woning te vaak onvoldoende gehoord en betrokken. Ze ervaren dat zorgen en vragen over de veiligheid van hun woning onvoldoende worden erkend en dat hun eigen kennis of dat van contra-experts weinig gewicht krijgt. Ook ontbreekt het regelmatig aan begrijpelijke informatie over procedures, beoordelingsmethoden en doorlooptijden. Daarnaast wordt het veiligheidsoordeel volgens het ACVG onvoldoende toegelicht, waardoor belangrijke vragen van bewoners onbeantwoord blijven. Fouten en onzorgvuldigheden in beoordelingsrapporten zoals afwijkende afmetingen, materialen of verkeerd vermelde gebouwonderdelen kunnen daarbij, ook wanneer zij geen gevolgen hebben voor het veiligheidsoordeel, het vertrouwen in de betrouwbaarheid van de beoordeling aantasten.

Aanbevelingen van het ACVG

Het ACVG adviseert gerichte controle- en herstelacties voor de zes situaties waarin onvoldoende zekerheid bestaat over de betrouwbaarheid van het veiligheidsoordeel. Daarnaast doet het ACVG aanbevelingen om toekomstige beoordelingen zorgvuldiger, betrouwbaarder en beter navolgbaar te maken en om processen zodanig in te richten dat er structureel geleerd kan worden van ervaringen en uitkomsten. Het gaat daarbij onder meer om het verbeteren van opnames, dossiervorming en verslaglegging, het beter betrekken van bewoners bij de beoordeling van hun woning en het verder harmoniseren van de werkwijze van ingenieursbureaus. Ook adviseert het ACVG om bewoners meer gelegenheid te geven om te reageren op informatie die wordt gebruikt voor een beoordeling en op de uitkomsten daarvan voordat een besluit door NCG wordt genomen.

Daarnaast richt een belangrijk deel van de aanbevelingen zich op het versterken van het vertrouwen van bewoners. Het ACVG benadrukt het belang van begrijpelijke beoordelingsrapporten, duidelijke informatie over procedures en doorlooptijden, goede verslaglegging van gesprekken en een zichtbare, onafhankelijke afweging van signalen en bezwaren van bewoners. De kern van deze aanbevelingen is dat bewoners moeten kunnen vertrouwen op de technische kwaliteit van een beoordeling, en daarvoor gedurende het hele proces ook serieus genomen, goed geïnformeerd en goed betrokken moeten worden.

Reflectie

Ik zie - net als het ACVG - dat de versterkingsoperatie in een complexe en voortdurend veranderende wereld wordt uitgevoerd. Medewerkers zetten zich dagelijks met de beste intenties en vermogen in om recht te doen aan bewoners. Toch laat het advies zien dat de overheid richting bewoners tekort is geschoten. De afgelopen jaren is veel inzet gepleegd om bewoners sneller duidelijkheid te geven over de veiligheid van hun woning. Die inzet was begrijpelijk en noodzakelijk, omdat bewoners al lang wachten op duidelijkheid. Het ACVG-advies laat echter zien dat de nadruk op snelheid bij het uitvoeren van de beoordelingen ten koste is gegaan van de kwaliteit.

Daarnaast zijn signalen van bewoners, maatschappelijke organisaties en gemeenten over de kwaliteit van beoordelingsrapporten onvoldoende gehoord. Ook is het onvoldoende gelukt om bewoners steeds tijdig mee te nemen in de uitkomsten van beoordelingen en in het vervolg van hun traject.

Om dit in de toekomst te verbeteren maak ik de komende tijd met NCG afspraken over de opvolging van de aanbevelingen van het ACVG, de planning daarvan, verbetering van de uitvoering en de wijze waarop hierover wordt gerapporteerd en naar bewoners wordt gecommuniceerd. Met de maatschappelijke organisaties en de regio (provincie en vijf aardbevingsgemeenten) ga ik in gesprek over hoe hen hierbij beter te betrekken en hoe we de voortgang kunnen monitoren. Hierbij bespreek ik hoe een kortere feedbackloop tot stand te brengen tussen de maatschappelijke organisaties, de regio, NCG en BZK. Op deze manier wil ik eerder en structureler het gesprek voeren met de versterkingsgemeenten en maatschappelijke organisaties over signalen uit de praktijk. Zo wil ik eerder kunnen ingrijpen, en waar nodig aanvullende maatregelen vragen, als uit die signalen blijkt dat verbeteringen onvoldoende effect hebben voor bewoners.

Opvolging van de aanbevelingen van het ACVG

Het ACVG concludeert dat alle factoren gezamenlijk leiden tot wantrouwen bij bewoners over de juistheid en zorgvuldigheid van het veiligheidsoordeel. De aanbevelingen die het ACVG in het kader van betrouwbaarheid van de beoordeling doet, zullen ook bijdragen aan het herstel van het vertrouwen. Deze aanbevelingen zijn glashelder, ik neem de conclusies en aanbevelingen uit het onderzoek van het ACVG naar de kwaliteit van beoordelingsrapporten daarom in zijn geheel over. Tegelijkertijd vraagt de opvolging hiervan om een zorgvuldig traject. De aanbevelingen moeten worden uitgevoerd binnen een versterkingsoperatie die voor veel bewoners al jarenlang duurt en waarin nog duizenden woningen moeten worden versterkt.

Ik wil voorkomen dat maatregelen die bedoeld zijn om de kwaliteit van de uitvoering te verbeteren, onbedoeld leiden tot nieuwe onzekerheid, onduidelijkheid of vertraging voor bewoners. Ook het ACVG concludeert dat zorgvuldige en duurzame verbetering de voorkeur verdient boven snelle ad-hoc oplossingen. Daarom kies ik voor een aanpak langs twee sporen, waarbij de opvolging van de aanbevelingen hand in hand moet gaan met het voortzetten van de versterkingsoperatie. Hieronder schets ik hoe ik de aanbevelingen ga opvolgen.

Spoor 1: Betrouwbaarheid / controleacties dossiers

Op de korte termijn is ervoor gezorgd dat het bewonerscontactcentrum van NCG klaarstaat om vragen en zorgen van bewoners te beantwoorden.

Daarnaast moet worden vastgesteld bij welke woningen fouten of onvolkomenheden gevolgen hebben voor het veiligheidsoordeel. Want ook al geeft het ACVG aan dat deze groep klein is, moet het wel duidelijk worden bij welke woningen dit aan de orde is. De eerste indicatie van NCG is dat zij voor ruim 8.000 adressen moeten bekijken of aanvullende controle nodig is. Dit gebeurt stapsgewijs. Eerst wordt vastgesteld op welke adressen de specifieke aanbeveling uit het ACVG-advies daadwerkelijk van toepassing is. Daarvoor wordt een algemene analyse uitgevoerd, bijvoorbeeld naar het effect van aannames in de berekeningen of wordt bijvoorbeeld gekeken of bij een adres sprake is van een bouwkundig onderdeel waarop de aanbevelingen zien, zoals een topgevel. Vervolgens wordt voor die adressen gericht gecontroleerd hoe dit onderdeel in de beoordeling en berekening is meegenomen. Bewoners hoeven hiervoor zelf niets te doen. Valt een woning onder de controles en heeft die controle gevolgen voor het veiligheidsoordeel, dan neemt NCG persoonlijk contact op met de eigenaar.

Daarmee gaat het niet om het opnieuw beoordelen van alle ruim 8.000 adressen, maar om een gerichte controle op de punten waar het ACVG aandacht voor vraagt. Deze aanpak moet ervoor zorgen dat de controles zorgvuldig, navolgbaar en zo gericht mogelijk plaatsvinden. Als de controle daar aanleiding toe geeft, zal NCG herstelacties verrichten. Hiermee geef ik invulling aan de motie van het lid Bikker c.s.5

Deze controles worden handmatig uitgevoerd en vergen daardoor tijd. Hoeveel tijd kan ik op dit moment nog niet zeggen. Ik heb NCG gevraagd om hiervoor een uitvoeringsanalyse te maken. Op deze analyse kom ik na de zomer terug bij uw Kamer.

Spoor 2: Herstel van vertrouwen en verbetering van de uitvoering

Uit de signalen van de regio, maatschappelijke organisaties, bewoners en uw Kamer maak ik ook op dat het opvolgen van de aanbevelingen van het ACVG op zichzelf niet voldoende is om het vertrouwen van bewoners te verbeteren. Daarom richt ik mij niet alleen op de opvolging van de aanbevelingen uit het ACVG-advies gericht op herstel van vertrouwen, maar op de langere termijn ook op het verhogen van de kwaliteit van de uitvoering van de versterkingsoperatie als geheel.

Dit betekent dat ik stuur op een betere ervaring van bewoners met de uitvoering en op de voortvarendheid van de versterking. Bewoners moeten dat merken in bijvoorbeeld de duidelijkheid van de communicatie met NCG, de manier waarop meldingen worden afgehandeld en de manier waarop NCG bewoners ondersteunt. NCG heeft hier al een aantal stappen in gezet. Zo heeft NCG reeds 50 soorten brieven herschreven in begrijpelijkere taal, is er een proef gestart in Eemsdelta voor het kort-cyclisch meten van de bewonerstevredenheid en bijsturen en het nazorg-loket wordt verder uitgebouwd om zorgen van bewoners te adresseren en eventuele opleverpunten op te lossen.

De versterkingsoperatie is gebaat bij rust, stabiliteit en een betrouwbare uitvoering voor bewoners. Dat betekent niet dat er niets verandert. Zoals hierboven geschetst, er zijn nadrukkelijk verbeteringen nodig en die worden ook doorgevoerd. Die verbeteringen moeten vooral gericht zijn op wat bewoners daadwerkelijk merken in hun eigen traject.

Deze benadering sluit aan bij de randvoorwaarde van het ACVG om NCG de tijd te geven om de aanbevelingen zorgvuldig op te pakken. Ik geef NCG die ruimte, maar verwacht daarbij wel zichtbare voortgang.

Tegen die achtergrond kies ik niet voor een ingrijpende koerswijziging. De ervaring leert dat dergelijke wijzigingen vaker wel dan niet leiden tot vertraging, onduidelijkheid en onzekerheid voor bewoners. Juist daarom kies ik voor stabiliteit in de koers, met gerichte verbeteringen in de uitvoering.

Wel hebben regiobestuurders (provincie en de vijf versterkingsgemeenten) mij verzocht om een doorlichting te doen van het uitvoeringssysteem, met daarbij als aandachtspunt dat de lopende versterkingsoperatie niet mag stilvallen.

Hier ben ik het mee eens, en ga ik oppakken. Deze doorlichting richt zich op de inrichting en aansturing van de uitvoeringsorganisatie binnen het bredere stelsel van Rijk, regio en ketenpartners. In deze doorlichting zal het continue aandachtspunt zijn in hoeverre de bewoner geholpen wordt.

Ik doe dit omdat ik mij ervan bewust ben dat de vaak beloofde verbeteringen nog onvoldoende zichtbaar zijn voor bewoners. Daarom is het belangrijk om niet alleen vanuit Den Haag of vanuit NCG te beoordelen welke maatregelen nodig zijn, maar daarbij ook de ervaringen uit de regio te betrekken.

Samenwerking met de regio

Samenwerking tussen verschillende overheidsorganisaties als één overheid binnen de Agenda voor Herstel is essentieel voor het aanbrengen van de hierboven genoemde verdere verbeteringen. Met de Agenda voor Herstel hebben regio en Rijk gezamenlijk uitgesproken dat herstel in Groningen alleen geloofwaardig kan zijn als bewoners centraal staan en overheden zichtbaar naast hen staan. Die afspraak is ook richtinggevend voor de wijze waarop ik de opvolging van het ACVG-advies wil vormgeven en monitoren.

Maatschappelijke organisaties, de provincie en de vijf versterkingsgemeenten hebben ieder vanuit hun eigen rol zicht op wat bewoners in de praktijk ervaren. Zij beschikken over kennis en expertise die nodig is om te beoordelen welke verbeteringen nodig zijn en of verbeteringen daadwerkelijk landen. Hun bijdrage is essentieel en ik wil samen met hen bezien in hoeverre opvolging van het ACVG-advies en de bredere verbeteringen op de langere termijn aansluiten bij de behoeften van bewoners. Daarbij staat steeds de vraag centraal wat bewoners hiervan concreet merken.

Tot slot

De opgave waar we voor staan is groot en voor bewoners telt uiteindelijk niet de analyse of het plan, maar wat zij daarvan merken in hun dagelijks leven. Daarom blijf ik sturen op een versterkingsoperatie die voorspelbaar en uitvoerbaar is, en op verbeteringen die voor bewoners daadwerkelijk merkbaar zijn. Over de voortgang daarvan blijf ik uw Kamer informeren via de reguliere verantwoordingsmomenten.

De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

P.E. Heerma

Bijlagen

Volgnummer Naam Classificatie
1 Advies Beoordeeld, maar vertrouwen onder druk

  1. Kamerstukken II 2025/26, 33529, nr. 1378.↩︎

  2. Kamerstukken II 2024/25, 33 529, nr. 1279.↩︎

  3. Kamerstukken II 2024/25, 33 529, nr. 1319↩︎

  4. Kamerstuk 33 529, nr. 1322↩︎