[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [consultaties]←NIEUW! [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn]
[open vragen] [toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [woo/oo] [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is opentk.nl?]

RIVM-onderzoek naar vraaguitval in de ouderenzorg

Brief regering

Nummer: 2026D40748, datum: 2026-09-03, bijgewerkt: 2026-09-03 12:48, versie: 1

Directe link naar document (.docx), link naar officiele pagina op de Tweede Kamer site.

Gerelateerde personen: Bijlagen:

Onderdeel van zaak 2026Z17854:

Onderdeel van activiteiten:

Preview document (🔗 origineel)


Geachte voorzitter,

Sinds medio 2023 ontvangt VWS signalen uit het veld over verminderde vraag van ouderen naar zorg. In de media zijn diverse berichten verschenen over leegstand in verpleeghuizen, waarover meerdere Kamervragen zijn gesteld1.

Mijn ambtsvoorganger heeft het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) gevraagd te onderzoeken of er sprake is van verminderde vraag van ouderen naar zorg en als dat zo is, wat daarvoor de verklaring is. De Tweede Kamer heeft de offerte van het RIVM op basis waarvan het onderzoek plaatsvond ontvangen op 22 januari 2026 bij de voortgangsbrief over het Hoofdlijnenakkoord Ouderenzorg (HLO)2.

Het RIVM heeft mij het eindrapport ‘Verandering in de vraag en het gebruik van ouderenzorg in Nederland’, op 3 september aangeboden en ik doe u het bij deze brief toekomen. Het is een omvangrijk en informatief rapport, waarvoor ik het RIVM dankbaar ben. Gedurende het onderzoek is het RIVM geadviseerd door Actiz, Regiokracht, Sociaal en Cultureel Planbureau, Zilveren Kruis, en Zorgverzekeraars Nederland. Het RIVM kon gebruik maken van de gegevens en de kennis van het CBS, NZa, CIZ en het Zorginstituut. Ook hen wil ik danken voor hun inzet.

De voornaamste conclusies zijn de volgende. In de periode 2018-2024 ziet het RIVM geen vraaguitval. De groei van het aantal ouderen in die periode voorspelt goed de vraag naar zorg. Het aantal levensjaren met een goede ervaren gezondheid neemt toe. Het aantal ouderen dat een vorm van ouderenzorg (Zvw en Wlz) ontving steeg van 394.000 in 2018 tot 444.000 in 2024 (+50.000). In deze periode heeft 12% van de 65+ers wijkverpleging of verpleegzorg (thuis of in het verpleeghuis) ontvangen. Het RIVM heeft ook gekeken naar zorggebruik in verschillende leeftijdscategorieën. Het percentage 75-84 jarigen dat Wlz-zorg ontvangt is gelijk gebleven (rond de 5%). Het percentage 85+ers dat Wlz-zorg ontvangt is gestegen (van 20 naar 26%).

Daarmee ziet het RIVM in deze periode geen vraaguitval. Wel ziet het RIVM een verschuiving:

  • Ouderen consumeren minder wijkverpleging.

  • Ouderen kiezen liever niet voor een verpleeghuis. Daarom zijn er diverse locaties waar sprake is van leegstand. De gemiddelde verblijfsduur in verpleeghuizen neemt af.

  • Ouderen willen langer thuisblijven en daar de noodzakelijke zorg ontvangen.

De sector past zich aan op de wens van ouderen om de zorg thuis te krijgen door het aanbod van Wlz-zorg thuis uit te breiden.

Deze ontwikkeling is de afgelopen periode beleidsmatig ondersteund; vanaf 2022 in het Wonen, ondersteuning en zorg voor Ouderen (WOZO) programma, dat is overgegaan in het Hoofdlijnenakkoord Ouderenzorg. Hierin is de ‘beweging naar voorkant’ versterkt zodat ouderen de zorg krijgen passend bij hun leven en wensen.

In dit rapport schetst het RIVM de transitie waarin de ouderenzorg zich bevindt. Deze transitie is nog niet afgerond, hetgeen ook blijkt uit de aanhoudende signalen over vraaguitval in de wijkverpleging en bij Wlz-verblijfszorg.

Het RIVM-rapport toont aan dat het belangrijk is deze transitie cijfermatig te blijven volgen om het juiste gesprek met betrokken partijen te kunnen blijven voeren. Ik heb daarom besloten dit onderzoek in 2027 te laten actualiseren.

De komende periode ga ik in gesprek met de meest betrokken HLO partijen om met hen verdere duiding aan het RIVM-rapport te geven en te bezien welke aangrijpingspunten voor vervolg het rapport bevat en deze eventueel te betrekken bij het maken aanvullende afspraken voor het Hoofdlijnenakkoord Ouderenzorg (HLO).

Hoogachtend,

de minister van Langdurige Zorg,

Jeugd en Sport,

Mirjam Sterk


  1. Vragen van het lid Dobbe, 6 november 2025 (2025Z18923), De Korte, 13 november 2025 (2025Z19152) en Dobbe 9 december 2025 (2025Z19854).↩︎

  2. Kamerstuk 29389, nr. 162↩︎