Kennisgeving artikel 100-inzet Zr.Ms. Evertsen in de Middellandse Zee
Nederlandse deelname aan vredesmissies
Brief regering
Nummer: 2026D09708, datum: 2026-03-04, bijgewerkt: 2026-03-04 14:22, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: T.B.W. Berendsen, minister van Buitenlandse Zaken
- Mede ondertekenaar: D. Yesilgöz-Zegerius, minister van Defensie (Ooit VVD kamerlid)
Onderdeel van kamerstukdossier 29521 -506 Nederlandse deelname aan vredesmissies.
Onderdeel van zaak 2026Z04216:
- Indiener: T.B.W. Berendsen, minister van Buitenlandse Zaken
- Medeindiener: D. Yesilgöz-Zegerius, minister van Defensie
- Volgcommissie: vaste commissie voor Defensie
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Buitenlandse Zaken
- Stemmingen en besluiten:
- 2026-03-05 14:30 ⇒ De commissie besluit dat, mocht het kabinet een artikel 100-brief aan de Kamer sturen over de inzet van de Zr. Ms. Evertsen in de Middellandse Zee, de behandeling daarvan op korte termijn zal worden vormgegeven op de gebruikelijke wijze: 1) een technische briefing, 2) een feitelijke vragenronde, 3) een commissiedebat met plenaire afronding. (Besluit)
- 2026-03-05 14:23 ⇒ Rondgezonden en gepubliceerd. (Besluit)
- 2026-03-05 14:23: Regeling van werkzaamheden (Regeling van werkzaamheden), TK
- 2026-03-05 14:30: Procedurevergadering (Procedurevergadering), vaste commissie voor Buitenlandse Zaken
Preview document (🔗 origineel)
Geachte voorzitter,
Op 3 maart jl. heeft Frankrijk Nederland verzocht om het Franse vliegdekschip Charles de Gaulle in het reeds varende carrier strike group (CSG) verband te ondersteunen in het oosten van de Middellandse Zee. Concreet betreft dit verzoek de defensieve inzet van het luchtverdedigings- en commandofregat Zr.Ms Evertsen dat momenteel reeds in het verband actief is. Zr.Ms. Evertsen voer tot voor kort met het CSG-verband in de Baltische zee ten behoeve van gereedstellingsactiviteiten.
In overeenstemming met het Toetsingskader 2014, informeert het kabinet uw Kamer hierbij dat het de wenselijkheid en mogelijkheid van deze inzet onderzoekt. Zodra daartoe aanleiding is zal het kabinet uw Kamer nader informeren.
| De minister van Buitenlandse Zaken, T.B.W. Berendsen |
De minister van Defensie, Dilan Yeşilgöz-Zegerius |
|---|