Nota van Wijziging
Wijziging van de Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen en enige andere wetten in verband met de implementatie van Richtlijn (EU) 2023/970 ter versterking van de toepassing van het beginsel van gelijke beloning van mannen en vrouwen voor gelijke of gelijkwaardige arbeid door middel van beloningstransparantie en handhavingsmechanismen (Wet implementatie Richtlijn loontransparantie mannen en vrouwen)
Nota van wijziging
Nummer: 2026D40132, datum: 2026-09-02, bijgewerkt: 2026-09-02 11:31, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar officiele pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: J.A. Vijlbrief, minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (Ooit D66 kamerlid)
Onderdeel van zaak 2026Z10622:
- Volgcommissie: vaste commissie voor Justitie en Veiligheid
- Volgcommissie: vaste commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid
- Stemmingen en besluiten:
- 2026-06-24 14:00 ⇒ Inbreng geleverd. (Besluit)
- 2026-06-02 16:30 ⇒ Inbrengdatum voor het verslag vaststellen op 24 juni 2026 te 14:00 uur. (Besluit)
- 2026-05-28 14:30 ⇒ Koninklijke boodschap, met de erbij behorende stukken, is al rondgezonden en gepubliceerd. (Besluit)
- 2026-05-28 14:30 ⇒ In handen gesteld van de vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid (Besluit)
Onderdeel van zaak 2026Z17517:
- Volgcommissie: vaste commissie voor Justitie en Veiligheid
- Volgcommissie: vaste commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid
- 2026-05-28 14:30: Aanvang middagvergadering: Regeling van werkzaamheden (Regeling van werkzaamheden), TK
- 2026-06-02 16:30: Procedurevergadering Sociale Zaken en Werkgelegenheid (Procedurevergadering), vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid
- 2026-06-24 14:00: Wet implementatie Richtlijn loontransparantie mannen en vrouwen (Inbreng verslag (wetsvoorstel)), vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid
- 2026-09-08 16:30: Procedurevergadering Sociale Zaken en Werkgelegenheid (Procedurevergadering), vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Preview document (🔗 origineel)
36 949
Wijziging van de Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen en enige
andere wetten in verband met de implementatie van Richtlijn (EU)
2023/970 ter versterking van de toepassing van het beginsel van gelijke
beloning van mannen en vrouwen voor gelijke of gelijkwaardige arbeid
door middel van beloningstransparantie en handhavingsmechanismen
(Wet implementatie Richtlijn loontransparantie mannen
en vrouwen)
NOTA VAN WIJZIGING
Het voorstel van wet wordt als volgt gewijzigd:
A
In artikel I, onderdeel J, wordt in het voorgestelde artikel 10c, vierde lid, “artikel 2:15, eerste lid” vervangen door “artikel 2:7, tweede lid” en in het voorgestelde artikel 11a “vijfde of zesde lid” vervangen door “vijfde, zesde en zevende lid”.
B
Artikel III wordt als volgt gewijzigd:
1. Onderdeel B komt te luiden:
B
Artikel 31d, eerste lid, komt te luiden:
1. De ondernemer verstrekt, mede ten behoeve van de bespreking van de algemene gang van zaken van de onderneming, ten minste een maal per jaar aan de ondernemingsraad schriftelijk informatie over de hoogte en inhoud van de arbeidsvoorwaardelijke regelingen en afspraken per verschillende groepen van de in de onderneming werkzame personen. De ondernemer raadpleegt de ondernemingsraad over de getrouwheid van de informatie, genoemd in artikel 10c, eerste lid, van de Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen.
2. Na onderdeel B wordt een onderdeel ingevoegd, luidende:
Ba
In artikel 31e wordt "en 31d" vervangen door "en 31d, met uitzondering van het eerste lid, tweede zin,".
3. In onderdeel C, tweede lid, wordt “artikel 27, eerste lid, onderdeel b,”, vervangen door “voor zover het betreft een arbeids- en rusttijdenregeling,”.
C
Na artikel V wordt een artikel ingevoegd, luidende:
Artikel Va. Samenloop
Indien artikel I, onderdeel H, van de Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten eerder dan onderscheidenlijk op hetzelfde tijdstip in werking treedt als artikel II van deze wet, wordt in artikel II “artikel 12b” vervangen door “artikel 12ab”.
Toelichting
Met deze nota van wijziging wordt de samenloop geregeld tussen
het wetsvoorstel implementatie Richtlijn loontransparantie mannen en
vrouwen (het wetsvoorstel) en de Wet modernisering elektronisch
bestuurlijk verkeer alsmede de Wet toelating terbeschikkingstelling van
arbeidskrachten (Wtta). Deze wijzigingen van redactionele,
wetstechnische aard zijn reeds aangekondigd in de memorie van
toelichting bij het wetsvoorstel (blz. 13-14).
Onderdeel A
Het wetsvoorstel bepaalt dat de loonrapportage in afwijking van artikel 2:15, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitsluitend elektronisch wordt verstrekt. Sinds de inwerkingtreding van de Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer betreft dit echter een afwijking van artikel 2:7, tweede lid, van de Awb. Omdat de Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer op dit punt op 1 januari 2026 in werking is getreden, wordt het voorgestelde artikel 10c van het wetsvoorstel aangepast zodat het naar de juiste bepaling van de Awb verwijst. Deze wijziging is abusievelijk niet al vóór de indiening van het wetsvoorstel doorgevoerd.
In het voorgestelde artikel 11a, dat de omkering van de bewijslast op
nationaal niveau regelt, is abusievelijk niet verwezen naar het verbod
voor de werkgever om te vragen naar het laatstverdiende of het huidige
loon (het voorgestelde zevende lid van artikel 3). Uit artikel 18,
tweede lid, van de Richtlijn loontransparantie mannen en vrouwen (de
Richtlijn) volgt echter ondubbelzinnig dat de omkering van de bewijslast
geldt bij het niet naleven van alle transparantieverplichtingen, dus ook
dit verbod. Met de wijziging van het voorgestelde artikel 11a is dit
hersteld.
Onderdeel B
Eerste lid
In het wetsvoorstel is in het voorgestelde artikel 31d, eerste lid van de Wet op de ondernemingsraden (Wor) abusievelijk het woord onderneming in plaats van de ondernemer gebruikt. Met deze wijziging wordt verduidelijkt dat de daarin opgenomen verplichting ten opzichte van de ondernemingsraad concreet aan de ondernemer is gericht. De ondernemer is immers de entiteit jegens wie de ondernemingsraad zijn rechten uitoefent. Verder waren bij de formulering van het nieuwe artikel 31d, eerste lid, de woorden “ten minste eenmaal per jaar” geschrapt. Deze zijn teruggeplaatst. De ondernemer verschaft nog altijd ten minste eenmaal per jaar informatie over de hoogte en inhoud van de arbeidsvoorwaardelijke regelingen en afspraken per verschillende groepen van de in de onderneming werkende personen. Het wetsvoorstel beoogt deze bestaande verplichting niet inhoudelijk te wijzigen. De genoemde frequentie van ten minste eenmaal per jaar heeft geen betrekking op de opvolgende zin uit artikel 31d, eerste lid. Raadpleging van de ondernemingsraad over de getrouwheid van de informatie, genoemd in artikel 10c, eerste lid, van de Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen, vindt dan plaats wanneer de onderneming op grond van het genoemde artikel de informatie vaststelt.
Tweede lid
Artikel 31d regelt dat de ondernemer aan de ondernemingsraad
informatie verstrekt over – kort samengevat – arbeidsvoorwaardelijke
regelingen en afspraken per verschillende groepen werknemers. Het
wetsvoorstel voegt daaraan toe dat de ondernemer de ondernemingsraad
raadpleegt over de getrouwheid van de informatie in de loonrapportage.
Het huidige artikel 31e regelt dat voor de daarin aangewezen besloten
vennootschappen en rechtspersonen de verplichtingen van artikel 31d niet
gelden. Deze uitzondering mag echter geen betrekking hebben op de
verplichtingen van de ondernemer die uit de Richtlijn voortvloeien. De
Richtlijn staat namelijk niet toe de rol van de ondernemingsraad bij de
loonrapportage te beperken. Met de voorliggende nota van wijziging wordt
artikel 31e overeenkomstig de Richtlijn aangepast.
Derde lid
In het wetsvoorstel wordt artikel 35c, vierde lid, eerste zin, van de Wor gewijzigd. Die zin luidt als volgt. “De ondernemer legt een voorgenomen besluit als bedoeld in artikel 27, eerste lid, onderdeel b, voor zover het betreft een arbeids- en rusttijdenregeling, en onderdelen d en m, schriftelijk aan de personeelsvertegenwoordiging voor.” De zinsnede “onderdeel c, onder 2 en 3,” moet worden geplaatst na de zinsnede “voor zover het betreft een arbeids- en rusttijdenregeling,” Met de voorliggende nota van wijziging wordt deze redactionele wijziging doorgevoerd.
Onderdeel C
Het wetsvoorstel bevat het voorgestelde artikel 12b van de Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs (Waadi). Dit artikel regelt de gegevensuitwisseling tussen uitlener en inlener die beide partijen nodig hebben om aan de verplichtingen inzake loontransparantie te voldoen.
De Wtta bevat eveneens een artikel 12b, dat de huisvesting van ter beschikking gestelde arbeidskrachten regelt. Dat artikel treedt op 1 januari 2027 in werking. Om beide regelingen tot stand te brengen, regelt deze nota van wijziging de samenloop tussen beide (wijzigings)wetten.
De Minister van Sociale Zaken
en Werkgelegenheid
J.A. Vijlbrief