Goedkeuringsbesluit Europese Commissie op de Subsidieregeling extensivering melkveehouderij
Brief regering
Nummer: 2026D17664, datum: 2026-04-15, bijgewerkt: 2026-04-15 09:10, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: J. van Essen, minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur
Onderdeel van zaak 2026Z07837:
- Volgcommissie: vaste commissie voor Europese Zaken
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur
- 2026-04-22 11:15: Procedurevergadering Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (Procedurevergadering), vaste commissie voor Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur
Preview document (🔗 origineel)
Geachte Voorzitter,
Op 26 februari jl. is uw Kamer geïnformeerd over de stand van zaken van de Subsidieregeling extensivering melkveehouderij (Kamerstuk 35 334, nr. 428). Met deze brief stel ik u op de hoogte van de afronding van de notificatieprocedure bij de Europese Commissie en de hoofdlijnen van deze regeling.
Op 14 april heeft de Europese Commissie bekendgemaakt goedkeuring te geven op de Subsidieregeling extensivering melkveehouderij (Sem)1. Volgens de Commissie is deze regeling in overeenstemming met het geldende staatssteunkader. In totaal is voor de Sem een budget beschikbaar van € 627 miljoen. Daarvan is € 615,7 miljoen beschikbaar voor het verstrekken van subsidie en is € 11,3 miljoen gereserveerd voor de uitvoering van de Sem door de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). Nu de notificatieprocedure is afgerond, kunnen de resterende stappen worden gezet. Ik verwacht de Sem op korte termijn te kunnen publiceren in de Staatscourant. De Sem zal vervolgens worden opengesteld van 1 juni tot en met 29 juli 2026. Gedurende die periode kunnen melkveehouders een aanvraag indienen. Die periode biedt melkveehouders zowel de mogelijkheid om al op korte termijn met gebruikmaking van de regeling hun bedrijf te extensiveren als om die afweging ook nog te kunnen maken in de bredere context van de kabinetsplannen voor landbouw, natuur en stikstof.
Het doel van de Sem is het structureel verminderen van ammoniak- en broeikasgasemissies in de melkveehouderij. De Sem is gericht op het tijdelijk houden van minder melkkoeien op het niveau van het individuele melkveebedrijf. De Sem leidt daarnaast tot een blijvende afname van het aantal fosfaatrechten op nationaal niveau en daardoor tot een permanente vermindering van het aantal melk- en kalfkoeien in Nederland. Een belangrijk neveneffect is dat de mestproductie afneemt, waardoor naar verwachting de druk op de mestmarkt zal afnemen. Ook kan de Sem de omschakeling naar een extensievere bedrijfsvoering stimuleren.
De Sem draagt bij aan een toekomstbestendige landbouw en aan de kabinetsdoelen op het gebied van stikstof en klimaat.
Hoofdlijnen Sem
Melkveehouders kunnen deelnemen aan de Sem als zij in 2025 bedrijfsmatig melkkoeien hebben gehouden. Deelnemende melkveehouders moeten tussen de 10 en 20 procent minder melkkoeien op het melkveebedrijf gaan houden ten opzichte van het gemiddeld aantal melkkoeien dat in 2025 op het bedrijf werd gehouden. Daarnaast mag het areaal grasland gedurende de looptijd van de subsidie niet afnemen en mag het aantal overige graasdieren (zoals jongvee, schapen, geiten, paarden, etc.) dat op het bedrijf aanwezig is, niet toenemen. Deze verplichtingen gelden voor drie jaar vanaf het moment dat deelnemers melding hebben gedaan van het laten vervallen van het deel van het fosfaatrecht dat overeenkomt met het aantal verminderde melkkoeien. De aanvragen zullen op volgorde van binnenkomst worden beoordeeld.
De verwachting is dat met het beschikbare budget het aantal melkkoeien met maximaal 64.000 kan afnemen. Dit betreft ongeveer 4% van het aantal melkkoeien in Nederland. Dit leidt tot een verwachte afname van de ammoniakemissie met 0,5 kiloton en van de broeikasgasemissie met 0,3 megaton CO2-equivalenten. Daarnaast neemt de fosfaatproductie naar verwachting met maximaal drie miljoen kilogram af. Op basis van de definitieve deelnamecijfers zal dit najaar, nadat de melkkoeien zijn verminderd en het bijbehorende fosfaatrecht is doorgehaald, duidelijkheid zijn over de reductie van de emissies en de mestproductie. Deze afnames worden op korte termijn behaald, aangezien deelnemende melkveehouders binnen vier weken na ontvangst van de subsidieverlening het fosfaatrecht door moeten laten halen (de dieren zijn dan ook niet meer op het bedrijf).
Na afloop van de driejarige extensiveringsperiode kunnen deelnemende melkveehouders ervoor kiezen terug te gaan naar het oorspronkelijke aantal melkkoeien, maar alleen met nieuw aangekochte of geleasede fosfaatrechten. Zoals eerder aan uw Kamer gemeld (Kamerstuk 28 973, nr. 282) is het voor melkveehouders die deelnemen aan de Sem van belang om op voorhand te weten of er mogelijk gevolgen van deelname aan de Sem kunnen zijn voor hun natuurvergunning en zo ja, welke. Bij een extensivering met minimaal 10% en maximaal 20% van het aantal melk- en kalfkoeien wijzigt de bedrijfsvoering niet structureel, ervan uitgaande dat de opzet van het bedrijf gelijk blijft (dezelfde stalomvang, gelijke melkstalcapaciteit, etc.). Op basis van de huidige regelgeving en jurisprudentie is er in dat geval geen sprake van wijziging van een project en blijft de deelnemer binnen de bestaande natuurtoestemming opereren. Ik blijf in gesprek met de provincies over de natuurtoestemming in relatie tot deze regeling.
Een vraag die de melkveesector heeft gesteld, is of deelnemers aan de Sem uitgesloten zouden kunnen worden van een generieke korting als in 2025 blijkt dat sprake zou zijn van overschrijding van de nationale en sectorale mestproductieplafonds. Gelet op de bepalingen in de Meststoffenwet is het juridisch gezien niet mogelijk om bedrijven daarvan uit te zonderen, anders dan grondgebonden bedrijven die al uitgezonderd zijn van een generieke korting.
Hoogte subsidie
De subsidie wordt in jaarlijkse voorschotten uitbetaald gedurende de driejarige looptijd van de regeling en bestaat uit twee componenten. De eerste component bestaat uit een bijdrage per verminderde melkkoe voor het inkomensverlies als gevolg van het verminderen van de melkopbrengsten door het houden van minder melkkoeien, inclusief een vergoeding voor de transactiekosten. Op basis van het advies van Wageningen Social & Economic Research (WSER) heb ik de vergoeding voor het jaarlijkse inkomensverlies door gederfde melkopbrengsten per verminderde melkkoe vastgesteld op € 1.534,-. Deze vergoeding wordt verhoogd met een vergoeding voor transactiekosten van € 72,-. Opgeteld komt dit neer op een jaarlijkse vergoeding per verminderde melkkoe van € 1.606,-.
De tweede component bestaat uit een bijdrage voor de gemiste inkomsten door het niet kunnen verkopen van het doorgehaalde fosfaatrecht. Dit fosfaatrecht kan niet worden verkocht, omdat het moet worden doorgehaald en komt te vervallen. Voor het bepalen van deze vergoeding wordt uitgegaan van de gemiddelde verkoopprijs van een fosfaatrecht over de laatste drie jaren (2023, 2024 en 2025). Op basis van het advies van WSER heb ik een vergoeding van € 110,- voor een fosfaatrecht vastgesteld. De hoeveelheid fosfaatrecht die moet worden doorgehaald, is afhankelijk van de gemiddelde melkproductie per koe op het melkveebedrijf in 2025. De totale vergoeding voor de doorgehaalde fosfaatrechten wordt in drie gelijke jaarlijkse bedragen betaald.
Private bijdrage en vervolgproces
Naast deze publieke subsidieregeling hebben de banken via de Nederlandse Vereniging van Banken (NVB) te kennen gegeven een private bijdrage te gaan leveren. Deze bijdrage zal zich richten op het aanbieden van rentekortingen voor nieuwe duurzame investeringen door melkveebedrijven, die via deelname aan de Sem tijdelijk gaan extensiveren. Hiermee worden de vaste lasten van nieuwe investeringen verminderd voor melkveehouders die deelnemen aan de Sem.
De voorbereiding op publicatie en openstelling is gestart om melkveehouders de juiste en noodzakelijke ondersteuning te kunnen bieden. Zo werkt RVO aan een webpagina waarop alle informatie over de Sem te vinden is, inclusief een rekentool waarmee melkveehouders een inschatting kunnen maken van het subsidiebedrag. Deze webpagina zal beschikbaar zijn vanaf het moment van publicatie van de Sem in de Staatscourant.
Ik blijf met de sector in gesprek over de uitvoering van de regeling.
Hoogachtend,
Jaimi van Essen
Minister van Landbouw, Voedselzekerheid, Visserij en Natuur
https://ec.europa.eu/commission/presscorner/detail/en/mex_26_807↩︎