[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn] [open vragen]
[toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is dit?]

Opname COA-doelgroep in het Centrum voor Transculturele Psychiatrie Veldzicht

Brief regering

Nummer: 2026D13057, datum: 2026-03-20, bijgewerkt: 2026-03-20 17:12, versie: 1

Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.

Gerelateerde personen: Bijlagen:

Onderdeel van zaak 2026Z05733:

Preview document (🔗 origineel)


Middels deze brief informeren wij uw Kamer over de actuele stand van zaken omtrent de samenwerking tussen het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) en het Centrum voor Transculturele Psychiatrie Veldzicht (hierna Veldzicht) over het opnemen van COA-bewoners. Sinds 2014 behandelt Veldzicht tbs patiënten, vreemdelingen met een tbs-maatregel, vreemdelingen in de strafrechtketen (VRIS), bestuursrechtelijke vreemdelingen en daarnaast ook COA-bewoners en ongedocumenteerde vreemdelingen die (acute) psychiatrische zorg nodig hebben. Voor deze laatste twee doelgroepen geldt dat zij op basis van samenwerkingsafspraken in Veldzicht geplaatst kunnen worden. Deze afspraken zijn vastgelegd in een convenant tussen DJI, COA en andere belanghebbende partijen. Het convenant werd in 2017 afgesloten voor de duur van 5 jaar en is nadien enkele malen verlengd met een kortere geldigheidsduur. Het voorgaande convenant liep tot 1 december 2024 en is na afloop herzien voor de COA-doelgroep middels een overgangsperiode tot 1 april 2026. Deze overgangsperiode voor het vinden van alternatieve zorg voor COA-bewoners komt bijna ten einde. Hierbij wordt u geïnformeerd over de eerste stap in afbouw van de COA-doelgroep in Veldzicht zodat tbs-plekken gerealiseerd kunnen worden en COA-bewoners passerende zorg ontvangen. Hier is het afgelopen jaar hard aan gewerkt door de betrokken ketenpartners. Ook wordt u geïnformeerd over het verlengen van de overgangsperiode tot 1 januari 2027.

Op 19 december 2024 heeft uw Kamer de moties van het lid Lahlah en de leden Podt en Lahlah inzake Veldzicht aangenomen.1 De eerste motie verzoekt de regering een overgangsperiode van een jaar te hanteren waarin de ggz-sector, gemeenten en financiers in samenspraak met de ministeries van JenV, AenM en VWS een plan kunnen opstellen om de nodige kennis en expertise over deze doelgroep voldoende over te kunnen dragen. De tweede motie verzoekt de regering de overgangsperiode voor het plaatsen van COA-bewoners met een lagere beveiligingsbehoefte dan niveau 3, of geen beveiligingsbehoefte, bij reguliere zorgaanbieders pas te beëindigen en de noodbedden in Veldzicht pas af te bouwen nadat er met de sector een volwaardig alternatief is gerealiseerd. Op 19 maart 2025 is uw Kamer geïnformeerd over de wijze waarop uitvoering wordt gegeven aan de moties.2

Op 19 december jongstleden is uw Kamer geïnformeerd over Veldzicht en de laatste ontwikkelingen per 1 december 2025.3 Aanleiding hiervoor was dat per 1 december vanwege personeel verloop het besluit moest worden genomen om tijdelijk capaciteit af te bouwen. Door dit besluit bleef het mogelijk om de continuïteit en kwaliteit van zorg te waarborgen. Dit heeft tot gevolg gehad dat er per 1 december 2025 12 bedden minder beschikbaar zijn. Zoals aangekondigd zijn de effecten van deze ontwikkeling gemonitord, met de betrokken ketenpartners besproken en geëvalueerd.

Dankzij de inzet en constructieve samenwerking tussen de ketenpartners is deze afbouw zorgvuldig verlopen. Uit de evaluatie blijkt dat de afbouw van de twaalf bedden op verantwoorde wijze is uitgevoerd en niet tot onoverkomelijke knelpunten heeft geleid. Zo lag de bezetting rond het aantal beschikbare bedden. Bovendien is het relevant dat de instroom van Wet verplichte ggz-aanmeldingen van COA-patiënten en plaatsingen bij Veldzicht sinds het begin van de overgangsperiode op 1 april 2025 al structureel lager ligt. Uit de evaluatie komt het beeld naar voren dat de daling van de instroom het effect is van de consultatiefunctie die Veldzicht vervult voor de regio’s. In de aanloop naar een (volledige) aanmelding vindt altijd overleg plaats waarin met de aanmeldende partij wordt besproken of plaatsing in Veldzicht noodzakelijk is of dat er andere, mogelijkheden voor opname in de regio zijn. Dit overleg heeft altijd al plaatsgevonden, maar wordt intensiever gevoerd vanaf 1 april 2025. Sinds de overgangsperiode zetten ggz-aanbieders zich daarbij sterker in om cliënten, waar mogelijk, binnen de ggz in zorg te nemen. Daarmee spant de sector zich in om tijdig zorg te bieden en onnodige opschaling naar zwaardere zorgvormen te voorkomen.

Gelet op het beoogde doel om bedden voor vreemdelingen op verantwoorde wijze om te zetten naar tbs‑plekken kiezen wij ervoor de twaalf afgebouwde bedden niet opnieuw in te zetten voor deze doelgroep. Wij vinden dit verantwoord gelet op de evaluatie, de zichtbare afname van het aantal bezette bedden gedurende de overgangsperiode en de gesprekken die momenteel lopen over alternatief zorgaanbod. Met deze maatregel voorzien wij in een eerste stap van de afgesproken afbouw. Daarbij blijft het belangrijk dat de continuering van zorg voor de COA-bewoners ook na 1 april gewaarborgd blijft. Daarom blijven we conform de uitvoering van de moties monitoren of COA-bewoners die beveiligde psychiatrische zorg nodig hebben een passende plek krijgen. Hierover houden de ketenpartners en de departementen gezamenlijk een vinger aan de pols. De betrokken partijen blijven zich ervoor inzetten om de beschikbare bedden in Veldzicht te benutten voor COA-patiënten waarvoor opschaling naar Veldzicht noodzakelijk is. Bij aanmeldingen waarbij opname in Veldzicht noodzakelijk is, stelt Veldzicht zich flexibel op om binnen de mogelijkheden van hun kunnen opname mogelijk te maken. Daarnaast blijft Veldzicht zijn expertisefunctie vervullen om ggz-aanbieders inhoudelijke ondersteuning te bieden waar nodig.

Het afgelopen jaar is hard gewerkt door de betrokken ketenpartners om concrete stappen te zetten in het afbouwen van de COA-doelgroep in Veldzicht. Met het afbouwen van deze twaalf plekken zetten we nu een eerste stap in de afbouw zodat plaatsen gerealiseerd kunnen worden voor tbs-gestelden.

Zo wachten op dit moment circa 270 passanten in het gevangeniswezen op een plek in een kliniek. Daarbij geven we met deze stap het personeel van Veldzicht duidelijkheid over hun werkzaamheden. Deze duidelijkheid is belangrijk voor verder behoud van personeel. Bovendien past het nemen van deze stap bij de behandelinhoudelijke kritiek over het feit dat plaatsing in een hoog beveiligde behandelsetting disproportioneel is en een inperking inhoudt van vrijheden voor deze doelgroep. Eind 2023 gaf de geneesheer-directeur van Veldzicht al vanuit zijn bevoegdheden een aanwijzing aan de kliniek dat de COA-doelgroep niet langer geplaatst dient te worden. Recent heeft hij deze oproep nogmaals herhaald. Veldzicht verwacht de twaalf vrijgekomen plekken op korte termijn in te kunnen zetten voor tbs-gestelden. De kliniek treft hier aankomende tijd voorbereidingen voor.

Tegelijkertijd zien we dat volledige afbouw van de bedden voor de COA-doelgroep per 1 april 2026 niet haalbaar en realistisch is. De tijdige toegang tot specialistische en beveiligde GGZ plekken voor asielzoekers met psychiatrische problematiek is van groot belang. Dit geldt voor betrokkenen zelf maar ook voor andere bewoners op COA-locaties. Bijvoorbeeld in het kader van de leefbaarheid en veiligheid, inclusief de veiligheid van personeel. Er zijn voor asielzoekers met een psychiatrische zorg- en veiligheidsbehoefte momenteel beperkt passende opname- en behandelplekken beschikbaar in de ggz. Dit beeld past in een breder tekort aan beveiligde bedden en specialistische zorg. Daarnaast is meer tijd nodig om samenwerkingsafspraken te maken met andere zorgaanbieders en wordt gewerkt aan het verbeteren van door- en uitstroom uit Veldzicht. Wij hebben daarom besloten om de overgangsperiode van 1 april 2026 te verlengen tot 1 januari 2027. In die periode bouwen we de bedden in Veldzicht weloverwogen af om de tbs-capaciteit verder op te kunnen bouwen. Hierover houden we nauw contact en overleg met de betrokken ketenpartijen. Wanneer er relevante ontwikkelingen zijn informeren we uw Kamer hierover.

De Minister van Asiel en Migratie,




Bart van den Brink

De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid,




Claudia van Bruggen


  1. Kamerstuk 24587-1016 en Kamerstuk 24587-1013↩︎

  2. Kamerstuk 24587-1028↩︎

  3. Kamerstuk 19637-3501↩︎