[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn] [open vragen]
[toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is dit?]

Antwoord op vraag van het lid Goudzwaard, gesteld tijdens het commissiedebat over duurzaam vervoer over bestelauto's tot 3500 kg

Mobiliteitsbeleid

Brief regering

Nummer: 2026D02116, datum: 2026-01-20, bijgewerkt: 2026-01-22 16:40, versie: 2 (versie 1)

Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.

Gerelateerde personen: Bijlagen:

Onderdeel van kamerstukdossier 31305 -530 Mobiliteitsbeleid.

Onderdeel van zaak 2026Z00880:

Onderdeel van activiteiten:

Preview document (🔗 origineel)


31305 Mobiliteitsbeleid

Nr. 530 Brief van de minister van Infrastructuur en Waterstaat

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 20 januari 2026

Tijdens het commissiedebat duurzaam vervoer op 14 januari 2026 heeft de Staatssecretaris van IenW toegezegd dat de Kamer tijdens of voor aanvang van de begrotingsbehandeling van IenW een reactie ontvangt op het signaal van lid Goudzwaard (JA21) over bestelauto's tot 3.500 kg. In deze brief reageer ik op dit signaal.

Lid Goudzwaard heeft gevraagd of het kabinet kan bevestigen dat de Wet vrachtwagenheffing niet expliciet voorschrijft dat legaal tot onder de 3.500 kg teruggekeurde bestelauto’s alsnog als vrachtwagen worden behandeld. Bij het terugkeuren van een vrachtwagen wordt de toegestane maximummassa verlaagd tot 3.500 kg (of lager). Dat maakt het onder meer mogelijk dat een chauffeur met rijbewijs B in dit voertuig mag rijden. Bij terugkeuren blijft de technische maximummassa en de Europese voertuigcategorie ongewijzigd (het blijft een N2-voertuig).

De Wet vrachtwagenheffing is geharmoniseerd met de Europese voertuigindeling. Dit betekent dat de vrachtwagenheffing vanaf 1 juli 2026 gaat gelden voor binnen- en buitenlandse vrachtwagens in de categorie N2 en N3. Ze hebben een technische maximummassa van meer dan 3.500 kg. Vrachtwagens in de categorie N2 die zijn teruggekeurd tot een toegestane maximummassa van maximaal 3.500 kg vallen ook onder de vrachtwagenheffing. Dit volgt expliciet uit de Wet vrachtwagenheffing. RDW heeft alle eigenaren van N2- en N3-voertuigen, inclusief eigenaren van teruggekeurde N2-voertuigen, per brief geïnformeerd dat hun voertuigen vanaf 1 juli 2026 onder de vrachtwagenheffing vallen. Ook in veel andere EU-landen, zoals Duitsland en Oostenrijk, geldt de vrachtwagenheffing voor alle voertuigen met een technische maximummassa van meer dan 3.500 kg.

Ook heeft lid Goudzwaard gevraagd of het kabinet het proportioneel acht dat exact dezelfde bestelauto bij hetzelfde gebruik wordt geconfronteerd met een lastenstijging van 400%. Per 1 juli 2026 start de vrachtwagenheffing. Dit brengt een verandering met zich mee voor alle N2- en N3-voertuigen, die vanaf dat moment gaan betalen per gereden kilometer. In hoeverre een gebruiker wordt geconfronteerd met een lastenstijging hangt af van de milieukenmerken van het voertuig en het aantal kilometers dat gereden wordt over het heffingsnetwerk van de vrachtwagenheffing.

In de huidige situatie moet voor vrachtwagens motorrijtuigenbelasting (mrb) betaald worden. Voor vrachtwagens die zijn teruggekeurd tot 3.500 kg bedraagt dit € 269 per 3 maanden (tarief 2026, zonder fijnstoftoeslag). Na de start van de vrachtwagenheffing, verdwijnt de motorrijtuigenbelasting voor vrachtwagens tot 12.000 kg. Ook voor een eigenaar van een teruggekeurde vrachtwagen betekent dit dat vanaf het eerste volledige tijdvak na 1 juli 2026 niet langer motorrijtuigenbelasting is verschuldigd (er geldt een nihiltarief). In plaats daarvan gaat de eigenaar een bedrag per gereden kilometer betalen op alle snelwegen en op sommige provinciale en gemeentelijke wegen. De vrachtwagenheffing bedraagt in de laagste gewichtsklasse € 0,113 per kilometer voor een gangbare euro-6 diesel vrachtwagen (prijspeil 2026). Overigens worden emissievrije vrachtwagens tot 4.250 kg volledig vrijgesteld van de vrachtwagenheffing.

De minister van Infrastructuur en Waterstaat,

R. Tieman