[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [consultaties]←NIEUW! [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn]
[open vragen] [toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [woo/oo] [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is opentk.nl?]

Fiche: Mededeling Europese Tech Soevereiniteit, inclusief Open Source Strategie

Nieuwe Commissievoorstellen en initiatieven van de lidstaten van de Europese Unie

Brief regering

Nummer: 2026D36414, datum: 2026-07-10, bijgewerkt: 2026-07-22 14:50, versie: 2 (versie 1)

Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.

Gerelateerde personen: Bijlagen:

Onderdeel van kamerstukdossier 22112 -4406 Nieuwe Commissievoorstellen en initiatieven van de lidstaten van de Europese Unie.

Onderdeel van zaak 2026Z16092:

Onderdeel van activiteiten:

Preview document (🔗 origineel)


22 112 Nieuwe Commissievoorstellen en initiatieven van de lidstaten van de Europese Unie

Nr. 4406 Brief van de minister van Buitenlandse Zaken

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 10 juli 2026

Overeenkomstig de bestaande afspraken ontvangt u hierbij vier fiches die werden opgesteld door de werkgroep Beoordeling Nieuwe Commissie voorstellen (BNC).

Fiche: Mededeling routekaart uitfasering dierproeven chemische veiligheidstests (Kamerstuk 22 112, nr. 4405)

Fiche: Mededeling over Europese Tech Soevereiniteit

Fiche: Chips Act 2.0 (Kamerstuk 22 112, nr. 4407)

Fiche: Strategic Roadmap Digitalisation and AI in the Energy Sector (Kamerstuk 22 112, nr. 4408)

De minister van Buitenlandse Zaken,

T.B.W. Berendsen


Fiche: Mededeling Europese Tech Soevereiniteit, inclusief Open Source Strategie

  1. Algemene gegevens

  1. Titel voorstel

Communication from the Commission to the European Parliament, the Council, the European Economic and Social Committee and the Committee of the Regions on European Tech Sovereignty, accompanied by an EU Open Source Strategy

  1. Datum ontvangst Commissiedocument

3 juni 2026

  1. Nr. Commissiedocument

COM(2026) 503

  1. EUR-Lex

https://eur-lex.europa.eu/legal-content/EN/TXT/?uri=COM%3A2026%3A503%3AFIN&qid=1780571659875

  1. Nr. impact assessment Commissie en Opinie

N.v.t.

  1. Behandelingstraject Raad

Raad voor Transport, Energie en Telecom (Telecomraad)

  1. Eerstverantwoordelijk ministerie

Ministerie van Economische Zaken en Klimaat

  1. Essentie voorstel

Op 3 juni 2026 presenteerde de Europese Commissie (hierna: de Commissie) het Europese Techsoevereiniteitspakket (hierna: het pakket), bestaande uit vier voorstellen. Aanleiding voor het pakket zijn de toenemende geopolitieke spanningen, de mondiale concurrentiestrijd op (digitale) sleuteltechnologieën en de strategische afhankelijkheden van derde landen op het gebied van onder meer cloud, AI en halfgeleiders. Om dit aan te pakken beoogt de Commissie om de positie van de EU over de gehele digitale waardeketen te versterken. In dit fiche wordt nader ingegaan op de overkoepelende mededeling en de open source strategie. De overige voorstellen zijn geapprecieerd in separate BNC-fiches.

In het eerste hoofdstuk zet de Commissie haar visie op technologische soevereiniteit uiteen. Volgens de Commissie is het noodzakelijk dat de EU haar afhankelijkheid van niet-EU-aanbieders van digitale technologieën vermindert om haar concurrentievermogen, economische veiligheid en weerbaarheid te versterken. De Commissie definieert technologische soevereiniteit als het vermogen van de EU om kritieke technologieën, infrastructuur, diensten, data en digitale ecosystemen te ontwikkelen, te beheersen en op te schalen, en tegelijkertijd strategische afhankelijkheden te verminderen. Daarbij benadrukt de Commissie dat technologische soevereiniteit niet gelijkstaat aan protectionisme of ontkoppeling, maar juist gepaard gaat met openheid en samenwerking met betrouwbare partners. Volgens de Commissie bouwt het pakket voort op bestaande initiatieven zoals bijvoorbeeld Kompas voor Concurrentievermogen, het Digitaal Decennium-programma en de mededeling over de economische veiligheid van de EU.1

In het tweede hoofdstuk identificeert de Commissie de uitdagingen voor de Europese technologische soevereiniteit, waaronder de afhankelijkheid van niet-EU-landen voor halfgeleiders, cloud- en AI-technologieën en andere kritieke digitale infrastructuur. Om deze uitdagingen aan te pakken onderscheidt de Commissie twee doelstellingen met bijbehorende hefbomen: (i) het versterken van de leveringszekerheid en open strategische autonomie door de ontwikkeling van een “Europese technologie stack”, het bevorderen van open, veilige en interoperabele digitale ecosystemen en het diversifiëren van toeleveringsketens via handel en samenwerking met betrouwbare partners; en (ii) het versterken van het “Europese model” voor technologische soevereiniteit door duurzame innovatie en investeringen te stimuleren en digitale technologieën te ontwikkelen in lijn met Europese waarden zoals veiligheid, transparantie, inclusiviteit en eerlijke concurrentie. Als horizontale randvoorwaarden noemt de Commissie een wendbaar en eenvoudiger regelgevingskader, versterking van digitale vaardigheden en publieke en private investeringen.

In het derde hoofdstuk beschrijft de Commissie een ecosysteembenadering voor technologische soevereiniteit over de gehele digitale waardeketen, van halfgeleiders en infrastructuur tot cloud en AI. Hierbij wordt ingezet op: (i) vraaggerichte maatregelen gericht op het creëren en stimuleren van Europese afzetmarkten voor kritieke technologieën, onder meer via de Chips Act 2.0 (CAII) die het gebruik van EU-ontwikkelde chips bevordert via AI-(giga)fabrieken, innovatieve publieke aanbestedingen, een vraagforum, en via de Cloud & AI Development Act (CADA) die de vraag naar Europese cloud-, AI- en digitale oplossingen versterkt; (ii) aanbodgerichte maatregelen via “strategische projecten”, waaronder Europese halfgeleiderproductie en pilotlijnen voor geavanceerde chips, versnelde opbouw van datacenter- en cloudcapaciteit, en de ontwikkeling van open source alternatieven binnen de technologiestack; en (iii) maatregelen die randvoorwaarden versterken, namelijk het aanjagen van private investeringen via een nader vorm te geven “eigenvermogenmechanisme” voor kritieke technologieën en infrastructuur, vereenvoudiging en versnelling van regelgeving en vergunningen, en een versterkte inzet op digitale vaardigheden en talentontwikkeling om het tekort aan technisch geschoolde-profielen aan te pakken en innovatie te versnellen.

In het vierde hoofdstuk presenteert de Commissie haar EU-strategie voor open source als integraal onderdeel van technologische soevereiniteit, waarbij open source wordt gezien als een strategisch middel om strategische afhankelijkheden van niet-EU-leveranciers te verminderen, vendor lock-in te beperken en innovatie, interoperabiliteit en cyberveiligheid te versterken voor kritieke digitale infrastructuur. De strategie bevat vier doelstellingen: (i) open source benutten voor technologische soevereiniteit door bestaande EU-oplossingen op te schalen, bevorderen van open source alternatieven voor sociale media en gerichte ontwikkeling van open source alternatieven in kritieke domeinen zoals cloud, AI, halfgeleiders, softwareontwikkeling en cybersecurity; (ii) het versterken van een concurrerend open source-ecosysteem via betere financiering, opschaling van startups, aanbestedingen, bevordering van vaardigheden, een toolkit voor open source beheerders (open source stewardship) en onderhoudsmechanismen om continuïteit en veiligheid van open source codes te waarborgen; (iii) het bevorderen van open en interoperabele digitale ecosystemen voor overheden door “open source first”-benaderingen in inkoop, met de overheid als ankerklant, en ondersteunende maatregelen in inkoop- en aanbesteding, bevorderen netwerk Open Source Programme Offices (OSPOs) en ondersteuning van de EDIC Digitale Gemeenschapsgoederen; (iv) het versterken van internationale standaardisatie en digitale samenwerking door EU-open source oplossingen internationaal te positioneren via digitale partnerschappen en in het kader van Global Gateway, en door open source beter te integreren in Europese en internationale standaardisatieprocessen; en (v) het opzetten van een monitoringraamwerk waarmee de Commissie de uitvoering van de strategie opvolgt.

  1. Nederlandse positie ten aanzien van het voorstel

  1. Essentie Nederlands beleid op dit terrein

Het kabinet zet zich in voor het versterken van het Nederlandse en Europese concurrentievermogen en weerbaarheid op het gebied van kritieke (digitale) technologieën. Daarbij wordt een integrale benadering van de gehele waardeketen van digitale technologie gehanteerd, van halfgeleiders en digitale infrastructuur tot cloud, software en AI. Deze inzet sluit aan bij het coalitieakkoord, de opdrachtbrief aan de Taskforce Toekomstige Welvaart en Vestigingsklimaat (TTWV), de kabinetsappreciaties van de Draghi- en het Wennink-rapporten, de Industriebrief, de Nationale Technologiestrategie, de kabinetsaanpak economische veiligheid, de kabinetsstrategie op Open Strategische Autonomie en de Agenda Digitale Open Strategische Autonomie.2 In deze beleidsinitiatieven wordt rekening gehouden met zowel technologie-specifieke inzet als horizontaal en randvoorwaardelijk beleid.

Het kabinetsbeleid is gericht op het versterken van het digitale concurrentievermogen en de digitale weerbaarheid van Nederland en de EU. Daarbij wordt ingezet op sterke digitale infrastructuren en ecosystemen, het verminderen van risicovolle strategische afhankelijkheden, het bevorderen van interoperabiliteit en open standaarden, en het versterken van innovatie voor digitale technologieën. Tevens staat een mensgerichte en waardengedreven digitale transitie centraal, waarbij publieke waarden zoals veiligheid, transparantie, keuzevrijheid, inclusiviteit en grondrechten worden geborgd en dienstverlening wordt verbeterd. Deze inzet is onder meer uitgewerkt in de Nederlandse Digitaliseringsstrategie, de Strategie Digitale Economie, de Werkagenda Waardengedreven Digitaliseren en de Visie Digitale autonomie en soevereiniteit van de overheid.3

Ten aanzien van open source hanteert het kabinet de lijn “open, tenzij” waar het software betreft die door en/of voor de overheid wordt ontwikkeld.4 Zo worden digitale publieke infrastructuur, zoals de Europese digitale identiteits-wallet, in beginsel open source ontwikkeld. Tevens stimuleert het kabinet de ontwikkeling en opschaling van open source alternatieven en digitale gemeenschapsgoederen, bijvoorbeeld voor kantoorsoftware.5 In dat kader is Nederland medeoprichter en voorzitter van de European Digital Infrastructure Consortium (EDIC) Digitale gemeenschapsgoederen. Deze wordt in het pakket meerdere keren genoemd als instrument voor verdere samenwerking en als ondersteunend vehikel voor de uitvoering van de open source strategie. Ook wordt momenteel verkend op welke wijze een (Rijksbreed dan wel Overheidsbreed) Open Source Programme Office (OSPO) kan worden opgericht. Deze ontwikkelingen sluiten aan op de kabinetsinzet op open source als genoemd in het Nederlandse non-paper over het pakket.6

  1. Beoordeling + inzet ten aanzien van dit voorstel

Op hoofdlijnen kan het kabinet zich vinden in het voorstel voor de overkoepelende mededeling inclusief de open source strategie. Deze sluit in grote lijnen aan bij de Nederlandse non-paper over het Techsoevereiniteitspakket. Het kabinet beschouwt de mededeling nadrukkelijk als onderdeel van het bredere pakket en zal zich blijven inzetten voor een geïntegreerde benadering over de volle breedte van de “Europese Technologiestack”. Het kabinet benadrukt hierbij dat aanbod en vraag binnen deze stack inherent hand in hand moeten gaan. Een rol voor open source als cross-cutting enabler is hierbij van belang. De overkoepelende mededeling en de open source-strategie moeten daarom aansluiten op de CADA en CAII, zodat de verschillende beleidsinitiatieven elkaar optimaal versterken ten behoeve van onze technologische soevereiniteit. In dit kader zal het kabinet aansluiting zoeken bij initiatieven vanuit het Europese technologie-ecosysteem, waaronder de European Tech Creators Coalition (TCC). Het kabinet ziet de TCC als een waardevol initiatief dat kan bijdragen aan een meer holistische benadering van de Europese technologiewaardeketen. De TCC kan onder meer een rol spelen bij de identificatie, prioritering en ondersteuning van projecten en daarmee bijdragen aan een betere aansluiting tussen Europese industriële vraag, investeringen en beleidsontwikkeling.

De mededeling sluit goed aan bij de kabinetsinzet om het Europees concurrentievermogen, de economische veiligheid en de weerbaarheid te versterken, zonder daarbij af te wijken van een open economie, internationale samenwerking, goed functionerende waardeketens en de bescherming van publieke waarden. Het kabinet onderschrijft nadrukkelijk dat technologische soevereiniteit geen excuus mag zijn voor protectionisme of ontkoppeling, maar juist moet worden gebaseerd op openheid, partnerschap en eerlijke concurrentie, om zo een efficiënte economie en daarmee onze welvaart te waarborgen. Als er sprake is van marktverstoring of risicovolle strategische afhankelijkheden, acht het kabinet het gerechtvaardigd dat de overheid kan interveniëren. Tegelijkertijd zal het kabinet blijven bewaken dat maatregelen proportioneel blijven. Daarbij hecht het kabinet er tevens aan dat maatregelen in overeenstemming met de internationale verplichtingen van de EU, waaronder die van de Wereldhandelsorganisatie (WTO) en EU-handelsovereenkomsten, worden vormgegeven en dat eventuele negatieve neveneffecten voor (handels)partners van de EU beperkt blijven.

De geïntegreerde opzet van de mededeling acht het kabinet wenselijk. Wel is het kabinet van mening dat de reikwijdte van het pakket beperkt blijft en niet de gehele technologiestack van AI omvat. CAII richt zich op de waardeketen van halfgeleiders, van materialen tot chips, en de CADA op de opbouw van datacentercapaciteit en het stimuleren van de adoptie van soevereine clouddiensten. AI wordt genoemd in diverse doelstellingen, maar er zijn geen instrumenten opgenomen die expliciet en concreet bijdragen aan bijvoorbeeld de ontwikkeling van AI-modellen en softwaretoepassingen. Daarom stelt het kabinet dat er nog essentiële schakels ontbreken en dat gerichte inzet noodzakelijk is, inclusief op AI-modellen en software, met onderdelen als talent, algoritmen en kwalitatieve data, die voortbouwen op de mededelingen inzake de Apply AI strategie, het AI Continent Action Plan en de AI (giga)factories. Het kabinet mist deze brede visie op de AI-waardeketen en zal daarom pleiten voor aanvullende EU-actie, zodat samen met de CAII en de CADA de hele technologiestack van AI wordt gedekt. Verder is voor een reële Europese technologiestrategie ook de verbinding nodig met andere strategische technologieën en, eindmarkten, met de leveringszekerheid van kritieke grondstoffen en componenten die kritieke grondstoffen bevatten, en dienen de juiste randvoorwaarden te worden gecreëerd. Het kabinet zal zich er daarom voor inzetten dat de uitwerking van deze mededeling en de andere voorstellen van het pakket goed aansluiten op bredere Europese instrumenten en initiatieven zoals de komende Quantum Act, de komende Innovation Act, de Europese interne-marktstrategie, de kapitaalmarktunie, het 28e regime, het Economische Veiligheidspakket en andere instrumenten die de opschaling van strategische technologieën ondersteunen. Daarmee kan de EU meer systematisch werken aan een samenhangende Europese technologiestrategie.

Het kabinet onderschrijft de ecosysteembenadering van de mededeling en het pakket als geheel, waarbij aanbod- en vraagmaatregelen, gepaard met verbeterde randvoorwaarden in samenhang worden bezien. In het bijzonder verwelkomt het kabinet dat meer nadruk wordt gelegd op vraagcreatie dan in voorgaande voorstellen op digitale technologieën en onderschrijft de rol die overheden hierin kunnen spelen. Vraag- en aanbodstimulering langs de gehele technologieketen is belangrijk: de vraag naar cloud- en AI-toepassingen vergroot de vraag naar chips, terwijl een sterker Europees aanbod van chips en infrastructuur de uitrol van cloud- en AI-oplossingen kan versnellen.

Voor het voorgestelde en nader in te vullen eigenvermogenmechanisme ziet het kabinet uit naar een concreter voorstel en de aangekondigde consultatie voor een nadere appreciatie, maar deelt het kabinet de urgentie om meer private investeringen in kritieke technologieën en infrastructuur in Europa aan te jagen. Het kabinet erkent dat eigenvermogeninvesteringen hiervoor passend kunnen zijn, met name om te voorzien in de behoefte aan zeer grote investeringstickets die momenteel wel elders in de wereld, maar nauwelijks in Europa beschikbaar zijn. Een dergelijk mechanisme kan een belangrijke bijdrage aan de Europese technologische soevereiniteit leveren, waarbij wordt gekeken naar het belang van Europa als geheel. Hoewel een dergelijk mechanisme in beginsel lijkt aan te sluiten bij de doelen van het Europees Concurrentievermogenfonds (ECF),7 zal het kabinet blijven waken voor excellentie, transparantie en doelmatigheid bij de selectie en toekenning van middelen en kan het kabinet niet vooruitlopen op de onderhandelingen over het volgend Meerjarig Financieel Kader (MFK). Uitgangspunt voor het kabinet is dat een eventuele nieuwe constructie aanvullend en complementair is aan bestaande initiatieven, private investeringen daadwerkelijk weet te mobiliseren en het marktingrijpen proportioneel is. Een dergelijk mechanisme vereist zorgvuldige weging en vormgeving.

De voorgestelde EU-brede promotie- en matchmakingsfunctie voor investeringskansen in de Unie vindt het kabinet positief. Een dergelijk instrument kan bijdragen aan een betere zichtbaarheid van Europese investeringsmogelijkheden en aan betere aansluiting tussen investeerders en projecten. Wel zal het kabinet erop toezien dat dit niet leidt tot bevoordeling of benadeling van lidstaten die wel of niet deelnemen aan specifieke initiatieven of die minder goed gepositioneerd zijn binnen bepaalde regionale ecosystemen. Het kabinet zal de Commissie vragen hoe transparantie en excellentie worden gewaarborgd. Daarbij verwijst het kabinet voor het precieze standpunt over de Semiconductor Regions of Excellence en Data Centre Acceleration Zones naar de afzonderlijke fiches over de CADA en de CAII.

Ten aanzien van de randvoorwaarden onderschrijft het kabinet het belang van een wendbaar en vereenvoudigd regelgevingskader, voorkomen en wegnemen van interne-marktbelemmeringen, versterking van talent en kennis, en voldoende investeringsvermogen. Vereenvoudiging mag daarbij echter niet ten koste gaan van de kern van Europese waarden, rechtsstatelijke beginselen en de bestaande digitale waarborgen. Het kabinet zal zich verzetten tegen afzwakking van essentiële normen voor mededinging, consumentenbescherming, (cyber)veiligheid en fundamentele rechten. Het kabinet wil dat bij AI- en cloudbeleid expliciet maatregelen worden opgenomen tegen misbruik door criminelen, gezien de groei van deze technologieën, en dat dit Europees aansluit op de nationale aanpak tegen bad hosting.

Het kabinet wijst tevens op het belang van eigen excellente en impactvolle onderzoek en innovatie ten behoeve van technologische soevereiniteit.

Het kabinet is positief over de open source-strategie en de dwarsdoorsnijdende positionering binnen het techsoevereiniteitspakket. De open source-strategie sluit in grote lijnen aan bij huidig kabinetsbeleid. Het kabinet onderschrijft het belang van open source als fundamenteel middel ter versterking van technologische soevereiniteit. Door in te zetten op open standaarden, open source en leveranciers-onafhankelijke interoperabele oplossingen en Europese alternatieven wordt immers de afhankelijkheid van gesloten, niet-Europese technologieën verkleind en tegelijkertijd voorkomen dat een situatie van vendor lock-in bij niet-Europese aanbieders wordt vervangen door een situatie van vendor lock-in bij Europese aanbieders. Het kabinet verwelkomt de maatregelen voor het ontwikkelen en opschalen van open source alternatieven, en benadrukt hierbij het belang van aansluiting bij bestaande initiatieven. Het kabinet verwelkomt de maatregelen voor ontwikkelen en opschalen van open source alternatieven en benadrukt hierbij het belang van aansluiting bij bestaande initiatieven. Door middel van de open source strategie roept de Commissie de lidstaten op om ook hogere ambities te stellen. Zo wordt het gebruik van open source in aanbestedingsprocedures verder aangemoedigd. Verder zegt de Commissie toe te willen ondersteunen bij de uitvoering. Het kabinet is positief over ondersteunende maatregelen van de Commissie richting overheden, onder meer bij het opnemen van open source in aanbestedingen en versterken van het OSPO-netwerk.

  1. Eerste inschatting van krachtenveld

Met het Techsoevereiniteitspakket wil de Commissie in het algemeen een grotere regierol pakken en proactief beleid voeren over de gehele digitale waardeketen. Deze aanpak wordt verwelkomd op hoofdlijnen door zowel grote als kleine lidstaten. Het Europees Parlement pleit in dit kader voor verregaande maatregelen. Het is nog niet bekend in welke commissie het voorstel wordt behandeld en wie de rapporteur voor het voorstel is.

  1. Grondhouding ten aanzien van bevoegdheid, subsidiariteit, proportionaliteit, financiële gevolgen en gevolgen voor regeldruk, concurrentiekracht en geopolitieke aspecten

  1. Bevoegdheid

    De grondhouding van het kabinet is positief. De mededeling heeft betrekking op de interne markt, industriebeleid, digitaal beleid en economische veiligheid. Op het terrein van de interne markt is sprake van een gedeelde bevoegdheid tussen de EU en de lidstaten (artikel 4, lid 2, onder a, VWEU). Op het terrein van industriebeleid is sprake van een ondersteunende bevoegdheid van de EU, (artikel 6, onder b, VWEU).

  2. Subsidiariteit

De grondhouding van het kabinet is positief. De mededeling heeft tot doel het concurrentievermogen, de economische veiligheid en de weerbaarheid van de EU te versterken door de ontwikkeling van kritieke (digitale) technologieën en infrastructuur te bevorderen en risicovolle strategische afhankelijkheden te verminderen. Gezien het grensoverschrijdende karakter van digitale waardeketens, technologieontwikkeling, investeringsstromen, dataverkeer en mondiale toeleveringsketens kunnen deze doelstellingen onvoldoende door lidstaten afzonderlijk worden verwezenlijkt. De schaal van de benodigde investeringen, de noodzaak van een goed functionerende interne markt en de internationale concurrentiedruk vereisen een gezamenlijke aanpak op EU-niveau. Daarnaast draagt een EU-aanpak bij aan het voorkomen en wegnemen van versnippering van de interne markt, het creëren van schaalvoordelen voor Europese ondernemingen en het versterken van de onderhandelingspositie van de EU ten opzichte van mondiale spelers. Ook de ontwikkeling van Europese technologie-ecosystemen, grensoverschrijdende digitale infrastructuur en gezamenlijke investeringsinstrumenten kan effectiever op EU-niveau plaatsvinden dan op nationaal niveau. Om die redenen is optreden op EU-niveau gerechtvaardigd.

  1. Proportionaliteit

De grondhouding van het kabinet is positief met een aandachtspunt. De mededeling heeft tot doel het concurrentievermogen, de economische veiligheid en de weerbaarheid van de EU te versterken door de ontwikkeling van kritieke (digitale) technologieën en infrastructuur te bevorderen en risicovolle strategische afhankelijkheden te verminderen. Het voorgestelde optreden in deze mededeling is geschikt om deze doelstelling te bereiken, omdat de geïntegreerde en ecosysteembenadering met aanbod- en vraagmaatregelen zorgt voor betere randvoorwaarden dan een aanpak die gericht is op enkel aanbod- of vraagmaatregelen. Het kabinet wijst er wel op dat de mededeling ontoereikende aandacht besteedt aan maatregelen voor de AI-waardeketen (software, data, modellen zelf). Maatregelen op dit vlak zouden nog verder bijdragen aan het bereiken van de doelstelling van de mededeling. Daarnaast gaat het voorgestelde optreden op dit moment niet verder dan noodzakelijk. Er worden met deze mededeling immers nog geen concrete verplichtingen opgelegd.

  1. Financiële gevolgen

Het kabinet wil niet vooruit lopen op de integrale afweging van middelen na 2027. De mededeling zelf heeft geen directe financiële gevolgen, maar bevat diverse aankondigingen van toekomstige initiatieven, investeringsinstrumenten en mogelijke wetgevende voorstellen. Met name de aangekondigde verkenning van een eigenvermogenmechanisme voor investeringen in technologieën en infrastructuur kan op termijn financiële implicaties hebben voor de EU-begroting en mogelijk ook kansen bieden voor lidstaten. Op dit moment zijn de precieze vormgeving, financieringsstructuur en budgettaire implicaties hiervan nog onduidelijk. Het kabinet zal de Commissie daarom verzoeken om nadere verduidelijking van de financiële gevolgen van eventuele concrete voorstellen. Voor eventuele gevolgen voor de EU-begroting geldt dat Nederland van mening is dat de benodigde EU-middelen gevonden dienen te worden binnen de in de Raad afgesproken financiële kaders van de EU-begroting 2021–2027 en dat deze moeten passen bij een prudente ontwikkeling van de jaarbegroting. Eventuele budgettaire gevolgen worden ingepast op de begroting van het beleidsverantwoordelijke departement, conform de regels van de budgetdiscipline.

  1. Gevolgen voor regeldruk, concurrentiekracht en geopolitieke aspecten

Met het Techsoevereiniteitspakket kiest de Commissie voor een meer proactieve aanpak om risicovolle strategische afhankelijkheid van niet EU-spelers in de digitale waardeketen te verminderen. Het pakket heeft al geleid tot negatieve reacties van buitenlandse overheden en bedrijven die waarschuwen voor een té protectionistische houding. Hoewel deze geïntegreerde ketenbenadering het Europese concurrentievermogen en weerbaarheid op lange termijn kan verbeteren, moet ook rekening worden gehouden met mogelijke reacties en/of vergeldingsmaatregelen van variërende ordergrootte tegen de EU in het algemeen.

Aangezien sprake is van een mededeling zonder directe of indirecte verplichtingen, zijn er geen directe gevolgen voor de regeldruk voor burgers, bedrijven of overheden. Mogelijke gevolgen zullen afhangen van toekomstige wetgevende voorstellen en beleidsinstrumenten die uit de mededeling voortvloeien. De inzet op vereenvoudiging van regelgeving, vermindering van administratieve lasten en betere afstemming van bestaande instrumenten kan op termijn juist bijdragen aan lagere regeldruk voor bedrijven en overheden. Tegelijkertijd zal het kabinet kritisch blijven kijken naar eventuele nieuwe verplichtingen die voortvloeien uit toekomstige voorstellen om te voorkomen dat deze leiden tot onnodige administratieve lasten.

Het kabinet verwacht dat de mededeling positief kan bijdragen aan het Europese concurrentievermogen. De focus op innovatie, schaalvergroting, toegang tot kapitaal, digitale infrastructuur, vaardigheden en vermindering van strategische afhankelijkheden sluit aan bij de aanbevelingen van de rapporten van Draghi, Letta en Niinistö. Met name de aandacht voor de volledige digitale technologiestack, van halfgeleiders en cloud tot AI en digitale toepassingen, kan bijdragen aan een sterker Europees innovatie-ecosysteem, zeker als er aanvullende EU-actie rondom AI wordt ondernomen. Ook de nadruk op vraagcreatie, versterken van de Europese interne markt en het beter functioneren van Europese kapitaalmarkten kan de opschaling van innovatieve Europese bedrijven ondersteunen. Voorwaarde is wel dat toekomstige maatregelen voldoende marktgericht blijven, innovatie stimuleren en geen onnodige verstoringen van concurrentie of investeringsbeslissingen veroorzaken.

De mededeling heeft belangrijke geopolitieke implicaties. De voorgestelde maatregelen zijn gericht op het versterken van de Europese weerbaarheid tegen geopolitieke spanningen en het verminderen van risicovolle strategische afhankelijkheden op het gebied van onder meer halfgeleiders, cloudtechnologie, AI en digitale infrastructuur. Het kabinet onderschrijft de analyse dat de EU haar technologische positie moet versterken om haar economische veiligheid, concurrentievermogen en strategische autonomie te waarborgen. Tegelijkertijd ondersteunt het kabinet nadrukkelijk de uitgangspunten van de Commissie dat technologische soevereiniteit gebaseerd moet zijn op openheid, samenwerking en eerlijke concurrentie, en niet op protectionisme of ontkoppeling. In die context hecht het kabinet eraan dat eventuele maatregelen in overeenstemming met de internationale verplichtingen van de EU worden vormgegeven en dat eventuele negatieve neveneffecten voor (handels)partners van de EU tot een minimum beperkt blijven. De mededeling kan bijdragen aan een sterkere positie van de EU in mondiale waardeketens en aan een grotere geopolitieke slagkracht van de Unie. Daarbij acht het kabinet het essentieel dat de EU blijft samenwerken met gelijkgezinde en betrouwbare partners voor handel, investeringen, onderzoek en technologieontwikkeling. Het behoud van wederzijdse afhankelijkheden met partners blijft daarbij een belangrijk uitgangspunt. Voor ontwikkelingslanden worden geen directe negatieve gevolgen voorzien. Wel kan versterkte Europese inzet op digitale infrastructuur, open source-oplossingen en internationale partnerschappen via bestaande instrumenten en in het kader van de Global Gateway-strategie bijdragen aan bredere digitale ontwikkeling en economische groei buiten de EU. De mededeling sluit daarmee in algemene zin aan bij de kabinets- en Europese inzet op open strategische autonomie: het versterken van het vermogen van de EU om publieke belangen te beschermen en weerbaar te zijn in een onderling verbonden wereld, zonder afbreuk te doen aan open markten en internationale samenwerking.


  1. Kamerstukken II 2024/25, 22 112, nr. 4004, Mededeling over het EU-kompas voor concurrentievermogen

    Kamerstukken II 2025/26, 22 112, nr. 4239, Mededeling Versterking van de economische veiligheid van de EU↩︎

  2. Kamerstukken II 2025/26, 29 826, nr. 277, Industriebeleid met focus

    Kamerstukken II 2023/24, 33 009, nr. 140, Nationale Technologiestrategie

    Kamerstukken II 2025/26, 30 821, nr. 332, Update voortgang Kabinetsinzet Economische Veiligheid

    Kamerstukken II 2022/23, 35 982, nr. 9, Open Strategische Autonomie

    Kamerstukken II 2023/24, 36 259, nr. 21, Agenda Digitale Open Strategische Autonomie↩︎

  3. Kamerstukken II 2024/25, 26 643, nr. 1366, Nederlandse Digitaliseringsstrategie

    Kamerstukken II 2022/2023, 26 643, nr. 941, Strategie Digitale Economie

    Kamerstukken II 2024/25, 26 643, nr. 1112, Geactualiseerde Werkagenda Waardengedreven Digitaliseren voor 2024

    Kamerstukken II 2025/26, 26 643, nr. 1450, Visie Digitale autonomie en soevereiniteit van de overheid↩︎

  4. Kamerstukken II 2019/2020, 26 643, nr. 676, Beleidsbrief vrijgeven van de broncode van overheidssoftware↩︎

  5. Kamerstukken II, 2022/2023, 26 643, nr. 1057, Digitale gemeenschapsgoederen↩︎

  6. Kamerstukken II 2025/26, 22 112, nr. 1195, Non-paper by the Netherlands on the EU Tech Sovereignty Package↩︎

  7. Kamerstukken II, 2024/25, 22 112, nr. 4153, BNC-fiche Europees Concurrentievermogen Fonds↩︎