[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn] [open vragen]
[toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is dit?]

Memorie van toelichting

Wijziging van de begrotingsstaten van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat (XIII) voor het jaar 2022 (wijziging samenhangende met de Voorjaarsnota)

Memorie van toelichting

Nummer: 2022D20112, datum: 2022-05-25, bijgewerkt: 2024-02-19 10:56, versie: 2

Directe link naar document (.pdf), link naar pagina op de Tweede Kamer site, officiële HTML versie (kst-36120-XIII-2).

Gerelateerde personen:

Onderdeel van kamerstukdossier 36120 XIII-2 Wijziging van de begrotingsstaten van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat (XIII) voor het jaar 2022 (wijziging samenhangende met de Voorjaarsnota).

Onderdeel van zaak 2022Z09854:

Onderdeel van activiteiten:

Preview document (🔗 origineel)


Tweede Kamer der Staten-Generaal 2
Vergaderjaar 2021‒2022
36 120XIII Wijziging van de begrotingsstaten van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat (XIII) voor het jaar 2022 (wijziging samenhangende met de Voorjaarsnota)
Nr. 2

MEMORIE VAN TOELICHTING

A. ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET WETSVOORSTEL

Wetsartikelen 1 en 2

De begrotingsstaten die onderdeel zijn van de Rijksbegroting, worden op grond van artikel 2.3, eerste lid, van de Comptabiliteitswet 2016 elk afzonderlijk bij wet vastgesteld en derhalve ook gewijzigd. Het onderhavige wetsvoorstel strekt ertoe om voor het jaar 2022 wijzigingen aan te brengen in:

  1. de departementale begrotingsstaat van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat;
  2. de begrotingsstaat inzake de agentschappen van dit ministerie;

Vanwege de spoedeisende maatregelen zijn in de periode december 2021 tot en met 25 mei 2022 zes incidentele suppletoire begrotingen en een Nota van wijziging zesde incidentele suppletoire begroting over het begrotingsjaar 2022 naar de Tweede Kamer verzonden. De behandeling van de derde tot en met zesde incidentele suppletoire begrotingen (inclusief de Nota van wijziging zesde incidentele suppletoire begroting) in de Staten-Generaal heeft nog niet plaatsgevonden. Om deze reden is de in de begrotingsstaat opgenomen stand nog niet door de beide Kamers bekrachtigd. Vanwege de snelle opeenvolging van begrotingswetsvoorstellen, om het budgetrecht van de Staten Generaal te waarborgen, bevat de kolom ‘vastgestelde begroting’ zowel de vastgestelde stand bij ontwerpbegroting als de mutaties die bij incidentele suppletoire begrotingen zijn opgenomen.

De in de begrotingsstaten opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van deze memorie van toelichting toegelicht (de zgn. begrotingstoelichting).

Mede namens de Minister voor Klimaat en Energie,

De Minister van Economische Zaken en Klimaat,

M.A.M.Adriaansens

B. BEGROTINGSTOELICHTING

1 Leeswijzer

Opbouw 1e suppletoire begroting 2022

Deze 1e suppletoire begroting geeft een geactualiseerd beeld van de begrotingsuitvoering 2022. Onderdeel B, de begrotingstoelichting, is als volgt opgebouwd:

  1. Leeswijzer met onder andere een overzicht van de coronamaatregelen die op de begroting van het Ministerie van EZK zijn opgenomen.
  2. Overzicht belangrijkste suppletoire uitgaven- en ontvangstenmutaties. De belangrijkste verplichtingenmutaties zijn toegelicht in de artikelen.
  3. De beleidsartikelen. Voor ieder beleidsartikel is de tabel “Budgettaire gevolgen van beleid” opgenomen. Hierin zijn de begrotingsmutaties voor de verplichtingen, uitgaven en ontvangsten weergegeven.
  4. De niet-beleidsartikelen. In de budgettaire tabellen zijn de begrotingsmutaties voor de verplichtingen, uitgaven en ontvangsten opgenomen.
  5. De agentschappen. In deze 1e suppletoire begroting zijn de aanpassingen in de agentschapsparagrafen van de Agentschap Telecom (AT), de Dienst ICT Uitvoering (DICTU) en de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO.nl) opgenomen.

Herverkaveling Groningen

Bij het aantreden van het kabinet is besloten om de uitgaven en ontvangsten voor de schadeafhandeling en versterkingsoperatie in Groningen onder te brengen op één begroting. De middelen die voor de versterkingsoperatie op de BZK-begroting stonden (inclusief middelen voor apparaat) zijn overgeheveld naar EZK naar beleidsartikel 5 Een veilig Groningen met perspectief en naar artikel 40 Apparaat Kerndepartement.

Artikel begroting 2022 Detail Artikel begroting 2022 Detail Toelichting wijziging
Uitgaven
Subsidies
Artikel 5 Woonbedrijf Nieuwe regel als gevolg van overheveling van Artikel 10 van BZK.
Artikel 5 Diverse subsidies versterken Nieuwe regel als gevolg van overheveling van Artikel 10 van BZK.
Artikel 5 Bestuursakkoord Nieuwe regel als gevolg van overheveling van Artikel 10 van BZK.
Inkomensoverdrachten
Artikel 5 Tegemoetkoming aan huurders Nieuwe regel als gevolg van overheveling van Artikel 10 van BZK.
Schades
Artikel 5 Vastgelopen dossiers Nieuwe regel als gevolg van overheveling van Artikel 10 van BZK.
Opdrachten
Artikel 5 Werkbudget Nieuwe regel als gevolg van overheveling van Artikel 10 van BZK.
Artikel 5 Versterkingsoperatie Nieuwe regel als gevolg van overheveling van Artikel 10 van BZK.
Artikel 5 Bestuursakkoord Nieuwe regel als gevolg van overheveling van Artikel 10 van BZK.
Artikel 5 Versterken Industrie Nieuwe regel als gevolg van overheveling van Artikel 10 van BZK.
Bijdrage aan medeoverheden
Artikel 5 Nationaal Programma Groningen Nieuwe regel als gevolg van overheveling van Artikel 10 van BZK.
Artikel 5 Compensatie gemeenten en provincie Nieuwe regel als gevolg van overheveling van Artikel 10 van BZK.
Artikel 5 Bestuursakkoord Nieuwe regel als gevolg van overheveling van Artikel 10 van BZK.
Artikel 5 Integrale programma's Bestuursakkoord Nieuwe regel als gevolg van overheveling van Artikel 10 van BZK.
Materiële uitgaven
Artikel 40 Overige materiële uitgaven Nieuwe regel als gevolg van overheveling van Artikel 11 van BZK.
Ontvangsten
Artikel 5 Ontvangsten NAM Versterkingskosten NCG Nieuwe regel als gevolg van overheveling van Artikel 10 van BZK.
Artikel 5 Ontvangsten Nationaal Programma Groningen (NAM) Nieuwe regel als gevolg van overheveling van Artikel 10 van BZK.

Ondergrenzen toelichtingen

Voor het toelichten van de begrotingsmutaties zijn in deze eerste suppletoire begroting de ondergrenzen gehanteerd zoals opgenomen in de onderstaande tabel.

< 50 1 2
=> 50 en < 200 2 4
=> 200 < 1000 5 10
=> 1000 10 20

In sommige gevallen, waar politiek relevant, worden ook posten toegelicht beneden deze ondergrenzen.

Overzicht coronamaatregelen

Hieronder een overzicht van de coronamaatregelen met daarin de coronagerelateerde uitgaven vanuit de begroting van het Ministerie van EZK. Een uitgebreid overzicht is te vinden op Overheidsfinancien in coronatijd op Rijksfinancien.nl.

2 Mentale steun ondernemers 2 3 Kamerstuk 25 295, nr. 988
2 Tegemoetkoming vaste lasten (TVL) 5.739 4.409 465 Kamerstuk 35 420, nr. 38, Kamerstuk 35 420, nr. 42, Kamerstuk 35 420, nr. 81, Kamerstuk 35 420, nr. 105, Kamerstuk 35 420, nr. 214, Kamerstuk 35 420, nr. 217, Kamerstuk 35 420, nr. 226, Kamerstuk 35 420, nr. 237, Kamerstuk 35 420, nr. 247, Kamerstuk 35 420, nr. 248, Kamerstuk 35 420, nr. 270, Kamerstuk 35 420, nr. 314, Kamerstuk 35 420, nr. 273, Kamerstuk 35 420, nr. 458, Kamerstuk 35 420, nr. 462, Kamerstuk 35 420, nr 466, Kamerstuk 35 420, nr. 479
2 Tegemoetkoming vaste lasten starters 50 35 Kamerstuk 35 420, nr. 217, Kamerstuk 35 420, nr. 479
2 Omscholing naar tekortsectoren 40 40 Kamerstuk 35 420, nr. 105
2 Herstructurering winkelgebieden en binnensteden 21 10 Kamerstuk 31 757, nr. 105
2 Subsidieregeling R&D mobiliteitssectoren 0 38 Kamerstuk 35 420, nr. 248
2 Tijdelijke regeling subsidie evenementen COVID-19 (TRSEC) 505 525 Kamerstuk 35 420, nr. 217, Kamerstuk 35 420, nr. 354
2 Aanvullende tegemoetkoming evenementen 120 120 Kamerstuk 35 420, nr 454, Kamerstuk 35 420, nr 462
2 Omzetderving Limburg 24 24 Kamerstuk 32 698, nr. 63
2 Voucherkredietfaciliteit/Leningsfaciliteiten reissector 4 4 28 Kamerstuk 35 420, nr. 72, Kamerstuk 35 420, nr. 105, Kamerstuk 35 420, nr. 252
2 Qredits 23 103 Kamerstuk 35 420, nr. 2, Kamerstuk 35 420, nr. 16, Kamerstuk 35 420, nr. 105, Kamerstuk 35 420, nr. 217, Kamerstuk 35 420, nr. 277
2 Begrotingsreserve BMKB-Corona 10 Kamerstuk 35 420, nr. 1, Kamerstuk 35 420, nr. 16
2 Klein Krediet Corona 100 0 Kamerstuk 35 420, nr. 31, Kamerstuk 35 420, nr. 462
2 Begrotingsreserve Klein Krediet Corona (KKC) 5 Kamerstuk 35 420, nr. 31
2 GO-Corona 300 50 Kamerstuk 35 420, nr. 2, Kamerstuk 35 420, nr. 16, Kamerstuk 35 420, nr. 462
2 Begrotingsreserve GO-Corona 0 0 35 Kamerstuk 35 420, nr. 2, Kamerstuk 35 420, nr. 16
2 Bijdrage RVO.nl 60 60 Kamerstuk 35 420, nr. 2, Kamerstuk 35 420, nr. 38, Kamerstuk 35 420, nr. 105, Kamerstuk 35 420, nr. 217, Kamerstuk 35 420, nr. 248
3 Corona Overbruggingslening (COL) 0 0 30 Kamerstuk 35 420, nr. 16, Kamerstuk 35 420, nr. 38, Kamerstuk 35 420, nr. 42
3 Dutch Future Fund 25 10 Kamerstuk 33 009, nr. 96
3 Deep Tech Fund 175 35 Kamerstuk 33 009, nr. 96
3 Fonds Alternatieve Financiering 0 20 Kamerstuk 33 009, nr. 96
4 Verlaging netbeheertarief Caribisch Nederland 0 0 Kamerstuk 35 420, nr. 25, Kamerstuk 35 420, nr. 105
Totaal 7.187 5.485 573

2 Beleid

2.1 Overzicht belangrijke uitgaven- en ontvangstenmutaties

Belangrijkste suppletoire uitgavenmutaties 2022

Vastgestelde begroting 2022 na ISB's 13.599.967
Belangrijkste suppletoire mutaties
Nationaal Groeifonds 2 52.065
Brexit Adjustment Reserve 2 187.800
Fund to fund 3 45.763
SDE++ 4 585.504
Opschalingsinstrument waterstof 4 134.600
Kasschuif vulmaatregelen gasopslag 4 ‒ 623.250
Herverkaveling Groningen 5 1.520.608
Raming schade en versterken 5 ‒ 339.778
Vergoeding Norg akkoord 5 7.018.000
Apparaatsmiddelen NCG 40 132.380
Loon- en prijsbijstelling 41 82.460
Overige mutaties 442.149
Stand 1e suppletoire begroting 2022 22.838.268

Toelichting

Nationaal Groeifonds

In april 2022 heeft de adviescommissie van het NGF ingestemd met verschillende toekenningen en omzettingen van investeringsvoorstellen. Voor artikel 2 heeft dat geleid tot meerjarige budgetmutaties op zes projecten van in totaal € 917,3 mln. De projecten en het effect op kasjaar 2022 zijn AINed (€ 4,8 mln), Groenvermogen van de Nederlandse economie (€ -11,1 mln), Health-RI (€ 5,6 mln), RegMed XB (€ 8,1 mln), QuantumDeltaNL (€ 34,7 mln) en Oncode-PACT (€ 10 mln).

Brexit Adjustment Reserve

De EU heeft geld beschikbaar gesteld om organisaties die op een negatieve manier geraakt zijn door Brexit te ondersteunen. Dit budget betreft het bedrijfslevenregeling spoor van de Brexit Adjustment Reserve. Hier voor is in 2022 (€ 188 mln) en 2023 (€ 62 mln) budget beschikbaar.

Fund to fund

Er is in totaal € 45,7 mln toegevoegd ten behoeve van DVI en DVI II als gevolg van de eindejaarsmarge 2021 en het doorschuiven van de ontvangstentaakstelling uit 2021 naar 2022.

SDE++

Aan het SDE++-budget 2022 wordt per saldo € 585,5 mln toegevoegd, met name ter financiering van de kolenmaatregelen in 2022. Het grootste deel hiervan (€ 532 mln) is afkomstig van de totale onttrekking en toevoeging aan het SDE++-budget van € 1.572 mln waartoe in de Startnota van het nieuwe kabinet besloten is. De overige € 1.040 mln van de onttrekking is naar de jaren 2026 en verder geschoven.

Opschalingsinstrument waterstof

In 2022 is € 134,6 mln is van de Aanvullende Post bij het Ministerie van Financiën overgeheveld naar de begroting van het Ministerie van EZK voor de kasuitgaven in 2022 voor het Waterstoftransportnet ('Hyway27'). Tevens is € 0,4 mln toegevoegd aan het RVO-uitvoeringsbudget om de uitvoeringskosten van de nog te publiceren regeling te financieren.

Kasschuif vulmaatregelen gasopslag

Omdat de tender voor de vulmaatregelen voor gasoplsag pas in 2023 tot betalingen zal leiden, is een kasschuif van het voor deze tender beschikbare kasbudget van 2022 naar 2023 noodzakelijk.

Herverkaveling Groningen

Bij het aantreden van het kabinet is besloten om de uitgaven en ontvangsten voor de schadeafhandeling en versterkingsoperatie in Groningen onder te brengen op één begroting. De middelen die voor de versterkingsoperatie op de BZK-begroting stonden zijn overgeheveld naar EZK.

Raming schade en versterken

De ramingen voor schade en versterken worden in het voorjaar geactualiseerd. De mutaties die daaruit voortvloeien worden bij Voorjaarsnota verwerkt.

Vergoeding Norg akkoord

Conform de afspraken in het Norg akkoord betaalt de Staat een vergoeding aan NAM. De berekeningswijze van de vergoeding is vastgesteld in arbitrage, de hoogte van de vergoeding is afhankelijk van de gasprijs. Over de vergoeding moet btw worden betaald (Kamerstuk 33 529, nr. 997).

Apparaatsmiddelen NCG

Vanuit BZK is er € 110,4 mln toegevoegd aan de apparaatsmiddelen in het kader van de herverkaveling van de Nationaal Coördinator Groningen. Daarnaast is er € 22 mln toegevoegd aan de middelen in het kader van de bijstelling van de uitgavenraming voor de uitvoeringskosten van de versterkingsoperatie Groningen.

Loon- en prijsbijstelling

Bij Voorjaarsnota 2022 is loon- en prijsbijstellingstranche 2022 voor EZK uitgedeeld. De loonbijstelling betreft de vergoeding voor de stijging van de contractloonontwikkeling en de stijging van de sociale lasten en pensioenpremies voor de overheidswerkgevers. De prijsbijstelling betreft de verwerking van de stijging van de diverse prijsindexen.

Belangrijkste suppletoire ontvangstenmutaties 2022

Vastgestelde begroting 2022 na ISB's 5.559.237
Belangrijkste suppletoire mutaties
Brexit Adjustment Reserve 2 485.000
Fund to fund 3 30.700
Onttrekking reserve Duurzame Energie 4 1.572.000
Opbrengst heffing ODE 4 214.000
ETS-ontvangsten 4 400.000
Herverkaveling Groningen 5 490.000
Dividenduitkering EBN 5 2.800.000
Mijnbouwwet. 5 2.196.500
Raming schade en versterken 5 ‒ 78.221
Eindejaarsmarge Groningen 5 1.160.096
Apparaatsmiddelen NCG 40 130.875
Overige mutaties ‒ 15.474
Stand 1e suppletoire begroting 2022 14.944.713

Toelichting

Brexit Adjustment Reserve

De EU heeft geld beschikbaar gesteld om organisaties die op een negatieve manier geraakt zijn door Brexit te ondersteunen. Het betreft in totaal € 886 mln waarvan € 485 mln in 2022. EZK is als Management Autoriteit verantwoordelijk voor het beheer en financiële verantwoording van de regeling aan de EU en ontvangt daardoor het volledige budget. Voor de bedrijfslevenregeling van de BAR die EZK uitvoert is in 2022 (€ 188 mln) en 2023 (€ 62 mln) budget beschikbaar. De overige onderdelen vallen onder de ministeries LNV en FIN.

Fund to fund

De ontvangstenraming van het Fund tot fund (Dutch Venture Initiative) van € 29,75 mln en DVI II van € 0,95 mln uit 2021 is doorgeschoven naar 2022 waardoor de ontvangstenraming in totaal met € 30,7 mln toeneemt.

Onttrekking begrotingsreserve duurzame energie

Aan de begrotingsreserve wordt op basis van wat in de Startnota van het nieuwe kabinet is afgesproken € 1.572 mln extra onttrokken, deels om de tekorten op de uitfinanciering van de lopende SDE+ subsidies te dekken en deels om middelen te reserveren voor de productiebeperking in kolencentrales, als onderdeel van het Urgenda-maatregelenpakket.

Opbrengst heffing ODE

In recente jaren werden er meer ODE-ontvangsten gerealiseerd dan er als ontvangsten in de EZK-begroting is opgenomen, omdat de verhoging van de belastingvermindering alleen ten laste van de Energiebelasting (EB) is gebracht en niet (ook) ten laste van de ODE. Daarom worden de huidige (netto) ontvangsten met € 214 mln opgehoogd naar de daadwerkelijk verwachte (bruto) ontvangsten.

ETS-ontvangsten

Door de gestegen prijzen voor emissierechten wordt de raming van de ETS-ontvangsten met € 400 mln opgehoogd.

Herverkaveling Groningen

Bij het aantreden van het kabinet is besloten om de uitgaven en ontvangsten voor de schadeafhandeling en versterkingsoperatie in Groningen onder te brengen op één begroting. De middelen die voor de versterkingsoperatie op de BZK-begroting stonden zijn overgeheveld naar EZK. De uitgaven die in rekening worden gebracht bij NAM leiden tot ontvangsten op de EZK-begroting.

Dividenduitkering EBN

Vanwege hogere opbrengsten uit de gaswinning en de vergoeding uit het Norg akkoord kan EBN dividend uitkeren.

Mijnbouwwet

Vanwege hogere opbrengsten uit de gaswinning en de vergoeding uit het Norg akkoord zijn er extra opbrengsten onder de Mijnbouwwet.

Raming schade en versterken

De ramingen voor schade en versterken worden in het voorjaar geactuali­seerd. De mutaties die daaruit voortvloeien worden bij Voorjaarsnota verwerkt. Omdat de uitgaven bij NAM in rekening worden gebracht, leidt de actualisatie ook tot aanpassing van de geraamde ontvangsten.

Eindejaarsmarge Groningen

Een deel van de ontvangsten van de NAM die samenhangen met de uitgaven van het IMG en de NCG zijn in 2021 uitgesteld. De ontvangsten die worden verwacht in 2022 worden nu geboekt op de EZK-begroting. Hiermee vult EZK de negatieve eindejaarsmarge van vorig jaar in.

Apparaatsmiddelen NCG

Vanuit BZK is er € 70 mln toegevoegd aan de apparaatsmiddelen in het kader van de herverkaveling van de Nationaal Coördinator Groningen. Daarnaast is er € 60,9 mln toegevoegd aan de middelen in het kader van de bijstelling van de ontvangstenraming voor de uitvoeringskosten van de versterkingsoperatie Groningen.

3 Beleidsartikelen

3.1 Beleidsartikel 1 Goed functionerende economie en markten

Budgettaire gevolgen van beleid

Verplichtingen 267.372 0 267.372 ‒ 7.245 260.127 25.460 5.151 3.591 2.978
Uitgaven 249.968 0 249.968 ‒ 95 249.873 17.347 5.738 3.778 3.167
Subsidies (regelingen) 10.000 0 10.000 ‒ 4.207 5.793 7.334 196 39 0
Cyber security 0 0 832 832 534 196 39
Subsidiemaatregel telecom Caribisch Nederland 0 0 1.600 1.600
EU-cofinanciering Digital Europe 10.000 10.000 ‒ 7.143 2.857 6.800
Beter aanbesteden 0 0 504 504
Opdrachten 23.950 0 23.950 ‒ 5.124 18.826 ‒ 363 178 128 167
Onderzoek&opdrachten 2.474 2.474 386 2.860 402 380 173 173
Beleidsvoorbereiding en evaluaties Veiligheid en Frequenties 4.408 4.408 62 4.470 ‒ 231 ‒ 6 ‒ 6 ‒ 6
Digital trust centre 1.432 1.432 ‒ 996 436 ‒ 534 ‒ 196 ‒ 39
Cyber security 5.741 5.741 ‒ 2.541 3.200
ICT beleid 7.378 7.378 ‒ 843 6.535
CSIRT - DSP 1.017 1.017 ‒ 38 979
Vervolgprogramma beter aanbesteden 1.500 1.500 ‒ 1.154 346
Bijdrage aan agentschappen 41.199 0 41.199 7.425 48.624 6.226 1.106 6 6
Bijdrage RVO.nl 10.375 10.375 2.114 12.489 6 6 6 6
Bijdrage Agentschap Telecom 30.824 30.824 5.311 36.135 6.220 1.100
Bijdrage aan ZBO's/RWT's 170.763 0 170.763 1.715 172.478 4.067 4.175 3.508 2.897
Bijdrage Metrologie 11.146 11.146 11.146
Raad voor de Accreditatie 277 277 500 777 600 700 700
Bijdrage ACM 779 779 779
Bijdrage aan het CBS 158.561 158.561 1.215 159.776 3.467 3.475 2.808 2.897
Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties 4.056 0 4.056 96 4.152 83 83 97 97
Bijdrage Nederlands Normalisatie Instituut 1.194 1.194 1.194
Bijdrage aan internationale organisaties 2.862 2.862 96 2.958 83 83 97 97
Ontvangsten 31.934 0 31.934 17.516 49.450 0 0 0 0
Ontvangsten ACM 162 162 162
Ontvangsten High Trust 30.200 30.200 17.516 47.716
Diverse ontvangsten 1572 1.572 1.572
Verplichtingen 267.372 0 267.372 ‒ 7.245 260.127 25.460 5.151 3.591 2.978
waarvan garantieverplichtingen 0 0 0
waarvan overige verplichtingen 267.372 267.372 ‒ 7.245 260.127 25.460 5.151 3.591 2.978

Budgetflexibiliteit

Het percentage juridisch verplicht is 96%, 6% hoger dan bij de ontwerpbegroting 2021. Dit heeft te maken met reeds aangegane verplichtingen bij onder andere de onderzoeksbudgetten.

Toelichting

Verplichtingen

De verlaging van het verplichtingbudget met € 7,2 mln wordt onder meer veroorzaakt door een verplichtingenschuif van € 15,5 mln bij de subsidieregeling EU-cofinanciering Digital Europa. De verplichtingenschuif is nodig door vertraging van de EU-commissie, waardoor de regeling (call1) later opengesteld wordt. Daarnaast wordt de bijdrage aan Agentschap Telecom voor het jaar 2022 met € 5,3 mln en voor het jaar 2023 met € 6,2 mln opgehoogd om het budget op het niveau te brengen van de jaarlijkse opdrachten.

Uitgaven

Subsidies

Bij de subsidieregeling EU-cofinanciering Digital Europa heeft een kasschuif plaatsgevonden van € 6,8 mln. Dit komt door vertraging van de EU-commissie, waardoor de regeling (call1) later opengesteld wordt. Daarnaast is € 0,3 mln beschikbaar gesteld voor de uitvoering door RVO.nl.

Bijdrage aan agentschappen

De verhoging van het kasbudget voor het jaar 2022 met € 5,3 mln en voor het jaar 2023 met € 6,2 mln is nodig om het budget op niveau te brengen van de jaarlijkse opdrachten, dit omdat het Agentschap Telecom de afgelopen jaren meer uitvoeringstaken en toezichtstaken heeft gekregen in het kader van onder andere het veiligheidsdomein, telekwetsbaarheid, digitale veiligheid van apparatuur (RED), veiligheid openbare netwerken en Cybersecurity act.

Ontvangsten

ACM ontvangt dit jaar naar verwachting meer boetes dan geraamd (jaarlijks ruim € 30 mln). Het ontvangstbudget wordt daarom opgehoogd met € 17,5 mln.

3.2 Beleidsartikel 2 Bedrijvenbeleid: innovatie en ondernemerschap voor duurzame welvaartsgroei

Budgettaire gevolgen van beleid

Verplichtingen 3.023.527 6.618.162 9.641.689 1.496.861 11.138.550 179.532 93.215 140.292 91.372
Uitgaven 2.209.546 4.581.960 6.791.506 289.580 7.081.086 558.537 228.361 230.177 140.898
Subsidies (regelingen) 1.080.684 4.495.960 5.576.644 292.177 5.868.821 464.550 159.659 113.598 49.379
MKB-Innovatiestimulering Topsectoren (MIT) 25.908 25.908 700 26.608 1.400 800
Eurostars 19.583 19.583 19.583
Bevorderen ondernemerschap 27.107 27.107 ‒ 2.428 24.679 ‒ 127 ‒ 127 ‒ 127 ‒ 127
Cofinanciering EFRO 38.335 38.335 ‒ 32 38.303
Bijdrage aan ROM's 8.477 8.477 8.477
Verduurzaming industrie 23.936 23.936 ‒ 7.076 16.860 ‒ 12.760 ‒ 6.515 ‒ 6.675 ‒ 2.225
Startup beleid 16.900 16.900 ‒ 3.348 13.552
Urgendamaatregelen Industrie 35.300 35.300 1.443 36.743 2.175 ‒ 1.135 6.525 6.525
Invest-Nl 10.802 10.802 ‒ 446 10.356
Tegemoetkoming vaste lasten 600.000 3.808.500 4.408.500 4.408.500
Europees Defensie Fonds cofinanciering 5.000 5.000 ‒ 620 4.380 620
Omscholing naar tekortsectoren 40.000 40.000 40.000
Tegemoetkoming vaste lasten Startersregeling 0 35.000 35.000 35.000
Infrastructuur duurzame industrie (PIDI) 13.500 13.500 ‒ 2.862 10.638 ‒ 1.360 ‒ 1.230 ‒ 1.140
Herstructurering winkelgebieden 11.200 11.200 ‒ 1.263 9.937 8.000
R&D mobiliteitssectoren 37.500 37.500 37.500
TRSEC 0 350.000 350.000 175.000 525.000
NGF - project AiNed 8.800 8.800 4.800 13.600 16.600 38.800 34.300 21.400
NGF - project Groenvermogen van de Nederlandse economie 21.530 21.530 ‒ 11.135 10.395 234.839 5.552 7.402 14.142
NGF - project Health-RI 4.400 4.400 5.600 10.000 5.400 ‒ 6.600 ‒ 2.200
NGF - project RegMed XB 12.800 12.800 8.100 20.900 9.783 6.634 5.533 1.584
NGF - project QuantumDeltaNL 33.100 33.100 34.700 67.800 77.800 73.500 29.000 8.100
Indirecte Kosten Compensatie ETS 81.600 81.600 6.264 87.864
IPCEI Cloudinfrastuctuur en services 0 10.000 10.000 10.000
IPCEI Micro electronica 0 30.000 30.000 30.000
NGF - project Nationaal Onderwijslab 0 5.460 5.460 5.460
Aanvullende tegemoetkoming evenementen 0 245.000 245.000 ‒ 125.000 120.000
Omzetderving Limburg 0 12.000 12.000 12.000 24.000
NGF - project Oncode-PACT 0 0 10.000 10.000 60.000 50.000 41.000
Brexit Adjustment Reserve 0 0 187.800 187.800 62.200
Overig 4.906 4.906 ‒ 20 4.886 ‒ 20 ‒ 20 ‒ 20 ‒ 20
Leningen 80.000 27.000 107.000 0 107.000 0 0 0 0
Bedrijfssteun 0 4.000 4.000 4.000
Qredits 80.000 23.000 103.000 103.000
Garanties 157.541 0 157.541 ‒ 50.000 107.541 ‒ 50.000 ‒ 25.000 ‒ 25.000 0
BMKB 37.624 37.624 37.624
Groeifaciliteit 8.172 8.172 8.172
Garantie Ondernemersfinanciering 11.745 11.745 11.745
Garantie Ondernemersfinanciering Corona 100.000 100.000 ‒ 50.000 50.000 ‒ 50.000 ‒ 25.000 ‒ 25.000
Opdrachten 11.939 0 11.939 ‒ 1.179 10.760 1.822 1.824 1.826 1.828
Onderzoek en opdrachten 4.455 4.455 ‒ 117 4.338 22 24 26 28
Caribisch Nederland 1.083 1.083 ‒ 89 994
Regeldruk 2.336 2.336 2.336 1.800 1.800 1.800 1.800
Budget Samenwerking Regio 665 665 ‒ 311 354
Small Business Innovation Research 3.400 3.400 ‒ 662 2.738
Bijdrage aan agentschappen 92.678 59.000 151.678 18.330 170.008 1.265 1.200 775 775
Bijdrage RVO.nl 92.135 59.000 151.135 18.330 169.465 1.265 1.200 775 775
Bijdrage Agentschap Telecom 543 543 543
Bijdrage aan ZBO's/RWT's 340.286 0 340.286 11.982 352.268 6.454 4.572 4.572 450
Bijdrage aan TNO 178.863 178.863 9.982 188.845 6.454 4.572 4.572 450
Kamer van Koophandel 135.958 135.958 2.000 137.958
Bijdrage aan NWO-TTW 25.465 25.465 25.465
Bijdrage aan medeoverheden 13.998 0 13.998 0 13.998 0 0 0 0
MKB Innovatiestimulering Topsectoren (MIT) 13.998 13.998 13.998
Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties 432.420 0 432.420 18.270 450.690 134.446 86.106 134.406 88.466
Internationaal Innoveren 52.766 52.766 14.042 66.808 50.000 57.500 50.000 50.000
PPS toeslag 199.068 199.068 2.213 201.281 440
TO2 (excl. TNO) 55.880 55.880 740 56.620 200 200
Topsectoren overig 10.749 10.749 4.166 14.915 86.294 30.294 85.494 39.554
Ruimtevaart (ESA) 72.726 72.726 72.726
Bijdrage NBTC 9.425 9.425 9.425
Overige bijdragen aan organisaties 5.806 5.806 159 5.965 ‒ 1.088 ‒ 1.088 ‒ 1.088 ‒ 1.088
Economische ontwikkeling en technologie 10.000 10.000 ‒ 3.050 6.950 ‒ 1.400 ‒ 800
EU-cofinanciering JTF 16.000 16.000 16.000
Ontvangsten 267.151 405.000 672.151 473.205 1.145.356 153.092 ‒ 61.906 124.096 ‒ 61.902
Luchtvaartkredietfaciliteit 1.712 1.712 1.712
Rijksoctrooiwet 47.041 47.041 115 47.156
Eurostars 4.250 4.250 4.250
F-35 9.000 9.000 9.000
Diverse ontvangsten 1.648 1.648 90 1.738 92 94 96 98
Bedrijfssteun 89.500 89.500 ‒ 62.000 27.500 ‒ 62.000 ‒ 62.000 ‒ 62.000 ‒ 62.000
Tegemoetkoming vast lasten 60.000 405.000 465.000 465.000
BMKB 33.000 33.000 33.000
Onttrekking reserve BMKB 0 0 10.000 10.000
Onttrekking reserve Klein Krediet Corona 0 0 5.000 5.000
Groeifaciliteit 8.000 8.000 8.000
Garantie Ondernemingsfinanciering 13.000 13.000 13.000
Onttrekking reserve GO 0 0 35.000 35.000
Brexit Adjustment Reserve 0 0 485.000 485.000 215.000 186.000
waarvan garantieverplichtingen 1.250.000 400.000 1.650.000 1.650.000
waarvan overige verplichtingen 1.773.527 6.218.162 7.991.689 1.496.861 9.488.550 179.532 93.215 140.292 91.372

Budgetflexibiliteit

Het percentage juridische verplichte deel is 76%. Dit is iets lager dan bij de ontwerpbegroting 2021 en heeft te maken met aanvullende budgetten die zijn toekend voor o.a. NGF-projecten en Brexit Adjustment Reserve waarvoor nog geen juridische verplichtingen zijn aangegaan.

Toelichting

Verplichtingen

Het verplichtingenbudget in 2022 is verhoogd met € 1,5 mld. Dit betreft onder meer de volgende mutaties:

  1. € 250 mln onvoorwaardelijke toekenning voor het project Groenvermogen II in het kader van de tweede ronde Nationaal Groeifonds.
  2. € 243,6 mln voor de bedrijfslevenregeling van de Brexit Adjustment Reserve.
  3. € 228 mln onvoorwaardelijke toekenning voor het project QuantumDeltaNL in het kader van de eerste ronde Nationaal Groeifonds.
  4. € 161 mln onvoorwaardelijke toekenning voor het project Oncode-PACT in het kader van de tweede ronde Nationaal Groeifonds.
  5. € 150 mln overheveling verplichtingenbudget van 2021 naar 2022 voor cofinanciering EFRO inclusief het INTERREG-programma.
  6. € 116,5 mln onvoorwaardelijke toekenning voor het project AINed in het kader van de eerste ronde Nationaal Groeifonds.
  7. € 73 mln overheveling van verplichtingenbudget van 2021 naar 2022 voor het NGF-project Groenvermogen I.
  8. € 60 mln verplichtingenbudget voor het programma Just Transition Fund (JTF) is doorgeschoven van 2021 naar 2022.
  9. € 49 mln ophoging verplichtingenbudget voor de regeling VEKI voor aanvragen die eind 2021 zijn ingediend en in 2022 zullen worden beschikt.
  10. € 44 mln overheveling van verplichtingenbudget van 2021 naar 2022 voor het NGF-project AiNed.
  11. € 33,3 mln onvoorwaardelijke toekenning voor het project Regmed XB fase 2 in het kader van de eerste ronde Nationaal Groeifonds.
  12. € 30 mln overheveling van verplichtingenbudget van 2021 naar 2022 voor de Tijdelijke Regeling Subsidie Evenementen COVID-19 (TRSEC).
  13. € 22 mln overheveling van verplichtingenbudget van 2021 naar 2022 voor het NGF-project HealthRI.
  14. € 14,5 mln overboeking voor Fonds Onderzoek en Wetenschap via OCW naar EZK.
  15. € 12 mln budgetverhoging voor de tegemoetkoming voor de omzetderving Limburg i.v.m. waterschade.

Uitgaven

Subsidies

Verduurzaming Industrie

De verlaging van kasbudget is voornamelijk het gevolg van overheveling van beleidsbudget voor de DEI+ regeling voor de industrie naar artikel 4 van de EZK-begroting (- € 9,5 mln), overheveling van de uitvoeringskosten voor de DEI+ naar uitvoeringsbudget RVO op artikel 4 (- € 1 mln), overheveling van uitvoeringsbudget voor beleids- en bedrijvenondersteuning en monitoring programma Verduurzaming Industrie en uitvoering van de TSE-regeling voor de industrie naar uitvoeringsbudget RVO op artikel 2 (- € 5,1 mln).

Urgendamaatregelen industrie

De verlaging van kasbudget is voornamelijk het gevolg van een aanvulling van het budget voor de openstelling van de VEKI-regeling in 2022 met middelen van de aanvullende post voor stikstofmaatregelen voor de industrie.

Tijdelijke Regeling Subsidie Evenementen COVID-19 (TRSEC)

Het budget van € 525 mln bevat € 50 mln voor betalingen voor de openstelling van de TRSEC in 2021 en € 475 mln voor de Subsidieregeling Evenementengarantie 2022 (SEG22). De SEG22 is de garantieregeling voor de evenementensector in 2022 en loopt van 1 januari tot en met 30 september 2022. Het budget van € 475 mln is een samenvoeging van de budgetten voor de TRSEC en de Aanvullende Tegemoetkoming Evenementen (ATE) voor evenementen in genoemde periode in 2022, van respectievelijk € 350 mln en € 125 mln. De SEG22 is nog onder voorbehoud van goedkeuring door de Europese Commissie.

NGF-project AiNed

In april 2022 heeft de adviescommissie van het NGF ingestemd met het omzetten van een reservering naar een definitieve toekenning van € 116,5 mln voor het NGF-project AiNed.

NGF project Groenvermogen van de Nederlandse economie

Dit betreft grotendeels de toekenning van een subsidie van € 250 mln door het Nationaal Groeifonds aan het project Groenvermogen II, zoals vermeld in de Kamerbrief Bekostiging investeringsvoorstellen tweede ronde Nationaal Groeifonds van 14 april 2022 (Kamerstuk 2022Z07532&did=2022D15237">35 925-XIX, nr. 12).

NGF-project RegMed XB

In april 2022 heeft de adviescommissie van het NGF ingestemd met de omzetting van € 33 mln voor de tweede fase van het NGF-project Regmed XB van voorwaardelijk in onvoorwaardelijk. Daarnaast bevat deze mutatie een kasschuif voor de eerste fase van dit project.

NGF-project QuantumDeltaNL

In april 2022 heeft de adviescommissie van het NGF ingestemd met de omzetting van € 228 mln voor de tweede fase van het NGF-project QuantumDeltaNL van voorwaardelijk in onvoorwaardelijk. Daarnaast wordt het budget in 2022 verhoogd met € 14,2 mln aan in 2021 niet bestede middelen en verlaagd met € 7,0 mln in verband met actualisatie van het geraamde kasritme.

Aanvullende tegemoetkoming evenementen

Het budget voor de Aanvullende tegemoetkoming evenementen (ATE) wordt verlaagd met € 125 mln in verband met samenvoeging van deze regeling met de Tijdelijke Regeling Subsidie Evenementen COVID-19 (TRSEC) in de Subsidieregeling Evenementengarantie 2022 (SEG22). Deze samenvoeging heeft betrekking op evenementen in de periode 1 januari tot 1 oktober 2022.

Omzetderving Limburg

Het budget voor de tegemoetkoming in de omzetderving ten gevolge van de wateroverlast in Limburg in juli 2021 wordt verhoogd van € 12 mln naar € 24 mln.

NGF-project Oncode-PACT

Dit betreft de toekenning van subsidie door het Nationaal Groeifonds aan het project Oncode-PACT, zoals vermeld in de Kamerbrief Bekostiging investeringsvoorstellen tweede ronde Nationaal Groeifonds van 14 april 2022 (Kamerstuk 2022Z07532&did=2022D15237">35 925-XIX, nr. 12).

Brexit Adjustment Reserve

De EU heeft geld beschikbaar gesteld om organisaties die op een negatieve manier zijn geraakt door de Brexit te ondersteunen door middel van de Brexit Adjustment Reserve (BAR). De mutatie betreft het budget voor de bedrijfslevenregeling in het kader van de BAR. Hiervoor is in 2022 € 188 mln en in 2023 € 62 mln beschikbaar.

Garanties

Garantie Ondernemingsfinanciering - Corona (GO-C)

De kasbuffer van de GO-C is herijkt op basis van de benutting in 2020 en 2021 en het garantieplafond voor 2022. Als gevolg hiervan is de meerjarenraming van de kasreeks van de GO-C neerwaarts bijgesteld.

Bijdrage aan agentschappen

Bijdrage RVO.nl

Betreft de overheveling van onder meer uitvoeringskosten voor de eerste aanvulling op de bestaande opdracht.

Bijdrage aan ZBO's/RWT's

Bijdrage aan TNO

Het budget voor TNO wordt verhoogd met € 10,0 mln in verband met diverse overboekingen van andere departementen voor door TNO uit te voeren projecten.

Bijdrage aan (inter)nationale organisaties

Internationaal Innoveren

De mutatie betreft een overboeking voor het Fonds onderzoek en wetenschap van OCW naar EZK voor Europese Partnerschappen.

Topsectoren overig

De mutatie betreft een overboeking voor het Fonds onderzoek en wetenschap van OCW naar EZK voor Roadmap infrastructuur toegepast onderzoek. Daarnaast worden de middelen voor het werkbudget topsectoren beschikbaar gesteld.

Ontvangsten

Bedrijfssteun

In 2021 is € 372 mln minder uitgegeven dan geraamd. Uitgaande van een gemiddelde terugbetalingstermijn van 6 jaar, worden in de periode 2022 tot en met 2027 de geraamde ontvangsten met € 62 mln per jaar verlaagd.

Onttrekking reserve BMKB

De begrotingsreserve van de BMKB bestaat uit een begrotingsreserve voor de reguliere BMKB en de BMKB-Corona (BMKB-C). De begrotingsreserve van de BMKB-C is herijkt op basis van de benutting van de regeling in 2020 en 2021 en het garantieplafond voor 2022. Op basis hiervan is er € 10 mln aan de reserve van de BMKB-C onttrokken.

Onttrekking reserve GO

De begrotingsreserve van de GO bestaat uit een begrotingsreserve voor de reguliere GO en de GO-Corona (GO-C). De begrotingsreserve van de GO-C is herijkt op basis van de benutting van de regeling in 2020 en 2021 en het garantieplafond voor 2022. Op basis hiervan is er € 35 mln aan de reserve van de GO-C onttrokken.

Brexit Adjustment Reserve

De EU heeft geld beschikbaar gesteld om organisaties die op een negatieve manier geraakt zijn door Brexit te ondersteunen. Het betreft in totaal € 886 mln waarvan € 485 mln in 2022. EZK is als Management Autoriteit verantwoordelijk voor het beheer en financiële verantwoording van de regeling aan de EU. De ontvangsten van de BAR worden daarom volledig op de EZK-begroting geraamd. Voor de bedrijfslevenregeling van de BAR die EZK uitvoert is in 2022 (€ 188 mln) en 2023 (€ 62 mln) budget beschikbaar. De overige onderdelen van de BAR vallen onder de ministeries LNV en FIN.

Toelichting op de Begrotingsreserves

De begrotingsreserves zijn bedoeld om inkomsten uit premies en uitgaven voor schades, die over de jaren kunnen fluctueren, te verevenen. De reserve dient als buffer voor uitgaven door EZK in geval bedrijven niet aan hun terugbetalingsverplichtingen kunnen voldoen inzake leningen bij financieringsinstellingen waarop EZK een borgstelling heeft afgegeven.

Er zijn begrotingsreserves voor de BMKB (inclusief BMKB-C), de regeling Garantie Ondernemingsfinanciering (GO, inclusief de GO-C), de Groeifaciliteit (GF), de garanties voor nieuwe aanbieders van MKB-financiering en Klein Krediet Corona. De GO, GF en de garanties voor nieuwe aanbieders van MKB-financiering betreffen kostendekkende garanties, waarvan de te realiseren premieontvangsten naar verwachting toereikend zijn voor het afdekken van eventuele verliesdeclaraties. Ultimo begrotingsjaar wordt op basis van de gerealiseerde ontvangsten en uitgaven vastgesteld of een onttrekking of storting dient plaats te vinden.

+ Geraamde storting
– Geraamde onttrekking ‒ 10.000
Stand (raming) per 31/12/2022 204.657

De begrotingsreserve van de BMKB bestaat uit een begrotingsreserve voor de reguliere BMKB en de BMKB-C. De begrotingsreserve van de BMKB-C is herijkt op basis van de benutting van de regeling in 2020 en 2021 en het garantieplafond voor 2022. Op basis hiervan is € 10 mln aan de reserve van de BMKB-C onttrokken. Naar verwachting blijft de begrotingsreserve toereikend om eventuele schades te kunnen opvangen.

+ Geraamde storting
– Geraamde onttrekking ‒ 35.000
Stand (raming) per 31/12/2022 254.636

De begrotingsreserve van de GO bestaat uit een begrotingsreserve voor de reguliere GO en de GO-C. De begrotingsreserve van de GO-C is herijkt op basis van de benutting van de regeling in 2020 en 2021 en het garantieplafond voor 2022. Op basis hiervan is € 35 mln aan de reserve van de GO-C onttrokken. Naar verwachting blijft de begrotingsreserve toereikend om eventuele schades te kunnen opvangen.

+ Geraamde storting
– Geraamde onttrekking
Stand (raming) per 31/12/2022 67.646

Vooralsnog is geen storting in de reserve Groeifaciliteit geraamd. Aan het eind van 2022 zal op basis van de gerealiseerde ontvangsten en de schadedeclaraties de storting of onttrekking aan de reserve Groeifaciliteit worden vastgesteld.

+ Geraamde storting
– Geraamde onttrekking
Stand (raming) per 31/12/2022 20.932

Vooralsnog is geen storting in de reserve Garantie MKB-financiering geraamd. Aan het eind van 2022 zal op basis van de gerealiseerde ontvangsten en de schadedeclaraties de storting of onttrekking aan de reserve Garantie MKB-financiering worden vastgesteld.

+ Geraamde storting
– Geraamde onttrekking ‒ 5.000
Stand (raming) per 31/12/2022 19.702

De kasbuffer van de garantieregeling Klein Krediet Corona (KKC) is herijkt op basis van de benutting van de regeling in 2020 en 2021 en het garantieplafond voor 2022. Als gevolg daarvan wordt € 5 mln onttrokken aan de reserve van de KKC. Naar verwachting blijft de kasbuffer toereikend om eventuele schades te kunnen opvangen.

3.3 Beleidsartikel 3 Toekomstfonds

Budgettaire gevolgen van beleid

Verplichtingen 169.513 0 169.513 291.082 460.595 ‒ 5.000 0 0 0
Uitgaven 245.374 0 245.374 147.824 393.198 0 0 0 0
Subsidies (regelingen) 3.162 0 3.162 1.989 5.151 0 0 0 0
Smart Industry (subsidie) 184 184 609 793
Haalbaarheidsstudies NWO-TTW 0 19 19
Thematisch Technology Transfer 2.978 2.978 1.361 4.339
Leningen 233.474 0 233.474 138.833 372.307 0 0 0 0
Startups / MKB financiering
Volledig revolverend
Fund to Fund 27.292 27.292 45.763 73.055
ROM's 17.000 17.000 1.913 18.913
Dutch Future Fund 6.000 6.000 4.000 10.000
Deep Tech Fund 25.000 25.000 10.000 35.000
Fonds Alternatieve Financiering 10.000 10.000 10.000 20.000
Deels revolverend
Innovatiekrediet 56.999 56.999 21.987 78.986
Risicokapitaal SEED 53.559 53.559 23.134 76.693
Vroege fase / informal investors 20.514 20.514 11.512 32.026
Investeringen in fundamenteel en toegepast onderzoek
Met vermogensbehoud
Fundamenteel en toegepast onderzoek 2.500 2.500 1.069 3.569
Onco research 2.431 2.431 2.199 4.630
Smart Industry (leningen) 315 315 57 372
Thematische Technology Transfer 7.364 7.364 5.699 13.063
RegMed XB 4.500 4.500 1.500 6.000
Bijdrage aan agentschappen 8.738 0 8.738 7.002 15.740 0 0 0 0
Bijdrage RVO.nl 8.738 8.738 7.002 15.740
Ontvangsten 75.300 0 75.300 30.700 106.000 0 0 0 0
ROM's 30.000 30.000 30.000
Fund to Fund 17.900 17.900 29.750 47.650
DVI II 1.100 1.100 950 2.050
Innovatiekredieten 16.000 16.000 16.000
SEED 10.300 10.300 10.300
Verplichtingen 169.513 0 169.513 291.082 460.595 ‒ 5.000 0 0 0
waarvan garantieverplichtingen 0 0 0
waarvan overige verplichtingen 169.513 169.513 291.082 460.595 ‒ 5.000

Budgetflexibiliteit

Het juridisch verplichte deel van de uitgaven betreft 64%. Van dit percentage is ca. 70% bestemd voor Fund to Fund, de SEED regeling, Innovatiekrediet en de Regionale ontwikkelingsmaatschappijen (ROM's). De budgetflexibele ruimte bestaat voor € 35 mln uit het budget voor Deep Tech Fund, dat in de loop van 2022 verder wordt vormgegeven. Daarnaast is op de SEED-regeling door het revolverend karakter circa € 41 mln aan extra ruimte ontstaan onder andere door meevallende ontvangsten/lagere uitgaven uit 2021. Er wordt gekeken hoe deze ingezet gaan worden.

Toelichting

Verplichtingen

Het verplichtingenbudget wordt met € 291 mln verhoogd. De belangrijkste oorzaken hiervan zijn:

  1. Als gevolg van de 100% eindejaarsmarge van het Toekomstfonds wordt de eindejaarsmarge 2021 van € 65,4 mln toegevoegd aan de begroting 2022. Dit betreft onder meer het Innovatiekrediet (€ 31,8 mln), Vroegefasefinanciering (€ 12,7 mln), RegMed XB (€ 11,5 mln), Seed Capital regeling (€ 24,7 mln) en fundamenteel en toegepast onderzoek (€ 7,3 mln).
  2. Het niet benutte budget van de regelingen die in 2021 vanwege de coronacrisis zijn opengesteld, wordt toegevoegd aan de begroting van 2022. Het gaat hierbij om Dutch Future Fund (€ 25 mln) en Deep Tech Fund (€ 175 mln).
  3. Voor het compensatieprogramma Wind in de Zeilen (ROM's) is € 5 mln naar voren gehaald van 2022 naar 2021.

Uitgaven

Leningen

Fund to fund

Er is in totaal € 45,8 mln toegevoegd ten behoeve van DVI en DVI II als gevolg van de eindejaarsmarge 2021 en het verschuiven van de ontvangstenraming uit 2021 naar 2022 vanwege niet gerealiseerde ontvangsten.

Dutch Future Fund

Voor het Dutch Future Fund is € 4 mln aan de begroting 2022 toegevoegd. Het gaat hierbij om middelen uit het coronasteunpakket die in 2021 niet zijn besteed en doorschuiven naar 2022.

Deep Tech Fund

Voor het Deep Tech Fund is € 10 mln aan de begroting 2022 toegevoegd. Het gaat hierbij om middelen uit het coronasteunpakket die in 2021 niet zijn besteed en doorschuiven naar 2022.

Fonds Alternatieve Financiering

Voor het Fonds Alternatieve Financiering is € 10 mln aan de begroting 2022 toegevoegd. Het gaat hierbij om middelen uit het coronasteunpakket die in 2021 niet zijn besteed en doorschuiven naar 2022.

Innovatiekrediet

Op het budget van het Innovatiekrediet is € 22 mln eindejaarsmarge 2021 toegevoegd. Dit komt voornamelijk door extra ontvangsten van technische projecten.

Seed Capital

Voor de regeling Seed Capital is € 23,2 mln eindejaarsmarge 2021 aan de begroting 2022 toegevoegd.

Vroegefasefinanciering

Voor de regeling Vroegefasefinanciering is € 12 mln eindejaarsmarge 2021 aan de begroting 2022 toegevoegd.

Thematische Technology Transfer

Voor de Thematische Technology Transfer regeling is € 5,7 mln eindejaarsmarge 2021 aan de begroting van 2022 toegevoegd. Dit komt door uitgestelde betalingen aan projecten.

Bijdrage aan RVO

Van de bijdrage aan RVO voor de uitvoering van regelingen is € 6,4 mln eindejaarsmarge 2021 aan de begroting 2022 toegevoegd.

Ontvangsten

Fund to Fund

De ontvangstenramingen voor 2021 van het Dutch Venture Initiative (DVI) van € 29,8 mln en DVI II van € 1 mln zijn doorgeschoven naar 2022, waardoor de ontvangstenraming in 2022 met € 30,8 mln toeneemt.

3.4 Beleidsartikel 4 Een doelmatige energievoorziening en beperking van de klimaatverandering

Budgettaire gevolgen van beleid

Verplichtingen 6.148.822 6.927.150 13.075.972 1.595.993 14.671.965 62.835 101.551 95.766 150.270
Uitgaven 4.160.218 823.005 4.983.223 46.387 5.029.610 279.760 ‒ 88.610 77.974 235.112
Subsidies (regelingen) 3.785.347 797.105 4.582.452 74.269 4.656.721 314.183 ‒ 59.391 111.693 271.761
Missiegedraven Onderzoek Ontwikkeling en Innovatie (MOOI) 60.135 60.135 1.145 61.280 5.810 7.025 5.375 3.775
Hernieuwbare Energietransitie (HER+) 42.140 42.140 42.140
Energie-efficiëntie 2.368 2.368 ‒ 181 2.187
Green Deals 500 500 500
Demonstratieregeling Klimaat- en Energie-innovatie (DEI+) 75.963 75.963 24.335 100.298 32.885 8.640 6.546 ‒ 13.547
Subsidieregeling Duurzame Scheepsbouw (SDS) 7.075 7.075 ‒ 4.600 2.475
Projecten Klimaat en Energieakkoord 3.981 3.981 ‒ 1.750 2.231 5.700 5.700 5.700
SDE 687.400 687.400 ‒ 89.400 598.000 ‒ 57.200 19.200 41.500 37.500
SDE+ 2.585.508 2.585.508 66.275 2.651.783 ‒ 192.366 ‒ 105.171 133.300 182.710
SDE++ 68.000 8.855 76.855 585.504 662.359 ‒ 197.000 ‒ 86.000 ‒ 173.000 ‒ 31.000
Aardwarmte 17.500 17.500 17.500
ISDE-regeling 130.000 128.000 258.000 ‒ 1.300 256.700 ‒ 1.300 ‒ 1.300 ‒ 1.300 ‒ 1.300
Compensatie Energie-intensieve bedrijven (ETS) 0 0 0
Carbon Capture and Storage (CCS) 4.080 4.080 ‒ 1.300 2.780 ‒ 100 ‒ 100 ‒ 100 ‒ 100
Hoge Flux Reactor 6.401 6.401 6.401
Caribisch Nederland 4.144 2.000 6.144 4.260 10.404
Overige subsidies 50.000 50.000 21.600 71.600 4.000 1.000 1.000 1.000
Opschalingsinstrument waterstof 4.000 4.000 134.600 138.600 99.600 100.000 100.000 100.000
Subsidieregeling Coöperatieve Energieopwekking (SCE) 10.519 32.000 42.519 ‒ 40.319 2.200 ‒ 9.096 ‒ 8.385 ‒ 7.328 ‒ 7.277
Subsidie ondersteuning verduurzaming MKB 25.633 25.633 ‒ 1.350 24.283
IPCEI waterstof 0 3.000 3.000 3.000
Vulmaatregelen gasopslag 0 623.250 623.250 ‒ 623.250 0 623.250
Leningen 61.400 0 61.400 0 61.400 0 0 0 0
Lening EBN 61.400 61.400 61.400
Lening Gasunie 0 0
Garanties 0 0 0 0 0 0 0 0 0
Verliesdeclaratie aardwarmte 0 0 0
Opdrachten 17.753 19.200 36.953 ‒ 100 36.853 3.189 7.077 2.577 377
Onderzoek mijnbouwbodembeweging 1.986 1.986 ‒ 339 1.647 ‒ 160 ‒ 160 ‒ 160 ‒ 160
SodM onderzoek 2.425 2.425 ‒ 231 2.194
Uitvoeringsagenda Klimaat 623 623 ‒ 150 473 ‒ 150 ‒ 150 ‒ 150 ‒ 150
Klimaat mondiaal 335 335 555 890 12 12 12 12
Onderzoek en opdrachten 12.384 19.200 31.584 65 31.649 3.487 7.375 2.875 675
Bijdrage aan agentschappen 74.735 6.700 81.435 33.197 114.632 25.664 26.980 26.980 26.250
Bijdrage aan RVO.nl 58.046 6.700 64.746 27.296 92.042 19.035 18.635 18.635 18.635
Bijdrage aan Agentschap Telecom 4.103 4.103 4.103
Bijdrage aan NEa 7.536 7.536 4.164 11.700 5.614 5.730 5.730 5.000
Bijdrage aan KNMI 1.264 1.264 661 1.925 115 115 115 115
Bijdrage aan NVWA 886 886 886
Bijdrage aan RIVM 1.600 1.600 ‒ 599 1.001 ‒ 600 1.000 1.000 1.000
Bijdrage aan RWS 1.300 1.300 1.675 2.975 1.500 1.500 1.500 1.500
Bijdrage aan ZBO’s/RWT’s 142.417 0 142.417 3.490 145.907 3.000 3.000 3.000 3.000
Doorsluis COVA-heffing 111.000 111.000 111.000
TNO kerndepartement 29.690 29.690 3.490 33.180 3.000 3.000 3.000 3.000
TNO-SodM 1.727 1.727 1.727
Bijdrage aan medeoverheden 1.340 0 1.340 0 1.340 0 0 0 0
Uitkoopregeling 1.340 1.340 1.340
Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties 10.893 0 10.893 1.307 12.200 57 57 57 57
Bijdrage aan Nuclear Research Group (NRG) 8.259 8.259 8.259
Internationale contributies 1.624 1.624 426 2.050 57 57 57 57
PBL Rekenmeesterfunctie 1.010 1.010 881 1.891
Stortingen begrotingsreserve 66.333 0 66.333 ‒ 65.776 557 ‒ 66.333 ‒ 66.333 ‒ 66.333 ‒ 66.333
Storting in begrotingsreserve duurzame energie en klimaattransitie 66.333 66.333 ‒ 66.333 0 ‒ 66.333 ‒ 66.333 ‒ 66.333 ‒ 66.333
Storting in begrotingsreserve aardwarmte 0 0 557 557
Ontvangsten 3.720.277 0 3.720.277 2.191.142 5.911.419 770.000 489.000 454.000 1.154.000
Ontvangsten COVA 111.000 111.000 111.000
Opbrengst heffing ODE (SDE++) 2.692.000 2.692.000 214.000 2.906.000 230.000 59.000 84.000 44.000
Ontvangsten zoutwinning 2.511 2.511 2.511
Onttrekking reserve duurzame energie en klimaattransitie 4.186 4.186 1.572.000 1.576.186
ETS-ontvangsten 900.000 900.000 400.000 1.300.000 540.000 430.000 370.000 1.110.000
Diverse ontvangsten 10.580 10.580 5.142 15.722
Heffing gasleveringszekerheid 0 0 0
Verplichtingen 6.148.822 6.927.150 13.075.972 1.595.993 14.671.965 62.835 101.551 95.766 150.270
waarvan garantieverplichtingen 44.200 44.200 44.200
waarvan overige verplichtingen 6.104.622 6.927.150 13.031.772 1.595.993 14.627.765 62.835 101.551 95.766 150.270

Budgetflexibiliteit

De oorspronkelijke budgetflexibiliteit in de Ontwerpbegroting 2022 was ongeveer 15%, ofwel 85% van het beschikbare kasbudget was al juridisch verplicht. Na de Ontwerpbegroting is via de 6e Incidentele Suppletoire begroting en de 1e suppletoire begroting in totaal ruim € 869,4 mln aan artikel 4 toegevoegd. Hiervan zijn met name de middelen die toegevoegd zijn voor de SDE+ (€ 66,3 mln), de SDE++ (waar de kolenmaatregelen uit gefinancierd worden, € 585,5 mln) en de bijdrage aan RVO.nl (€ 27,3 mln) juridisch verplicht: samen is dit € 679,1 mln. Het restant van het toegevoegde bedrag (€ 190,3 mln) is daarmee nog niet juridisch verplicht. Daar staat tegenover dat naar schatting tot 1 mei 2022 voor ongeveer € 80 mln aan nieuwe verplichtingen zijn aangegaan die ten laste van het kasbudget 2022 komen. Daarmee is per saldo zo'n € 110,3 mln toegevoegd die niet juridisch verplicht is, waardoor het percentage juridisch verplicht met 2% daalt naar circa 83%.

Toelichting

Verplichtingen

Het verplichtingenbudget 2022 wordt per saldo met € 1.596 mln opgehoogd. Dit heeft een groot aantal oorzaken. De belangrijkste ophogingen zijn de volgende:

  1. € 750 mln is van de Aanvullende Post bij het Ministerie van Financiën overgeheveld naar de begroting van het Ministerie van EZK voor de realisatie van het Waterstoftransportnet ('Hyway27') door GasUnie,
  2. € 582,6 mln is toegevoegd aan het SDE++-budget 2022, voor het grootste deel ter financiering van de kolenmaatregelen die vanuit het SDE+-budget gefinancierd worden. Deze ophoging is onderdeel van de totale onttrekking en toevoeging aan het SDE++-budget van € 1.572 mln waar in de Startnota van het nieuwe kabinet besloten is het restant is naar de jaren 2026 e.v. geschoven.
  3. € 50,6 mln is toegevoegd aan het MOOI-budget door bijdragen vanuit de BZK-begroting aan de MOOI-Gebouwde Omgeving (€ 27,2 mln) en de openstelling van de Positive Energy Districts (€ 1 mln), een bijdrage vanuit artikel 2 aan de TSE-Industrie (€ 1,9 mln) en een verplichtingenschuif uit 2023 naar 2022 (€ 24,6 mln). Hier tegenover staat een verschuiving naar het DEI+-budget (€ 3,4 mln).
  4. € 125,4 mln is toegevoegd aan het DEI+-budget door overheveling van bijdragen vanuit artikel 2 van de EZK-begroting aan de DEI+-Industrie (€ 42,6 mln) en vanuit de BZK-begroting aan de DEI+-Aardgasvrije wijken (€ 9 mln). Ook is € 61,7 mln toegevoegd omdat een groot deel van de verplichtingen op basis van de DEI+-openstelling 2021 pas in 2022 worden aangegaan. € 8,6 mln is uit de jaren 2023 tot en met 2026 naar 2022 geschoven. Tenslotte wordt vanuit het MOOI-budget € 3,4 mln verplichtingenbudget naar het DEI+-budget geschoven.
  5. € 37,5 mln is toegevoegd aan het budget voor de WarmtelinQ-lening, omdat de lening aan Gasunie niet meer in 2021 is verstrekt, maar dit zal alsnog in 2022 gebeuren.
  6. € 70 mln is toegevoegd aan het subsidiebudget voor de WarmtelinQ (onder 'overige subsidies'), omdat de subsidie aan Gasunie pas in 2022 verstrekt zal worden.
  7. € 27,3 mln is toegevoegd aan het RVO-uitvoeringsbudget ter financiering van de tekorten ontstaan door de intensievere inzet van RVO op het gebied van de uitvoering van klimaat- en energieregelingen. Zie voor een uitgebreide toelichting bij Uitgaven.
  8. Tegenover deze verhogingen staat het verlagen van het budget voor de geplande storting in de reserve duurzame energie en klimaattransitie met € 66,3 mln: deze middelen zijn toegevoegd aan de SDE++-middelen.

Uitgaven

Het uitgavenbudget wordt per saldo met € 46,4 mln opgehoogd.

Subsidies

Demonstratieregeling Klimaat en Energie-Innovatie (DEI+)

Het uitgavenbudget van de DEI+ wordt in totaal met € 24,3 mln opgehoogd. Hiervan heeft € 8,5 mln betrekking op de bijdrage vanuit artikel 2 aan de DEI+-Industrie en € 0,45 mln op de bijdrage vanuit de BZK-begroting aan de openstelling van de DEI+-Aardgasvrije wijken in 2022 (zie ook de toelichting bij de verplichtingen). Daarnaast heeft een kasschuif plaatsgevonden van € 15,4 mln naar 2022 en € 15,7 mln naar 2023 uit de jaren 2025, 2026 en 2027.

SDE

Het voor 2022 en 2023 beschikbare kasbudget wordt met respectievelijk € 89,4 mln en € 57,2 mln verlaagd en doorgeschoven naar de jaren 2024 en verder om de in deze jaren verwachte hogere uitgaven te kunnen financieren.

SDE+

Het beschikbare kasbudget 2022 wordt per saldo met € 66,3 mln verhoogd. Enerzijds vindt er een ophoging plaats door een kasschuif van € 67,8 mln uit 2023 naar 2022 ter financiering van de hogere uitgaven in 2022. Anderzijds wordt het budget juist verlaagd door de overheveling van een bedrag van € 1,8 mln naar het Gemeentefonds als bijdrage aan het gebiedsfonds N33. Naast de genoemde kasschuif worden er ook budgetten van 2023 en 2024 naar 2025 en verder geschoven ter financiering van de SDE+-uitgaven in die jaren. Voor al het flankerend beleid rond de aanleg van windparken op zee (locatieonderzoeken, wind op zee ecologisch programma, beheerskosten RWS) wordt in de periode 2023-2030 bijna € 260 mln vanuit de voor het Klimaatfonds beschikbare middelen toegevoegd aan het SDE+-budget.

SDE++

Aan het SDE++-budget 2022 wordt per saldo € 585,5 mln toegevoegd, met name ter financiering van de kolenmaatregelen in 2022. Het grootste deel hiervan (€ 532 mln) is afkomstig van de totale onttrekking en toevoeging aan het SDE++-budget van € 1.572 mln waartoe in de Startnota van het nieuwe kabinet besloten is: de overige € 1.040 mln is naar de jaren 2026 e.v. geschoven. Het overige deel van de ophoging heeft betrekking op het budget voor de geplande storting in de reserve duurzame energie en klimaattransitie: dit budget wordt niet in de reserve gestort, maar toegevoegd aan het SDE++-budget. Zie ook bij Storting/onttrekking begrotingsreserves.

Opschalingsinstrument waterstof

€ 134,6 mln is van de Aanvullende Post bij het Ministerie van Financiën overgeheveld naar de begroting van het Ministerie van EZK voor de kasuitgaven in 2022 voor het Waterstoftransportnet ('Hyway27').

Subsidieregeling Coöperatieve Energieopwekking (SCE)

Van het voor de SCE beschikbare kasbudget 2022 wordt € 40,3 mln naar latere jaren geschoven, omdat de SCE een lange uitfinancieringstermijn kent en de kasuitgaven voor deze regeling vooral in deze jaren zullen plaatsvinden.

Overige subsidies

Omdat de subsidie aan Gasunie voor de investering in het warmtetransportnetwerk tussen Rotterdam en Den Haag (WarmtelinQ) niet meer in 2021 verstrekt kon worden, wordt € 20 mln die hiervoor in 2021 was gereserveerd maar niet is uitbetaald, toegevoegd aan het kasbudget 2022. Ook wordt € 1,6 mln toegevoegd aan het budget voor het Expertisecentrum Warmte.

Vulmaatregelen gasopslag

Omdat voor de vulmaatregelen gasopslag Bergermeer gewerkt zal worden met betaling achteraf, wordt het volledige kasbudget (€ 623,25 mln) van 2022 naar 2023 geschoven. Deze kasschuif geldt voor zowel het gedeelte van de gasopslag dat door marktpartijen gevuld wordt als voor het gedeelte dat door EBN gevuld wordt.

Bijdrage aan agentschappen

Bijdrage aan RVO.nl

Aan het uitvoeringsbudget van RVO.nl wordt in totaal € 27,3 mln toegevoegd. Er wordt € 6,2 mln toegevoegd voor de uitvoeringskosten van de beleidsmiddelen die het Ministerie van BZK overhevelt voor de regelingen MOOI-Gebouwde Omgeving en DEI+-Aardgasvrije wijken en voor het Expertisecentrum Warmte. Vanuit beleidsartikel 2 wordt € 2,5 mln beschikbaar gesteld voor de uitvoeringskosten van de DEI+-Industrie en de TSE-Industrie. Voor de uitvoeringskosten in 2021 heeft RVO € 3,3 mln te veel aan voorschot ontvangen: dit bedrag wordt ingezet om de tekorten op de uitvoeringskosten in 2022 te financieren. € 5 mln is afkomstig van de onttrekking van in totaal € 1.572 mln waartoe in de Startnota van het nieuwe kabinet is besloten (zie ook bij Ontvangsten) en wordt structureel aan het RVO-budget toegevoegd. Vanuit de middelen die vor het Klimaatfonds beschikbaar zijn wordt eveneensin 2022 € 5 mln aan het RVO-budget toegevoegd: vanaf 2023 is dit structureel € 10 mln. Tenslotte wordt in 2022 € 5,3 mln uit de beschikbare subsidiemiddelen overgeheveld ter dekking van de hogere uitvoeringskosten van verschillende subsidieregelingen, zoals de SDE++, de ISDE, de MOOI/TSE, het opschalingsinstrument waterstof, de Subsdieregeling Coöperatieve Energieopwekking (SCE) en de Subsidieregeling Verduurzaming MKB (SVM). Ook in de jaren 2023 e.v. wordt structureel uit de in die jaren beschikbare subsidiemiddelen budget toegevoegd aan het RVO-budget.

Storting/onttrekking begrotingsreserves

Storting in begrotingsreserve duurzame energie en klimaattransitie

De geplande meerjarige terugstorting van de tijdelijke onttrekking aan de reserve duurzame energie en klimaattransitie die tussen 2015-2020 heeft plaatsgevonden (€ 66,3 mln per jaar) wordt vervangen door een toevoeging aan het SDE++-budget. De storting wordt daarom in de jaren 2022 tot en met 2026 jaarlijks met € 66,3 mln verlaagd, het gehele budget wordt toegevoegd aan het SDE++-budget.

Ontvangsten

Opbrengst heffing ODE

In recente jaren werden er meer ODE-ontvangsten gerealiseerd dan er als ontvangsten in de EZK-begroting is opgenomen, omdat de verhoging van de belastingvermindering alleen ten laste van de Energiebelasting (EB) is gebracht en niet (ook) ten laste van de ODE. Daarom worden de huidige (netto) ontvangsten met € 214 mln opgehoogd naar de daadwerkelijk verwachte (bruto) ontvangsten.

Onttrekking reserve duurzame energie en klimaattransitie

In de Startnota van het nieuwe kabinet is opgenomen dat de reserve duurzame energie en klimaattransitie deels «leeggeboekt» zou worden, dat wil zeggen dat een deel € 1.572 mln van het in de reserve beschikbare saldo in 2022 aan de reserve wordt onttrokken en toegevoegd aan het SDE++-budget. Zie ook de toelichting op de reserves.

ETS-ontvangsten

Door de gestegen prijzen voor emissierechten wordt de raming van de ETS-ontvangsten met € 400 mln opgehoogd.

Diverse ontvangsten

In 2022 wordt circa € 5,1 mln aan extra ontvangsten verwacht, deels door terugbetaling door RVO.nl van te veel ontvangen voorschotten op de uitvoeringskosten in 2021 (€ 3,3 mln), deels door storting door de NEa van boete-inkomsten die in 2021 ontvangen zijn.

Toelichting op de Begrotingsreserves

+ Storting
– Onttrekking ‒ 1.572.000
Stand per 31/12/2022 2.407.230

De begrotingsreserve voor duurzame energie is bestemd voor onbesteed gebleven middelen als gevolg van vertraging bij of het niet doorgaan van projecten waaraan subsidie is toegekend op basis van de MEP, de SDE, de SDE+, de SDE++, de HER of de ISDE. Via de reserve blijven deze middelen ook in de toekomst beschikbaar voor het stimuleren van hernieuwbare energieproductie of CO2-reductie. Bij de Startnota van het huidige kabinet is besloten € 1.572 mln aan de reserve te onttrekken en toe te voegen aan het meerjarig voor de SDE++ beschikbare budget. Gelet op de sterk gestegen energieprijzen is de verwachting dat in 2022 een aanzienlijke storting in de reserve zal plaatsvinden. In de Ontwerpbegroting 2023 zal hiervan een eerste inschatting worden gemaakt.

+ Storting 557
– Onttrekking
Stand per 31/12/2022 18.613

De begrotingsreserve voor de garantieregeling Aardwarmte is bedoeld om het budget voor het mogelijk uitbetalen van verliesdeclaraties meerjarig in te kunnen zetten en een eventuele mismatch in de tijd tussen inkomsten (premies) en uitgaven (verliesdeclaraties) op te vangen. Om gebruik te kunnen maken van de garantieregeling Aardwarmte betalen marktpartijen een kostendekkende premie aan de uitvoerder van de regeling (RVO.nl) die wordt gestort in de begrotingsreserve. De uit te betalen verliesdeclaraties worden onttrokken aan de reserve.

+ Storting
– Onttrekking
Stand per 31/12/2022 6.600

De middelen in de begrotingsreserve risicopremie ECN/NRG zullen worden aangesproken als ECN – al dan niet tijdelijk – (gedeeltelijk) niet kan voldoen aan de terugbetalingsverplichtingen volgens de afgesloten leningsovereenkomst.

3.5 Beleidsartikel 5 Een veilig Groningen met perspectief

Budgettaire gevolgen van beleid

Verplichtingen 945.961 80.500 1.026.461 8.460.847 9.487.308 2.299.815 1.658.896 929.404 631.032
Uitgaven 947.011 80.500 1.027.511 8.463.047 9.490.558 2.302.015 1.661.096 931.604 631.032
Subsidies (regelingen) 0 75.000 75.000 687.428 762.428 282.499 143.550 98.550 8.000
Verduurzamingsopgave uit aardgasbaten 0 75.000 75.000 32.000 107.000 73.000 13.000 8.000 8.000
Geestelijke bijstand/overige 0 0 550 550 550 550 550
Duurzaam herstel 0 0 10.000 10.000 125.000 125.000 90.000
Woonbedrijf 0 0 3.028 3.028 1.949
Diverse subsidies versterken 0 0 9.050 9.050
Bestuursakkoord 0 0 632.800 632.800 82.000 5.000
Inkomensoverdrachten 0 0 0 1.544 1.544 0 0 0 0
Tegemoetkoming aan huurders 1.544 1.544
(Schade)vergoeding 698.750 5.500 704.250 ‒ 6.250 698.000 147.426 221.092 299.404 206.800
Schadevergoedingen 500.000 500.000 ‒ 24.000 476.000 64.926 211.092 289.404 206.800
Vergoeding waardedaling Groningen 116.000 116.000 ‒ 16.000 100.000 10.000
Vergoeding immateriële schade Groningen 75.000 75.000 0 75.000 60.000
Bijdrage Commissie Bijzondere Situaties 1.500 1.500 0 1.500
Herbeoordeling waardedaling 0 0 25.000 25.000
Vastgelopen dossiers 6.250 6.250 8.750 15.000 12.500 10.000 10.000
Vergoeding zelf aangebrachte voorzieningen 0 5.500 5.500 5.500
Opdrachten 2.380 0 2.380 7.519.658 7.522.038 1.972.510 1.350.202 603.144 594.962
Werkbudget 2.380 2.380 13.070 15.450 14000 13000 9775 6500
Versterkingsoperatie 0 0 460.176 460.176 720.098 706.290 567.457 578.462
Bestuursakkoord 0 0 22.500 22.500 22.500 20.000 20.000 10.000
Versterken industrie 0 0 982 982 982 982 982
Nieuwbouwregeling 0 0 4.930 4.930 4.930 4.930 4.930
Vergoeding Norg akkoord 0 0 7.018.000 7.018.000 1.210.000 605.000
Vermogensverschaffing/-onttrekking 0 0 0 0 0 ‒ 397.264 ‒ 387.880 ‒ 317.930 ‒ 317.530
Kapitaalinjectie EBN 0 0 0 ‒ 397.264 ‒ 387.880 ‒ 317.930 ‒ 317.530
Bijdrage aan agentschappen 239.631 0 239.631 ‒ 2.450 237.181 98.024 138.257 135.206 71.500
Bijdrage RVO.nl 237.631 237.631 ‒ 2.450 235.181 98.024 138.257 135.206 71.500
Bijdrage aan Instituut Mijnbouwschade Groningen 2.000 2.000 2.000
Bijdrage aan ZBO’s/RWT’s 1.050 0 1.050 500 1.550 350 350 350 0
TNO publieke SDRA 1.050 1.050 500 1.550 350 350 350
Bijdrage aan medeoverheden 2.200 0 2.200 258.117 260.317 192.470 190.025 107.880 62.300
Versterken 2.200 2.200 0 2.200
Nationaal Programma Groningen 0 0 105.000 105.000 65.000 64.000 63.000 61.000
Compensatie gemeenten en provincie 0 0 15.195 15.195 11.595 7.440
Bestuursakkoord 0 0 135.922 135.922 112.475 116.185 42.480
Integrale programma's Bestuursakkoord 0 0 2.000 2.000 3.400 2.400 2.400 1.300
Bijdrage aan (internationale) organisaties 3.000 0 3.000 4.500 7.500 6.000 5.500 5.000 5.000
Organisatie- en programmabudget ACVG 3.000 3.000 3.000
Bijdrage Commissie Bijzondere Situaties 0 0 1.500 1.500 3.000 3.000 3.000 3.000
Raad voor Rechtspraak 0 0 3.000 3.000 3.000 2.500 2.000 2.000
Ontvangsten 1.034.281 0 1.034.281 6.518.735 7.553.016 4.618.857 2.424.727 1.211.321 893.756
Schadevergoedingen 490.625 490.625 297.819 788.444 42.053 173.695 268.971 226.596
Uitvoeringskosten Schade 226.356 226.356 216.947 443.303 67.109 115.520 122.593 79.418
Dividenduitkering EBN 0 0 2.800.000 2.800.000 2.650.000 1.200.000 200.000
Dividenduitkering GasTerra 4.000 4.000 0 4.000
Mijnbouwwet 55.000 55.000 2.141.500 2.196.500 1.219.500 263.000 65.000 65.000
Vergoeding waardedaling Groningen 190.750 190.750 358.262 549.012 3.500 2.500
Vergoeding immateriële schade Groningen 65.000 65.000 ‒ 8.244 56.756 45.000 15.000
Ontvangsten publieke SDRA 1.050 1.050 859 1.909 350 350 350
Versterken 1.500 1.500 151 1.651 ‒ 70 ‒ 70 ‒ 70
Diverse ontvangsten 0 0 990 990
Ontvangsten NAM Versterkingskosten NCG 0 0 680.521 680.521 561.485 624.802 524.547 497.742
Ontvangsten Nationaal Programma Groningen (NAM) 0 0 25.000 25.000 25.000 25.000 25.000 25.000
Ontvangsten Nieuwbouwregeling 0 0 4.930 4.930 4.930 4.930 4.930
Verplichtingen 945.961 80.500 1.026.461 8.460.847 9.487.308 2.299.815 1.658.896 929.404 631.032
waarvan garantieverplichtingen 0 0 0
waarvan overige verplichtingen 945.961 80.500 1.026.461 8.460.847 9.487.308 2.299.815 1.658.896 929.404 631.032

Budgetflexibiliteit

Na overheveling van de BZK-middelen is van het totale uitgavenbudget in 2022 op artikel 5 bijna 100% juridisch verplicht. Dit is het geval omdat de meeste uitgaven op artikel 5 een verplichting zijn op basis van wettelijke en ministeriële regelingen. Daarbij is eveneens de grootste uitgavenpost in 2022 (Norg akkoord) juridisch verplicht.

Toelichting

Bij het aantreden van het kabinet is besloten om de uitgaven en ontvangsten voor de schadeafhandeling en versterkingsoperatie in Groningen onder te brengen op één begroting. De middelen die voor de versterkingsoperatie op de BZK-begroting stonden zijn overgeheveld naar de EZK-begroting.

Tabel 24 maakt inzichtelijk welk deel van de uitgavenmutaties van de eerste suppletoire begroting samenhangen met de herverkaveling van budget van BZK naar EZK. Tabel 25 maakt dit inzichtelijk voor de ontvangstenmutaties. Het ‘herverkaveling budget’ van tabel 24 bevat eveneens de € 250 mln voor de woningverbeteringssubsidie in 2022. De vastgestelde begroting betreft de stand ontwerpbegroting EZK 2022 inclusief de mutaties van de zesde incidentele suppletoire begroting 2022 en de Nota van Wijziging hierop. Van de overige mutaties eerste suppletoire begroting wordt een aanzienlijk bedrag verklaard door de vergoeding Norg akkoord, zowel voor wat betreft de uitgaven- als de ontvangstenmutaties.

Vastgestelde begroting 2022 na ISB's (uitgaven) 1.027.511 796.700 647.416 397.616 392.466
Herverkaveling budget Groningen van BZK naar EZK 1.520.608 831.919 778.271 760.737 758.580
Overige mutaties 1e suppletoire 6.942.439 1.470.096 882.825 170.867 ‒ 127.548
Stand 1e suppletoire begroting 2022 9.490.558 3.098.715 2.308.512 1.329.220 1.023.498
2022 2023 2024 2025 2026
Vastgestelde begroting 2022 na ISB's (ontvangsten) 1.034.281 550.958 318.575 154.093 103.075
Herverkaveling budget Groningen van BZK naar EZK 490.000 661.000 661.000 661.000 661.000
Overige mutaties 1e suppletoire 6.028.735 3.957.857 1.763.727 550.321 232.756
Stand 1e suppletoire begroting 2022 7.553.016 5.169.815 2.743.302 1.365.414 996.831

Verplichtingen

Voor een toelichting op de verplichtingen wordt verwezen naar de toelichting op de uitgaven.

Uitgaven

Subsidies

Verduurzamingsopgave uit aardgasbaten

Recentelijk is de tijdelijke verlenging van de waardevermeerderingsregeling aangekondigd (Kamerstuk 33 529, nr. 1003). Bij de VJN worden middelen overgeheveld voor de aangepaste voortzetting van de regeling na 1 oktober. In tegenstelling tot de naam van het instrument wordt dit niet gedekt uit aardgasbaten, maar uit bestaande (risico)reserveringen voor Groningen op de aanvullende post van het Ministerie van Financiën.

Duurzaam herstel

Op basis van een amendement op de Tijdelijke wet Groningen (onderdeel versterken) krijgt het IMG de taak om schade duurzaam te herstellen. Medio 2022 wordt meer duidelijkheid verwacht hoe het IMG invulling geeft aan de uitvoering van deze taak en het daarvoor benodigde budget. Hiervoor wordt nu € 350 mln gereserveerd. Dit jaar is er enkel sprake van aanloopkosten (€ 10 mln).

Bestuursakkoord

Middelen voor het bestuursakkoord worden overgeboekt vanuit het Ministerie van BZK (totaal circa € 610 mln), waaronder € 250 mln voor de woningverbeteringssubsidie. Ook worden middelen voor het bestuursakkoord opgevraagd die op de Aanvullende Post bij het Ministerie van Financiën staan (totaal circa € 104 mln). Tot slot vallen hier ook de extra impassingskosten onder die een waterbedrijf moet maken door het verplaatsen van een woonwijk (€ 5 mln).

Schade (vergoedingen)

Schadevergoedingen

De ramingen voor schade worden ieder jaar geactualiseerd. Naar aanleiding daarvan wordt het in de EZK-begroting opgenomen bedrag voor de fysieke schadebetalingen bijgesteld. Ook worden middelen toegevoegd voor de kosten voor bijstand bij bezwaar en beroep (o.b.v. novelle versterken).

Vergoeding waardedaling Groningen

De raming voor schade wordt ieder jaar geactualiseerd. Naar aanleiding daarvan wordt het in de EZK-begroting opgenomen bedrag voor de vergoedingen voor waardedaling bijgesteld.

Vergoeding immateriële schade Groningen

De ramingen voor schade worden ieder jaar geactualiseerd. Naar aanleiding daarvan wordt het in de EZK-begroting opgenomen bedrag voor de immateriële schadebetalingen bijgesteld.

Herbeoordeling waardedaling

Vanuit de Aanvullende Post bij het Ministerie van Financiën wordt € 25 mln opgevraagd voor de tegemoetkoming voor bewoners die een lagere schadevergoeding voor waardedaling hebben ontvangen van de NAM, dan nu zou worden toegekend door IMG.

Opdrachten

Werkbudget

Vanuit het Ministerie van BZK worden middelen overgeboekt voor het werk- en onderzoeksbudget. Ook worden middelen opgevraagd vanuit de Aanvullende Post bij het Ministerie van FIN.

Versterkingsoperatie

Vanuit het Ministerie van BZK worden middelen overgeboekt voor de versterkingsoperatie. Ook wordt de raming van deze versterkingsoperatie geactualiseerd. Tot slot worden middelen overgeboekt vanuit de Aanvullende Post van het Ministerie van FIN (ca. € 34 mln over 2022 en 2023).

Bestuursakkoord

De knelpuntenpot van het NCG wordt overgeboekt vanuit het Ministerie van BZK. Ook worden middelen toegevoegd vanuit de Aanvullende Post van het Ministerie van Financiën.

Vergoeding Norg akkoord

Conform de afspraken in het Norg akkoord betaalt de Staat een vergoeding aan NAM. De berekeningswijze van de vergoeding is vastgesteld in arbitrage, de hoogte van de vergoeding is afhankelijk van de gasprijs. Over de vergoeding moet btw worden betaald (Kamerstuk 33 529, nr. 997).

Vermogensverschaffing/-onttrekking

Kapitaalinjectie EBN

Door de hogere gasbaten is de financiële positie van EBN verbeterd ten opzichte van vorig jaar. Daarom wordt de vorig jaar geraamde kapitaalstorting naar beneden bijgesteld.

Bijdrage aan agentschappen

Bijdrage aan RVO.nl

RVO levert het personeel en de ondersteuning voor het IMG. De ramingen voor schade worden ieder jaar geactualiseerd. Naar aanleiding daarvan wordt ook het in de EZK-begroting opgenomen bedrag voor de uitvoeringskosten van het IMG bijgesteld.

Bijdrage aan medeoverheden

Nationaal Programma Groningen

Middelen voor het Nationaal Programma Groningen (NPG) worden overgeboekt vanuit het Ministerie van BZK (totaal ca. € 125 mln). Ook worden middelen toegevoegd vanuit de Aanvullende Post van het Ministerie van FIN (totaal ca. € 233 mln).

Compensatie gemeenten en provincies

Middelen voor compensatie aan gemeenten en provincies worden overgeboekt vanuit het Ministerie van BZK.

Bestuursakkoord

Vanuit het Ministerie van BZK en de Aanvullende Post bij het Ministerie van BZK worden middelen overgeboekt voor het gebiedsfonds deelclustering (blok B van de bestuurlijke afspraken, totaal ca. € 248 mln) en het gebiedsfonds (blok D van de bestuurlijke afspraken, totaal ca. € 160 mln).

Ontvangsten

Schadevergoedingen

De uitgaven voor de schadeafhandeling worden via een heffing bij NAM in rekening gebracht. Als gevolg van de bijstelling van de uitgaven voor fysieke schade worden ook de ontvangsten van NAM bijgesteld. Daarnaast is in 2021 ook een deel van de ontvangsten van de NAM die samenhangen met de uitgaven voor fysieke schade uitgesteld. De ontvangsten die worden verwacht in 2022 worden nu geboekt op de EZK-begroting.

Uitvoeringskosten schade

De uitgaven voor uitvoeringskosten van de schadeafhandeling worden via een heffing bij NAM in rekening gebracht. Als gevolg van de bijstelling van de uitgaven worden ook de ontvangsten van NAM bijgesteld. Daarnaast is in 2021 ook een deel van de ontvangsten van de NAM die samenhangen met de uitgaven voor fysieke schade uitgesteld. De ontvangsten die worden verwacht in 2022 worden nu geboekt op de EZK-begroting.

Dividenduitkering EBN

Vanwege hogere opbrengsten uit de gaswinning en de vergoeding uit het Norg akkoord kan EBN dividend uitkeren.

Mijnbouwwet

Vanwege hogere opbrengsten uit de gaswinning en de vergoeding uit het Norg akkoord zijn er extra opbrengsten onder de Mijnbouwwet.

Vergoeding waardedaling Groningen

De uitgaven voor de vergoeding voor waardedaling worden via een heffing bij NAM in rekening gebracht. Als gevolg van de bijstelling van de uitgaven worden ook de ontvangsten van NAM bijgesteld. Daarnaast is in 2021 ook een deel van de ontvangsten van de NAM die samenhangen met de uitgaven voor waardedaling uitgesteld. De ontvangsten die worden verwacht in 2022 worden nu geboekt op de EZK-begroting.

Vergoeding immateriële schade

De uitgaven voor de schadeafhandeling worden via een heffing bij NAM in rekening gebracht. Als gevolg van de bijstelling van de uitgaven voor immateriële schade worden ook de ontvangsten van NAM bijgesteld. Daarnaast is in 2021 ook een deel van de ontvangsten van de NAM die samenhangen met de uitgaven voor immateriële schade uitgesteld. De ontvangsten die worden verwacht in 2022 worden nu geboekt op de EZK-begroting.

Ontvangsten NAM versterkingskosten NCG

Naast de uitgaven worden ook de ontvangsten van de versterkingsoperatie overgeboekt vanuit het Ministerie van BZK. Als gevolg van de bijstelling van de uitgaven voor deze versterkingsoperatieworden ook de ontvangsten van NAM bijgesteld. Daarnaast is in 2021 ook een deel van de ontvangsten van de NAM die samenhangen met de uitgaven voor de versterkingsoperatie uitgesteld. De ontvangsten die worden verwacht in 2022 worden nu geboekt op de EZK-begroting.

Ontvangsten Nationaal Programma Groningen (NAM)

De ontvangsten die samenhangen met het NPG worden overgeboekt vanuit het Ministerie van BZK.

4 Niet-beleidsartikelen

4.1 Artikel 40 Apparaat Kerndepartement

Verplichtingen 302.285 100 302.385 209.098 511.483 185.981 184.430 171.816 153.156
Uitgaven 302.285 100 302.385 209.098 511.483 185.981 184.430 171.816 153.156
Personele uitgaven
eigen personeel 192.163 192.163 11.230 203.393 10.695 10.494 8.997 3.949
inhuur externen 10.048 10.048 2.599 12.647 570
overige personele uitgaven 8.164 8.164 ‒ 1.186 6.978 ‒ 1.164 ‒ 1.092 ‒ 1.060 ‒ 1.055
Materiële uitgaven
ICT 18.829 18.829 7.207 26.036 3.898 3.843 4.570 6.000
bijdrage aan SSO's 13.382 13.382 13.382
DICTU 20.200 20.200 20.200
overige materiële uitgaven 39.499 100 39.599 189.248 228.847 171.982 171.185 159.309 144.262
Ontvangsten 25.294 0 25.294 154.178 179.472 112.254 108.298 102.698 94.033
ACM 17.902 17.902 17.902
SoDM 3.150 3.150 3.150
CPB 1.643 1.643 1.643
kerndepartement 2.599 2.599 23.303 25.902
NCG 130.875 130.875 112.254 108.298 102.698 94.033

Toelichting op de verplichtingen en uitgaven

Personele uitgaven

Er is € 12,6 mln toegevoegd aan de personeelsbudgetten van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat. Deze toevoeging aan budgetten komt onder andere door de verhoging van het personeelsbudget voor beleidsdirecties (€ 2,4 mln), het langer actief houden van de Corona-unit (€ 0,9 mln). Tevens is er budget toegevoegd aan de personele budgetten van directie communicatie (€ 0,7 mln), Bureau Bestuursraad (€ 0,6 mln) en directie Europese en Internationale zaken (€ 0,6 mln).

Materiële uitgaven

Er is € 196 mln toegevoegd aan de materiële budgetten van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat. Deze toevoeging van budgetten komt voornamelijk door ‘door te verdelen’ uitvoeringsbudgetten (€ 182 mln) vanuit onder andere het klimaatfonds, Groningendossier en herverkaveling van het Nationaal Coördinator Groningen (NCG) vanuit BZK. Tevens zijn er naar aanleiding van de kabinetsreactie Parlementaire ondervragingscommissie Kinderopvangtoeslag (POK), middelen beschikbaar gesteld voor het op orde brengen van de informatiehuishouding (€ 9,1 mln).

Ontvangsten

Aan de ontvangst budgetten van het kerndepartement is € 154 mln toegevoegd. Deze toevoeging van budgetten is met name veroorzaakt doordat het Nationaal Coördinator Groningen (NCG) als nieuw onderdeel is toegevoegd (€ 131 mln). Verder komt de verhoging van de ontvangsten door de verplichte afromingen van het eigen vermogen van DICTU (€ 15,6 mln), RVO (€ 6,6 mln) en NEa (€ 1 mln).

4.2 Artikel 41 Nog onverdeeld

Verplichtingen 0 0 0 82.460 82.460 78.622 76.321 71.152 69.983
Uitgaven 0 0 0 82.460 82.460 78.622 76.321 71.152 69.983
Loonbijstelling 0 0 0 28.660 28.660 28.443 27.791 27.373 27.217
programma 28.660 28.660 28.443 27.791 27.373 27.217
apparaat
Prijsbijstelling 0 0 0 53.800 53.800 50.179 48.530 43.779 42.766
programma 53.800 53.800 50.179 48.530 43.779 42.766
apparaat
Onvoorzien 0 0 0 0 0 0 0 0 0
Ontvangsten 0 0 0 0 0 0 0 0 0

Toelichting op de verplichtingen en uitgaven

Loon- en prijsbijstelling

Bij Voorjaarsnota 2022 is de loon- en prijsbijstellingstranche 2022 uitgedeeld. De loonbijstelling betreft de vergoeding voor de stijging van de contractloonontwikkeling en de stijging van de sociale lasten voor de overheidswerkgever. De prijsbijstelling betreft de verwerking van de stijging van de diverse prijsindexen. De loon- en prijsbijstellingstranche 2022 zal bij de eerst volgende begrotingsronde uitgedeeld worden aan de relevante loon- en prijsgevoelige onderdelen.

5 Agentschappen

5.1 Agentschap Telecom (AT)

Baten
Omzet 63.706 9.750 73.456
waarvan omzet moederdepartement 34.299 8.702 43.001
waarvan omzet overige departementen 4.579 1.048 5.627
waarvan omzet derden 24.828 0 24.828
Rentebaten 0 0 0
Vrijval voorzieningen 0 0 0
Bijzondere baten 0 0 0
Totaal baten 63.706 9.750 73.456
Lasten
Apparaatskosten 59.931 9.750 69.681
Personele kosten 38.022 6.229 44.251
waarvan eigen personeel 28.973 5.108 34.080
waarvan inhuur externen 6.567 1.121 7.688
waarvan overige personele kosten 2.483 0 2.483
Materiële kosten 21.909 3.522 25.430
waarvan apparaat ICT 0 0 0
waarvan bijdrage aan SSO's 13.273 0 13.273
waarvan overige materiële kosten 8.636 3.522 12.157
Rentelasten 100 0 100
Afschrijvingskosten 3.600 0 3.600
Materieel 2.000 0 2.000
waarvan apparaat ICT 0 0 0
waarvan overige materiele afschrijvingskosten 2.000 0 2.000
Immaterieel 1.600 0 1.600
Overige lasten 75 0 75
waarvan dotaties voorzieningen 75 0 75
waarvan bijzondere lasten 0 0 0
Totaal lasten 63.706 9.750 73.456
Saldo van baten en lasten gewone bedrijfsuitoefening 0 0 0
Agentschapsdeel Vpb-lasten 0 0 0
Saldo van baten en lasten 0 0 0

Toelichting op de baten

Omzet moederdepartement

In maart 2022 zijn de uitvoeringsofferte en toezichtofferte goedgekeurd. De offertes omvatten een hogere omzet dan begroot. Dat komt vanwege beoogde intensiveringen op bestaande taken. Dit houdt in dat er € 8,7 mln extra omzet is vastgesteld. Dit bestaat uit: € 0,5 mln Vergunningvrij, € 0,7 mln Artificial Intelligence, € 55.000 beveiliging Repressief, € 36.000 Toezicht ruimtevaart, € 1,1 mln beleidsondersteuning uitvoering, € 82.000 uitvoering ruimtevaart, € 0,3 mln Dynamisch Spectrum Management & Sharing, € 1,2 mln Veilingprojecten en € 4 mln voor Afbouw Salderingsregeling.

Omzet overige departementen

In 2022 is de offerte (voorbereiding) Wet Digitale Overheid goedgekeurd met BZK als opdrachtgever. De totale omzet bedraagt € 1 mln.

Toelichting op de lasten

Personele kosten

De totale personele kosten zijn conform offertes en liggen in lijn met de opbouw zoals bekend vanuit de begroting. De totale personele kosten bestaan uit ambtelijk personeel (82%) en extern personeel (18%), eveneens conform begroting 2022.

Materiële kosten

De materiële kosten zijn één op één afgeleid van de offerte en de beoogde materiële lasten benodigd om de taak ten uitvoer te brengen.

1. Rekening-courant RHB 1 januari 2022 + depositorekeningen 10.639 3.319 13.958
Totaal ontvangsten operationele kasstroom (+) 63.706 9.750 73.456
Totaal uitgaven operationele kasstroom (-/-) ‒ 60.106 ‒ 9.750 ‒ 69.857
2. Totaal operationele kasstroom 3.600 0 3.600
Totaal investeringen (-/-) ‒ 5.750 0 ‒ 5.750
Totaal boekwaarde desinvesteringen (+) 0 0 0
3. Totaal investeringkasstroom ‒ 5.750 0 ‒ 5.750
Eenmalige uitkering aan moederdepartement (-/-) 0 0 0
Eenmalige storting door het moederdepartement (+) 0 0 0
Aflossingen op leningen (-/-) ‒ 4.101 0 ‒ 4.101
Beroep op leenfaciliteit (+) 5.750 0 5.750
4. Totaal financieringskasstroom 1.649 0 1.649
5. Rekening-courant RHB 31 december 2022 (=1+2+3+4) 10.137 3.319 13.457

Toelichting op het kasstroomoverzicht

De suppletoire begroting heeft geen effect op het saldo van het kasstroomoverzicht. De mutaties bevinden zich binnen de operationele kasstroom met een saldo van nul.

5.2 Dienst ICT Uitvoering (DICTU)

Baten
Omzet 320.162 34.137 354.300
waarvan omzet moederdepartement 212.582 24.168 236.750
waarvan omzet overige departementen 105.725 9.969 115.695
waarvan omzet derden 1.855 0 1.855
Rentebaten 0 0 0
Vrijval voorzieningen 0 0 0
Bijzondere baten 0 0 0
Totaal baten 320.162 34.137 354.300
Lasten
Apparaatskosten 296.507 35.787 332.295
Personele kosten 193.450 35.787 229.237
waarvan eigen personeel 89.900 6.404 96.304
waarvan inhuur externen 99.600 29.383 128.983
waarvan overige personele kosten 3.950 0 3.950
Materiële kosten 103.057 0 103.057
waarvan apparaat ICT 29.494 0 29.494
waarvan bijdrage aan SSO's 21.100 0 21.100
waarvan overige materiële kosten 52.463 0 52.463
Rentelasten 5 0 5
Afschrijvingskosten 23.150 ‒ 1.650 21.500
Materieel 12.000 3.000 15.000
waarvan apparaat ICT 12.000 3.000 15.000
waarvan overige materiele afschrijvingskosten 0 0 0
Immaterieel 11.150 ‒ 4.650 6.500
Overige lasten 500 0 500
waarvan dotaties voorzieningen 500 0 500
waarvan bijzondere lasten 0 0 0
Totaal lasten 320.162 34.137 354.300
Saldo van baten en lasten gewone bedrijfsuitoefening 0 0 0
Agentschapsdeel Vpb-lasten 0 0 0
Saldo van baten en lasten 0 0 0

Toelichting op de baten

In de ontwerpbegroting 2022 werd er van uit gegaan dat de hogere omzet in 2021 incidenteel van aard was. Inmiddels is duidelijk dat deze stijging structureel van aard is en vraag naar ICT diensten van DICTU blijft toenemen. De stijging van de omzet moederdepartement van 24,2 mln komt voort uit groeiende vraag naar werkplekdiensten door Corona gerelateerde groei bij afnemers en meer ontwikkelopdrachten (o.a. door rijksdigitalisering en overheid op orde). In de ontwerpbegroting 2022 werd een daling verwacht van de omzet als gevolg van de implementatie van de bedrijfsstrategie. Het outsourcen van ontwikkeltrajecten van Rijkszaak is ingezet, maar de sterk stijgende vraag naar dienstverlening maakt dat deze daling niet zichtbaar is.

De stijging bij de omzet bij overige departementen met 10 mln wordt voornamelijk veroorzaakt door een stijgende vraag naar het product Applicatiediensten bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

Toelichting op de lasten

Om aan de gestegen vraag naar ICT-dienstverlening te kunnen voldoen nemen de personele kosten toe met € 35,8 mln ten opzichte van de ontwerpbegroting. Door de toename van de opdrachtenportefeuille door nieuwe opdrachten met specifieke ICT-expertise vangt DICTU de benodigde extra capaciteit in eerste instantie op door de benodigde ICT expertise extern in te huren (€ 29,4 mln). Voor de toekomst wordt gekeken naar het in de markt zetten van aanbestedingen die de reguliere beheer- en ontwikkeltaken kunnen opvangen als een belangrijke maatregel om de externe inhuur te beperken.

1. Rekening-courant RHB 1 januari 2022 + depositorekeningen 23.980 7.127 31.107
Totaal ontvangsten operationele kasstroom (+) 320.162 34.137 354.300
Totaal uitgaven operationele kasstroom (-/-) ‒ 297.012 ‒ 35.787 ‒ 332.800
2. Totaal operationele kasstroom 23.150 ‒ 1.650 21.500
Totaal investeringen (-/-) ‒ 30.000 4.500 ‒ 25.500
Totaal boekwaarde desinvesteringen (+) 0 0 0
3. Totaal investeringkasstroom ‒ 30.000 4.500 ‒ 25.500
Eenmalige uitkering aan moederdepartement (-/-) 0 ‒ 15.700 ‒ 15.700
Eenmalige storting door het moederdepartement (+) 0 0 0
Aflossingen op leningen (-/-) ‒ 23.150 1.650 ‒ 21.500
Beroep op leenfaciliteit (+) 30.000 ‒ 4.500 25.500
4. Totaal financieringskasstroom 6.850 ‒ 18.550 ‒ 11.700
5. Rekening-courant RHB 31 december 2022 (=1+2+3+4) 23.980 ‒ 8.573 15.407

Toelichting op het kasstroomoverzicht

De eenmalige uitkering aan het moederdepartement van € 15,7 mln betreft een afroming van het Eigen Vermogen in verband met overschrijding van de toegestane maximale omvang van 5%.

5.3 Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO.nl)

Baten
Omzet 841.437 208.326 1.049.763
waarvan omzet moederdepartement 413.763 140.910 554.673
waarvan omzet overige departementen 394.382 67.416 461.798
waarvan omzet derden 33.292 0 33.292
Rentebaten 0 0 0
Vrijval voorzieningen 0 0 0
Bijzondere baten 0 0 0
Totaal baten 841.437 208.326 1.049.763
Lasten
Apparaatskosten 831.337 208.326 1.039.663
Personele kosten 461.393 95.733 557.127
waarvan eigen personeel 361.805 29.577 391.382
waarvan inhuur externen 85.672 64.211 149.883
waarvan overige personele kosten 13.916 1.945 15.862
Materiële kosten 369.944 112.592 482.536
waarvan apparaat ICT 5.609 0 5.609
waarvan bijdrage aan SSO's 169.752 22.028 191.779
waarvan overige materiële kosten 194.583 90.565 285.147
Rentelasten 0 0 0
Afschrijvingskosten 10.100 0 10.100
Materieel 100 0 100
waarvan apparaat ICT 0 0 0
waarvan overige materiele afschrijvingskosten 100 0 100
Immaterieel 10.000 0 10.000
Overige lasten 0 0 0
waarvan dotaties voorzieningen 0 0 0
waarvan bijzondere lasten 0 0 0
Totaal lasten 841.437 208.326 1.049.763
Saldo van baten en lasten gewone bedrijfsuitoefening 0 0 0
Agentschapsdeel Vpb-lasten 0 0 0
Saldo van baten en lasten 0 0 0

Toelichting op de baten

Omzet moederdepartement

De totale mutatie in de omzet vanuit het moederdepartement bedraagt € 140,9 mln. Deze mutatie is opgebouwd uit de volgende onderdelen:

  1. De omzet vanuit het DG Bedrijfsleven & Innovatie (B&I) stijgt met € 89,5 mln. Het overgrote deel hiervan is te herleiden naar de in mei 2021 reeds bestaande Coronaregelingen die uiteindelijk in 2022 nog zijn gecontinueerd of die pas half 2021 zijn ingevoerd en doorlopen in 2022. Ook is er middels de veegbrieven in 2021 nog een groot aantal 'reguliere' opdrachten toegevoegd aan de bundel, die uiteindelijk in 2022 ook tot de opdracht zijn gaan behoren. De BAR en impulsaanpak Winkelgebieden zijn hiervan de belangrijkste voorbeelden.
  2. De omzet vanuit het DG Klimaat en Energie (K&E) stijgt met € 37,1 mln. De toename komt voornamelijk door intensivering bij Investeringssubsidie Duurzame Energie en Energiebesparing (ISDE), Waterstof, Bureau Energieprojecten en Commissie mijnbouwschade. Daarnaast zijn Adviescollege Veiligheid Groningen (ACVG) en Programma Infrastructuur Duurzame Industrie (PIDI) overgeheveld naar K&E. Verder hebben wij een opdracht gekregen voor Programma Energiesysteem (PES).
  3. De omzet aan de Instituut Mijnbouwschade Groningen (IMG) is gelijk aan de raming van de ontwerpbegroting.
  4. De toename van de opdracht Chief Economist (€ 3,2 mln) komt voornamelijk door de aanvullende opdrachten Beter Aanbesteden en het Nationaal Groeifonds.
  5. De omzet Overig is € 11,1 mln hoger dan begroot. Deze omzet bestaat voornamelijk uit de opdracht voor het Inkoop Uitvoeringscentrum, de opdracht Unit omgevingskennis en Concordaat/END.

Omzet overige departementen

De totale mutatie in de omzet van overige departementen bedraagt € 67,4 mln. Deze mutatie is opgebouwd uit de volgende onderdelen:

  1. De opdracht vanuit het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit is € 47,4 mln hoger dan geraamd. Deze stijging wordt veroorzaakt door de autonome groei van de reguliere opdracht vanuit 2021, daarnaast is er een aanvullende opdracht afgegeven voor Gemeenschappelijk Landbouwbeleid 23 van € 7,3 mln. Verder zijn er vooralsnog in 2022 geen grote nieuwe opdrachten bij gekomen. Diverse bestaande regelingen hebben een groter budget gekregen.
  2. De omzet van het Ministerie van Buitenlandse Zaken is gelijk aan de raming in de ontwerpbegroting.
  3. De opdracht vanuit het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is uitgebreid met € 4,5 mln, wat met name te verklaren is door de opdrachten voor het klimaatakkoord
  4. De opdracht vanuit het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat stijgt met € 7,7 mln. Dit wordt met name veroorzaakt door aanpassing aan de definitieve opdracht 2022 (€ 5,0 mln), waaronder het programma Partners voor Water 5. Daarnaast is sprake van een aanvullende opdracht voor de Tijdelijke Subsidieregeling Vuurwerkverbod COVID-19 2021 (€ 0,3 mln), de Subsidieregeling Walstroom Zeeschepen (€ 0,3 mln) en verschillende andere opdrachten (€ 2 mln).
  5. De omzet van de andere departementen stijgt met € 7,8 mln door bijstelling aan de definitieve opdrachten. De grootste mutatie vindt plaats bij het Ministerie Justitie en Veiligheid. Dit bestaat uit de Waterschade Limburg (€3,4 mln). Andere stijgingen vinden plaats bij het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport wat voortkomt uit meerwerk dat grotendeels ligt bij de Subsidieregeling Ondersteuning Wijkverpleging (€ 1,8 mln), en het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid wat grotendeels bestaat uit de Subsidieregeling Praktijkleren (€ 1,1 mln). Ten slotte is de definitieve opdracht van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap hoger dan begroot (€ 1,1 mln), en diverse overige opdrachten € 0,4 mln hoger dan begroot.

Omzet derden

De totale omzet derden is gelijk aan de raming in de ontwerpbegroting.

Bijzondere baten

Zoals ook het geval ten tijde van de ontwerpbegroting 2022 verwacht RVO geen ontvangsten in het kader van bijzondere baten.

Toelichting op de lasten

De baten en lasten stijgen beide met € 208,3 mln. De toename van het opdrachtvolume zoals hierboven toegelicht leidt tot hogere uitvoeringskosten. Dit vertaalt zich in een stijging van de personele lasten (€ 95,7 mln), waarbij zowel hogere kosten voor ambtelijk personeel (€ 29,6 mln) als hogere kosten voor externe inhuur (€ 64,2 mln) zijn geraamd. De materiële kosten nemen toe met € 112,6 mln. De materiële kosten zijn onder te verdelen in directe en indirecte kosten, waarbij de directe materiële kosten verband houden met de uitvoering van opdrachten. De toename van het opdrachtenpakket leidt tot een stijging van € 90,6 mln aan overige materiële kosten. Dit geldt in mindere mate voor de toename in de bijdrage aan Shared Service Organisaties (€ 22,0 mln).

1. Rekening-courant RHB 1 januari 2022 + depositorekeningen 111.896 82.752 194.648
Totaal ontvangsten operationele kasstroom (+) 841.437 208.326 1.049.763
Totaal uitgaven operationele kasstroom (-/-) ‒ 831.337 ‒ 208.326 ‒ 1.039.663
2. Totaal operationele kasstroom 10.100 0 10.100
Totaal investeringen (-/-) ‒ 25.900 ‒ 2.600 ‒ 28.500
Totaal boekwaarde desinvesteringen (+) 0 0 0
3. Totaal investeringkasstroom ‒ 25.900 ‒ 2.600 ‒ 28.500
Eenmalige uitkering aan moederdepartement (-/-) 0 ‒ 6.600 ‒ 6.600
Eenmalige storting door het moederdepartement (+) 0 0 0
Aflossingen op leningen (-/-) ‒ 22.660 12.360 ‒ 10.300
Beroep op leenfaciliteit (+) 25.900 2.600 28.500
4. Totaal financieringskasstroom 3.240 8.360 11.600
5. Rekening-courant RHB 31 december 2022 (=1+2+3+4) 99.336 88.512 187.848

Toelichting op het kasstroomoverzicht

In het kasstroomoverzicht is zichtbaar dat het grotere opdrachtpakket zorgt voor hogere operationele ontvangsten en uitgaven. De eenmalige uitkering aan het moederdepartement betreft de afdracht van Eigen Vermogen volgens afspraak met de eigenaar van RVO. Ook de investeringen zijn in beperkte mate toegenomen en betreft met name de ontwikkeling van software.