Inbreng verslag van een schriftelijk overleg over het Fiche: Mededeling Apply AI-strategie (Kamerstuk 22112-4206)
Nieuwe Commissievoorstellen en initiatieven van de lidstaten van de Europese Unie
Inbreng verslag schriftelijk overleg
Nummer: 2026D01399, datum: 2026-01-15, bijgewerkt: 2026-01-15 13:44, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: B.C. Kathmann, voorzitter van de vaste commissie voor Digitale Zaken (GroenLinks-PvdA)
- Mede ondertekenaar: S.R. Muller, adjunct-griffier
Onderdeel van zaak 2025Z19883:
- Indiener: D.M. van Weel, minister van Buitenlandse Zaken
- Volgcommissie: vaste commissie voor Europese Zaken
- Volgcommissie: vaste commissie voor Economische Zaken
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Digitale Zaken
- 2025-11-19 14:55: Aansluitend aan de Stemmingen: Regeling van werkzaamheden (Regeling van werkzaamheden), TK
- 2025-12-03 11:00: Procedurevergadering Digitale Zaken (Procedurevergadering), vaste commissie voor Digitale Zaken
- 2025-12-04 11:30: Procedurevergadering (Procedurevergadering), vaste commissie voor Europese Zaken
- 2026-01-14 14:00: Fiche: Mededeling Apply AI-strategie (Kamerstuk 22112-4206) (Inbreng schriftelijk overleg), vaste commissie voor Digitale Zaken
Preview document (🔗 origineel)
22112 Nieuwe Commissievoorstellen en initiatieven van de lidstaten van de Europese
Unie
Nr. Inbreng verslag van een schriftelijk overleg
Binnen de vaste commissie voor Digitale Zaken hebben enkele fracties de behoefte om enkele vragen en opmerkingen voor te leggen aan de minister van Economische Zaken inzake de brief d.d. 14 november 2025 ‘Fiche: Mededeling Apply AI-strategie’ (Kamerstuk 22112-4206).
Bij brief van …… zijn deze vragen en opmerkingen beantwoord. Vragen en antwoorden zijn hierna afgedrukt.
Fungerend voorzitter van de commissie,
Kathmann
Adjunct-griffier van de commissie,
Muller
Inhoudsopgave
I Vragen en opmerkingen vanuit de fracties
Vragen en opmerkingen van de leden van de D66-fractie
Vragen en opmerkingen van de leden van de GL-PvdA-fractie
Vragen en opmerkingen van de leden van de CDA-fractie
Vragen en opmerkingen van de leden van de BBB-fractieII Antwoord/reactie van de bewindspersoon
I Vragen en opmerkingen vanuit de fracties
Vragen en opmerkingen van de leden van de D66-fractie
De leden van de D66-fractie hebben met interesse kennisgenomen van het BNC-fiche inzake de Apply AI Strategie. Deze leden zijn verheugd te lezen dat er in de Apply AI-strategie wordt voorgesteld om de Europese Digitale Innovatie Hubs (EDIH’s) een sterkere rol te geven in de praktische ondersteuning van mkb-bedrijven bij AI-adoptie. Zij delen de kanttekeningen van het kabinet bij de effectiviteit van de aanpak, echter het blijft soms onduidelijk hoe het kabinet hierop wil sturen. De leden van de D66-fractie willen graag weten hoe het kabinet de effectiviteit van de EDIH’s beoordeelt bij het daadwerkelijk versnellen van AI-adoptie door het mkb en welke concrete resultaten het kabinet verwacht op korte en middellange termijn.
Deze leden lezen dat er een oproep wordt gedaan aan bedrijven om hun AI-modellen te delen met het EDIH-netwerk. Zij vragen hoe het kabinet de vrijwillige oproep aan bedrijven om AI-modellen te delen via het EDIH-netwerk wil versterken zodat deze tot daadwerkelijke schaalbare oplossingen leidt voor het mkb, en ook hoe de concurrentiepositie van bedrijven kan worden behouden.
De leden van de D66-fractie zien dat de Europese Commissie aangeeft met de Apply AI-strategie tot 2027 circa €1 miljard uit de bestaande EU-programma’s (Digitaal Europa en Horizon Europa) in te willen zetten om AI-adoptie te versnellen. Deze leden zien de positieve kant hiervan, maar net als Europese innovatie- en investeringsnetwerken zoals het EU Innovation Radar en het European Innovation Council (EIC) signaleren zij dat de scope van de Apply AI-strategie zeer breed is in verhouding tot het beschikbare budget en vragen zij of dit budget voldoende is en welke prioritering hierin gemaakt gaat worden.
De leden van de D66-fractie kunnen zich vinden in de inzet van de Commissie om aanvullende financiering te mobiliseren voor de ontwikkeling en opschaling van AI. Deze leden onderschrijven het belang van bijdragen van zowel lidstaten als private investeerders, onder meer via cofinanciering. Zij steunen tevens de ambitie van het programma InvestAI om via publiek-private samenwerkingen, waaronder AI-gigafactories, tot €200 miljard aan investeringen te mobiliseren. Daarnaast achten de leden van de D66-fractie het positief dat binnen Horizon Europa via de European Innovation Council circa €10 miljard beschikbaar is voor hoogrisico- en hoogimpactprojecten, waaronder AI-initiatieven die gericht zijn op technologische doorbraken en de opschaling van individuele bedrijven. Echter vragen deze leden wel hoe het kabinet de relatie tussen Apply AI en de bredere EU-inspanningen ziet zoals InvestAI, EIC-financiering en andere AI-investeringsprogramma’s. En hoe wil het kabinet voorkomen dat deze instrumenten elkaar overlappen of beconcurreren?
Vragen en opmerkingen van de leden van de GL-PvdA-fractie
De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie hebben kennisgenomen van de Apply AI-strategie. Deze leden hebben vragen en opmerkingen over het voorstel. In algemene zin stellen zij dat AI toepassen nooit een doel op zich is, maar een waardevolle toevoeging moet zijn voor werknemers en werkgevers. Waardevolle AI is bij uitstek van Nederlands-Europese bodem, gebouwd op publieke waarden, en in gebruik met medezeggenschap van mensen op de werkvloer. Deelt de minister deze zienswijze met de leden? Draagt de Apply AI-strategie bij aan deze doelstellingen?
De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie vragen de minister hoe de strategie bijdraagt aan de doelstellingen van de Nederlandse Digitaliseringsstrategie, met name prioriteit 3 – AI. Deze leden merken op dat de strategie nog weinig concreet is en de 1 miljard euro die de Europese Commissie heeft toegezegd wordt verdeeld. Hoeveel zeggenschap hebben lidstaten in die verdeling? Is dit genoeg geld om de ambities waar te maken? Voor welke strategische investeringen pleit Nederland in Europees verband? Deelt de minister de mening dat niet alleen bedrijvigheid, maar vooral de belangen van digitale autonomie en mensenrechtenbescherming moeten worden gestimuleerd door de strategie?
De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie hebben vragen over de elf uitgekozen sectoren en de betrokkenheid van belanghebbenden. Deze leden willen weten hoe uitgerekend deze elf sectoren zijn uitgekozen tot ‘sectorale vlaggenschepen’. Vindt de minister dat alle voor Nederland relevante sectoren hierin zijn opgenomen? Welke belanghebbenden worden betrokken? Op welke manier worden lidstaten hierbij betrokken en hoeveel invloed heeft de Tweede Kamer op de Europese koers? Volgens deze leden is het essentieel dat vakbonden en vertegenwoordiging van medewerkers in deze sectoren ook intensief worden betrokken. AI-adoptie raakt aan de baanzekerheid van medewerkers. Het behouden van voldoende zeggenschap voor medewerkers is een randvoorwaarde voor deze leden. Deelt de minister deze opvatting?
De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie steunen het bevorderen van een Europees ecosysteem van digitale infrastructuur. Niet per sé op het gebied van AI, maar voor rekenkracht en innovatie in algemene zin. Vindt de minister dat de eenzijdige focus op AI recht doet aan het bredere belang van digitale autonomie, waar de totale afhankelijkheid van hyperscalers op het gebied van cloudoplossingen een van de meest urgente thema’s is? Is het op orde brengen van de soevereine Europese cloud een randvoorwaarde van AI-adoptie, omdat deze diensten doorgaans gehost en beheerd worden op cloudarchitectuur?
Deze leden benadrukken het belang van kennisdeling en open standaarden. Hoe meer AI-modellen worden ontwikkeld op een open en transparante manier, hoe meer innovatie er wordt aangewakkerd en hoe breder de diensten kunnen worden afgenomen. Dit vraagt om een houding van gezamenlijke innovatie in plaats van concurrentie. Wat is hierin de rol van de EDIH’s? Vervullen de EDIH’s die rol? Welke stappen kan de minister zetten om kennis en innovatie binnen de EDIH’s openbaar te maken? Is vrijblijvendheid genoeg om de kennisdeling te stimuleren?
Tot slot vragen zij naar de ambitie van de minister om een AI-gigafabriek te vestigen. Hierover loopt nu besluitvorming in Europees verband. Zijn er nationale consortia bezig met een aanvraag om een AI-gigafabriek in Nederland te vestigen? Ondersteunt de minister deze consortia proactief en zo ja, op welke manier? Welke rol ziet de minister voor Nederland in het bredere Europese digitale ecosysteem, en wat doet hij om volop in te spelen op de kracht, kennis en kunde van Nederland en haar bedrijfsleven?
Vragen en opmerkingen van de leden van de CDA-fractie
De leden van de CDA-fractie hebben kennisgenomen van het Fiche en danken het kabinet hiervoor. Deze leden maken graag van de gelegenheid gebruik om enkele vragen te stellen aan het kabinet hierover.
Zij hebben kennisgenomen van de opzet van de Apply AI-strategie, waarin sectorale vlaggenschipinitiatieven worden gecombineerd met sectoroverstijgende maatregelen en een centrale governance, waaronder de Apply AI Alliance en een AI-observatorium. Kan het kabinet toelichten hoe wordt geborgd dat de betrokkenheid van stakeholders, waaronder mkb, uitvoeringsorganisaties en maatschappelijke partijen – daadwerkelijk leidt tot bijsturing van de strategie in de praktijk, en op welke wijze de Kamer wordt geïnformeerd over de voortgang, evaluaties en eventuele aanpassingen van de strategie in de periode tot 2027?
De leden van de CDA-fractie hebben kennisgenomen van het Nederlandse AI-beleid, waarin wordt ingezet op het verzilveren van maatschappelijke en economische kansen van AI, met gelijktijdige borging van publieke belangen en waarden, onder meer via programma’s als AiNed, AIC4NL en de Europese Digitale Innovatie Hubs (EDIH’s). Deze leden constateren dat de Europese Apply AI-strategie lidstaten oproept hun nationale inzet hierop te laten aansluiten. Kan het kabinet toelichten hoe zij de samenhang borgt tussen het bestaande nationale AI-instrumentarium en de Europese Apply AI-strategie, en op welke wijze wordt voorkomen dat initiatieven langs elkaar heen lopen of leiden tot versnippering, met name voor mkb en publieke uitvoeringsorganisaties? Zo hebben deze leden onlangs op een bijeenkomst van Koninklijke Vereniging Staatshuishoudkunde (KVS) vernomen dat versnippering in de handhaving een potentieel probleem is. En tijdens de interparlementaire conferentie over AI in Brussel, waar een van de leden van de CDA-fractie aanwezig was, werd ook gewaarschuwd voor fragmentatie en een gebrek aan harmonisatie van standaarden.
Het rapport Wennink prioriteert AI en digitalisering en heeft alleen al voor dit domein 12 investeringsfiches in kaart gebracht met een gecombineerde investering van 49 miljard (waarvan 89% privaat gefinancierd). Kan het kabinet alle 51 investeringsvoorstellen ‘mappen’ op de vlaggenschip initiatieven voor de 10 sectoren in de Apply AI-strategie? En daarbij met een hoog-over indicatie-ranking aangeven welke investeringsvoorstellen vanuit Wennink het best aansluiten bij de Apply AI strategie?
Deze leden hebben kennisgenomen van de positieve grondhouding van het kabinet ten aanzien van de Apply AI-strategie, maar ook van de gesignaleerde aandachtspunten rond de beperkte middelen, de noodzaak tot scherpere keuzes in AI-innovatie en de verdere uitwerking van sectorale en sectoroverstijgende maatregelen, waaronder het Frontier AI-initiatief en de inzet van EDIH’s. Kan het kabinet aangeven op welke concrete punten zij in Europees verband zal inzetten op prioritering en aanscherping van de strategie, met name waar het gaat om keuzes voor strategische AI-niches, de effectiviteit van het Frontier AI-initiatief en het voorkomen van overlap met bestaande sectorale initiatieven, zodat de ambities daadwerkelijk worden omgezet in meetbare en uitvoerbare resultaten? Onlangs lazen de leden van de CDA-fractie ook een artikel1 in Volkskrant over dat een groot deel van de AI-innovaties in de zorg nog niet echt tot echte verbeteringen leidt. Hoe gaat het kabinet borgen dat innovaties ook maatschappelijk nut hebben en betekenisvol zijn voor medewerkers (en in dit geval patiënten)? Kan ook kritische reflectie of zelfs stopzetting van subsidies onderdeel zijn van het investeringspakket (want we gaan leren, ontdekken en fouten maken), zodat er open en eerlijk vanuit vertrouwen echte partnerships ontstaan in de ontwikkeling van AI?
De leden van de CDA-fractie zien in dit voorstel nog geen toelichting op de inzet in relatie tot de milieu- en energie-impact van AI. Datacenters verbruiken veel stroom. Is het kabinet bereid in de Raad aandacht te vragen voor duurzaamheidscriteria of randvoorwaarden bij door de EU ondersteunde AI-toepassingen?
Deze leden hebben kennisgenomen van de positieve beoordeling van het kabinet ten aanzien van de bevoegdheidsgrondslag van de Apply AI-strategie, waarbij sprake is van gedeelde, parallelle en aanvullende EU-bevoegdheden op onder meer het terrein van interne markt, onderzoek, industriebeleid en onderwijs. Kan het kabinet toelichten hoe zij er in de verdere uitwerking van de Apply AI-strategie op zal toezien dat de Europese inzet aanvullend blijft aan nationaal beleid en de verantwoordelijkheid van lidstaten, met name op het gebied van onderwijs en beroepsopleiding, wordt gerespecteerd, terwijl tegelijkertijd voldoende Europese coördinatie wordt geborgd om effectieve AI-adoptie te realiseren? Daarnaast zijn zij benieuwd hoe deze middelen besteed gaan worden. Is het mogelijk om als overheden ook op te treden als “launching customer”, wat de ontwikkeling en opschaling van Europese AI ten goede komt? Is er ook zicht op andere financiers en investeerders, in hoeverre zijn dat ook Europese partijen, of worden ook partijen van buiten Europa toegelaten? Zo ja, hoe wordt beoordeeld of dit ook wenselijk is? Zo lazen de leden van de CDA-fractie een opinieartikel2 in het Financieel Dagblad over strategische samenwerking met Japan. Tot slot, wie wordt eigenaar van de ontwikkelde AI? Komt dat dan in Europese handen, mede gelet op onze strategische autonomie?
De leden van de CDA-fractie hebben kennisgenomen van de positieve grondhouding van het kabinet ten aanzien van de proportionaliteit van de Apply AI-strategie, waarbij wordt gesteld dat de voorgestelde acties geschikt zijn om AI-adoptie te bevorderen en lidstaten ruimte behouden voor eigen beleid. Kan het kabinet nader toelichten hoe zij in de verdere uitwerking van de strategie zal bewaken dat deze proportionaliteit ook in de praktijk behouden blijft, met voldoende beleidsruimte voor lidstaten, terwijl tegelijk wordt voorkomen dat uiteenlopende nationale keuzes de effectiviteit en samenhang van de Europese AI-aanpak ondermijnen?
De leden van de CDA-fractie lezen dat dit huidige kabinet geen besluiten wil nemen over de financiële middelen op nationaal niveau en dit aan een volgend kabinet laten. Kan er worden toegezegd dat er alvast wel een aantal scenario’s of opties worden opgesteld, zodat het nieuwe kabinet hier voortvarend mee aan de slag kan? En wordt daarin ook meegenomen hoe kapitaal ontsloten kan worden via de financiële instellingen, de nationale investeringsbank en Europese kapitaalmarkt? En hoe kijkt het kabinet naar het idee om particulier kapitaal te mobiliseren voor investeringen via een ‘win-win-lening” waarbij met een belastingkorting in box 3 voor particulieren zij een lening aan het Nederlandse mkb (t.b.v. AI-adoptie/-innovatie) verstrekken?
Deze leden hebben kennisgenomen van de inschatting van het kabinet dat de Apply AI-strategie naar verwachting niet zal leiden tot extra regeldruk en dat de strategie juist beoogt AI-adoptie en -innovatie te stimuleren, de concurrentiekracht van de EU te versterken en de afhankelijkheid van niet-Europese partijen in de AI-waardeketen te verkleinen. Kan het kabinet toelichten hoe zij in de uitvoering zal monitoren dat de beoogde ondersteuning bij naleving van de AI-verordening daadwerkelijk leidt tot minder ervaren regeldruk voor bedrijven, met name voor het mkb, en hoe er wordt gemeten of de strategie in de praktijk bijdraagt aan versterking van de Europese concurrentiekracht en open strategische autonomie? En kan de Kamer periodiek geïnformeerd worden over eventuele dilemma’s die optreden in relatie tot onze regels ten aanzien van privacy- en data- bescherming (waarden die de leden van de CDA-fractie willen borgen en respecteren)? Want pilots en experimenten mogen geen sluiproute zijn om de weging van voor- en nadelen over te slaan, zo stellen deze leden.
Vragen en opmerkingen van de leden van de BBB-fractie
De leden van de BBB-fractie hebben de Apply AI-strategie gelezen en hebben enkele vragen. Deze leden lezen dat in de Apply AI-strategie de agrifoodsector wordt aangemerkt als één van de elf strategische sectoren. Kan het kabinet concreet maken wat de oprichting van het beoogde Agrifood AI Platform zal betekenen voor de dagelijkse praktijk van de boer op het erf? Hoe wordt geborgd dat dit platform niet leidt tot theoretische exercities, maar tot praktische toepassingen die de productiviteit en duurzaamheid in de landbouw direct ondersteunen?
Zij lezen verder dat de Europese Commissie circa €1 miljard uittrekt voor de gehele strategie over elf sectoren, terwijl externe experts (zoals Peter Wennink) en het kabinet zelf aangeven dat dit budget waarschijnlijk onvoldoende is voor brede AI-adoptie op de werkvloer. Deelt de minister de zorg van de leden van de BBB-fractie dat door de brede scope van de strategie de middelen voor het mkb in de agrifoodsector te veel versnipperd raken? Welk specifiek deel van dit budget is gereserveerd voor de praktische ondersteuning van agrarische ondernemers?
Deze leden lezen dat de Commissie een oproep doet aan bedrijven om hun AI-modellen vrijwillig te delen met het EDIH-netwerk. Acht het kabinet het realistisch dat (grote) commerciële partijen hun modellen zomaar zullen delen met het mkb? Welke garanties zijn er voor de intellectuele eigendomsrechten van ondernemers die deelnemen aan dergelijke samenwerkingen binnen de Apply AI Alliantie?
Zij lezen dat het kabinet waarschuwt dat de strategie weinig concreet is over hoe daadwerkelijke implementatie op de werkvloer plaatsvindt en dat het risico bestaat op nieuwe pilots zonder blijvende impact. Hoe gaat de minister in de Raad afdwingen dat er harde prestatie-indicatoren (KPI’s) komen die gericht zijn op daadwerkelijke tijdsbesparing en kwaliteitsverbetering voor ondernemers in plaats van het enkel subsidiëren van testprojecten?
De leden van de BBB-fractie lezen dat de strategie over een 'Europese voorkeur' spreekt om afhankelijkheden te verkleinen, maar blijft vaag over de uitvoering. Kan het kabinet garanderen dat deze inzet niet leidt tot marktverstoring of dat Nederlandse boeren en tuinders gedwongen worden om duurdere of minder efficiënte Europese software te gebruiken terwijl er betere mondiale alternatieven beschikbaar zijn?
Deze leden lezen tevens dat voor de publieke sector een 'AI-toolbox' wordt aangekondigd. Hoe gaat het kabinet ervoor zorgen dat met name kleine plattelandsgemeenten, die vaak minder expertise in huis hebben, direct toegang krijgen tot deze instrumenten voor bijvoorbeeld inkoop en administratieve lastenverlichting, zonder dat zij hiervoor zelf het wiel opnieuw hoeven uit te vinden?
II Antwoord /reactie van de bewindspersoon
De Volkskrant (16 december 2025), ‘Voor welk probleem is dit de oplossing? – 98 procent van AI-toepassingen in de zorg is best tof maar heeft weinig nut’, geraadpleegd via: https://www.volkskrant.nl/wetenschap/voor-welk-probleem-is-dit-de-oplossing-98-procent-van-ai-toepassingen-in-de-zorg-is-best-tof-maar-heeft-weinig nut~b111e4a2/?referrer=https%3A%2F%2Fwww.google.com%2F.↩︎
Financieel Dagblad (21 december 2025): ‘Digitaal hebben Japan en Europa veel aan elkaar’, geraadpleegd via: https://fd.nl/opinie/1580755/digitaal-hebben-japan-en-europa-veel-aan-elkaar.↩︎