Besluit houdende wijziging van het Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen 2023
Bijlage
Nummer: 2026D18093, datum: 2026-04-16, bijgewerkt: 2026-04-16 12:06, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Bijlage bij: Ontwerpbesluit, houdende wijziging van het Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen 2023 (2026D18092)
Preview document (đ origineel)
Besluit van PM
houdende wijziging van het Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen 2023 in verband met de aanpassing van de reikwijdte en de actualisering van voorschriften
[KetenID WKG027991]
Op de voordracht van Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en
Sport, van..., kenmerk ;
Gelet op de artikelen 4, eerste en tweede lid, 5, tweede lid, 7, 7a, derde lid, 11a, 14, en 32b van de Warenwet;
De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van vul in datum advies, RvS., no. vul in nummer advies, RvS.);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van vul in datum nader rapport, vul in kenmerk nader rapport);
Hebben goedgevonden en verstaan:
Artikel I
Het Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen 2023 wordt als volgt gewijzigd:
A
Artikel 1 komt te luiden:
Artikel 1
In dit besluit en de daarop gebaseerde bepalingen wordt verstaan onder:
aangewezen instelling: een krachtens artikel 7a van de wet met betrekking tot de keuring van toestellen aangewezen instelling;
accreditatie: accreditatie als bedoeld in artikel 2, onder tien, van verordening (EG) nr. 765/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 9 juli 2008 tot vaststelling van de eisen inzake accreditatie, afgegeven door een nationale accreditatie-instantie als bedoeld in artikel 2, onder elf, van verordening (EG) nr. 765/2008;
activiteitstoestel: een inrichting:
die bestaat uit één of meerdere onderdelen met een draagconstructie of omheining; en
met een vrije valhoogte > 3 meter en/of een snelheid van de gebruiker van > 10 m/s door de aandrijving van een niet-menselijke energiebron; en
waarvoor persoonlijke beschermingsmiddelen tijdens het gebruik ingezet moeten worden om de risicoâs van de vrije valhoogte en/of snelheid van het toestel te beperken; en
die wordt gebruikt voor spelen of vermaak;
attractietoestel: al dan niet permanent geĂŻnstalleerde inrichting ter voortbeweging van personen, die bestemd is voor vermaak of ontspanning en die aangedreven wordt door een niet-menselijke energiebron;
attractietoestel van een eenvoudig ontwerp: al dan niet roterend attractietoestel waarmee passagiers een snelheid kunnen bereiken van niet meer dan tien meter per seconde en waarmee passagiers een hoogte kunnen bereiken van niet meer dan vijf meter boven het terrein waarop het attractietoestel staat opgesteld;
beheerder: een natuurlijke persoon of rechtspersoon die in de gebruiksfase over een toestel beschikt, waaronder mede wordt verstaan een natuurlijke persoon of rechtspersoon die een toestel in Nederland verhuurt of in bruikleen geeft;
beoordeling: oordeel door een aangewezen instelling of een certificaat van goedkeuring zijn geldigheid behoudt en in het geval van een typecertificaat of de geldigheidsduur opnieuw vastgesteld moet worden;
distributeur: een natuurlijke persoon of rechtspersoon als bedoeld in artikel 3, onder 11, van verordening (EU) 2023/988 van het Europees Parlement en de Raad van 10 mei 2023 inzake algemene productveiligheid;
eerste keuring: conformiteitsbeoordeling door een aangewezen instelling van een toestel die plaatsvindt voorafgaand aan verhandeling of voor ingebruikname, om te oordelen of een toestel voldoet aan de eisen gesteld bij of krachtens dit besluit;
fabrikant: een natuurlijke persoon of rechtspersoon als bedoeld in artikel 3, onder 8, van verordening (EU) 2023/988 van het Europees Parlement en de Raad van 10 mei 2023 inzake algemene productveiligheid;
gemachtigde: een in de Unie gevestigde natuurlijke persoon of rechtspersoon die schriftelijk door een fabrikant is gemachtigd om namens die fabrikant nader omschreven taken te vervullen;
importeur: een natuurlijke persoon of rechtspersoon als bedoeld in artikel 3, onder 10, van verordening (EU) 2023/988 van het Europees Parlement en de Raad van 10 mei 2023 inzake algemene productveiligheid;
mobiel speeltoestel: een niet permanent opgesteld speeltoestel, dat niet vast op één plaats staat en bedoeld is om meermaals gedemonteerd en geïnstalleerd te worden;
norm: norm als bedoeld in artikel 2, eerste lid, van verordening (EU) nr. 1025/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 betreffende Europese normalisatie;
periodieke keuring: periodieke inspectie door een aangewezen instelling om de geschiktheid van het toestel voor voortzetting van gebruik vast te stellen op basis van het beheer en de technische staat van een toestel;
schema: document of set van documenten waarin het onderwerp, de eisen en procedures voor een specifieke conformiteitsbeoordeling zijn vastgelegd;
schemabeheerder: organisatie die zorgdraagt voor het opstellen, beheren en publiekelijk en kosteloos toegankelijk maken van één of meerdere schemaâs;
speeltoestel: een object:
dat bestaat uit één of meerdere onderdelen waarvan de draagconstructie tijdens het spelen op één plek blijft staan; en
waarbij uitsluitend gebruik wordt gemaakt van zwaartekracht of van de fysieke kracht van de mens; en
dat is bedoeld om mensen één of meer van de volgende activiteiten te laten verrichten: klimmen, duikelen, balanceren, springen, schommelen, glijden, graven, hangen, slingeren, ronddraaien, kruipen, rollen, vallen, vliegen, wippen of een combinatie daarvan; en
dat wordt gebruikt voor spelen of vermaak;
speeltoestel van een eenvoudig ontwerp: een speeltoestel met een vrije valhoogte van minder dan 60 cm, dat geen gedwongen beweging en geen bewegende onderdelen heeft en op een zodanige manier is geplaatst dat (een deel van) de opvangzone van het speeltoestel niet uit water of obstakels bestaat;
toestel: een activiteitstoestel, attractietoestel of speeltoestel dat beschikbaar is gesteld voor publiek gebruik en wordt gebruikt voor spelen of vermaak;
typekeuring: conformiteitsbeoordeling door een aangewezen instelling van het typekenmerkend monster en de interne bepalingen voor het productiekwaliteitsborgingsysteem bij in serie geproduceerde toestellen die overeenkomstig het typekenmerkend monster worden vervaardigd om te oordelen of deze voldoen aan de eisen gesteld bij of krachtens dit besluit;
verordening (EU) 2019/515: Verordening (EU) 2019/515 van het Europees Parlement en de Raad van 19 maart 2019 betreffende de wederzijdse erkenning van goederen die in een andere lidstaat rechtmatig in de handel zijn gebracht en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 764/2008;
wet: Warenwet.
B
In de artikelen 2, 3, onder a, 5, eerste en tweede lid, 6, eerste lid, 8, eerste lid, 11, tweede lid, 13, 16, tweede lid, 22, en 24, eerste lid, onder e, wordt âattractie- en speeltoestellenâ telkens vervangen door âtoestellenâ.
C
In de artikelen 4, 15, vijfde lid, 16, derde lid, en 19, vierde lid, wordt âattractie- of speeltoestellenâ telkens vervangen door âtoestellenâ.
D
In artikel 5, eerste lid wordt âdat zij bij redelijkerwijs te verwachten gebruik geen gevaar opleveren voor de veiligheid of de gezondheid van de mensâ vervangen door âdat zij bij normaal of redelijkerwijs te verwachten gebruik veilig zijnâ.
E
In artikel 6, tweede lid, wordt âAttractie- en speeltoestellenâ vervangen door âToestellenâ en wordt na âdie voldoen aan deâ ingevoegd ârelevanteâ.
F
Artikel 7 komt te luiden:
Artikel 7
1. De fabrikant of de importeur draagt er zorg voor dat op een toestel het bouwjaar zichtbaar en leesbaar is aangebracht.
2. Een attractietoestel, activiteitstoestel, mobiel speeltoestel of speeltoestel waarvoor een periodieke keuringsplicht geldt wordt volgens een bij ministeriële regeling te bepalen procedure bij de eerste of eerstvolgende keuring door de aangewezen instelling of de fabrikant of de importeur van een uniek registratienummer voorzien.
G
In artikel 8, tweede lid, wordt na âattractietoestelâ ingevoegd âof een activiteitstoestelâ.
H
In de artikelen 8, vijfde lid, 10, eerste tot en met vierde en zesde lid, 11, eerste en vierde lid, 18, 20, 21, 28, tweede lid, en 30 wordt âattractie- of speeltoestelâ telkens vervangen door âtoestelâ.
I
Artikel 9 komt te luiden:
Artikel 9
Bij toestellen, met uitzondering van speeltoestellen van een eenvoudig ontwerp, vindt voor verhandeling in Nederland een eerste keuring plaats door een aangewezen instelling.
Bij de typekeuring van in serie geproduceerde speeltoestellen en attractietoestellen van een eenvoudig ontwerp kan worden volstaan met de keuring van het typekenmerkende monster en de keuring van de interne bepalingen, bedoeld in bijlage I, onderdeel 4.
In afwijking van het eerste lid kan een toestel of het typekenmerkend monster voor ingebruikname op de gebruikslocatie gekeurd worden als door de kenmerken van het toestel of plaatsgebonden veiligheidsaspecten alleen ter plaatse een eerste keuring kan plaatsvinden.
Bij ministeriële regeling wordt bepaald welke en op welke wijze attractietoestellen periodiek worden gekeurd door een aangewezen instelling.
Bij ministeriële regeling wordt bepaald welke en op welke wijze speeltoestellen en activiteitstoestellen opnieuw of periodiek worden getoetst, beoordeeld of gekeurd. Indien op grond van de eerste volzin geen regels zijn gesteld ten aanzien van de keuringsfrequentie van speeltoestellen of activiteitstoestellen, worden deze toestellen eenmalig gekeurd door een aangewezen instelling.
J
Artikel 10 wordt als volgt gewijzigd:
In het eerste tot en met vierde lid vervalt telkens âeersteâ.
In het tweede lid wordt âhet eerste lidâ vervangen door âartikel 9, eerste of tweede lidâ.
In het vierde lid, vervalt â, de verhuurderâ en wordt na âkeuring van dat toestelâ ingevoegd âals bedoeld in artikel 9, derde lid,â.
In het vijfde lid vervalt âverhuurder dan wel deâ.
K
Artikel 12 wordt als volgt gewijzigd:
In het eerste lid wordt âattractie- of speeltoestelâ vervangen door âtoestel, anders dan een speeltoestel van een eenvoudig ontwerp,â.
Het tweede en derde lid vervallen, onder vernummering van het vierde lid tot tweede lid.
In het tweede lid (nieuw) vervalt âen merkenâ.
L
In artikel 13 vervalt âof merkâ.
M
Artikel 14 komt te luiden:
Artikel 14
De aangewezen instelling registreert een attractietoestel, activiteitstoestel, mobiel speeltoestel en speeltoestellen waarvoor een periodieke keuringsplicht geldt onverwijld na afgifte van het certificaat van goedkeuring en de keuringsrapportage in het daartoe bestemde register van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit.
Indien een aangewezen instelling weigert een certificaat van goedkeuring voor een attractietoestel, activiteitstoestel, mobiel speeltoestel en speeltoestellen waarvoor een periodieke keuringsplicht geldt af te geven, informeert de aangewezen instelling onverwijld de overige aangewezen instellingen en registreert het rapport van afkeuring in het daartoe bestemde register van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit.
De aangewezen instelling deelt voor speeltoestellen onverwijld na afgifte het certificaat van goedkeuring met de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit.
Indien een aangewezen instelling weigert een certificaat van goedkeuring voor een speeltoestel af te geven, informeert de aangewezen instelling onverwijld de overige aangewezen instellingen en deelt de aangewezen instelling het rapport van afkeuring met de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit.
N
Artikel 15 komt te luiden:
Artikel 15
De beheerder van een toestel, met uitzondering van speeltoestellen van een eenvoudig ontwerp, dat substantieel is of wordt gewijzigd stelt een aangewezen instelling schriftelijk in kennis voorafgaand aan dan wel onverwijld na uitvoering van de substantiële wijziging.
De aangewezen instelling beoordeelt of de in het eerste lid bedoelde substantiële wijziging gevolgen heeft voor de geldigheid van het certificaat van goedkeuring.
De aangewezen instelling stelt de beheerder, bedoeld in het eerste lid, op de hoogte van het oordeel.
O
Na artikel 15 wordt een artikel ingevoegd, luidende:
Artikel 15a
De houder van het certificaat van goedkeuring van het typekenmerkend monster van een in serie geproduceerd speeltoestel of attractietoestel van een eenvoudig ontwerp stelt een aangewezen instelling onverwijld schriftelijk in kennis indien er een wijziging van de interne bepalingen plaatsvindt die van invloed kan zijn op de conformiteit van het in serie geproduceerde toestel met de eisen gesteld bij of krachtens dit besluit.
De aangewezen instelling beoordeelt of de wijziging, bedoeld in het eerste lid, leidt tot non-conformiteit van het toestel met de eisen gesteld bij of krachtens dit besluit en gevolgen heeft voor de geldigheid van certificaat van goedkeuring.
De aangewezen instelling stelt de houder van het certificaat, bedoeld in het eerste lid, op de hoogte van het oordeel.
P
Artikel 16, eerste lid, komt te luiden:
1. Een toestel gaat vergezeld van een Nederlandstalige gebruiksaanwijzing met aanwijzingen, veiligheidsinstructies, waarschuwingen en andere relevante informatie die de beheerder in staat stelt dat toestel zodanig te installeren, te monteren, te doen gebruiken, te demonteren, te inspecteren en te onderhouden dat dat toestel veilig in gebruik is.
Q
Artikel 17 komt te luiden:
Artikel 17
De beheerder beschikt over een Nederlandstalige gebruiksaanwijzing en, indien van toepassing, een geldig, bij het toestel behorend, certificaat van goedkeuring van een aangewezen instelling.
R
In artikel 18 wordt onder verlettering van de onderdelen c en d tot d en e een onderdeel ingevoegd, luidende:
c. het toestel voorzien is van een actueel dossier als bedoeld in artikel 19, tweede lid;
S
Artikel 19 komt te luiden:
Artikel 19
De beheerder draagt er zorg voor dat een toestel zodanig en volgens de gebruiksaanwijzing is geĂŻnstalleerd, gemonteerd, gedemonteerd wordt, is beproefd, geĂŻnspecteerd, onderhouden, wordt bediend en van opschriften is voorzien, dat het veilig in gebruik is.
De beheerder toont met een overzichtelijk en chronologisch actueel dossier, dat op papier dan wel digitaal is vastgelegd, aan dat aan het eerste lid is voldaan.
Het actueel dossier bevat tevens gegevens met betrekking tot het identificeren van het toestel en een overzicht van incidenten of ongevallen die hebben plaatsgevonden met het toestel.
De beheerder bewaart het actueel dossier gedurende de levensduur van het toestel en toont desgevraagd het actueel dossier aan de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit.
Het eerste lid is niet van toepassing, indien een toestel hetzij afgekeurd is, hetzij onklaar gemaakt, hetzij anderszins kennelijk niet meer voor gebruik bestemd is.
Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot het installeren, monteren, demonteren, beproeven, inspecteren, onderhouden en van opschriften voorzien van toestellen, bedoeld in het eerste lid.
T
In artikel 20 vervalt âdan wel de verhuurderâ.
U
In artikel 21, aanhef, vervalt âverhuurder, huurder dan wel deâ.
V
Artikel 23 wordt als volgt gewijzigd:
Het eerste lid komt te luiden:
1. De beheerder stelt de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit onverwijld in kennis van elk ernstig ongeval dat verband houdt met het toestel.
Het tweede lid komt te luiden:
2. Van een ernstig ongeval als bedoeld in het eerste lid is sprake bij elke verwonding waardoor er blijvend ernstig letsel is opgelopen en waarvoor professionele medische behandeling of een ziekenhuisopname noodzakelijk is, of bij overlijden.
W
Artikel 24 wordt als volgt gewijzigd:
1. Het eerste lid, onder c, komt te luiden:
c. de taken op een onpartijdige wijze uitvoert;
2. Onder vernummering van het tweede lid tot derde lid wordt een lid ingevoegd, luidende:
2. Indien er meerdere instellingen zijn aangewezen:
wijzen zij een schemabeheerder, die lid is van de Vereniging van Schemabeheerders, aan voor het opstellen, onderhouden en publiekelijk en kosteloos toegankelijk maken van gezamenlijke schemaâs, die door hen onverkort worden gebruikt. De schemabeheerder houdt naar behoren rekening met de belangen van alle partijen die belang hebben bij de schemaâs, zonder dat één van de belangen de overhand heeft;
nemen zij deel aan door de schemabeheerder te organiseren activiteiten om te komen tot het geharmoniseerd verrichten van de taken waarvoor zij zijn aangewezen;
hanteren zij de schemaâs bij de uitvoering van hun werkzaamheden.
3. In het derde lid (nieuw) wordt âmet betrekking tot het eerste lidâ vervangen door âmet betrekking tot het eerste en tweede lidâ.
X
In artikel 26, tweede lid, wordt na âde gegevens, bedoeld in artikel 24, eerste lid, onder e,â ingevoegd âwaaronder technische constructiedossiers en de keuringsrapportages,â.
Y
Artikel 27, eerste lid, komt te luiden:
1. Een aanvraag om aanwijzing gaat vergezeld van een bewijs van accreditatie, afgegeven door een nationale accreditatie-instantie, waarmee wordt aangetoond dat voldaan is aan de criteria, gesteld bij of krachtens artikel 24.
Z
Artikel 28, derde lid, vervalt.
AA
Artikel 29 vervalt.
BB
Artikel 33 komt te luiden:
Artikel 33
De aangewezen instelling die voor [datum inwerkingtreding] reeds beschikt over een aanwijzing en voor [datum zes maanden na datum inwerkingtreding] een aanvraag tot accreditatie indient, behoudt haar aanwijzing tot uiterlijk [datum 24 maanden na datum inwerkingtreding], tenzij deze aanwijzing op grond van artikel 27, tweede of derde lid, wordt ingetrokken.
CC
Na artikel 33 worden drie artikelen ingevoegd, luidende:
Artikel 33a
Dit besluit is met ingang van [datum drie jaar na de datum van inwerkingtreding] van toepassing op activiteitstoestellen.
Artikel 33b
Artikel 7, tweede lid, is niet van toepassing op mobiele speeltoestellen waar voor [datum inwerkingtreding] een certificaat van goedkeuring is afgegeven.
Ten aanzien van speeltoestellen waarvoor een periodieke keuringsplicht geldt en voor [datum inwerkingtreding] een certificaat van goedkeuring is afgegeven, is de verplichting van artikel 7, tweede lid, van toepassing bij de eerstvolgende periodieke keuringsplicht.
Artikel 33c
Een certificaat van goedkeuring afgegeven op grond van artikel 12, eerste lid, van het Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen 2023 en geldend op de dag, onmiddellijk voorafgaand aan [de datum van inwerkingtreding], blijft na dat tijdstip van kracht, totdat de geldigheid ervan vervalt.
DD
Artikel 34 komt te luiden:
Artikel 34
In artikel 7.4a, zevende lid, van het Arbeidsomstandighedenbesluit wordt âattractie- en speeltoestellenâ vervangen door âtoestellenâ en wordt âWarenwetbesluit attractie- en speeltoestellen 2023â vervangen door âWarenwetbesluit attractietoestellen, activiteitstoestellen en speeltoestellenâ.
EE
Artikel 35 komt te luiden:
Artikel 35
In artikel 2, eerste lid, onderdeel b, van het Besluit bijzondere spoorwegen wordt âattractie- of speeltoestelâ vervangen door âtoestelâ en wordt âWarenwetbesluit attractie- en speeltoestellen 2023â vervangen door âWarenwetbesluit attractietoestellen, activiteitstoestellen en speeltoestellenâ.
FF
In artikel 38 wordt âWarenwetbesluit attractie- en speeltoestellen 2023â vervangen door âWarenwetbesluit attractietoestellen, activiteitstoestellen en speeltoestellenâ.
GG
Bijlage I wordt als volgt gewijzigd:
Het opschrift komt te luiden:
Bijlage I. Voorschriften met betrekking tot het ontwerp en de vervaardiging van toestellen
(bijlage als bedoeld in de artikelen 5 en 11 van het Warenwetbesluit attractietoestellen, activiteitstoestellen en speeltoestellen)
Onderdeel 1, onder a, komt te luiden:
a. Een toestel dient zodanig te zijn vervaardigd dat het kan functioneren en kan worden afgesteld en onderhouden, zodat het bij normale of redelijkerwijs voorzienbare gebruiksomstandigheden, veilig is.In onderdeel 1, onder b, wordt âelk gevaarâ vervangen door âgevarenâ.
In onderdeel 1, onder c, wordt na âaangeven ofâ ingevoegd âtoezicht is vereist,â
In onderdeel 1, onder d en e, en onderdeel 3, aanhef, en onder a en b, wordt âattractie- of speeltoestelâ telkens vervangen door âtoestelâ.
In onderdeel 3, onder b, wordt na âonderhoud en gebruik,â ingevoegd âinclusief toezicht,â.
Er wordt een onderdeel toegevoegd, luidende:
4. In het geval het gaat om in serie geproduceerde speeltoestellen en attractietoestellen van een eenvoudig ontwerp, die overeenkomstig het typekenmerkende monster worden vervaardigd, zorgt de fabrikant ervoor dat zij interne bepalingen toepassen bij de productie van meerdere toestellen of voor de veiligheid te vervangen essentiële onderdelen, ter handhaving van de overeenstemming met het typekenmerkend monster. Indien de fabrikant niet in Nederland is gevestigd, draagt de importeur er zorg voor dat deze verplichting in acht wordt genomen.
HH
Bijlage II wordt als volgt gewijzigd:
Het opschrift komt te luiden:
Bijlage II. Minimumvereisten technisch constructiedossier
(bijlage als bedoeld in de artikelen 8 en 11 van het Warenwetbesluit attractietoestellen, activiteitstoestellen en speeltoestellen)
In de onderdelen a, d en e wordt âattractie- of speeltoestelâ telkens vervangen door âtoestelâ.
In onderdeel g vervalt âregelmatigâ.
Artikel II
De bijlage bij het Warenwetbesluit bestuurlijke boeten wordt als volgt gewijzigd:
In het onderdeel âInhoudâ wordt âWarenwetbesluit attractie- en speeltoestellen 2023â vervangen door âWarenwetbesluit attractietoestellen, activiteitstoestellen en speeltoestellenâ en wordt âWarenwetregeling attractie- en speeltoestellenâ vervangen door âWarenwetregeling attractietoestellen, activiteitstoestellen en speeltoestellenâ.
Rubriek B-19 wordt als volgt gewijzigd:
a. In het opschrift wordt âWarenwetbesluit attractie- en speeltoestellen 2023â
vervangen door âWarenwetbesluit attractietoestellen, activiteitstoestellen en speeltoestellenâ.
De onderdelen B-19.5, B-19.19 en B-19.21 vervallen.
Onderdeel B-19.22 komt te luiden:
| B-19.22 | Artikel 4 juncto artikel 15a, eerste lid | âŹ525,- | âŹ1.050,- | X |
|---|
Na onderdeel B-19.31 worden twee onderdelen ingevoegd, luidende:
| B-19.31.1 | Artikel 4 juncto artikel 19, derde lid | âŹ525,- | âŹ1.050,- | X |
|---|---|---|---|---|
| B-19.31.2 | Artikel 4 juncto artikel 19, vierde lid | âŹ525,- | âŹ1.050,- | X |
Rubriek B-19.40 komt te luiden:
| B-19.40 | Warenwetbesluit attractietoestellen, activiteitstoestellen en speeltoestellen | Warenwetregeling attractietoestellen, activiteitstoestellen en speeltoestellen | |||
|---|---|---|---|---|---|
| B-19.40.1 | Artikel 4 juncto artikel 9, vijfde lid | artikel 5a, tweede lid | âŹ525,- | âŹ1.050,- | X |
| B-19.40.2 | Artikel 4 juncto artikel 9, vijfde lid | artikel 7, derde lid | âŹ525,- | âŹ1.050,- | X |
| B-19.40.3 | Artikel 4 juncto artikel 9, vijfde lid | artikel 7, zesde lid | âŹ525,- | âŹ1.050,- | X |
| B-19.40.4 | Artikel 4 juncto artikel 12, vierde lid | artikel 8, vijfde lid | âŹ525,- | âŹ1.050,- | X |
Artikel III
Dit besluit treedt in werking [PM].
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,