Antwoord op vragen van het lid Kostić over dat wolf Bram illegaal, 5 uur later dan volgens de vergunning was toegestaan, is gedood
Antwoord schriftelijke vragen
Nummer: 2026D39545, datum: 2026-08-27, bijgewerkt: 2026-08-27 17:04, versie: 2 (versie 1)
Directe link naar document (.docx), link naar officiele pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: S.P.A. Erkens, staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (Ooit VVD kamerlid)
Onderdeel van zaak 2026Z15828:
- Gericht aan: S.P.A. Erkens, staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur
- Voortouwcommissie: TK
Preview document (🔗 origineel)
AH 2791
Antwoord van staatssecretaris Erkens (Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur) (ontvangen 27 augustus 2026)
Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2025-2026, nr. 2508
1
Heeft u kennisgenomen van het bericht dat wolf Bram (GW3237) op 1
december 2025 om 23.10 uur is doodgeschoten, ruim 5 uur later dan
volgens vergunning was toegestaan?
Antwoord
Ja.
2
Bent u op de hoogte van het feit dat uit de documenten die via een
Woo-verzoek openbaar zijn gekomen, blijkt dat de
vergunningsvoorschriften voor het afschot van wolf Bram bewust zijn
overtreden?
Antwoord
Via bovengenoemd bericht is deze informatie tot mij gekomen.
3
Wat vindt u ervan dat uit documenten die via een Woo-verzoek openbaar
zijn geworden, blijkt dat de vergunningsvoorschriften voor het afschot
van wolf Bram bewust zijn overtreden?
Antwoord
De Provincie Utrecht is het bevoegd gezag voor de betreffende vergunning. De provincie is ook de instantie die oordeelt over naleving van de aan de vergunning verbonden voorwaarden. Omdat ik hier niet de rol van bevoegd gezag heb, is het niet aan mij om een oordeel te hebben over het naleven van deze voorwaarden.
4
Weet u dat de toezichthouder in het controlerapport concludeerde dat het
afschot van Bram een overtreding is van voorschriften uit de vergunning
en daarmee een overtreding van artikel 5.5. eerste lid onder g uit de
Omgevingswet, maar desondanks besloot niet tot handhaving over te gaan?
Wat vindt u daarvan?
Antwoord
Zoals ik in mijn antwoorden op vragen 2 en 3 heb aangegeven is deze informatie via de door u aangehaalde bericht tot mij gekomen. Ik heb met betrekking tot deze vergunning niet de rol van bevoegd gezag, het is daarom niet aan mij om een oordeel te hebben over het naleven van deze voorwaarden.
5
Vindt u dat de Omgevingswet moet worden gehandhaafd? Zo nee, waarom
niet? In welke gevallen moet de Omgevingswet volgens u wel of niet
worden gehandhaafd (kunt u daar heel specifiek in zijn)?
Antwoord
In het algemeen ben ik van oordeel dat regelgeving zoveel als mogelijk moet worden gehandhaafd. In dit specifieke geval heb ik niet de rol van bevoegd gezag en het is daarom niet aan mij om een oordeel te hebben over naleving.
6
Op welk moment (tijdstip en datum) was u op de hoogte van het afschot
van wolf Bram?
Antwoord
Het bericht hierover heeft mij destijds via de media bereikt. Een specifieke datum en tijdstip zijn niet te achterhalen.
7
Was u op de hoogte van het moment van de doding? Zo ja, wanneer heeft u
die kennis gekregen?
Antwoord
Het bericht hierover heeft mij destijds via de media bereikt. Wanneer dit precies was, is niet te achterhalen.
8
Was u op de hoogte van de strikte vergunningsvoorschriften en in het bijzonder van het voorschrift dat uiterlijk tot 17.33 uur mocht worden gedood?
Antwoord
Vergunningen en de daaraan verbonden voorwaarden afgegeven door andere overheden, worden in de regel niet met het Rijk gedeeld. Zie ook mijn antwoord op vraag 3.
9
Deelt u de mening dat elke afwijking van de zeer strikte vergunningsvoorschriften, een overtreding is van voorschriften? Deelt u de mening dat het overtreden van de vergunningsvoorschriften ontoelaatbaar is? Zo ja, welke gevolgen heeft dat? Zo nee, waarom niet?
Antwoord
Ik verwijs u graag naar mijn antwoord op vraag 3 en het feit dat ik met betrekking tot deze vergunning niet de rol van bevoegd gezag heb.
10
Deelt u de mening dat wolven waardevolle en beschermde diersoorten zijn en dus niet lichtzinnig moet worden omgegaan met overtredingen van vergunningsvoorschriften rondom bijvoorbeeld het doden van wolven? Zo nee, waarom niet?
Antwoord
De wolf is een beschermde diersoort. Deze verdient de bescherming die hoort bij deze beschermingsstatus. Zie verder ook mijn antwoord op vraag 3.
11
Ziet u het gevaar van precedentwerking van het afwijken van vergunningsvoorschriften, zeker gezien er waarschijnlijk al regelmatig sprake is van stroperij en dus het illegaal doden van wolven? Zo nee, waarom niet?
Antwoord
Nee. Dit betreft een individueel geval, ik zie geen aanleiding voor precedentwerking. Zie ook mijn antwoord op vraag 3.
12
Indien u een gevaar ziet in precedentwerking, welke stappen zal u daartegen zetten? Indien u daar niet toe bereid bent, waarom niet?
Antwoord
Zoals ik in mijn antwoord op vraag 11 heb aangegeven, zie ik geen aanleiding voor precedentwerking.
13
Bent u bereid een strafrechtelijk onderzoek in te stellen naar de doding van wolf Bram? Zo nee, waarom niet en wat gaat u dan doen?
Antwoord
Ik zie geen aanleiding voor een strafrechtelijk onderzoek. De Provincie Utrecht is het bevoegd gezag voor de betreffende vergunning. De provincie is ook de instantie die oordeelt over naleving van de aan de vergunning verbonden voorwaarden.
14
Kunt u de vragen één voor één en voor 8 juli beantwoorden?
Antwoord
Het is door het zomerreces niet gelukt om de vragen binnen deze termijn te beantwoorden.