Het bericht 'Is de toename van het aantal besneden vrouwen nog te stoppen? – zomervakantie is risicoperiode'
Schriftelijke vragen
Nummer: 2026D20342, datum: 2026-04-28, bijgewerkt: 2026-04-28 14:03, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Krijg melding als deze vragen beantwoord worden:
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: E. Armut, Tweede Kamerlid (CDA)
- Mede ondertekenaar: B. Becker, Tweede Kamerlid (VVD)
Onderdeel van zaak 2026Z09078:
- Gericht aan: D.M. van Weel, minister van Justitie en Veiligheid
- Gericht aan: S.T.M. Hermans, minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
- Voortouwcommissie: TK
Preview document (🔗 origineel)
(ingezonden 28 april 2026)
Vragen van de leden Armut (CDA) en Becker (VVD) aan de ministers van Justitie en Veiligheid en van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over het bericht 'Is de toename van het aantal besneden vrouwen nog te stoppen? – zomervakantie is risicoperiode'.
Bent u bekend met het bericht “Is de toename van het aantal besneden
vrouwen nog te stoppen? – zomervakantie is risicoperiode”? [1]
Wat is uw reactie op de constatering dat er in Nederland duizenden
vrouwen en meisjes slachtoffer zijn van vrouwelijke genitale
verminking?
Hoe wordt vrouwelijke genitale verminking momenteel geregistreerd in
Nederland, en acht u deze registratie volledig en betrouwbaar?
In hoeverre heeft u zicht op het aantal meisjes en vrouwen dat het
risico loopt op vrouwelijke genitale verminking, in het bijzonder in
relatie tot (gedwongen) uitreizen naar het buitenland?
Deelt u de opvatting dat de periode voorafgaand aan de zomervakantie
een verhoogd risico met zich meebrengt en daarom een cruciaal moment is
voor preventieve maatregelen in de aanpak van vrouwelijke genitale
verminking? Zo ja, hoe wordt hierop ingezet?
Welke concrete preventieve maatregelen worden ingezet om vrouwelijke
genitale verminking te voorkomen, potentiële slachtoffers te beschermen
en risicovol uitreizen tegen te gaan?
Welke concrete resultaten zijn sinds de strafbaarstelling van
vrouwelijke genitale verminking van 30 jaar geleden geboekt in de
preventie en strafrechtelijke aanpak van deze praktijk?
Acht u de huidige strafbaarstelling voldoende effectief? Hoe vaak
heeft dit in de afgelopen 5 jaar geleid tot vervolging en
veroordeling?
In hoeverre is het herkennen en signaleren van vrouwelijke genitale
verminking onderdeel van de opleiding en nascholing van huisartsen en
andere zorgprofessionals? Ziet u ruimte om deze deskundigheid en
bewustwording te versterken en zo ja, hoe?
Op welke manier en binnen welke termijn gaat u het mogelijk maken om
een uitreisverbod op te kunnen leggen bij het risico op genitale
verminking?
Welke aanvullende maatregelen kunnen worden genomen om (potentiële)
slachtoffers beter in beeld te krijgen en hun bescherming te
versterken?
Bent u bereid de inzet van sleutelpersonen en gemeenschapsgerichte
aanpakken te intensiveren, zodat (potentiële) slachtoffers beter worden
bereikt en hulp laagdrempeliger beschikbaar komt?
Wat is er concreet verbeterd in de aanpak van vrouwelijke genitale
verminking sinds de beleidsreactie op het WODC-onderzoek “Over Grenzen”
(over preventieve beschermingsbevelen bij onder andere vrouwelijke
genitale verminking)? 2)
In hoeverre wordt de meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling toegepast bij signalen van vrouwelijke genitale verminking?
[1] EW Magazine, 16 april 2026, 'Is de toename van het aantal besneden vrouwen nog te stoppen? – zomervakantie is risicoperiode', https://www.ewmagazine.nl/politiek/achtergrond/2026/04/besneden-vrouwen-nederland-stijging-migratie-pharos-rapport-1556970/
2) Bijlage bij Kamerstuk 28345, nr. 293