[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn] [open vragen]
[toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is dit?]

Aanpak E-fase Verwerving F-35

Programma doorontwikkeling F-35

Brief regering

Nummer: 2026D15437, datum: 2026-04-01, bijgewerkt: 2026-04-02 09:59, versie: 1

Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.

Gerelateerde personen: Bijlagen:

Onderdeel van kamerstukdossier 26488 -481 Programma doorontwikkeling F-35.

Onderdeel van zaak 2026Z06844:

Onderdeel van activiteiten:

Preview document (🔗 origineel)


> Retouradres Postbus 20701 2500 ES Den Haag

de Voorzitter van de Tweede Kamer

der Staten-Generaal

Bezuidenhoutseweg 67

2594 AC Den Haag

Datum 26 maart 2026
Betreft Aanpak E-fase Verwerving F-35

Ministerie van Defensie

Plein 4

MPC 58 B

Postbus 20701

2500 ES Den Haag

www.defensie.nl

Onze referentie

D2026-00707/MINDEF20260006012

Bij beantwoording, datum, onze referentie en onderwerp vermelden.

Geachte voorzitter,

In juni 2025 hebben de ministeries van Defensie en Economische Zaken en Klimaat (EZK) uw Kamer de 25ste en tevens laatste ‘Voortgangsrapportage Verwerving F-35’ (VF-35) gestuurd, met daarbij het verzoek om het project VF-35 niet meer aan te merken als Groot Project cf. de Regeling Grote Projecten (RGP) en te starten met de evaluatie (E-fase). In reactie daarop heeft uw Kamer verzocht om de evaluatie aan te vangen zoals bedoeld in artikel 15 van de RGP en ter voorbereiding een Plan van Aanpak te delen.1 Met deze brief willen wij uw Kamer informeren over de voorgenomen aanpak van de E-fase van het project VF-35.

Doelstelling

De evaluatie heeft als doel een antwoord te formuleren op deze centrale onderzoeksvraag:

‘In hoeverre is het project VF-35 in de periode 2000 tot en met 2024 doeltreffend en doelmatig gebleken en welke lessen kunnen worden getrokken voor toekomstige grote projecten?’.

Deze centrale onderzoeksvraag is uitgewerkt in sub-onderzoeksvragen, conform artikel 16 van de RGP. In de bijlage vindt u deze onderzoeksvragen. Er is ook een overkoepelende onderzoeksvraag geformuleerd die specifiek is gericht op de lessen die uit de evaluatieresultaten kunnen worden getrokken.

Met deze aanpak voorziet Defensie in de voorwaarden om te komen tot een grondige en transparante evaluatie van het project VF-35.

Reikwijdte en afbakening
De evaluatie bestrijkt de periode vanaf het basisdocument ter referentie voor de projectvoortgang uit 20002 tot en met het bereiken van de Full Operational Capability (FOC) van de F-35 op 26 september 2024 en de laatste voortgangsrapportage3 van 4 juni 2025. De evaluatie gaat over de 52 geleverde dan wel reeds bestelde F-35 toestellen.

De evaluatie betreft een projectevaluatie en is daarom uitsluitend gericht op het voorzien-in proces, met de aspecten product, tijd en geld in ogenschouw. Daarnaast wordt aandacht besteed aan industriële participatie, aangezien deze vanaf de start van het project onderdeel was van de businesscase.

De volgende onderwerpen vallen expliciet buiten de reikwijdte van de evaluatie:

  • Een gebruikersanalyse van de F-35;

  • Analyse van het politieke besluitvormingsproces;

  • Programma doorontwikkeling F-35;

  • Transitie van F-16 naar F-35;

  • Operationele testfase;

  • Overige projecten in relatie tot F-35 (waaronder innovatieve/onbemenste variant);

  • Flankerende beleidsmatige onderwerpen als exportvergunningen;

  • Aspecten die betrekking hebben op de onderlinge contractuele afspraken in de industriële keten en de realisatie van productie en kwaliteit bij de betrokken partijen.

Methodiek
Artikel 16 RGP vormt de leidraad voor een grondige en transparante evaluatie van het project VF-35. In dit artikel zijn de aanwijzingen opgenomen voor een eindevaluatie, zoals de doelstellingen, activiteiten, kosten en publiek-private samenwerkingsverbanden.

Om te borgen dat alle relevante onderdelen van artikel 16 van de RGP worden geadresseerd, wordt, zoals hierboven beschreven, gewerkt met onderzoeksvragen. De beantwoording van deze onderzoeksvragen zal gebeuren op basis van een analyse van schriftelijke documentatie, waaronder vijfentwintig voortgangsrapportages, Kamerbrieven, het basisdocument en eerdere onderzoeken van de Auditdienst Rijk (ADR) en de Algemene Rekenkamer. Deze documentanalyse vormt de grondslag voor zowel de beantwoording van de onderzoeksvragen als het trekken van conclusies. De getrokken lessen worden gebruikt voor toekomstige Grote Projecten.

Organisatie en verantwoordelijkheden
Defensie is primair verantwoordelijk voor de evaluatie, die met EZK wordt uitgevoerd. Deze samenwerking vindt haar oorsprong in de businesscase die ten grondslag lag aan de besluitvorming over de vervanging van de F-16, in het bijzonder de keuze voor deelname aan de ontwikkelfase in plaats van een ‘van de plank’-aankoop. De vroege deelname aan de ontwikkelfase heeft bijgedragen aan een sterke uitgangspositie voor de Nederlandse industrie bij de invulling van de industriële participatiedoelstellingen. In dat licht is EZK verantwoordelijk voor de evaluatie van de industriële participatie en de bijbehorende productieovereenkomsten binnen het F-35-programma.

Planning
De evaluatie start na instemming van uw Kamer met de in deze brief geschetste aanpak. Daarom verzoeken wij uw Kamer om deze brief te behandelen in de procedurevergadering van uw Vaste Commissie voor Defensie van 9 april 2026. Defensie en EZK zijn voornemens om de E-brief met de conclusies eind 2026 met uw Kamer te delen. Het aanvullende onderzoeksrapport van de ADR, dat zowel het proces van totstandkoming van de evaluatie behandelt als de controleerbaarheid, volledigheid en deugdelijkheid van de informatie in het E-document, zal waar mogelijk gelijktijdig met de E-brief aan uw Kamer worden aangeboden.

Hoogachtend,

DE STAATSSECRETARIS VAN DEFENSIE DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN EN KLIMAAT

Derk Boswijk Heleen Herbert


  1. Kamerstuk 2025Z13400/2025D32665, 7 juli 2025.↩︎

  2. Kamerstuk 26 488, nr. 3, 5 april 2000.↩︎

  3. Kamerstuk 26 488, nr. 478, 4 juni 2025.↩︎