Geannoteerde Agenda Raad Buitenlandse Zaken Defensie, Bijeenkomst NAVO-ministers van Defensie en Ukraine Defence Contact Group van 11 en 12 februari 2026
Defensieraad
Brief regering
Nummer: 2026D04335, datum: 2026-01-29, bijgewerkt: 2026-01-30 09:51, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: R.P. Brekelmans, minister van Defensie (VVD)
Onderdeel van kamerstukdossier 21501 28-296 Defensieraad.
Onderdeel van zaak 2026Z01888:
- Indiener: R.P. Brekelmans, minister van Defensie
- Volgcommissie: vaste commissie voor Buitenlandse Zaken
- Volgcommissie: vaste commissie voor Europese Zaken
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Defensie
- 2026-02-03 17:00: Raad Buitenlandse Zaken Defensie en NAVO Defensie ministeriële van 11 en 12 februari (Commissiedebat), vaste commissie voor Defensie
Preview document (🔗 origineel)
| > Retouradres Postbus 20701 2500 ES Den Haag | |
|---|---|
de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Bezuidenhoutseweg 67 2594 AC Den Haag |
|
| Datum | 29 Januari 2026 |
| Betreft | Geannoteerde Agenda Raad Buitenlandse Zaken Defensie, Bijeenkomst NAVO-ministers van Defensie en Ukraine Defence Contact Group van 11 en 12 februari 2026 |
Ministerie van Defensie
Plein 4
MPC 58 B
Postbus 20701
2500 ES Den Haag
www.defensie.nl
Onze referentie
MINDEF20260004982
Bij beantwoording, datum, onze referentie en onderwerp vermelden.
Geachte voorzitter,
Hierbij ontvangt u de geannoteerde agenda’s voor de Raad Buitenlandse Zaken Defensie (RBZ) met ministers van Defensie van 11 februari, de bijeenkomst van NAVO-ministers van Defensie (DMM) en de Ukraine Defence Contact Group (UDCG) van 12 februari 2026.
De exacte agenda’s voor deze bijeenkomsten zijn op het moment van schrijven nog niet bekend. Naar verwachting zullen de ministers naast steun aan Oekraïne tijdens de RBZ Defensie ook spreken over Defensiegereedheid en tijdens de DMM over NAVO’s afschrikking en verdediging en over lastenverdeling.
Steun aan Oekraïne
Al bijna vier jaar lang verdedigt Oekraïne zichzelf dag in dag uit tegen de Russische agressieoorlog. Tijdens zowel de RBZ Defensie, DMM als de UDCG zullen ministers stilstaan bij de recente ontwikkelingen, de lopende inspanningen om te komen tot een duurzame vrede, evenals het belang en de voortzetting van steun aan Oekraïne.
Naar verwachting zal de RBZ Defensie hierbij in het bijzonder spreken over urgente financiële en militaire steun voor Oekraïne, waaronder de lopende onderhandelingen over de EU-lening voor steun aan Oekraïne. Het kabinet onderstreept het belang van snelle besluitvorming gezien de urgente noden van Oekraïne. Hierbij is van belang dat de constructie juridisch, technisch en financieel klopt, de steun aansluit op de behoeftes van Oekraïne, de lasten en risico door EU-lidstaten gezamenlijk worden gedragen, G7-partners betrokken zijn, en dat de gekozen constructie voortbouwt op de ervaring met conditionaliteiten bij de EU Oekraïnefaciliteit en het IMF-programma. Tegelijkertijd zal Nederland onderstrepen dat substantiële bilaterale steun, naast de EU-lening, moet worden voortgezet. Juist ook in de fase waarin er onderhandelingen plaatsvinden, is het essentieel om Oekraïne zowel via de EU als op bilaterale wijze diplomatiek, financieel en militair te blijven steunen en de druk op Rusland verder te blijven verhogen door spoedige aanname van extra sanctiemaatregelen. Via de motie Klaver1 heeft uw Kamer reeds opgeroepen €2 miljard additioneel ter beschikking te stellen voor steun aan Oekraïne. Hiervan is in 2025 reeds €700 miljoen gerealiseerd.
Tijdens de DMM zal Nederland benadrukken dat Nederland de militaire steun aan Oekraïne onverminderd voortzet, bijvoorbeeld via NAVO-initiatieven zoals de Prioritised Ukraine Requirements List (PURL). Via dit initiatief krijgt Oekraïne acuut benodigd Amerikaans materieel, onder andere raketten voor luchtverdediging. Afgelopen jaar heeft Nederland hier €750 miljoen aan toegezegd. Conform de motie-Van Campen2 zal Nederland andere bondgenoten ook tijdens deze DMM oproepen om financieel bij te dragen aan het PURL-initiatief.
Tevens is de Nederlandse bijdrage aan het Multinational Multi Role Tanker Transport Unit (MRTT) voor de NATO Security Assistance and Training for Ukraine (NSATU) onlangs verlengd tot en met 31 december 2026. Dit betekent een bijdrage in vlieguren en 24/7 openstelling van vliegbasis Eindhoven.
Ten slotte zullen de landen in de UDCG stilstaan bij urgente Oekraïense militaire noden en vooruitblikken naar de voortzetting van bilaterale militaire steun in 2026. In 2025 heeft Nederland meer dan €5 miljard aan militaire steun gerealiseerd. Gelet op de Europese en Nederlandse veiligheidsbelangen, zal Nederland de militaire steun ook in 2026 voortzetten. Tijdens de UDCG zal Nederland in het bijzonder aandacht vragen voor het belang van gelijke lastenverdeling voor een duurzame voortzetting van militaire steun.
Geannoteerde agenda RBZ Defensie
Defensiegereedheid
In het kader van defensiegereedheid zal de publicatie van het Militaire Mobiliteitspakket door de Europese Commissie op 19 november jl. waarschijnlijk aan de orde komen. Dit pakket bestaat uit een gezamenlijke mededeling van de Commissie en de Hoge Vertegenwoordiger (HV) en een voorgestelde verordening. Gegeven de urgentie is het doel van het pakket is om via nieuwe en aangepaste wetgeving voor eind 2027 een EU-breed Militair Mobiliteitsgebied op te zetten. Hiermee werken de lidstaten toe naar een Militair Schengen. De Raadsonderhandelingen over dit pakket zijn recentelijk opgestart. Op korte termijn zal het kabinet uw Kamer door middel van een BNC-fiche informeren over de positie van Nederland ten aanzien van het Militaire Mobiliteitspakket.
Ook zal de RBZ gaan over de voortgang op de negen Priority Capability Areas (PCA’s). Nederland heeft, samen met Letland, Kroatië en Spanje de coördinerende rol op zich genomen voor de PCA drones en counter-drone systemen. Op 15 januari jl. heeft een tweede internationale bijeenkomst plaatsgevonden voor deze PCA. Hier is gesproken over de strategische richting van werkzaamheden binnen de PCA en over concrete activiteiten waar deelnemende landen in geïnteresseerd zijn. Daarnaast speelt Nederland een coördinerende rol binnen de PCA militaire mobiliteit, in samenwerking met Duitsland en België. De lead nations voor deze PCA zijn op verschillende niveaus in gesprek om de juiste invulling voor deze PCA te vinden, die goed aansluit op de Raadsonderhandelingen over het voornoemde Militaire Mobiliteitspakket.
Voor de defensiegereedheid van de EU is het van belang dat op alle vastgestelde PCA’s spoedig actie wordt ondernomen. Nederland zal daarom ook lead nations van andere PCA’s aansporen om (verdere) actie te ondernemen.
Tevens beginnen op 29 januari aanstaande de triloog-onderhandelingen over de EU’s Defence Readiness Omnibus. De Europese Raad, het Europees Parlement en de Europese Commissie gaan dan met elkaar in gesprek over dit pakket aan maatregelen. De kabinetsinzet ten opzichte van dit voorstel is reeds middels het BNC-fiche met u gedeeld.3
Geannoteerde agenda DMM
Arctisch Gebied
De veiligheid in het Arctisch gebied is van strategisch belang voor de NAVO. De veiligheidsvraagstukken met betrekking tot het Arctisch gebied en de rol van de NAVO daarin kunnen tijdens de DMM worden besproken.
NAVO-bondgenoten zetten in op een grotere militaire presentie in het Arctisch gebied. Nederland kijkt welwillend naar eventuele verzoeken vanuit de NAVO om capaciteiten hier aan te leveren.
Afschrikking en verdediging
Tijdens de DMM in februari zullen de ministers spreken over de versterking van NAVO’s afschrikking en verdediging; onder andere over Integrated Air and Missile Defence (IAMD). Tijdens de DMM zullen de bondgenoten verdere stappen zetten in de voorbereiding van nieuwe militaire plannen van de NAVO voor IAMD, ter besluitvorming voorzien tijdens de NAVO-top in Ankara in juli 2026.
Het mandaat van de Nederlandse inzet van MQ-9’s vanuit Roemenië en vliegbasis Leeuwarden loopt op 31 maart 2026 af. Deze inzet ondersteunt de NAVO’s inlichtingenbehoefte middels het verzamelen van informatie aan de grens van het NAVO-verdragsgebied. Nederland kijkt welwillend naar een mogelijke verlenging van de inzet. Het planningsproces hiervoor is momenteel gaande.
Lastenverdeling
Afgelopen december heeft Defensie zoals gebruikelijk een update aan de NAVO gegeven over de Nederlandse gerealiseerde en voorziene defensie-uitgaven, voortgang in capaciteitsontwikkeling en deelname aan missies & operaties via het Annual Strategic Level Report. De volledige update vindt u in de vertrouwelijke bijlage.
Bondgenoten zullen tijdens de DMM spreken over de voortgang van de tijdens de top in Den Haag gemaakte afspraak ter verhoging van de defensie-uitgaven naar 5% van het bbp in 2035, waarvan 3,5% voor harde defensie-uitgaven en invulling van de NAVO’s capaciteitsdoelstellingen en 1,5% voor bredere defensie- en veiligheidsgerelateerde uitgaven. Defensie heeft gerapporteerd in 2025 te verwachten €21,4 miljard exclusief militaire steun aan Oekraïne uit te geven en €27 miljard inclusief deze steun. Naar de Nederlandse berekeningswijze komt dit neer op defensie-uitgaven van respectievelijk 1,8% en 2,28% van het bbp. Deze cijfers sluiten nauw aan bij de eerder gecommuniceerde verwachtingen over 2025 van 1,79% exclusief en 2,19% inclusief militaire steun aan Oekraïne.4 De NAVO rekent deze cijfers zelf om naar percentages van het bbp. De uitkomst hiervan wordt verwacht in het Secretary General’s Annual Report, dat naar verwachting uiterlijk april dit jaar gepubliceerd wordt. De uitkomst van de NAVO’s berekening zal waarschijnlijk verschillen van de nationale uitkomst. De oorzaak van deze verschillen, zoals eerder aan uw Kamer gemeld, ligt in de NAVO’s gebruik van specifieke prijspeilen, verschillende deflatoren en bbp-cijfers van de OESO in plaats van de CPB.5 Dit is noodzakelijk om vergelijkingen tussen bondgenoten mogelijk te maken.
De aan de NAVO gerapporteerde cijfers zijn gebaseerd op de stand van de 2e suppletoire begroting 2025 en berusten dus nog deels op prognose. De uiteindelijke realisatie van Defensie over 2025 ontvangt u volgens de gebruikelijke procedures via de Slotwet.
Inzetten Kenia en Oeganda
Tevens maak ik, ook namens de Minister van Buitenlandse Zaken, van de gelegenheid gebruik om uw Kamer te informeren over het besluit twee kleinschalige personele bijdragen te leveren aan Operation SETWISE (SETWISE) in Kenia. Operation SETWISE is een vijf jaar durende militaire assistentie-missie van het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten voor capaciteitsopbouw van Keniaanse mariniers. Nederland zal in de periode 2026-2027 tweemaal per jaar een personele bijdrage leveren aan trainingen van circa 16 weken per keer. Ook zal Defensie bijdragen aan Open Source Peacekeeping Intelligence (OPKI) training van de VN in Oeganda. Deze trainingen dragen bij aan military peacekeeping intelligence capaciteiten van VN-vredesmissies. Nederland zal in de periode 2026-2028 tweemaal per jaar instructiecapaciteit leveren aan de VN in Entebbe, Oeganda. Door middel van deze trainingen kan met beperkte capaciteit een positieve bijdrage geleverd worden aan de Nederlandse relatie met zowel Kenia, een voor Nederland belangrijke veiligheidsactor in Oost-Afrika, als ook met de VN. Beide inzetten worden gedekt uit het Budget Internationale Veiligheid. De totale kosten voor de inzet SETWISE zijn geraamd op €345.000, de totale kosten voor de OPKI-trainingen zijn geraamd op €200.000.
Hoogachtend,
DE MINISTER VAN DEFENSIE
Ruben Brekelmans