Inbreng verslag van een schriftelijk overleg over Fiche: [MFK] Verordening instrument voor samenwerking op het gebied van nucleaire veiligheid en ontmanteling (Kamerstuk 22112-4203)
Inbreng verslag schriftelijk overleg
Nummer: 2026D00250, datum: 2026-01-08, bijgewerkt: 2026-01-09 16:05, versie: 3 (versie 1, versie 2)
Directe link naar document (.pdf), link naar pagina op de Tweede Kamer site, officiële HTML versie (nds-tk-2026D00250).
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: M. Mohandis, voorzitter van de vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport (GroenLinks-PvdA)
- Mede ondertekenaar: E.M. Sjerp, adjunct-griffier
Onderdeel van zaak 2025Z19557:
- Indiener: D.M. van Weel, minister van Buitenlandse Zaken
- Volgcommissie: vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat
- Volgcommissie: vaste commissie voor Europese Zaken
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport
- 2025-11-12 13:50: Regeling van werkzaamheden (Regeling van werkzaamheden), TK
- 2025-12-03 10:15: Procedurevergadering Volksgezondheid, Welzijn en Sport (Procedurevergadering), vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport
- 2025-12-04 11:30: Procedurevergadering (Procedurevergadering), vaste commissie voor Europese Zaken
- 2026-01-07 14:00: Fiche: [MFK] Verordening instrument voor samenwerking op het gebied van nucleaire veiligheid en ontmanteling (Inbreng schriftelijk overleg), vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport
Preview document (🔗 origineel)
2026D00250 INBRENG VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEG
In de vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport bestond bij enkele fracties behoefte een aantal vragen en opmerkingen voor te leggen aan de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over de brief van 7 november 2025 inzake Fiche: [MFK] Verordening instrument voor samenwerking op het gebied van nucleaire veiligheid en ontmanteling (Kamerstuk 22 112, nr. 4203).
De fungerend voorzitter van de commissie,
Mohandis
Adjunct-griffier van de commissie,
Sjerp
Inhoudsopgave
I. Gezamenlijke inbreng van de commissie
II. Vragen en opmerkingen vanuit de fracties
Vragen en opmerkingen van de leden van de PVV-fractie
Vragen en opmerkingen van de leden van de CDA-fractie
Vragen en opmerkingen van de leden van de BBB-fractie
III. Reactie van de Minister
I. Gezamenlijke inbreng van de commissie
De vaste commissie voor VWS heeft in het kader van het groot project PALLAS de leden Krul (CDA) en Vervuurt (D66) tot rapporteur benoemd. De rapporteurs hebben ten behoeve van het verslag schriftelijke overleg een inbreng opgesteld met vragen van verdiepende en verduidelijkende aard aan de Minister. De commissie heeft in de procedurevergadering VWS van 17 december 2025 besloten de inbreng van de rapporteurs over te nemen en in het verslag als gezamenlijk inbreng van de commissie op te nemen (deel I). Hierna volgen de inbrengen van de afzonderlijke fracties (deel II). Onderstaand treft u de vragen van de commissie gezamenlijk aan de Minister.
Algemeen.
In de uitgangspuntennotitie die in het kader van het groot project PALLAS overeen is gekomen met de Minister staat: «Ook over de toekomstige ontmanteling van de bestaande Hoge Flux Reactor (HFR) en de (dekking van) de daarmee gemoeide kosten wenst de commissie geïnformeerd te worden in de basisrapportage en, indien daarin veranderingen zouden optreden, ook in de betreffende voortgangsrapportage(s).»
• Waarom en met welke reden(en) is in de basisrapportage (d.d. 30 oktober 2025) niks opgenomen inzake de ontwikkeling zoals vermeldt in het BNC-fiche (d.d. 7 november 2025), ook al had VWS deze informatie al sinds eind 2024?
• Is de Minister voornemens om in de volgende voortgangsrapportages wel over deze en eventuele andere externe ontwikkelingen/risico’s te rapporteren aan de Kamer, zoals verzocht in de uitgangspuntennotitie?
Beweegredenen en onderhandelingen.
De commissie deelt het oordeel van de Minister dat het zinvol is om de Europese Commissie (en JRC) te vragen naar de beweegredenen om (verantwoordelijkheid van) de ontmanteling over te dragen aan Nederland. De commissie VWS leest in brief echter ook dat de voorgestelde aanpassing in het wetsvoorstel om onderhandelingen hierover te voeren, als een verrassing kwamen voor het kabinet. En dat een gesprek met het Joint Research Centrum (JRC) om helderheid te krijgen over de achtergrond van deze wijzigingen tot op heden niets opleverde. Het kabinet wil zich desondanks constructief opstellen. Ook zal het kabinet vragen naar nadere informatie omtrent de introductie van de deadline:
• Kan de Minister aangeven wanneer de Kamer wordt geïnformeerd over de beweegredenen van de Europese Commissie (hierna: Commissie)?
• Wat is de laatste stand van zaken ten aanzien van de overweging van de Commissie en het JRC tot de overdracht en de deadline?
• Wat bedoelt de Minister met «constructief»? Is er een scenario denkbaar waarin de Minister akkoord gaat met een overdracht en zo ja, waaruit bestaat deze?
• Hoe ziet het scenario eruit indien de Minister niet akkoord gaat met de overdracht?
• Is het overnemen van het eigendom van de nucleaire faciliteit een (vrijwillige) keuze die voorligt aan Nederland?
• Klopt het dat besluitvorming over het voorstel op grond van artikel 203 van het Eurotom-verdrag, unanimiteit in de Raad vereist?
• Kan Nederland op grond van de verordening gedwongen worden tot een overname, indien het voorstel door de Raad wordt aangenomen? Wat is de inschatting van de Minister dat het voorstel van de Commissie, op het punt van de overdracht ontmanteling, (unaniem) door andere lidstaten wordt ondersteund?
• Hoe beoordeelt de Minister de onderhandelingspositie van Nederland, aangezien het voorstel in bredere zin onderdeel uitmaakt van de MFK-onderhandelingen waarbij de inzet van het kabinet is een beperking van de stijging van de Nederlandse afdrachten aan de EU? Is er sprake van uitruil?
Tijdpad en impact op planning.
• Kan de Kamer een uitgewerkt tijdpad met informatiemomenten en besluitvormingsmomenten (inclusief de betrokkenheid van de Kamer) ontvangen ten aanzien van de invoering van het voorstel, gelet op de beoogde inwerkingtreding op 1 januari 2028? Bijvoorbeeld op basis van de planning van de Voorzitterschappen.
• Hoe verhoudt het voorstel zich tot het PALLAS project en welke mogelijke gevolgen (zoals inhoudelijke, organisatorische/planning en financiële) kan dit hebben voor de verdere uitrol van PALLAS?
Betrekken andere partijen en EU landen.
• Wat is de reactie van andere landen op het voorstel tot dusver en specifiek van die landen waar eveneens een nucleaire faciliteit van het JRC aanwezig is (België, Duitsland en Italië) die op termijn ook de reactoren moeten vervangen? Kan de commissie hierover blijvend worden geïnformeerd?
• Op welke wijze is de Minister voornemens om zich in de Raadsonderhandelingen in te zetten om de nationale belangen te behartigen zoals deze in het BNC-fiche zijn vastgelegd?
• Is de Minister voornemens om met ambtsgenoten uit België, Duitsland en Italië te overleggen over hun standpunt en over een eventuele afgestemde zienswijze op het voorstel?
• In Italië is het JRC reeds begonnen met de ontmanteling van een nucleaire faciliteit. Wat zijn tot dusver de ervaringen van Italië? Welke partijen (nationale en internationale organisaties en bedrijven) zijn bij de uitvoering betrokken? Op welke wijze is onder meer een eventuele kostenoverschrijding geregeld, wie is verantwoordelijk? Liggen de financiële risico’s (zoals kosten, operationele, liquiditeit en marktrisico’s) bij de JCR of Italië?
• Is de Minister voornemens om eventueel andere ministeries (zoals KGG, Economische Zaken) en adviesorganen zoals de Autoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingsbescherming (AVNS) te betrekken bij het vervolgtraject en zienswijze op het Fiche?
• Worden provinciale en gemeentelijke besturen ook geïnformeerd c.q. betrokken bij de zienswijze op het voorstel waar het de ontmanteling betreft?
Nieuw aanspreekpunt voor JRC: voldoende kennis voorhanden?
Het gedeelte van het Ministerie van Klimaat en Groene Groei (KGG) dat aanspreekpunt is voor het JRC over de HFR en beleidsverantwoordelijk voor NRG komt over naar het Ministerie van VWS. Dit is nog niet formeel geregeld. Vooruitlopend op de formalisering is VWS wel al aanspreekpunt voor JRC:
• Is er met deze overdracht voldoende capaciteit en inhoudelijke deskundigheid bij het Ministerie van VWS om de onderhandelingen te voeren?
• Heeft deze overdracht gevolgen voor de projectorganisatie rondom (groot project) PALLAS? Worden deze aan elkaar gekoppeld en/of maken zij momenteel ook onderdeel uit van de projectorganisatie PALLAS?
Verantwoordelijk ontmanteling toch naar Nederland.
Mocht het zover komen dat de verantwoordelijkheid voor de ontmanteling toch bij Nederland komt te liggen:
• Kan de Minister dan uitleggen wat de impact, financieel, technisch en organisatorisch, kan zijn, mocht Nederland de ontmanteling op zich moet nemen?
• Kan de Minister inschatten of de ontmanteling überhaupt door Nederland kan worden uitgevoerd, aangezien diverse andere grote infrastructurele c.q. bouwprojecten moeizaam van de grond komen en/of opdrachten door aannemers worden teruggegeven?
• Kan de Minister informeren bij het Joint Research Center welke verschillende scenario’s voor het overnemen van het ontmantelen van de HFR zij voor zich zien?
• Kan de Minister een beeld schetsen van de voorwaarden die Nederland nodig heeft om de ontmanteling van de HFR over te nemen?
• Is er ook een scenario denkbaar waarbij de HFR niet wordt ontmanteld en enkel buiten werking/bedrijf wordt gesteld?
• Op welke wijze zet het kabinet zich in de onderhandelingen over het Meerjarig Financieel Kader in om de financiële gevolgen van het voorstel van de Europese Commissie voor Nederland te beperken?
Informatieafspraken t.a.v. voorstel van de commissie voor een wetgevende verordening (COM(2025)598), ontmanteling van nucleaire faciliteiten.
• Kan de Minister de Kamer op de hoogte houden van de voortgang van de onderhandelingen in de Raad?
• Kan de Minister de Kamer tijdig informeren als de Minister voorziet in de onderhandelingen te moeten afwijken van het kabinetsstandpunt zoals vastgelegd in het BNC-fiche?
• Kan de Minister de Kamer tijdig informeren over opties die voorliggen in de Raad en de Raadswerkgroepen die directe gevolgen hebben voor de Nederlandse inzet?
• Kan de Minister de Kamer tijdig informeren zodra een akkoord aanstaande is, zodat dit in concept kan worden gedeeld en bestudeerd?
Tot slot. De commissie ontvangt de beantwoording op de gestelde vragen graag tijdig voor het geplande commissiedebat over het groot project PALLAS.
II. Vragen en opmerkingen vanuit de fracties
Vragen en opmerkingen van de leden van de PVV-fractie
De leden van de PVV-fractie hebben kennisgenomen van de verordening op het gebied van nucleaire veiligheid en ontmanteling en hebben hierover nog een aantal vragen en opmerkingen.
Genoemde leden steunen het kabinetsstandpunt dat het Joint Research Centrum (JRC) verantwoordelijk is en blijft voor de ontmanteling van de Hoge Flux Reactor (HFR) in Petten, zowel financieel als organisatorisch en dat er geen sprake kan zijn van risico overdracht, in welke vorm dan ook aan Nederland. Echter hebben genoemde leden ook zorgen, omdat het wetsvoorstel de bekostiging van de ontmanteling en de mogelijkheid van risico overdracht niet uitsluit. Kan er een inschatting gemaakt worden wat deze kosten zijn?
Zoals vermeld in de brief heeft er in december 2024 op hoog ambtelijk overleg niveau overleg plaatsgevonden tussen de JRC en het Ministerie van VWS, waarbij VWS bovenstaande standpunten wederom kenbaar heeft gemaakt. Het kabinet schrijft dan ook in haar brief «verrast» te zijn door de voorgelegde aanpassing om onderhandelingen te gaan voeren. Genoemde leden vinden «verrast» een understatement en vinden het daarnaast zeer ongepast dat het kabinet geen helderheid krijgt van JRC over de achtergrond van deze wijzigingen. Genoemde leden vragen hierbij het gespreksverslag van het ambtelijk overleg in 2024 op en wensen deze uiterlijk met de beantwoording van dit schriftelijk overleg te ontvangen. Wat is het standpunt van JRC in deze discussie? Waarom komt JRC alsnog met een voorstel tot wijziging, terwijl Nederland een duidelijk standpunt heeft ingenomen? Waarom wil JRC de verantwoordelijkheid van de ontmanteling overdragen aan Nederland? Wat is het belang van de EU om de lidstaten voor deze ontmanteling te laten opdraaien?
In het voorliggende voorstel wordt de term «discussions» vervangen voor «negotiations», en blijkt daarbij de achtergrond van deze term in het voorstel niet duidelijk. Genoemde leden willen expliciet weten waarover deze onderhandelingen exact gaan? Het kabinet geeft zelf aan dat uit het voorstel niet duidelijk wordt waarom er een deadline van twee jaar gekoppeld wordt aan de onderhandelingen. Genoemde leden willen alsnog duidelijkheid over de deadline in het voorstel.
Daarnaast is het onduidelijk wat de samenwerking met derde landen exact inhoudt? Graag een verduidelijking. Gaat het hier alleen om financiering? Of ook om planmatige en uitvoeringscapaciteit? In het voorstel wordt specifiek verwezen naar de Russische oorlog tegen Oekraïne die onder andere schade heeft veroorzaakt aan nucleaire energiefaciliteiten. Het nieuwe instrument kan gerelateerde behoeften aan Oekraïne op het gebied van nucleaire veiligheid ondersteuning bieden, genoemde leden willen weten wat dit exact betekent en inhoudt?
Waar houden «relevante» kosten op? En wat wordt exact bedoeld met «relevant»? Het kabinet geeft aan zich in te zetten op een beperking van de stijging van de Nederlandse afdrachten aan de EU, hoe wordt dit gewaarborgd? In het geval van extra afdrachten, komen deze ten laste van de begroting van VWS? Aangezien het Ministerie van VWS deze portefeuille overneemt van het Ministerie van Klimaat en Groene Groei (KGG)? Welke financiële consequenties heeft deze overname van KGG, überhaupt voor de begroting van VWS? Waarom neemt VWS deze portefeuille over van KGG?
Zijn alle onderzoeken voor het management of change (MOC) in het kader van de ontmanteling van de HFR afgerond? Indien nee, waarom niet? Indien ja, kan de Kamer daar met de beantwoording van dit schriftelijk overleg ook inzage in krijgen? Indien nee, waarom niet? Kan er iets gezegd worden over eventuele (extra) kosten die hieruit naar voren kwamen?
Genoemde leden willen ten slotte weten welke gevolgen voorliggende commissievoorstellen hebben voor de toekomstige PALLAS reactor? Wordt de realisatie van de PALLAS reactor op enige manier beïnvloed door de frictie die is ontstaan tussen de Europese Unie (JRC-gerelateerd) en het kabinet? Ondanks dat PALLAS niet in eigendom is van JRC, maar zij wel samen opereren vanuit dezelfde locatie in Petten? Hoe waarborgt het kabinet dat er duidelijkheid is over wie verantwoordelijk is voor welk risico? Zeker bij gevallen waarbij de partij die de uitvoering voor haar rekening neemt een andere is dan degene die de rekening betaald?
Genoemde leden vragen de Minister de beantwoording op dit schriftelijk overleg uiterlijk in de eerste week van februari met de Kamer te delen, één week voor het geplande commissiedebat over het groot project PALLAS.
Vragen en opmerkingen van de leden van de CDA-fractie
De leden van de CDA-fractie hebben met interesse kennisgenomen van het BNC-fiche. Zij delen het standpunt van het kabinet dat het JRC verantwoordelijk is, zowel financieel als organisatorisch, voor de ontmanteling van de HFR. Deze leden hebben in aanvulling op de gezamenlijk inbreng van de vaste Kamercommissie nog enkele vragen.
De leden van de CDA-fractie lezen dat het kabinet aangeeft dat Nederland niet de kennis en capaciteit heeft om de verantwoordelijkheid voor de ontmanteling van de HFR op zich te nemen. Deze leden vragen of de Minister dit nader kan toelichten, en ook of JRC deze kennis en capaciteit zelf wel heeft. Genoemde leden vragen welke kennis en capaciteit er wel aanwezig is in Nederland, bijvoorbeeld bij de Centrale Organisatie Voor radioactief Afval (COVRA) en NRG PALLAS, specifiek als het gaat om ontmanteling. Ook vragen zij of er, gezien de toekomstige ontwikkelingen op het gebied van nucleaire energie in Nederland, niet juist behoefte is aan meer opbouw van dit soort kennis en capaciteit in Nederland en zo ja, hoe de Minister dit wil stimuleren.
De leden van de CDA-fractie vragen of de Minister nader wil toelichten hoe het JRC omgaat met nucleaire installaties in andere lidstaten. Zij vragen of daar ook (concrete) voorstellen worden gedaan voor overdracht van de uitvoering van de ontmanteling van een nucleaire installatie.
Vragen en opmerkingen van de leden van de BBB-fractie
De leden van de BBB-fractie hebben kennisgenomen van de Verordening instrument voor samenwerking op het gebied van nucleaire veiligheid en ontmanteling. Genoemde leden hebben geen vragen aan de Minister.