Verslag van de Raad Algemene Zaken van 17 maart 2026
Bijlage
Nummer: 2026D13460, datum: 2026-03-24, bijgewerkt: 2026-03-24 11:51, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Bijlage bij: Verslag van de Raad Algemene Zaken van 17 maart 2026 (2026D13459)
Preview document (🔗 origineel)
VERSLAG RAAD ALGEMENE ZAKEN VAN 17 MAART 2026
Op 17 maart 2026 vond de Raad Algemene Zaken (RAZ) plaats in Brussel. De minister van Buitenlandse Zaken heeft deelgenomen aan deze Raad. Op de agenda stonden het Meerjarig Financieel Kader (MFK), de voorbereiding van de Europese Raad (ER) van 19 maart, de European Electoral act, en het Europees Semester 2026. Ook werd onder overige zaken gesproken over digital age verification en over nieuwe eigen middelen. Tevens wordt uw Kamer met dit verslag geïnformeerd over de informele bijeenkomsten die plaatsvonden met Oekraïne en Moldavië in het kader van hun EU-toetredingsproces, en over de Intergouvernementele Conferentie (IGC) met Montenegro. Tot slot bevat dit verslag een weergave van de uitvoering van enkele moties op het terrein van de rechtsstaat.
Meerjarig Financieel Kader
De Raad sprak in het kader van de onderhandelingen over het nieuwe Meerjarig Financieel Kader (2028-2034) over governance. Er is brede overeenstemming tussen de lidstaten dat de toename van flexibiliteit onder een nieuw MFK gepaard moet gaan met versterkte zeggenschap van de Raad en de lidstaten, zowel via strategische sturing van de Raad ex ante als door betrokkenheid van de lidstaten via comitologie. De Commissie waarschuwde voor een toename van administratieve lasten en vertraging door bovenmatige toepassing van comitologieprocedures. Ook het kabinet is van oordeel dat administratieve processen niet onnodig zwaar moeten worden. Naast governance benadrukte Nederland onder meer het belang van modernisering van het MFK, een realistisch EU-budget met behoud van het correctiemechanisme op de bni-afdracht en het belang van een sterke rechtsstaatconditionaliteit. Tijdens de Raad vond er een informele lunch plaatst met de twee MFK co-rapporteurs van het Europees Parlement en de Voorzitter van het Budgetcomité.
Voorbereiding Europese Raad, 19 maart
De Raad stond stil bij de nog altijd voortdurende Russische agressieoorlog in Oekraïne. Lidstaten onderstreepten het belang om de aandacht voor Oekraïne niet te laten verslappen. In dit licht riep een brede groep lidstaten, waaronder Nederland, op tot spoedig akkoord op de steunlening voor Oekraïne en aanname van het twintigste sanctiepakket om de druk op Rusland op te voeren. Daarnaast stond de Raad stil bij de situatie in het Midden-Oosten. Een brede groep lidstaten, waaronder Nederland, benadrukte het belang van een gecoördineerde EU-aanpak om te zorgen voor de-escalatie, het bevorderen van een diplomatieke oplossing en het zoveel mogelijk beperken van de gevolgen van het gewapend conflict voor de EU. Ook benadrukte Nederland dat de ontwikkelingen in het Midden-Oosten niet los van elkaar kunnen worden gezien. Het gewapend conflict tussen Israël, de Verenigde Staten en Iran zet de situatie in de Gazastrook, de Westelijke Jordaanoever en Libanon verder onder druk.
De Raad wisselde tevens van gedachten over concurrentievermogen en de interne markt, voortbouwend op de uitkomsten van de informele ER van 12 februari jl. Onderwerpen die in dit kader aan bod kwamen waren o.a. de versterking van de interne markt, inclusief de aangekondigde Roadmap, het verminderen van onnodige regeldruk, de inkadering van het Europees voorkeursprincipe als onderdeel van het Commissievoorstel voor een Industrial Accelerator Act1, Europees technologisch leiderschap, het verminderen van risicovolle afhankelijkheden en de verdieping van de kapitaalmarktunie. Ook stond de Raad stil bij de zorgen van lidstaten over de betaalbaarheid van energie. Enkele lidstaten bepleitten uitstel of afzwakking van bestaande klimaatregelgeving, waaronder het EU-emissiehandelssysteem (ETS), en stelden marktingrijpen in het ontwerp van de elektriciteitsmarkt voor als oplossingsrichting. Nederland heeft gewezen op het belang van het huidige energiemarktontwerp voor leveringszekerheid en betaalbaarheid. Daarnaast onderstreepte Nederland dat het ETS een kerninstrument is voor kostenefficiënte decarbonisatie.
De Raad stond tot slot kort stil bij de agendering van het Meerjarig Financieel Kader, Europese defensie en veiligheid, migratie, multilateralisme, democratische weerbaarheid en het beschermen van jongeren online tijdens de Europese Raad.
European Electoral act
De Raad ging zonder verdere discussie akkoord met het voorstel tot wijziging van de Kiesakte, op initiatief van het Europees Parlement. Daarin wordt geregeld dat stemoverdracht (proxy voting) mogelijk wordt voor leden van het Europees Parlement tijdens zwangerschap en na geboorte.
Wat het kabinet betreft, moet het voorstel voor stemoverdracht gezien worden als opmaat naar een tijdelijke vervangingsregeling en/of een uitbreiding voor vaderschapsverlof en ziekteverlof.2 Nu binnen de Raad en het Europees Parlement geen draagvlak lijkt te bestaan voor een dergelijke maatregel van tijdelijke vervanging, meent het kabinet dat het verantwoord is om te opteren voor het alternatief van stemoverdracht. In lijn met het kabinetsstandpunt, legde Nederland een verklaring af, waarin wordt aangegeven dat het voorstel voor stemoverdracht wat Nederland betreft gezien moet worden als opmaat naar een tijdelijke vervangingsregeling en/of een uitbreiding voor vaderschapsverlof en ziekteverlof, alsmede dat het beginsel van stemmen zonder last moet worden gewaarborgd.
Europees Semester 2026
Het Cypriotisch voorzitterschap introduceerde het zogenaamde Synthese rapport over het Europees Semester. In het document zijn de onderwerpen weergegeven waarover in verschillende Raadsformaties is gesproken in het kader van de eerste fase van het Europees Semester 2026. Verder werd een update gegeven ten aanzien van de tijdslijn van de 2026 cyclus van het Europees Semester. Ten slotte zijn de Eurozoneaanbevelingen doorgeleid naar de Europese Raad. Het lentepakket met o.a. de Commissievoorstellen voor landspecifieke aanbevelingen wordt begin juni verwacht.
Overige zaken
Digital age verification
Spanje vroeg aandacht voor het Europese pilot project voor een oplossing voor leeftijdsverificatie om minderjarigen online te beschermen en vroeg de Commissie om met vervolgstappen te komen.3
Nieuwe eigen middelen
Onder AOB benadrukte Frankrijk het belang van nieuwe eigen middelen voor de EU. Nieuwe eigen middelen zijn volgens Frankrijk noodzakelijk om de ambities van de EU te realiseren en de druk van EU-afdrachten op nationale begrotingen te verminderen. Frankrijk suggereert onder meer een digitale dienstenbelasting en vliegbelasting als nieuwe eigen middelen.
Informele bijeenkomsten met Oekraïne en Moldavië
Voorafgaand aan de RAZ is in twee afzonderlijke informele bijeenkomsten stilgestaan bij de EU toetredingstrajecten van Oekraïne en Moldavië. Volgens de Commissie kunnen met zowel Oekraïne als Moldavië alle onderhandelingsclusters worden geopend, te beginnen met cluster 1, wanneer het formele besluitvormingsproces aanvangt en Hongarije zijn blokkade op de opening van onderhandelingsclusters met Oekraïne opheft. Het kabinet onderschrijft dit oordeel en is voornemens in te stemmen met het openen van Cluster 1 wanneer het besluit hierover voorligt, de Raad concludeert dat aan de opening benchmarks is voldaan, en overeenstemming bereikt is over gepaste interim benchmarks. Nadat Cluster 1 geopend is, is het kabinet eveneens voornemens in te stemmen met het openen van de vijf andere onderhandelingsclusters, wederom wanneer deze besluiten formeel voorliggen en Nederlandse aandachtspunten in voldoende mate verankerd zijn.
Intergouvernementele conferentie (IGC) met
Montenegro
Na afloop van de Raad vond een IGC met Montenegro plaats, waarbij het
onderhandelingshoofdstuk over trans-Europese netwerken (hoofdstuk 21)
onder voorbehoud werd gesloten. Tijdens de bijeenkomst werd aandacht
besteed aan het belang van brede parlementaire steun in Montenegro voor
verdere hervormingen, en nadruk gelegd op de implementatie van reeds
aangenomen wetgeving en voortgang op het gebied van de rechtsstaat. In
een Benelux-interventie benadrukte Luxemburg dit eveneens, alsook het
belang van het versterken van administratieve en institutionele
capaciteit. Een aantal lidstaten verwees naar de oprichting van een Ad
Hoc Werkgroep voor een toetredingsverdrag met Montenegro, dat naar
verwachting onder het Cypriotisch voorzitterschap zal plaatsvinden.
EU-Zwitserland
Op 24 februari jl. stemde de Raad in met de ondertekening van het brede pakket van akkoorden tussen de EU en Zwitserland4. Vervolgens werd op 2 maart jl. het pakket ondertekend door de Zwitserse bondspresident Guy Parmelin en de voorzitter van de Europese Commissie Ursula von der Leyen. Het pakket zal naar verwachting deze zomer in het Europees Parlement voorliggen ter goedkeuring. Daarna zal een besluit tot sluiting aan de Raad voorgelegd worden. Ook aan Zwitserse zijde dient besluitvorming plaats te vinden. Pas na het doorlopen van deze stappen treedt het pakket van akkoorden in werking.
Moties
Op 4 maart jl. sprak de minister van Buitenlandse Zaken met Eurocommissaris McGrath voor Democratie, Justitie, Rechtsstaat en Consumentenbescherming over ontwikkelingen op het terrein van de rechtsstaat. Mede ter uitvoering van de motie van het lid Klaver c.s.5, riep de minister de Commissie in dit gesprek op om het financiële rechtsstaatinstrumentarium zo volledig mogelijk in te zetten tegen Hongarije vanwege de zorgen over de rechtsstaat. Ook sprak de minister, indachtig de motie van het lid Erkens c.s.6, zorgen uit over de aanvraag van Hongarije voor een lening onder het SAFE-instrument. Deze aanvraag ligt momenteel nog ter beoordeling bij de Commissie voor.
De Kamer wordt hier middels een BNC fiche over geïnformeerd.↩︎
Kamerstuk 36 104, nr. 10, beide Kamers hebben op 16 januari 2026 een kabinetsstandpunt over dit voorstel ontvangen↩︎
Kamerstuk 21 501-33 nr. 1149, Geannoteerde agenda informele Telecomraad van 9 en 10 oktober 2025↩︎
Kamerstuk 21 501-02 nr. 3344↩︎
Kamerstuk 36 715, nr. 6↩︎
Kamerstuk 21 501-20, nr. 2348↩︎